Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van de leden Boelsma-Hoekstra, Van Lanschot en Boswijk over het bericht 'Nederlandse kustwacht machteloos bij spionage en sabotage op Noordzee door personeelsgebrek'
Vragen van de leden Boelsma-Hoekstra, Van Lanschot en Boswijk (allen CDA) aan de Ministers van Defensie en van Infrastructuur en Waterstaat over het bericht «Nederlandse kustwacht machteloos bij spionage en sabotage op Noordzee door personeelsgebrek» (ingezonden 15 januari 2026).
Antwoord van Minister Brekelmans (Defensie) en van Minister Tieman (Infrastructuur
en Waterstaat) (ontvangen 20 februari 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht dat de Nederlandse Kustwacht door personeelstekorten
beperkt handelingsperspectief heeft bij het signaleren en tegengaan van spionage-
en sabotageactiviteiten op de Noordzee, mede in het licht van toenemende (digitale)
dreigingen?1
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Heeft u inzicht in hoe groot het huidige capaciteitstekort is bij de Nederlandse Kustwacht,
uitgesplitst naar personeel, vaartuigen en middelen, en wat dit concreet betekent
voor het toezicht op de Noordzee? Zo ja, kunt u dit specificeren? Zo niet, wat bent
u van plan doen om dit in kaart te brengen?
Antwoord 2
In 2023 is er een disbalans vastgesteld tussen het takenpakket van de Kustwacht en
haar capaciteit. Door de opdrachtgevende departementen binnen het kustwachtsamenwerkingsverband
is besloten om de capaciteit bij de Kustwacht op orde te brengen (toename van 43 FTE).
Met deze additionele capaciteit is de Kustwacht in staat om haar huidige taken dienstverlening,
handhaving en maritime security naar behoren uit te voeren. Voor een uitbreiding van
taken in het kader van maritime security zullen nieuwe middelen beschikbaar gesteld
moeten worden. Daarnaast ligt er een opdracht vanuit het Kustwachtsamenwerkingsverband
om de organisatie en aansturing van de Kustwacht te onderzoeken. Het onderzoek moet
antwoord geven op de vraag of het huidige model van de Kustwacht toekomstbestendig
is. Ook wordt onderzocht hoe de huidige taken van de Kustwacht (dienstverlening, handhaving
en maritime security) zich verhouden tot toekomstige ontwikkelingen, waaronder het
op te bouwen National Maritime Security Centre (NMSC) dat onder regie van het Interdepartementaal
Programma Bescherming Noordzee Infrastructuur (PBNI) wordt uitgewerkt.2
Vraag 3
In hoeverre acht u de bescherming van vitale infrastructuur op de Noordzee, zoals
onderzeese kabels, pijpleidingen en windparken, op dit moment voldoende geborgd?
Antwoord 3
Het interdepartementale Programma Bescherming Noordzee Infrastructuur (PBNI) is opgericht
in 2023. Het programma heeft als doel om de bescherming van de Noordzee infrastructuur
te versterken. In 2024 en 2025 is door het programma ca. 44 mln. geïnvesteerd in het
verbeteren van de beeldopbouw op de Noordzee, in het verhogen van de weerbaarheid
van zowel de fysieke als digitale weerbaarheid van de Noordzee infrastructuur, het
versterken van de crisisbeheersing, en het verbeteren van de nationale en internationale
samenwerking (zowel publiek als privaat). Ook zijn er onderzoeken gedaan naar de meest
kritieke infrastructuurpunten op de Noordzee, waar sensoren strategisch kunnen worden
geplaatst en naar de governance van maritime security op de Noordzee.
Het onderzoek van ABDTOPConsult heeft aanbevolen om een Nationaal Maritiem Security
Centrum (NMSC) op te richten, waarin het bijeenbrengen en analyseren van verschillende
datastromen moet samenkomen en uitvoerende organisaties sneller kunnen worden ingezet.
Voor de zomer van 2025 is een kwartiermaker aangesteld om te kijken hoe het NMSC moet
worden ingericht. Er zijn veel initiatieven ontplooid om de bescherming van de Noordzee
infrastructuur te versterken. Om het gewenste niveau te bereiken en het Actieplan
Strategie ter Bescherming Noordzee Infrastructuur volledig uit te voeren is structurele
financiering nodig. Dit besluit wordt overgelaten aan het nieuwe kabinet. Om deze
periode te overbruggen is door het huidige kabinet geld beschikbaar gesteld.
Vraag 4
Acht u de huidige taakverdeling en samenwerking tussen Kustwacht, Koninklijke Marine
en andere betrokken diensten passend bij de huidige dreiging van spionage en sabotage
op zee? Zo niet, waar zit ruimte voor verbetering?
Antwoord 4
Alle betrokken uitvoeringsorganisaties werken hard om de dreiging van sabotage en
spionage op de Noordzee aan te pakken. Zoals benoemd in het antwoord op vraag 4 is
één van de aanbevelingen van ABDTOPConsult om de samenwerking ter verbeteren op de
Noordzee door o.a. de oprichting van een Nationaal Maritiem Security Centrum (NMSC).
Het NMSC is nodig voor het bijeenbrengen en analyseren van alle informatie van (zowel
publieke als private) partijen die actief zijn op de Noordzee. Door gestructureerde
samenwerking tussen de Kustwacht, Nationale Politie, Defensie, private partijen, buurlanden,
inlichtingen- en veiligheidsdiensten moet een completer en actueler beeld van de situatie
op de Noordzee ontstaan. Een ander belangrijk onderdeel van het NMSC is om uitvoerende
organisaties, zoals de Kustwacht, Maritieme Politie en de Marine sneller te kunnen
inzetten bij incidenten. Het beschermen van vitale infrastructuur op de Noordzee in
vredestijd is echter een civiele verantwoordelijkheid die Defensie middels een bijstandsverlening
aan het civiele gezag ondersteunt. Andere aanbevelingen gaan over het creëren van
een goede wettelijke basis onder de informatiewisseling tussen overheid en private
partijen en het zorgen voor voldoende capaciteit bij met name de Kustwacht, Defensie
en Politie.
Vraag 5
Bent u bereid de Koninklijke Marine een structureel grotere rol te geven bij de bescherming
van de cruciale infrastructuur in de Noordzee? Zo niet, waarom niet?
Antwoord 5
Defensie heeft sinds juli 2023 een permanente taak op de Noordzee bij de bescherming
van infrastructuur op de Noordzee. Zo bouwt Defensie beeld en begrip op van dreigingsactoren
en factoren op de Noordzee. Daarnaast escorteert Defensie niet-NAVO eenheden door
de Nederlandse EEZ. Dit gebeurt in afstemming met bondgenoten en wanneer daar aanleiding
voor is.3 Het beschermen van de vitale infrastructuur op de Noordzee in vredestijd is een civiele
verantwoordelijkheid. Defensie en in het bijzonder de Koninklijke Marine kan middels
bijstandsverlening het civiele gezag daarin ondersteunen. Deze bijstand wordt op verzoek
van het civiele gezag geleverd die de behoefte hiertoe formuleert. De Koninklijke
Marine zet de komende jaren stappen om verder te ontwikkelen en vernieuwen. Capaciteiten
ter versterking van de bescherming en maritime security op de Noordzee maken hier
deel van uit.
Vraag 6
Welke rol ziet u voor innovatie en technologische middelen, zoals onderwaterdrones,
sensoren, autonome vaartuigen of satellietmonitoring, bij het verkleinen van het capaciteitstekort?
Antwoord 6
Vanuit Defensie speelt innovatie voor inzet op de Noordzee een centrale rol. Hierbij
wordt een ambitie nagestreefd voor het interoperabel optreden van sensoren en effectoren
van space naar zeebodem. Daar valt de integratie van de boven genoemde capaciteiten
ook onder. Zo is in 2023 het Seabed Security Experimentation Centre (SeaSEC) in Scheveningen
geopend, waar Nederland samen met Denemarken, Duitsland, Finland, Noorwegen en Zweden
experimenteel onderzoek uitvoert om onderzeese infrastructuur te beschermen.
Vraag 7
Hoe is de samenwerking met andere Noordzeelanden en internationale partners ingericht
bij het detecteren en tegengaan van spionage en sabotage, en waar ziet u mogelijkheden
tot intensivering?
Antwoord 7
Veiligheid staat hoog op de agenda van verschillende internationale organisaties en
wordt actief vanuit de NAVO en de EU gestimuleerd. Vanuit de NAVO is de Critical Undersea
Infrastructure Coordination Cell opgericht, waarin Nederland actief participeert.
Daarnaast is er een samenwerkingsverband tussen het Verenigd Koninkrijk, België, Duitsland,
Denemarken, Noorwegen en Nederland. Door deze landen is een Joint Declaration of Intent
(JDI) getekend om samen de bescherming van de infrastructuur te verbeteren. Dit wordt
onder andere gedaan door het delen van informatie over incidenten, dreigingsbeelden
en best practices, regelgeving op elkaar aan te sluiten en door het ontwikkelen van
een gezamenlijke crisisrespons. De komende tijd wordt ook actiever de samenwerking
opgezocht met de samenwerkende landen in de Baltische Zee.
Vraag 8
Welke concrete maatregelen op korte en middellange termijn bent u voornemens te nemen
om te voorkomen dat toezicht, handhaving en beveiliging op de Noordzee structureel
tekortschieten?
Antwoord 8
De Kustwacht voert in opdracht van de samenwerkende departementen haar toezicht en
handhavingsfunctie uit op de Noordzee, hiervoor worden de Kustwachtschepen en het
Kustwachtvliegtuig ingezet. Dit najaar wordt een nieuw 24/7 schip operationeel wat
de mogelijkheid geeft om langer op zee te zijn. Dit handhavingsvaartuig gaat reguliere
toezicht en handhavingstaken uitvoeren. De verkenning naar de vervanging van de huidige
handhavingsvaartuigen wordt deze maand opgestart.
Complementair aan deze civiele capaciteiten investeert Defensie, als onderdeel van
de Defensienota 2022, in Intelligence, Surveillance and Reconnaissance (ISR-)capaciteit
op de Noordzee. Met deze waarnemingscapaciteit kan Defensie dreigingen tegen vitale
infrastructuur tijdig onderkennen, lokaliseren en volgen. Daarmee draagt deze capaciteit
bij aan de afschrikking van mogelijke plegers van sabotage en spionage. Daarnaast
bereidt Defensie de verwerving voor van twee licht-bemande schepen die een taak krijgen
op de Noordzee. Met de vaartuigen kan Defensie proactief potentiële dreigingen opsporen
en verdachte situaties monitoren. Hiervoor worden de schepen uitgerust met onderwaterapparatuur
en sensoren. De schepen worden tevens ingezet om onderzoek te doen bij acute dreigingen
en verstoringen. Defensie kan met deze investeringen invulling geven aan de taken
die Defensie heeft op de Noordzee en, indien nodig, bijstand verlenen aan de Kustwacht.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
R.P. Brekelmans, minister van Defensie -
Mede ondertekenaar
R. Tieman, minister van Infrastructuur en Waterstaat
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.