Schriftelijke vragen : Het bericht dat de Nederlandse pluimveesector de “slag om voedselzekerheid dreigt te verliezen”
Vragen van het lid Van der Plas (BBB) aan de Ministers van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur en van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking over het bericht dat de Nederlandse pluimveesector de «slag om voedselzekerheid dreigt te verliezen» (ingezonden 15 april 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht dat de Nederlandse pluimveesector de «slag om voedselzekerheid
dreigt te verliezen»?1
Vraag 2
Erkent u de zorg dat import uit onder andere China, Oekraïne en Mercosur-landen plaatsvindt
onder lagere normen op het gebied van dierenwelzijn, milieu en voedselveiligheid?
Vraag 3
Klopt het dat Nederland op verschillende punten strengere eisen hanteert of ontwikkelt
dan het Europese beleid voorschrijft?
Vraag 4
Welke concrete maatregelen neemt u om te komen tot een gelijk speelveld binnen de
Europese Unie en ten opzichte van derde landen?
Vraag 5
Bent u bereid om nationale koppen op Europees beleid te beperken, zodat Nederlandse
pluimveehouders concurrerend kunnen blijven binnen de interne markt?
Vraag 6
Erkent u dat voedselproductie een strategisch belang heeft voor Nederland en Europa
in het licht van toenemende geopolitieke spanningen?
Vraag 7
Hoe weegt u het risico dat Nederland in toenemende mate afhankelijk wordt van import
uit derde landen?
Vraag 8
Hoe beoordeelt u het risico dat de nationale zelfvoorzieningsgraad van pluimveevlees
daalt tot circa 60 procent bij invoering van de algemene maatregel van bestuur (AMvB)
dierwaardige veehouderij?
Vraag 9
Bent u bereid zich in te zetten voor het borgen van een nationale zelfvoorzieningsgraad
van ten minste 100 procent alvorens aanvullende maatregelen te nemen?
Vraag 10
Bent u bekend met het rapport van Wageningen University & Research waaruit blijkt
dat de kosten op boerderijniveau voor de pluimveehouderij met circa € 0,23 per kilogram
(ruim 19 procent ten opzichte van € 1,20) stijgen?2, 3
Vraag 11
Hoe verhoudt deze kostenstijging zich tot de concurrentiepositie van Nederlandse pluimveehouders
ten opzichte van landen als Duitsland en Polen, waar dergelijke lasten niet gelden?
Vraag 12
Hoe acht u het mogelijk dat Nederlandse pluimveehouders kunnen blijven concurreren
op een Europees speelveld, indien deze kostenstijging zich voordoet?
Vraag 13
Bent u bereid om in overleg met de sector te kijken of dierenwelzijnsverbeteringen
kunnen worden gerealiseerd via maatregelen die geen negatieve impact hebben op de
zelfvoorzieningsgraad en concurrentiepositie, bijvoorbeeld door sturing op basis van
Kritische Prestatie Indicatoren (KPI’s), als alternatief voor onderdelen van de AMvB
dierwaardige veehouderij?
Indieners
-
Gericht aan
J. van Essen, minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur -
Gericht aan
S.W. Sjoerdsma, minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking -
Indiener
Caroline van der Plas, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.