Schriftelijke vragen : Het bericht ‘NS boekt weer winst – voor het eerst sinds 2019’
Vragen van het lid Heutink (Groep Markuszower) aan de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat over het bericht «NS boekt weer winst – voor het eerst sinds 2019» (ingezonden 6 maart 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het NRC-bericht «NS boekt weer winst – voor het eerst sinds 2019»1?
Vraag 2
Onderschrijft u de conclusie dat de NS over 2025 11 miljoen euro operationele winst
heeft gemaakt, zoals gesteld wordt in het NRC-artikel en in de jaarcijfers van NS2?
Vraag 3
Herinnert u zich dat NS voor de vorige hoofdrailnetconcessie (HRN-concessie) een vergoeding
van 80 miljoen euro aan uw ministerie overmaakte en dat NS voor deze HRN-concessie
een vergoeding van 13 miljoen euro ontvangt?
Vraag 4
Klopt het dat er geen wezenlijke veranderingen zijn in de omvang van het HRN-contract
en daarmee de businesscase? Zo nee, welke grote wijzigingen praten het voordeel van
93 miljoen euro per jaar voor NS goed?
Vraag 5
Herinnert u zich dat u schreef dat de 13 miljoen euro het bedrag is «wat naast het financieel effect van overige maatregelen (volume, tarieven, risicoverdeling/normrendement,
efficiencyverhoging) nodig is om op de concessie een redelijk rendement te behalen»3? Deelt u de opvatting dat deze subsidie niet langer nodig is om een redelijk rendement
te halen, nu NS een winst boekt die vrijwel gelijk staat aan de toegekende subsidie?
Vraag 6
Kunt u gedetailleerd uitleggen of het uitkeren van subsidie wel toegestaan is nu er
sprake is van een winstgevende concessie? Zo nee, hoe zit het dan precies en hoe verhoudt
dat zich tot het principe van verboden staatssteun en de eisen uit het Vierde Spoorwegpakket?
Vraag 7
Deelt u de mening dat het pas per 2029 aanpassen van de afspraken (conform artikel
58 lid 1 van de huidige HRN-concessie waarin staat dat bij de midterm review in 2029
gekeken zal worden naar de concessiesubsidie(s) en de businesscase die aan de huidige
concessie ten grondslag lagen4) veel te laat is omdat nu blijkt dat de businesscase veel te negatief is geweest
en NS in het eerste concessiejaar al winst in plaats van verlies blijkt te maken,
en er daarom eerder actie nodig is?
Vraag 8
Herinnert u zich dat u aan de Kamer schreef dat «Uit de businesscase van de nieuwe HRN-concessie, die door NS is opgesteld en door
een extern bureaus is gevalideerd, blijkt dat het niet mogelijk is een redelijk rendement
te kunnen realiseren als NS een concessievergoeding zou moeten betalen en geen subsidie
krijgt.»5? Waarom is hier uitgegaan van een door NS zelf opgestelde en voorgelegde businesscase?
Deelt u de opvatting dat de businesscase die NS heeft voorgelegd, de zaken kennelijk
veel te negatief heeft voorgesteld nu blijkt dat NS nog binnen het eerste concessiejaar
winst in plaats van verlies maakt? Hoe kan het dat dit niet gebleken is bij de testen
die gedaan zijn en hoe kon dus ook de hierboven gestelde conclusie worden getrokken?
Vraag 9
Bent u bereid om de subsidie voor de HRN-concessie in te trekken? Zo nee, kunt u dan
aan Nederland uitleggen hoe het kan dat we naast de enorme prijsstijgingen van treintickets,
nu ook nog de komende jaren meer dan 100 miljoen euro aan subsidie moeten betalen
voor een bedrijf dat een winstgevend contract voor diezelfde staat moet uitvoeren?
Indieners
-
Gericht aan
A.W.H. Bertram, staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat -
Indiener
Hidde Heutink, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.