Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Westerveld over problemen met de vergoeding van spraakcomputers voor mensen die zonder hulp niet of moeilijk kunnen communiceren
Vragen van het lid Westerveld (GroenLinks-PvdA) aan de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over problemen met de vergoeding van spraakcomputers voor mensen die zonder hulp niet of moeilijk kunnen communiceren (ingezonden 19 december 2025).
Antwoord van Minister Bruijn (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) (ontvangen 2 februari
2026). Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025–2026, nr. 809.
Vraag 1
Kunt u ons een inschatting geven van hoeveel personen vanaf 1 januari 2024 een aanvraag
gedaan hebben bij hun zorgverzekeraar of zorgkantoor voor een spraakcomputer of andere
spraakhulpmiddelen?
Antwoord 1
Het is lastig om exacte aantallen van aanvragen voor een spraakcomputer vanuit de
Zorgverzekeringswet (Zvw) te vinden. Dit komt door de manier waarop zorgverzekeraars
aanvragen registeren. Zo registreren sommige zorgverzekeraars alleen goedgekeurde
aanvragen of kan er uit het systeem niet gehaald worden of het om een spraakcomputer
of alleen software gaat. Op basis van een uitvraag die Zorgverzekeraars Nederland
voor VWS heeft gedaan, waarop overigens niet alle zorgverzekeraars hebben gereageerd,
kan er een inschatting worden gegeven.
In totaal hebben zorgverzekeraars rond 3.500 aanvragen ontvangen in 2024 en 2025,
dus circa 1.750 per jaar. Hier kunnen dus ook aanvragen voor alleen de software tussen
zitten.
Ik heb ook contact gehad met Lacoh, de branchevereniging van de leveranciers. Deze
geeft aan dat er circa 1.100 spraakhulpmiddelen per jaar geleverd worden in Nederland,
waarvan ongeveer 10% alleen software betreft. Hierin missen dan weer de cijfers van
de niet-goedgekeurde aanvragen.
Ook voor de aanspraak vanuit de Wet langdurige zorg (Wlz) is het niet mogelijk om
het totale aantal ingediende aanvragen uit de beschikbare registraties eenduidig vast
te stellen. Op basis van declaratiegegevens en informatie van betrokken partijen kan
wel een indicatieve inschatting worden gegeven van het aantal personen met een goedgekeurde
aanvraag voor communicatieapparatuur binnen de Wlz.
Uit deze gegevens volgt dat in 2024 naar schatting circa 100 personen een aanvraag
hebben gedaan en een spraakcomputer of andere communicatieapparatuur hebben ontvangen
binnen de Wlz. In 2025 is dit aantal gestegen naar circa 230 personen.
Vraag 2
Hoeveel aanvragen voor spraakcomputers of andere spraakhulpmiddelen zijn er sinds
1 januari 2024 (naar schatting) afgewezen en om welke redenen?
Antwoord 2
Voor de meest betrouwbare cijfers over afgewezen aanvragen vanuit de Zvw heb ik contact
gehad met Lacoh. Lacoh geeft aan dat in 2024 er 52 aanvragen voor spraakcomputers
zijn afgewezen waarbij 29 verzekerden met niets eindigden en 21 software vergoed kregen.
Van één verzekerde is het onbekend of er uiteindelijk een hulpmiddel is geleverd is
en één verzekerde heeft een spraakcomputer
vergoed gekregen na overstappen naar een andere zorgverzekeraar. In 2025 zijn er 123
aanvragen voor spraakcomputers afgewezen waarbij 96 verzekerden met niets eindigden
en 27 verzekerden software vergoed kregen.
Ik heb ook navraag gedaan bij zorgverzekeraars. De cijfers zijn vergelijkbaar met
wat Lacoh heeft gedeeld: op basis van wat gedeeld is door een aantal zorgverzekeraars
zouden er in totaal circa 180 afwijzingen zijn voor 2024 en 2025. De reden voor het
afwijzen die zorgverzekeraars over het algemeen geven is dat het geen doelmatige zorg
betreft. Er zou in de aanvragen onvoldoende onderbouwd worden waarom de verzekerde
niet uitkomt met een reguliere tablet met spraaksoftware.
Voor de Wlz geldt dat uit de beschikbare registraties het niet mogelijk is om een
betrouwbaar percentage afgewezen aanvragen vast te stellen. Op basis van declaratiegegevens
en informatie van betrokken partijen kan wel een indicatieve inschatting worden gegeven
van het absolute aantal afwijzingen. In 2024 zijn naar schatting circa 50 aanvragen
afgewezen. In 2025 betreft dit circa 80 aanvragen. Het lagere aantal afwijzingen in
2024 hangt samen met het feit dat in dat jaar minder aanvragen zijn ingediend.
De voornaamste redenen voor afwijzing zijn procesmatige onvolkomenheden (zoals onjuiste
of onvolledige aanvragen), het feit dat het hulpmiddel niet is bedoeld voor primaire
communicatie of geen directe relatie heeft met de Wlz-zorg, dat de aanvraag een aanpassing
of reparatie betreft (waarvoor in 2024 geen aanspraak bestond) en dat het hulpmiddel
niet valt onder de aanspraak op bovenbudgettaire bekostiging.
Vraag 3
Hoeveel klachten zijn er sinds 1 januari 2024 door de Stichting Klachten en Geschillen
Zorgverzekeringen (SKGZ) ontvangen over de vergoedingen van spraakhulpmiddelen? Bij
hoeveel van deze klachten is geoordeeld dat het besluit van de zorgverzekeraar onterecht
was?
Antwoord 3
De SKGZ meldt dat er in totaal 10 zaken omtrent de aanspraak op spraakcomputer zijn
binnengekomen sinds 1 januari 2024; 4 in 2024 en 6 in 2025.
8 van de 10 klachten waren voor de Ombudsman Zorgverzekeringen:
• 1 klacht is niet doorgezet doordat de verzekerde geen stukken heeft aangeleverd.
• 3 klachten zijn bemiddeld waarbij de zorgverzekeraar vasthield aan de afwijzing.
• 4 klachten zijn momenteel nog in bemiddeling.
2 van de 10 klachten zijn behandeld door de Geschillencommissie Zorgverzekeringen:
• Er is 1 bindend advies uitgebracht: een toewijzing.
• In 1 zaak is er geen bindend advies uitgebracht, maar zijn de partijen er alsnog samen
uitgekomen.
Vraag 4
Kunt u toelichten op welke wijze de uitspraak van de SKGZ van 5 juni 2025 van invloed
is op het beleid en de praktijk omtrent het wel of niet goedkeuren van vergoedingen
voor spraakhulpmiddelen?1
Antwoord 4
Het advies van het Zorginstituut in dit geschil, en daarmee het bindend advies van
de SKGZ, volgt uit de nieuwe inzichten van het Zorginstituut omtrent de aanspraak
op spraakcomputers. Zoals ik uw Kamer vorig jaar heb geïnformeerd2, heeft het Zorginstituut in opdracht van VWS in 2025 de aanspraak verduidelijkt.
Deze verduidelijking is met de partijen, waaronder de zorgverzekeraars, gedeeld.3 Dit zou de grootste invloed op de praktijk moeten hebben. Daarbij kan deze meest
recente uitspraak van de SKGZ zeker helpen.
Vraag 5
Klopt het dat er momenteel nog steeds geen vergoeding mogelijk is voor (aangepaste)
hardware voor spraakcomputers, ondanks de aangenomen motie Westerveld c.s. over het
vergoeden van spraakcomputers en de eerder gestelde vragen over dit onderwerp?4
Antwoord 5
Nee, dat klopt niet. Op basis van de aanspraak kan een verzekerde met een spraakfunctiestoornis
wel degelijk aanspraak maken op de aangepaste hardware van spraakcomputers wanneer
de verzekerde niet uitkomt met een ander spraakhulpmiddel. Ik ben mij ervan bewust
dat met de verduidelijking van het Zorginstituut nog niet alle problemen zijn opgelost.
Uit contacten met het veld heb ik begrepen dat er nog steeds een groep verzekerden
is die geen toegang heeft tot een spraakhulpmiddel, terwijl zij die wel nodig hebben.
Dit komt mogelijk door interpretatieverschillen van de aanspraak. Ik ga daarom opnieuw
in gesprek met onder andere zorgverzekeraars, zodat we daarna de oplossingen in kaart
kunnen brengen.
Vraag 6
In hoeverre is de 1,8 miljoen euro die met het amendement-Westerveld is vrijgemaakt
om spraakondersteuning voor mensen die onder de Wet langdurige zorg (Wlz) vallen,
uitgegeven aan dit doel?5
Antwoord 6
In 2025 is op basis van declaratiedata circa 3,3 miljoen euro gedeclareerd voor spraakcomputers
binnen de Wlz. Daarmee is het met het amendement-Westerveld beschikbaar gestelde bedrag
van 1,8 miljoen euro ruimschoots besteed aan het beoogde doel.
Vraag 7
Welke redenen zijn er om de vergoeding voor de hardware af te wijzen, maar de vergoeding
voor de software goed te keuren?
Antwoord 7
In de praktijk komt het voor dat een verzekerde de hardware van een spraakcomputer
niet vergoed krijgt door de zorgverzekeraar, maar de software wel. Een veelvoorkomende
reden voor afwijzing is dat het geen doelmatige zorg betreft volgens de zorgverzekeraar.
Er zou in de aanvragen in die situaties ook vaak onvoldoende onderbouwd worden waarom
de verzekerde niet uitkomt met een reguliere tablet met spraaksoftware.
Hoe groot dit probleem precies is, is vooralsnog niet bekend. Ik probeer op dit moment
om samen met leveranciers, de belangenbehartiger van de patiënten en zorgverzekeraars
meer inzicht te krijgen in de cijfers, omdat dit ook helpt bij het zoeken naar de
beste oplossing.
Vraag 8
Bestaat er op dit moment een richtlijn voor zorgverzekeraars en zorgkantoren om te
beoordelen of er sprake is van een algemeen gebruikelijke voorziening of dat aangepaste
hardware nodig is?
Antwoord 8
Zoals eerder met uw Kamer is gedeeld6, wordt sinds 1 januari het Functioneringsgericht Indiceren (FGI) protocol gebruikt
voor spraakhulpmiddelen.
Met dit protocol kan er objectief onderbouwd worden op wat voor soort spraakhulpmiddel
de verzekerde redelijkerwijs aangewezen is. Als hiermee uitgekomen wordt op een geïntegreerde
spraakcomputer met aangepaste hardware, dan is de hardware van de spraakcomputer niet
als algemeen gebruikelijk te beschouwen.
Vraag 9
Klopt het dat in de praktijk momenteel spraakcomputers die niet ooggestuurd zijn,
weinig tot niet worden vergoed door zorgverzekeraars? Zo ja, kunt u aangeven op basis
waarvan dit wordt besloten?
Antwoord 9
Nee, dat klopt niet. Ook niet-ooggestuurde spraakcomputers kunnen in aanmerking komen
voor vergoeding vanuit het basispakket. Voor alle spraakcomputers geldt wel dat de
verzekerde daar redelijkerwijs op aangewezen moet zijn en dat dit per individu wordt
beoordeeld.
Vraag 10
Heeft u inmiddels zicht op de groepen voor wie toegankelijkheid en beschikbaarheid
van spraakhulpmiddelen een probleem is en hoe dit opgelost kan worden? Zo ja, kunt
u dit nader toelichten? Zo nee, wanneer kunt u de Kamer hierover informeren?
Antwoord 10
Het blijft lastig om de groepen voor wie de toegankelijkheid en beschikbaarheid een
probleem is goed in beeld te krijgen, zowel in omvang als in afbakening.
Ik voer daarom gesprekken met de verschillende spelers en er komen steeds meer inzichten
over de doelgroep, maar het beeld is nog niet compleet.
Ik blijf mij ervoor inzetten om te zorgen dat alle mensen die nu aangewezen zijn op
een spraakhulpmiddel, hier ook toegang tot hebben. Ik ben hierover met alle betrokken
partijen in gesprek, zodat er een structurele oplossing komt. Ik zal uw Kamer blijven
informeren over de voortgang.
Vraag 11
Klopt het dat verschillende zorgverzekeraars de richtlijnen op verschillende wijzen
interpreteren en hanteren zoals dat sommige zorgverzekeraars er voor kiezen spraakcomputers
met touchbediening niet meer te vergoeden?
Antwoord 11
Het is mij niet bekend dat sommige zorgverzekeraars spraakcomputers met touchbediening
standaard niet vergoeden. Of er aanspraak gemaakt kan worden op vergoeding is afhankelijk
van de situatie van de verzekerde en moet per individu beoordeeld worden.
Vraag 12
Kunt u aangeven welke criteria er gelden voor aanpassingen om te oordelen of een reguliere
iPad dusdanig aangepast is dat het beschouwd kan worden als een geïntegreerd hulpmiddel
en daarmee in aanmerking komt voor vergoeding?
Antwoord 12
Het verschilt per individu of er aanspraak gemaakt kan worden op een geïntegreerde
spraakcomputer waar een reguliere tabletonderdeel van is en dit moet per individu
beoordeeld worden.
Vraag 13
Welke mogelijkheden ziet u voor het sturen op de mogelijkheid van een vergoeding van
het totaalpakket, dat wil zeggen: passing-hardware-software-aanpassingen-ondersteuning?
Antwoord 13
Zoals hierboven genoemd vind ik het belangrijk om ervoor te zorgen dat verzekerden
die nu aangewezen zijn op een spraakhulpmiddel, hier ook toegang tot hebben. Ik ben
hierover met alle betrokken partijen in gesprek, zodat er een structurele oplossing
komt. Ik zal uw Kamer hierover informeren rond de zomer.
Ondertekenaars
J.A. Bruijn, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.