Voorstel van wet : Voorstel van wet
36 892 Wijziging van de Gemeentewet, de Provinciewet, de Waterschapswet en de Wet openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba in verband met de risicoanalyse bestuurlijke integriteit voor kandidaat-bestuurders (Wet bevorderen integriteit en functioneren decentraal bestuur tweede tranche)
ARTIKEL I
ARTIKEL II
ARTIKEL III
ARTIKEL IV
ARTIKEL V
ARTIKEL VI
ARTIKEL VII
Nr. 2 VOORSTEL VAN WET
Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau,
enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het ter bevordering van het goed functionerend
en integer decentraal bestuur wenselijk is om een regeling te treffen ter verzekering
van aandacht voor de integriteit van wethouders, gedeputeerden, eilandgedeputeerden
en leden van het dagelijks bestuur van een waterschap alvorens zij benoemd worden
en een regeling te treffen omtrent de financiële belangen van bestuurders van decentrale
overheden;
Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen
overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden
en verstaan bij deze:
ARTIKEL I
De Gemeentewet wordt als volgt gewijzigd:
A
Na artikel 36b wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Artikel 36c
1. Er wordt een risicoanalyse uitgevoerd met betrekking tot feiten en omstandigheden
die relevant kunnen zijn voor de bestuurlijke integriteit van de beoogd wethouder.
De risicoanalyse heeft uitsluitend betrekking op:
a. de normen, bedoeld in de artikelen 36b, 41a, 41b, 41ba, 41c, eerste lid, 58 en 89,
tweede lid; en
b. normen die zijn vastgelegd in een verordening of de gedragscode, bedoeld in artikel
41c, tweede lid, voor zover de raad uitdrukkelijk heeft bepaald dat deze betrokken
dienen te worden bij de risicoanalyse.
2. De burgemeester ziet toe op de uitvoering van de risicoanalyse, waarbij de risicoanalyse
niet wordt uitgevoerd door de raad.
3. Het verzamelen van persoonsgegevens voor de uitvoering van de risicoanalyse wordt
beperkt tot:
a. publiek toegankelijke bronnen en informatie die rechtstreeks is te herleiden tot gegevens
uit publiek toegankelijke bronnen;
b. hetgeen wordt verstrekt door de beoogd wethouder;
c. hetgeen wordt verstrekt door personen die geacht worden relevante gegevens te kunnen
verstrekken voor de risicoanalyse en vrijwillig kiezen om deze gegevens te verstrekken.
4. Voorafgaand aan de benoeming van de wethouder worden uitsluitend de conclusie, aanbevelingen
en voorgenomen beheersmaatregelen die volgen uit de risicoanalyse door tussenkomst
van de burgemeester overgelegd aan de raad, waarbij persoonsgegevens niet worden vermeld
voor zover het belang van het vermelden van deze gegevens onevenredig is gelet op
het belang van de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer.
5. De beoogd wethouder wordt voor het overleggen aan de raad in de gelegenheid gesteld
te reageren op de uitkomsten van de risicoanalyse. Voor zover de conclusie, aanbevelingen
en voorgenomen beheersmaatregelen die volgen uit de risicoanalyse persoonsgegevens
van een derde bevatten, wordt deze derde voor het overleggen aan de raad in de gelegenheid
gesteld hierop te reageren.
6. Ten aanzien van de informatie die in het kader van de uitvoering van de risicoanalyse
is verwerkt en die niet op grond van het vierde lid aan de raad is overgelegd, geldt
een geheimhoudingsplicht.
7. Een wethouder maakt de beheersmaatregelen terstond na benoeming openbaar. Openbaarmaking
geschiedt zowel op elektronische wijze als door terinzagelegging op het gemeentehuis.
8. Artikel 3.3, vijfde lid, aanhef en onderdelen h en i, en zevende lid, van de Wet
open overheid is niet van toepassing op de openbaarmaking van de conclusie, aanbevelingen,
voorgenomen beheersmaatregelen of beheersmaatregelen.
B
Na artikel 41b wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Artikel 41ba
Een wethouder heeft geen financiële belangen, bezit geen effecten en verricht geen
effectentransacties voor zover dit ongewenst is met het oog op een goede vervulling
van zijn wethouderschap.
C
In artikel 50 wordt na «de gronden waarop de raad tot» ingevoegd «benoeming of».
D
Na artikel 68 wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Artikel 68a
Een burgemeester heeft geen financiële belangen, bezit geen effecten en verricht geen
effectentransacties voor zover dit ongewenst is met het oog op een goede vervulling
van zijn burgemeestersambt.
ARTIKEL II
De Provinciewet wordt als volgt gewijzigd:
A
Na artikel 35c wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Artikel 35d
1. Er wordt een risicoanalyse uitgevoerd met betrekking tot feiten en omstandigheden
die relevant kunnen zijn voor de bestuurlijke integriteit van de beoogd gedeputeerde.
De risicoanalyse heeft uitsluitend betrekking op:
a. de normen, bedoeld in de artikelen 35c, 40a, 40b, 40ba, 40c, eerste lid, 47, 58 en
86, tweede lid; en
b. normen die zijn vastgelegd in een verordening of de gedragscode, bedoeld in artikel
40c, tweede lid, voor zover provinciale staten uitdrukkelijk heeft bepaald dat deze
betrokken dienen te worden bij de risicoanalyse.
2. De commissaris van de Koning ziet toe op de uitvoering van de risicoanalyse, waarbij
de risicoanalyse niet wordt uitgevoerd door provinciale staten.
3. Het verzamelen van persoonsgegevens voor de uitvoering van de risicoanalyse wordt
beperkt tot:
a. publiek toegankelijke bronnen en informatie die rechtstreeks is te herleiden tot gegevens
uit publiek toegankelijke bronnen;
b. hetgeen wordt verstrekt door de beoogd gedeputeerde;
c. hetgeen wordt verstrekt door personen die geacht worden relevante gegevens te kunnen
verstrekken voor de risicoanalyse en vrijwillig kiezen om deze gegevens te verstrekken.
4. Voorafgaand aan de benoeming van de gedeputeerde worden uitsluitend de conclusie,
aanbevelingen en voorgenomen beheersmaatregelen die volgen uit de risicoanalyse door
tussenkomst van de commissaris van de Koning overgelegd aan provinciale staten, waarbij
persoonsgegevens niet worden vermeld voor zover het belang van het vermelden van deze
gegevens onevenredig is gelet op het belang van de eerbiediging van de persoonlijke
levenssfeer.
5. De beoogd gedeputeerde wordt voor het overleggen aan provinciale staten in de gelegenheid
gesteld te reageren op de uitkomsten van de risicoanalyse. Voor zover de conclusie,
aanbevelingen en voorgenomen beheersmaatregelen die volgen uit de risicoanalyse persoonsgegevens
van een derde bevatten, wordt deze derde voor het overleggen aan provinciale staten
in de gelegenheid gesteld hierop te reageren.
6. Ten aanzien van de informatie die in het kader van de uitvoering van de risicoanalyse
is verwerkt en die niet op grond van het vierde lid aan provinciale staten is overgelegd,
geldt een geheimhoudingsplicht.
7. Een gedeputeerde maakt de beheersmaatregelen terstond na benoeming openbaar. Openbaarmaking
geschiedt zowel op elektronische wijze als door terinzagelegging op het provinciehuis.
8. Artikel 3.3, vijfde lid, aanhef en onderdelen h en i, en zevende lid van de Wet open
overheid is niet van toepassing op de openbaarmaking van de conclusie, aanbevelingen,
voorgenomen beheersmaatregelen of beheersmaatregelen.
B
Na artikel 40b wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Artikel 40ba
Een gedeputeerde heeft geen financiële belangen, bezit geen effecten en verricht geen
effectentransacties voor zover dit ongewenst is met het oog op een goede vervulling
van het ambt als gedeputeerde.
C
In artikel 50 wordt na «de gronden waarop provinciale staten tot» ingevoegd «benoeming
of».
D
Na artikel 67 wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Artikel 67a
Een commissaris van de Koning heeft geen financiële belangen, bezit geen effecten
en verricht geen effectentransacties voor zover dit ongewenst is met het oog op een
goede vervulling van het ambt van commissaris.
ARTIKEL III
De Waterschapswet wordt als volgt gewijzigd:
A
Artikel 41 wordt als volgt gewijzigd:
1. Onder vernummering van het tweede tot en met het zesde lid tot het negende tot en
met het dertiende lid, worden zeven leden ingevoegd, luidende:
2. Er wordt een risicoanalyse uitgevoerd met betrekking tot feiten en omstandigheden
die relevant kunnen zijn voor de bestuurlijke integriteit van het beoogd lid van het
dagelijks bestuur. De risicoanalyse heeft uitsluitend betrekking op:
a. de normen, bedoeld in de artikelen 31, tweede lid, 33, eerste, tweede, en vierde lid,
34, 44k, 44l, 45, met uitzondering van de daarin genoemde artikelen 38, 38b, 38c en
39, en 55d, tweede lid, van deze wet; en
b. normen die zijn vastgelegd in een verordening of de gedragscode, bedoeld in artikel
33, derde lid, voor zover het algemeen bestuur uitdrukkelijk heeft bepaald dat deze
betrokken dienen te worden bij de risicoanalyse.
3. De voorzitter ziet toe op de uitvoering van de risicoanalyse, waarbij de risicoanalyse
niet wordt uitgevoerd door het algemeen bestuur.
4. Het verzamelen van persoonsgegevens voor de uitvoering van de risicoanalyse wordt
beperkt tot:
a. publiek toegankelijke bronnen en informatie die rechtstreeks is te herleiden tot gegevens
uit publiek toegankelijke bronnen;
b. hetgeen wordt verstrekt door het beoogd lid van het dagelijks bestuur;
c. hetgeen wordt verstrekt door personen die geacht worden relevante gegevens te kunnen
verstrekken voor de risicoanalyse en vrijwillig kiezen om deze gegevens te verstrekken.
5. Voorafgaand aan de benoeming van het lid van het dagelijks bestuur worden uitsluitend
de conclusie, aanbevelingen en voorgenomen beheersmaatregelen die volgen uit de risicoanalyse
door tussenkomst van de voorzitter overgelegd aan het algemeen bestuur, waarbij persoonsgegevens
niet worden vermeld voor zover het belang van het vermelden van deze gegevens onevenredig
is gelet op het belang van de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer.
6. Het beoogd lid van het dagelijks bestuur wordt voor het overleggen aan het algemeen
bestuur in de gelegenheid gesteld te reageren op de uitkomsten van de risicoanalyse.
Voor zover de conclusie, aanbevelingen en voorgenomen beheersmaatregelen die volgen
uit de risicoanalyse persoonsgegevens van een derde bevatten, wordt deze derde voor
het overleggen aan het algemeen bestuur in de gelegenheid gesteld hierop te reageren.
7. Ten aanzien van de informatie die in het kader van de uitvoering van de risicoanalyse
is verwerkt en die niet op grond van het vierde lid aan het algemeen bestuur is overgelegd,
geldt een geheimhoudingsplicht.
8. Een lid van het dagelijks bestuur maakt de beheersmaatregelen terstond na benoeming
openbaar. Openbaarmaking geschiedt zowel op elektronische wijze als door terinzagelegging
op de secretarie van het waterschap.
9. Artikel 3.3, vijfde lid, aanhef en onderdelen h en i, en zevende lid van de Wet open
overheid is niet van toepassing op de openbaarmaking van de conclusie, aanbevelingen,
voorgenomen beheersmaatregelen of beheersmaatregelen.
2. In het tiende lid (nieuw) wordt «tweede lid» vervangen door «negende lid».
B
Na artikel 44k wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Artikel 44l
Een lid van het dagelijks bestuur heeft geen financiële belangen, bezit geen effecten
en verricht geen effectentransacties voor zover dit ongewenst is met het oog op een
goede vervulling van het ambt van lid van het dagelijks bestuur van een waterschap.
C
Na artikel 48 wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Artikel 48a
Een voorzitter heeft geen financiële belangen, bezit geen effecten en verricht geen
effectentransacties voor zover dit ongewenst is met het oog een de goede vervulling
van het ambt van voorzitter van het waterschap.
ARTIKEL IV
De Wet openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba wordt als volgt gewijzigd:
A
Artikel 41 komt te luiden:
Artikel 41
1. Er wordt een risicoanalyse uitgevoerd met betrekking tot feiten en omstandigheden
die relevant kunnen zijn voor de bestuurlijke integriteit van de beoogd eilandgedeputeerde.
De risicoanalyse heeft uitsluitend betrekking op:
a. de normen, bedoeld in de artikelen 40, 47, 48, 49, 52a, 53, eerste lid, 69 en 119c,
tweede lid; en
b. normen die zijn vastgelegd in een verordening of de gedragscode, bedoeld in artikel
53, tweede lid, voor zover de eilandsraad uitdrukkelijk heeft bepaald dat deze betrokken
dienen te worden bij de risicoanalyse.
2. De gezaghebber ziet toe op de uitvoering van de risicoanalyse, waarbij de risicoanalyse
niet wordt uitgevoerd door de eilandsraad.
3. Het verzamelen van persoonsgegevens voor de uitvoering van de risicoanalyse wordt
beperkt tot:
a. publiek toegankelijke bronnen en informatie die rechtstreeks is te herleiden tot gegevens
uit publiek toegankelijke bronnen;
b. hetgeen wordt verstrekt door de beoogd eilandgedeputeerde;
c. hetgeen wordt verstrekt door personen die geacht worden relevante gegevens te kunnen
verstrekken voor de risicoanalyse en vrijwillig kiezen om deze gegevens te verstrekken.
4. Voorafgaand aan de benoeming van de eilandgedeputeerde worden uitsluitend de conclusie,
aanbevelingen en voorgenomen beheersmaatregelen die volgen uit de risicoanalyse door
tussenkomst van de gezaghebber overgelegd aan de eilandsraad, waarbij persoonsgegevens
niet worden vermeld voor zover het belang van het vermelden van deze gegevens onevenredig
is gelet op het belang van de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer.
5. De beoogd eilandgedeputeerde wordt voor het overleggen aan de eilandsraad in de gelegenheid
gesteld te reageren op de uitkomsten van de risicoanalyse. Voor zover de conclusie,
aanbevelingen en voorgenomen beheersmaatregelen die volgen uit de risicoanalyse persoonsgegevens
van een derde bevatten, wordt deze derde voor het overleggen aan de eilandsraad in
de gelegenheid gesteld hierop te reageren.
6. Ten aanzien van de informatie die in het kader van de uitvoering van de risicoanalyse
is verwerkt en die niet op grond van het vierde lid aan de eilandsraad is overgelegd,
geldt een geheimhoudingsplicht.
7. Een eilandgedeputeerde maakt de beheersmaatregelen terstond na benoeming openbaar.
Openbaarmaking geschiedt zowel op elektronische wijze als door terinzagelegging op
het bestuurskantoor van het openbaar lichaam.
B
Artikel 49 komt te luiden:
Artikel 49
Een eilandgedeputeerde heeft geen financiële belangen, bezit geen effecten en verricht
geen effectentransacties voor zover dit ongewenst is met het oog op een goede vervulling
van het ambt als eilandgedeputeerde.
C
De artikelen 50 tot en met 52 vervallen.
D
In artikel 61 wordt na «de gronden waarop de eilandsraad tot» ingevoegd «benoeming
of».
E
Artikel 81 komt te luiden:
Artikel 81
Een gezaghebber heeft geen financiële belangen, bezit geen effecten en verricht geen
effectentransacties voor zover dit ongewenst is met het oog op een goede vervulling
van het ambt van gezaghebber.
F
Artikel 83 vervalt
G
Na artikel 234 wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Artikel 235
De artikelen 51, zoals dat luidde voor inwerkingtreding van artikel IV, onderdeel
C, van de Wet bevorderen integriteit en functioneren decentraal bestuur tweede tranche,
en 83, zoals dat luidde voor inwerkingtreding van artikel IV, onderdeel E, van de
wet bevorderen integriteit en functioneren decentraal bestuur tweede tranche, blijven
van toepassing ten aanzien van de voor dat tijdstip ingediende verklaringen, bedoeld
in artikel 49, zoals dat luidde voor inwerkingtreding van artikel IV, onderdeel B,
van de Wet bevorderen integriteit en functioneren decentraal bestuur tweede tranche.
ARTIKEL V
De bijlage behorende bij artikel 8.8 van de Wet open overheid wordt als volgt gewijzigd:
1. In het onderdeel betreffende de Gemeentewet wordt na «de artikelen 23, vierde, vijfde
en zesde lid, tweede volzin,» ingevoegd «36c, zesde lid,».
2. In het onderdeel betreffende de Provincie wordt na «de artikelen 23, vierde, vijfde
en zesde lid, tweede volzin,» ingevoegd «35d, zesde lid,».
3. In het onderdeel betreffende de Waterschapswet wordt na «de artikelen 35, vierde
en vijfde lid,» ingevoegd «41, zevende lid,».
ARTIKEL VI
Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat
voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.
ARTIKEL VII
Deze wet wordt aangehaald als: Wet bevorderen integriteit en functioneren decentraal
bestuur tweede tranche.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries,
autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering
de hand zullen houden.
Gegeven
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,
De Minister van Infrastructuur en Waterstaat,
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.