Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Podt over spuitlicenties voor bestrijdingsmiddelen en vakbekwaamheidsbewijzen
Vragen van het lid Podt (D66) aan de Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur over spuitlicenties voor bestrijdingsmiddelen en vakbekwaamheid (ingezonden 20 februari 2026).
Antwoord van Staatssecretaris Erkens (Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur)
(ontvangen 16 maart 2026). Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025–2026,
nr. 1327.
Vraag 1
Wat behelst, in grote lijnen, het behalen van een spuitlicentie voor het spuiten met
bestrijdingsmiddelen en wat behelst het verlengen hiervan? Hoe lang is de training?
Welke onderwerpen komen aan bod? Met welke frequentie moet iemand met een spuitlicentie
deze vernieuwen en wat zijn de vereisten voor vernieuwing?
Antwoord 1
Een bewijs van vakbekwaamheid voor gewasbescherming, ook wel spuitlicentie genoemd,
is nodig om professionele gewasbeschermingsmiddelen te mogen gebruiken. Dit is vastgelegd
in de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden, waarop het bijbehorende besluit en
regeling is gebaseerd. Er zijn regels vastgesteld over het vereiste kennisniveau voor
de onderwerpen uit bijlage I van richtlijn 2009/128/EG, waarin een onderscheid wordt
gemaakt tussen distributeurs, voorlichters en professionele gebruikers van gewasbeschermingsmiddelen.
Om een bewijs van vakbekwaamheid te halen, dient er een lesprogramma en een examen
succesvol afgerond te worden. Het examen toetst verscheidene criteria, deze criteria
zijn te vinden in kwalificatiedossiers op de website van de Samenwerkingsorganisatie
Beroepsonderwijs Bedrijfsleven (SBB)1. Een bewijs van vakbekwaamheid is 5 jaar geldig. Hierna dient de houder nascholingsbijeenkomsten
te volgen om het bewijs van vakbekwaamheid te verlengen. De onderwerpen die tijdens
een nascholingsbijeenkomst behandeld worden verschillen per type bewijs van vakbekwaamheid,
en zijn terug te vinden in het Examendocument Gewasbescherming2.
Vraag 2
Geldt een spuitlicentie voor specifieke teelten, specifieke middelen, of allebei?
Antwoord 2
Een bewijs van vakbekwaamheid geldt in de basis voor het veilig en verantwoord toepassen
van professionele gewasbeschermingsmiddelen in het algemeen, en is niet strikt beperkt
tot één specifiek middel of één specifieke teelt.
Vraag 3
Maakt de laatste stand van de wetenschap ten aanzien van de middelen waarvoor de licentie
wordt gehaald, deel uit van het curriculum voor het behalen en/of verlengen van een
spuitlicentie, zo nee, waarom niet?
Antwoord 3
Ja, er worden nascholingsbijeenkomsten georganiseerd waarin de meest actuele ontwikkelingen
en trends binnen het vakgebied worden behandeld. Het reguliere lesprogramma besteedt
hier ook aandacht aan, met een focus op het correct en effectief toepassen van gewasbeschermingsmethoden.
Daarnaast wordt er aandacht besteed aan de relevante wijzigingen in wet- en regelgeving,
zodat de deelnemers op de hoogte zijn van de laatste normen en eisen.
Vraag 4
Maken de risico’s voor omgeving en gezondheid van het gebruik van meerdere middelen
tegelijk of na elkaar (cocktails), deel uit van het curriculum voor het behalen en/of
verlengen van een spuitlicentie, zo nee, waarom niet?
Antwoord 4
In de scholing wordt expliciet aandacht besteed aan zorgvuldig middelengebruik, waarbij
de nadruk ligt op aspecten zoals tankmengsels, etiketvoorschriften, blootstellingsroutes,
driftreductie en geïntegreerde gewasbescherming. Combinaties van middelen en cumulatieve
blootstelling maken deel uit van de risicobeheersing die in het lesprogramma aan bod
komt. In de scholing wordt deelnemers geleerd dat zij enkel mogen werken conform de
toelatingen en de voorschriften op het etiket. Het uitvoeren van eigen experimenten
of afwijkingen van de vastgestelde richtlijnen is niet toegestaan, waarmee de veiligheid
en naleving van regelgeving strikt gewaarborgd blijven.
Vraag 5
Maken de nog onbekende gevolgen voor de gezondheid, ook bij veilig gebruik, op de
lange termijn, van middelen, deel uit van het curriculum voor het behalen en/of verlengen
van een spuitlicentie, zo nee, waarom niet?
Antwoord 5
De opleiding voor het behalen van een bewijs van vakbekwaamheid is gericht op veilig
gebruik binnen de vastgestelde toelatingskaders. Deelnemers leren over gevaar, risico,
dosering, blootstelling, en het gebruik van beschermingsmiddelen, evenals het proces
van risicobeoordeling. Wetenschappelijke inzichten worden voortdurend verwerkt in
de verplichte nascholing, waardoor het systeem actueel blijft. De opleiding benadrukt
dat meetbaarheid geen direct risico aanduidt; risico is afhankelijk van dosis, blootstelling
en toxicologische eigenschappen. Gevolgen op lange termijn bij veilig gebruik worden
niet expliciet behandeld, omdat de focus ligt op de actuele wetenschappelijke risicobeoordeling.
Vraag 6
Maakt het belang van omgang met omwonenden, bijvoorbeeld van het inlichten van omwonenden
over wat er wordt gespoten en overleg over het moment van spuiten, deel uit van het
curriculum voor het behalen en/of verlengen van een spuitlicentie, zo nee, waarom
niet?
Antwoord 6
In zowel het reguliere lesprogramma als de nascholingsbijeenkomsten wordt aandacht
besteed aan de rol en verantwoordelijkheid van de teler in een maatschappelijk sensitieve
context. Onderwerpen zoals het toepassen van drift reducerende technieken, het instellen
van bufferzones, het monitoren van weersomstandigheden en het zorgvuldig plannen van
gewasbescherming worden behandeld. Daarnaast wordt ingegaan op hoe telers effectief
kunnen omgaan met vragen of bezorgdheden van omwonenden. Transparantie en communicatie
worden gepositioneerd als belangrijke aspecten van professioneel vakmanschap, gezien
de teler opereert in een open landschap waar maatschappelijke acceptatie van wezenlijk
belang is voor de verdere ontwikkeling van de sector. Er is ook een handreiking beschikbaar
op de rijksoverheid website die praktische mogelijkheden biedt voor het gebruik van
gewasbeschermingsmiddelen in goed nabuurschap voor onder andere omwonenden.3
Vraag 7
Aan welke eisen moeten organisaties voldoen die dit soort trainingen geven? Hoe wordt
gezorgd dat deze organisaties de vereiste kennis hebben om dit soort trainingen te
geven?
Antwoord 7
De eisen waar de kennisaanbieder aan moet voldoen staan beschreven in het Examendocument
gewasbescherming 2. De kennisaanbieder moet onder andere zelf een bewijs van vakbekwaamheid in bezit
hebben, en een percentage van de bijeenkomsten wordt bezocht om te inspecteren of
ze aan de vooraf opgegeven doelstellingen voldoen.
Vraag 8
Wat is de stand van zaken van de motie-Van Campen c.s. (Kamerstuk 27 858, nr. 691) over vakbekwaamheidseisen?
Antwoord 8
In de tweede helft van 2026 zullen de onderwerpen rond het verminderen van het gebruik
van hoog risicomiddelen en het verbeteren van de naleving van gebruikersvoorschriften
verplicht aan bod komen in het nieuwe nascholingsaanbod voor de bewijzen van vakbekwaamheid.
Ik zal uw Kamer hierover blijven informeren.
Vraag 9
Is het (wettelijk) mogelijk bij herhaald overtreden van de regels ten aanzien van
bestrijdingsmiddelen (denk bijvoorbeeld aan de recente bevindingen van de Nederlandse
Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) in de sierteelt onder glas) de spuitlicentie (tijdelijk)
in te nemen? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 9
Ja, het intrekken van een bewijs van vakbekwaamheid is mogelijk. Indien tegen de houder
van een bewijs van vakbekwaamheid herhaaldelijk overtredingen van de Wet gewasbeschermingsmiddelen
en biociden of van het Besluit activiteiten leefomgeving zijn geconstateerd, kan de
Minister het bewijs van vakbekwaamheid maximaal één jaar intrekken. De NVWA heeft
in het verleden geen gebruik gemaakt van deze interventiemogelijkheid, omdat het destijds
minder perspectief leek te hebben. Het bewijs van vakbekwaamheid is namelijk op naam
gesteld en het is zeer moeilijk te bewijzen dat dezelfde persoon herhaaldelijk de
aangetoonde overtredingen heeft begaan. Verder is het voor een bedrijf eenvoudig om
een andere medewerker in te zetten. Dit geldt vooral voor bedrijven met meerdere medewerkers.
De NVWA onderzoekt opnieuw de mogelijkheden van het intrekken van een bewijs van vakbekwaamheid,
als één van de sanctie-instrumenten.
Vraag 10
Bent u bereid bovenstaande vragen te beantwoorden voor het debat over gewasbescherming?
Antwoord 10
Ja.
Ondertekenaars
S.P.A. Erkens, staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.