Schriftelijke vragen : Het bericht dat de grootste dronebouwer van Oekraïne niet naar Nederland komt.
Vragen van de leden Jagtenberg, Oualhadj en Belhirch (allen D66) aan de Minister van Economische Zaken en Klimaat en de Minister en Staatssecretaris van Defensie over het bericht dat de grootste dronebouwer van Oekraïne niet naar Nederland komt (ingezonden 16 april 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «Grootste dronebouwer van Oekraïne komt niet naar Nederland,
«te veel bureaucratie»»?1
Vraag 2
Hoe beoordeelt u de constatering van de directeur van Fire Point dat de Nederlandse
vergunningsprocedures aanvoelen als «rennen met een loodzware rugzak», mede in het
licht van de toezegging van de Minister-President om flink te investeren in de gezamenlijke
productie van drones?
Vraag 3
Herkent u (de Minister van Defensie) het beeld dat bureaucratie een belemmering vormt
voor de vestiging en opschaling van de defensie-industrie in Nederland? Is dit een
knelpunt dat specifiek speelt bij de productie van drones en aanvalswapens, of herkent
u dit bij de defensie-industrie in den brede?
Vraag 4
Welke stappen onderneemt u om defensie-innovatiebedrijven uit landen als Oekraïne,
die onder oorlogsomstandigheden een ongekend innovatietempo hebben ontwikkeld, te
laten aansluiten op het Nederlandse defensie-ecosysteem zonder dat zij vastlopen in
vergunningsstelsels die op vredestijd zijn ingericht?
Vraag 5
Welke concrete stappen heeft u sinds uw aantreden gezet om vergunningsprocedures voor
de vestiging en opschaling van defensie-industrie in Nederland te versnellen? Kunt
u daarbij specifiek ingaan op de doorlooptijd van vergunningen voor de productie van
drones?
Vraag 6
Lopen er op dit moment initiatieven om het vestigingsklimaat voor defensie-innovatiebedrijven
in Nederland gericht te verbeteren? Zo ja, welke zijn dat en op welke termijn verwacht
u daar resultaat van?
Vraag 7
Hoe verloopt de afstemming tussen de Ministeries van Defensie en van Economische Zaken
en Klimaat over het wegnemen van knelpunten voor de defensie-industrie? Welk departement
heeft hierbij de regie?
Vraag 8
Bent u bereid om, naar Deens voorbeeld, een versnelde vergunningprocedure in te richten
specifiek voor defensie-innovatiebedrijven die willen produceren in Nederland? Zo
nee, waarom niet?
Vraag 9
Hoe voorkomt u dat Nederland achter landen als Denemarken aanloopt als vestigingsland
voor defensie-innovatie, gegeven het feit dat Denemarken bewust regelgeving heeft
aangepast aan de urgentie van de huidige veiligheidssituatie?
Vraag 10
Hoe staat het met de operationalisering van het Nationaal Agentschap voor Disruptieve
Innovatie (NADI)?
Vraag 11
Kunt u een tijdlijn geven voor de oprichting van de Nederlandse Defensie Innovatie
Autoriteit naar het voorbeeld van het Amerikaanse Defense Advanced Research Projects
Agency (DARPA)?
Vraag 12
Bent u bereid om een concreet plan van aanpak met de Kamer te delen waarin de knelpunten
voor de vestiging en opschaling van defensie-industrie in Nederland worden geïnventariseerd
en weggenomen? Zo ja, op welke termijn? Zo nee, waarom niet?
Toelichting:
Deze vragen dienen ter aanvulling op eerdere vragen terzake van de leden Peter de
Groot en Martens-America (beiden VVD), ingezonden 16 april 2026 (vraagnummer 2026Z08055) en van het lid Van Lanschot (CDA), ingezonden 16 april 2026 (vraagnummer 2026Z08056).
Indieners
-
Gericht aan
D. Yesilgöz-Zegerius, minister van Defensie -
Gericht aan
H.G. Herbert, minister van Economische Zaken en Klimaat -
Gericht aan
D.G. Boswijk, staatssecretaris van Defensie -
Indiener
Michelle Jagtenberg, Kamerlid -
Medeindiener
Ouafa Oualhadj, Kamerlid -
Medeindiener
Fatimazhra Belhirch, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.