Schriftelijke vragen : Overwinsten van olie- en gasbedrijven
Vragen van de leden Teunissen (PvdD) en Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA) aan de Ministers van Klimaat en Groene Groei en van Financiën over overwinsten van olie- en gasbedrijven (ingezonden 15 april 2026).
Vraag 1
Kent u het rapport Excess Oil Profits in Times of War van Energy Comment Hamburg1, waarin wordt geanalyseerd dat oliemaatschappijen in de EU sinds het uitbreken van
de oorlog in het Midden-Oosten dagelijks meer dan € 80 miljoen extra winst maken door
hogere marges op diesel en benzine?
Vraag 2
Hoe beoordeelt u de analyse dat de brandstofprijzen aan de pomp veel sterker zijn
gestegen dan de onderliggende prijs van ruwe olie, en dat dit wijst op buitensporige
winstmarges in de fossiele brandstofsector?
Vraag 3
Herkent u de conclusie dat de marges vooral zijn opgelopen in lidstaten met een hoge
koopkracht, waaronder Nederland?
Vraag 4
Het rapport concludeert dat oliemaatschappijen in Nederland vanwege de oorlog in het
Midden-Oosten per dag 2,9 miljoen euro overwinst maken door hogere marges te rekenen
voor de prijs van benzine en met name diesel, en dat in geen enkel ander Europees
land de prijsstijging van diesel zo fors is als in Nederland; hoe kijkt u aan tegen
dit rapport en deze conclusies?
Vraag 5
Is er in dit geval volgens u sprake van «graaiflatie», waarbij bedrijven misbruik
maken van geopolitieke spanningen om winsten te behalen ten koste van burgers? Zo
nee, waarom niet?
Vraag 6
Deelt u de opvatting dat het maatschappelijk onwenselijk is dat fossiele bedrijven
extra profiteren van geopolitieke spanningen en oorlog, terwijl burgers de rekening
betalen? Zo nee, waarom niet?
Vraag 7
Hoe gaat u ervoor zorgen dat olie- en gasbedrijven geen misbruik kunnen maken van
oorlogssituaties of andere rampen om vervolgens de prijzen op te stuwen?
Vraag 8
Welke mogelijkheden ziet u om overwinsten van olie- en gasbedrijven tijdelijk of permanent
extra te belasten, zodat deze middelen kunnen worden ingezet voor verlaging van energierekeningen
en versnelling van de energietransitie?
Vraag 9
Welke nationale of Europese wetgeving is nodig om oorlogswinst of overwinsten van
fossiele energiebedrijven zwaarder te belasten?
Vraag 10
Welke gesprekken heeft u hierover gevoerd met Europese collega’s of in EU-verband,
en bent u bereid dit onderwerp actief op de Europese agenda te zetten?
Vraag 11
Zal Nederland de oproep aan de Europese Commissie van Duitsland, Italië, Spanje, Portugal
en Oostenrijk rond overwinstbelastingen steunen? Ja nee, waarom niet?
Vraag 12
Hoe gaat u uitvoering geven aan de aangenomen motie Teunissen over overwinsten van
oliebedrijven inzetten voor tijdelijke steun aan kwetsbare huishoudens?
Vraag 13
Tijdens het debat over de economische gevolgen van de oorlog in het Midden-Oosten
gaf de Minister van Financiën aan dat er op dit moment procedures lopen met energiebedrijven,
onder andere vanwege definitiekwesties; kunt u aangeven hoeveel juridische procedures
er zijn aangespannen door bedrijven tegen de Nederlandse Staat, met betrekking tot
de tijdelijke solidariteitsbijdrage uit 2022?
Vraag 14
Kunt u een zo volledig mogelijk overzicht geven van alle lopende juridische procedures
– zowel nationaal als internationaal – met betrekking tot de tijdelijke solidariteitsbijdrage
uit 2022, inclusief de betrokken partijen, het type procedure en de huidige stand
van zaken?
Vraag 15
Kunt u nader toelichten welke beroepsprocedures in september en oktober bij Nederlandse
rechtbanken starten, en welke zaken momenteel aanhangig zijn bij het Europese Hof
van Justitie? Wat zijn de centrale juridische geschilpunten in deze procedures?
Vraag 16
Kunt u bevestigen welke energiebedrijven betrokken zijn bij deze procedures, en op
welke gronden zij de solidariteitsbijdrage aanvechten?
Vraag 17
Kunt u bevestigen of en in hoeverre de solidariteitsbijdrage onderdeel uitmaakt van
bredere juridische geschillen met bedrijven zoals Shell en ExxonMobil, bijvoorbeeld
in het kader van de arbitrages rond de afbouw van de gaswinning in Groningen?
Vraag 18
Kunt u bevestigen of bedrijven internationale arbitrageprocedures zijn gestart tegen
Nederland in relatie tot fiscale maatregelen zoals de solidariteitsbijdrage of andere
belastingmaatregelen (zoals de conditionele bronbelasting op renten, royalty’s en
dividenden)? Zo ja, om welke zaken gaat het en op basis van welke verdragen worden
deze claims ingediend?
Vraag 19
Kunt u bevestigen of Petrogas een arbitrageprocedure is gestart op basis van het bilaterale
investeringsverdrag tussen Nederland en Oman, en of deze procedure (mede) betrekking
heeft op de solidariteitsbijdrage en/of andere fiscale maatregelen?2
Vraag 20
U gaf aan dat de solidariteitsbijdrage «waarschijnlijk kwetsbaar» was en dat deze
kwetsbaarheid zich nu materialiseert; kunt u nader specificeren waar deze juridische
kwetsbaarheid precies uit bestaat?
Vraag 21
Welke implicaties hebben deze lopende procedures voor de mogelijkheid om in de toekomst
nieuwe belastingen op overwinsten of andere crisisgerelateerde heffingen in te voeren?
Vraag 22
Welke bredere juridische risico’s ziet u voor het invoeren of aanpassen van belastingmaatregelen
die gericht zijn op het tegengaan van excessieve winsten, belastingontwijking of het
beschermen van het publieke belang?
Vraag 23
Hoe beoordeelt u het feit dat energiebedrijven, die aanzienlijke winsten hebben behaald
als gevolg van geopolitieke crisis, juridische procedures starten tegen maatregelen
die bedoeld zijn om deze winsten gedeeltelijk af te romen ten behoeve van huishoudens
en de samenleving?
Vraag 24
Bent u het ermee eens dat geschillen over belastingmaatregelen primair thuishoren
bij de nationale rechter en – in voorkomend geval – het Europese Hof van Justitie,
en niet in private arbitrageprocedures?
Vraag 25
Welke juridische en financiële risico’s ziet u voortvloeien uit Nederlandse bilaterale
investeringsverdragen met investor-state dispute settlement (ISDS) clausules in relatie
tot fiscale maatregelen zoals de solidariteitsbijdrage?
Vraag 26
Hoe verhouden deze risico’s zich tot het bredere kabinetsbeleid ten aanzien van investeringsbescherming
en de hervorming of beëindiging van ISDS, mede in het licht van recente discussies
over beleidsruimte voor klimaat- en energiebeleid?
Vraag 27
Kunnen deze vragen worden beantwoord voorafgaand aan het plenaire debat over de maatregelen
van het kabinet inzake de hoge energie- en brandstofprijzen?
Indieners
-
Gericht aan
S. van Veldhoven-van der Meer, minister van Klimaat en Groene Groei -
Gericht aan
E. Heinen, minister van Financiën -
Indiener
Christine Teunissen, Kamerlid -
Medeindiener
Sjoukje van Oosterhout, Kamerlid