Schriftelijke vragen : Het bericht 'Strenge regels arbeidsmigratie Vlaanderen zijn effectief'
Vragen van het lid Tijs van den Brink (CDA) aan de Ministers van Werk en Participatie en van Asiel en Migratie over het bericht «Strenge regels arbeidsmigratie Vlaanderen zijn effectief» (ingezonden 12 maart 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «Strenge regels arbeidsmigratie Vlaanderen zijn effectief»?1
Vraag 2
Hoe beoordeelt u het dat Vlaanderen per 1 januari 2026 de regels voor gecombineerde
werk- en verblijfsvergunningen heeft aangescherpt, onder meer door de toegang voor
laaggeschoolde arbeid te beperken en de lijst met beroepen voor een versnelde procedure
te verkorten? Is dat een route die u ook voor Nederland wenselijk acht?
Vraag 3
Beschikt u over signalen dat aanscherping van toelatingsvoorwaarden voor arbeidsmigratie,
zoals in Vlaanderen, kan bijdragen aan het terugdringen van misstanden, fraude en
oneerlijke concurrentie op de arbeidsmarkt?
Vraag 4
Bent u bereid te onderzoeken in hoeverre in Nederland, mede in het licht van de krapte
op de arbeidsmarkt, eerst zwaarder moet worden ingezet op activering van het binnenlands
en Europees arbeidsaanbod voordat werkgevers werknemers van buiten de Europese Unie
kunnen aantrekken?
Vraag 5
Hoe verhoudt de Vlaamse aanpak zich volgens u tot de Nederlandse inzet om grip te
krijgen op arbeidsmigratie en misstanden tegen te gaan?
Vraag 6
Ziet u aanleiding om, mede naar aanleiding van de ervaringen in Vlaanderen, te bezien
of de Nederlandse systematiek voor arbeidsmigratie van buiten de Europese Unie verder
moet worden aangescherpt, juist waar het gaat om laagbetaald werk, huisvesting, registratie
en de maatschappelijke draagkracht in regio’s en gemeenten?
Indieners
-
Gericht aan
G. van den Brink, minister van Asiel en Migratie -
Gericht aan
A.A. Aartsen, minister van Werk en Participatie -
Indiener
Tijs van den Brink, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.