Voorstel van wet : Voorstel van wet
36 899 Wijziging van de Visserijwet 1963 in verband met de implementatie van Verordening (EU) 2023/2842 over visserijcontrole met betrekking tot de maximaal op te leggen bestuurlijke boete
ARTIKEL I
ARTIKEL II
Nr. 2
VOORSTEL VAN WET
Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau,
enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het noodzakelijk is de Visserijwet 1963
aan te passen ter uitvoering van de Verordening (EU) 2023/2842 betreffende visserijcontrole;
Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen
overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden
en verstaan bij deze:
ARTIKEL I
De Visserijwet 1963 wordt als volgt gewijzigd:
A
In artikel 1, eerste lid, onderdeel a, wordt «Onze Minister van Landbouw, Natuur en
Voedselkwaliteit» vervangen door «Onze Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid
en Natuur».
B
Artikel 54c, derde lid, komt te luiden:
3. De op grond van het tweede lid te bepalen bestuurlijke boete bedraagt per overtreding
ten hoogste het bedrag dat is vastgesteld voor de zesde categorie, bedoeld in artikel
23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht of, indien dat meer is, tien procent
van de omzet van de overtreder.
C
In artikel 54d wordt «Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit» vervangen
door «Onze Minister».
ARTIKEL II
Deze wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het
Staatsblad waarin zij wordt geplaatst.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries,
autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering
de hand zullen houden.
Gegeven
De Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur,
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.