Schriftelijke vragen : Wereldwijde handel in donorzaad
Vragen van het lid Vliegenthart (GroenLinks-PvdA) aan de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over wereldwijde handel in donorzaad (ingezonden 6 februari 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met de recente uitzending van Zembla «Sperma op bestelling: de impact
van de wereldwijde handel in donorzaad»?1
Vraag 2
Kunt u concreet benoemen op welke wijze de rechten van kinderen momenteel via wetten
en regelgeving geborgd zijn in de context van (internationale) donorconceptie? Hoe
verhoudt zich dit bijvoorbeeld tot het VN-verdrag inzake de rechten van het kind,
in het bijzonder art. 7, lid 1? Hoe verhoudt dit zich tot de uitspraak van rechtbank
Den Haag (d.d. 28-04-2023) waarin de voorzieningenrechter oordeelde dat de belangen
van donorkinderen en hun ouders bij een verbod om nog langer sperma te doneren aan
nieuwe wensouders zwaarder wegen dan het belang van de donor om daarmee door te gaan?2
Vraag 3
Kunt u nader toelichten op welke wijze er momenteel vanuit de huidige wettelijke kaders,
in het bijzonder de Wet donorgegevens kunstmatige bevruchting (Wkdb), handvaten bestaan
om te handhaven op het recht van een kind, welke is verwerkt met buitenlands donorzaad,
om te weten van wie zij afstammen?
Vraag 4
Herkent u het beeld welke wordt geschetst in de uitzending van Zembla dat de huidige
praktijk, waarbij regels vaak niet gelden als er gebruik wordt gemaakt van buitenlands
donorzaad, tekortschiet wat betreft het beschermen van kinderen en hun rechten?
Vraag 5
Welke concrete maatregelen wilt u nemen om massadonatie met buitenlands donorsperma
in het bijzonder tegen te gaan?
Vraag 6
Herkent u de zorgen over gezinnen in kwetsbare posities, zoals regenboogstellen en
alleenstaande moeders, die in de huidige praktijk eerder uitwijken naar buitenlandse
fertiliteitsklinieken omdat zij vastlopen in het Nederlandse systeem en een gebrek
aan een centrum voor wensouders zonder specifiek medisch oogmerk? Zo ja, welke concrete
maatregelen neemt u om hen te ondersteunen?
Vraag 7
Hoe reflecteert u op de oproep van de Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie
(NVOG) dat nationale werving voor donoren essentieel is om het aanbod aan te laten
sluiten op de behoefte, bijvoorbeeld door het opzetten van een nationale donorbank?
Vraag 8
Hoe reflecteert u op de oproep van onder andere de NVOG en FIOM om te stoppen met
buitenlandse spermadonoren? Welke rol ziet u voor uzelf weggelegd in het realiseren
van de opzet van een nationale donorbank en het invoeren van een stop op buitenlandse
spermadonoren, indien het nationale aanbod voldoende is?
Vraag 9
Hoe reflecteert u op het feit dat Stichting Donorkind te kennen heeft gegeven de overheid
aansprakelijk te willen stellen voor de misstanden omtrent massadonatie?
Ondertekenaars
Lisa Vliegenthart, Tweede Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.