Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van de leden De Vos en Van Houwelingen over inhoudelijke moderatie op sociale media door de EU en het Ministerie van Binnenlandse Zaken in aanloop naar de verkiezingen van 2023 en 2025
Vragen van de leden De Vos en Van Houwelingen (beiden FVD) aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over inhoudelijke moderatie op sociale media door de EU en het Ministerie van Binnenlandse Zaken in aanloop naar de verkiezingen van 2023 en 2025 (ingezonden 23 februari 2026).
Antwoord van Minister Heerma (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) (ontvangen
12 maart 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het recent gepubliceerde Amerikaanse onderzoeksrapport d.d. 3 februari
jl. The foreign censorship threat, part II: Europe’s decade-long campaign to censor the
global internet and how it harms American speech in the United States, waarin wordt verwezen naar Europese en nationale betrokkenheid bij moderatie van
politiek-inhoudelijke uitingen op sociale media?1
Antwoord 1
Ja, daar ben ik mee bekend.
Vraag 2
Hoe beoordeelt u het feit dat de EU in 2023 een handboek opstelde voor techbedrijven
om te modereren bij de volgende onderwerpen: «populist rhetoric», «anti-government/anti-EU»-content,
«anti-elite»-content, «political satire», «anti-migrants and Islamophobic content»,
«anti-refugee/immigrant sentiment», «anti-LGBTIQ... content» en «meme subculture»?2 Kunt u uw antwoord toelichten?
Antwoord 2
Het opgestelde handboek in 2023 van de Europese Unie (EU) heeft betrekking op zogeheten
borderline content. Hoewel borderline content geen strikt illegaal karakter heeft
en niet per definitie tot geweld hoeft te leiden, kan zij de veiligheid van burgers
en instituties ernstig ondermijnen. Dit kan bijvoorbeeld doordat dergelijke uitingen
aanzetten tot haat of opruiing, of doordat extremistisch gedachtengoed erdoor wordt
genormaliseerd. Dit type content draagt bij aan radicaliseringsprocessen en is zeer
zorgelijk. Het EU-handboek betreft een niet-bindende leidraad voor online platformen
bij het omgaan met online risico’s, en daarmee het voorkomen dat de veiligheid van
burgers en instituties wordt ondermijnd door terroristische en schadelijke content.
In het kader van dit EU-handboek staat de vrijheid van meningsuiting centraal: uitingen
zoals politieke satire, kritiek op de overheid of zogenoemde populistische retoriek
maken deel uit van het democratisch debat.
Vraag 3
Hoe beoordeelt u het feit dat de EU via de Permanent Task-Force Crisis Response Group
«desinformatie bestreed» op het gebied van onderwerpen zoals bijvoorbeeld COVID-19
en een potentieel verband tussen de sancties tegen Rusland en de Europese energiecrisis?
Kunt u uw antwoord toelichten?
Antwoord 3
Het staat de Europese Commissie vrij om haar eigen werkprocessen en informatiestromen
vorm te geven in lijn met de in de Verdragen neergelegde bevoegdheden. Het instellen
van een interne taskforce om de EU Code of Practice on Disinformation effectief uit
te werken valt binnen deze bevoegdheid.
Vraag 4
Acht u het wenselijk dat de EU techbedrijven aanmoedigt dan wel opdraagt zich te bemoeien
met legale, niet-gewelddadige politieke uitingen op sociale media? Kunt u uw antwoord
toelichten?
Antwoord 4
De EU draagt techbedrijven niet op om zich te bemoeien met legale, niet-gewelddadige
politieke uitingen op sociale media. Wel is er de digitaledienstenverordening (Digital
Services Act, «DSA»), die voorschrijft dat zogenaamde zeer grote online platforms
de systeemrisico’s, die voortvloeien uit het ontwerp of de werking van hun diensten,
moeten identificeren. En waar nodig maatregelen te nemen. Hieronder vallen ook negatieve
effecten op het publieke debat en verkiezingsproces. Of sprake is van systeemrisico’s,
is afhankelijk van de concrete omstandigheden van het geval en dat moet in eerste
instantie door het platform zelf beoordeeld worden. Het kabinet staat achter deze
wetgeving. Daarbij is het uiteraard van belang dat rekening wordt gehouden met alle
toepasselijke grondrechten, waaronder de vrijheid van meningsuiting. Dit brengt bijvoorbeeld
mee dat maatregelen tegen schadelijke content niet zozeer gericht zullen zijn op het
verwijderen van die content, maar bijvoorbeeld op het markeren daarvan.
Vraag 5
Kunt u aangeven of het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in
aanloop naar de Tweede Kamerverkiezingen van 2023 door de Europese Commissie is aangewezen
als «trusted flagger» in het kader van de Digitale Dienstenverordening (DSA)? Zo ja,
per welke datum gold deze aanwijzing en welke bevoegdheden en taken waren daaraan
verbonden?
Antwoord 5
Dit klopt niet. De Europese Commissie kan deze status ook niet verlenen binnen de
DSA. Dit is toebedeeld aan de nationale toezichthouder op basis van de DSA. Wel heeft
het ministerie met de platformen van X, Meta, TikTok, Google, en Snapchat de vrijwillige
afspraak dat zij meldingen van het Ministerie van BZK gedurende de verkiezingsperiode
met prioriteit behandelden. Hierbij blijft het platform te allen tijde zelf verantwoordelijk
voor de afhandeling en de beoordeling van de melding die gedaan wordt, in relatie
tot geldende regelgeving en de gebruikersvoorwaarden.
Het Ministerie van BZK heeft via deze kanalen geen bevoegdheid content te laten verwijderen.
Vraag 6
Kunt u inzicht geven in het aantal en het type meldingen dat door het Ministerie van
Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, of namens Nederland, als «trusted flagger»
is gedaan bij sociale mediaplatforms in de periode voorafgaand aan de Tweede Kamerverkiezingen
van 2023 en 2025? Kunt u daarbij specificeren in hoeverre deze meldingen betrekking
hadden op politieke of maatschappelijke uitingen? Kan de Kamer deze meldingen ontvangen
of vertrouwelijk inzien? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 6
Het Ministerie van BZK maakt het contact met de platformen na afloop van de verkiezingen
openbaar in een rapport via de evaluatie van de desbetreffende verkiezing.3 In dit rapport is te lezen dat het Ministerie van BZK niet kijkt naar en geen uitspraken
doet over verkiezingsbeloften of politieke of maatschappelijke uitingen. Het Ministerie
van BZK zet dit middel met grote terughoudendheid in en alleen wanneer berichtgeving
op sociale media platformen de integriteit van het verkiezingsproces mogelijk in gevaar
brengt. Bijvoorbeeld bij berichtgeving over de verkeerde verkiezingsdatum, of feitelijk
onjuiste informatie hoe en waar te stemmen.
Vraag 7
Hoe beoordeelt u de rol van ministeries als «trusted flagger» in perioden waarin verkiezingen
plaatsvinden? Erkent u dat hier automatisch sprake is van conflicterende belangen,
aangezien de Minister van Binnenlandse Zaken tijdens verkiezingen het risico loopt
te worden weggestemd? Kunt u uw antwoord toelichten?
Antwoord 7
Ik kan mij hier niet in vinden. Zoals aangegeven in het antwoord op vraag 6 neemt
het Ministerie van BZK enkel contact op met een platform wanneer er een risico bestaat
voor de organisatie, uitvoering en integriteit van het verkiezingsproces.
Een voorbeeld van de inzet van de flagger status bij de Provinciale Staten en waterschapsverkiezingen
in 2023: Het Ministerie van BZK heeft bij X melding gemaakt van berichten die kiezers
die op FvD zouden willen stemmen opriepen de naam van de landelijke fractievoorzitter
op het stembiljet bij te schrijven. Het bijschrijven van een naam op een stembiljet
leidt tot een ongeldige stem. In de evaluatie van deze verkiezing is deze melding
aan de Tweede Kamer gerapporteerd.4
Vraag 8
Kunt u toelichten in hoeverre Nederland, via overleg met de Europese Commissie of
via directe contacten met socialemediaplatforms, betrokken is geweest bij afspraken
of maatregelen over moderatie van uitingen in relatie tot verkiezingen of specifieke
politieke onderwerpen zoals bijvoorbeeld de oorlog in Oekraïne, immigratie of het
coronabeleid? Kunt u de Kamer informeren over de aard en omvang van deze betrokkenheid?
Zo nee, waarom niet?
Antwoord 8
Zoals vermeld in vraag 6, kunt u het contact met de platformen terugvinden in de evaluatie
van de desbetreffende verkiezing.
Vraag 9
In het betreffende Amerikaans onderzoeksrapport wordt op pagina 106 geschreven dat
«between 2023 and 2025, the Commission engaged with platforms and pressured them to
aggressively censor content ahead of national elections in [...] the Netherlands [...]»:
kunt u aangeven hoe u deze constatering beoordeelt, of u zich hierin herkent?
Antwoord 9
Het kabinet herkent zich niet in de uitspraken die worden gedaan in het rapport. Anders
dan het rapport suggereert, schrijft de DSA geen censuur voor. De vrijheid van meningsuiting
staat centraal in de DSA. De Europese Commissie is in gesprek gegaan met platformen
over hun verantwoordelijkheden en verplichtingen op grond van de DSA. Het kabinet
steunt de Europese Commissie volledig in het handhaven van de Europese digitale wetgeving,
waaronder de DSA.
Vraag 10
Kunt u de Kamer alle correspondentie doen toekomen tussen de Europese Commissie (of
de EU in het algemeen) en het Ministerie van Binnenlandse Zaken (of Nederland in het
algemeen) met betrekking tot «trusted flagger»-meldingen rond de verkiezingen van
2023 en 2025? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 10
Zoals vermeld in vraag 6 is het contact met de platformen reeds openbaar gemaakt in
de evaluatie van de desbetreffende verkiezing.
Vraag 11
Klopt het, zoals op pagina 107 van het Amerikaanse overheidsrapport te lezen is, dat
het Ministerie van Binnenlandse Zaken aanwezig was bij de «Verkiezingsbijeenkomst
TikTok», georganiseerd door de Europese Commissie in Den Haag op vrijdag 10 november
2023? Wat was de inbreng/rol van het ministerie tijdens deze bijeenkomst? Wie waren
bij deze bijeenkomst aanwezig? Wat was het programma? Kunt u de Kamer de verslagen/notulen
doen toekomen die zijn gemaakt tijdens deze bijeenkomst, evenals correspondentie voorafgaand
aan en na afloop daarvan? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 11
Dit klopt niet. De bijeenkomsten die het Ministerie van BZK heeft bijgewoond kunt
u terugvinden in de Kamerbrief Contact platformen in aanloop naar TK25 verkiezing.5
Vraag 12
Klopt het dat de Autoriteit Consument en Markt (ACM) zes weken voor de verkiezingen
in 2025 een bijeenkomst heeft georganiseerd over de verkiezingen, in het kader van
de DSA en met vertegenwoordigers van de Europese Commissie, Alphabet, Meta, Microsoft,
TikTok en X? Klopt het dat hier is gesproken over het censureren van «schadelijke
content» in het kader van de verkiezingen? Hoe werd «schadelijke content» gedefinieerd?
Kunt u een aantal voorbeelden van dergelijke «schadelijke content» geven?
Antwoord 12
Op 15 september 2025 heeft de ACM een rondetafelbijeenkomst georganiseerd over de
DSA en de Tweede Kamerverkiezing van 29 oktober 2025.6 Tijdens de bijeenkomst spraken de deelnemers met elkaar aan de hand van vier thema’s:
synthetische (door AI-genereerde) content, aanbevelingssystemen (algoritmen), toegang
tot data voor onderzoekers, en viraliteit. De nadruk lag onder andere op zaken als
transparantie, de praktische uitvoerbaarheid van maatregelen en de mogelijke invloed
op het verkiezingsproces. Zo werd er onder andere stilgestaan bij het risico van online
bedreigingen van politici en journalisten en de maatregelen die platforms hiertegen
nemen. Ook kwam de mogelijke impact aan bod van AI-gegenereerde antwoorden op platforms
en zoekmachines op verkiezingsgerelateerde vragen over bijvoorbeeld partijprogramma’s
en kandidaten. De ACM heeft kort na afloop van de bijeenkomst ook een verslag gepubliceerd,
met daarin informatie over de deelnemers en de gespreksthema’s.
Vraag 13
Welke afspraken zijn gemaakt tijdens de bijeenkomst genoemd in vraag 12? Kunt u de
Kamer de gespreksverslagen/notulen van deze bijeenkomst doen toekomen, waaronder in
elk geval de presentatie van de Europese Commissie, van het Ministerie van Binnenlandse
Zaken en van Manon Leijten (bestuurslid van de ACM)? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 13
Tijdens de rondetafel zijn er geen specifieke afspraken gemaakt tussen de ACM en aanwezigen.
Doel van de rondetafel was kennisuitwisseling. De ACM heeft kort na afloop van de
bijeenkomst ook een verslag gepubliceerd, met daarin informatie over de deelnemers
en de gespreksthema’s.7 De Europese Commissie heeft tijdens de rondetafel uitleg gegeven over de werking
van het raamwerk van relevante Europese regelgeving, waaronder de DSA en de Europese
Verordening betreffende transparantie en gerichte politieke reclame (VPR). Hiervan
zijn geen slides beschikbaar. Het Ministerie van BZK heeft een presentatie gegeven
over de inrichting van het verkiezingsproces in Nederland. De daarbij gebruikte slides
zijn opgenomen als bijlage. De ACM heeft de bijeenkomst geopend met een kort welkomstwoord
en heeft de middag technisch voorgezeten. Er is vanuit de ACM geen presentatie gegeven.
Vraag 14
Kunt u bovenstaande vragen zo spoedig mogelijk en afzonderlijk van elkaar beantwoorden?
Antwoord 14
Ja.
Ondertekenaars
P.E. Heerma, minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.