Schriftelijke vragen : Olietankers die vanuit Venezuela via de Caribische delen van het Koninkrijk onderweg zijn naar Rotterdam
Vragen van de leden Van Oosterhout en Tseggai (beiden GroenLinks-PvdA) aan de Minister van Klimaat en Groene Groei en de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over olietankers die vanuit Venezuela via de Caribische delen van het Koninkrijk onderweg zijn naar Rotterdam (ingezonden 28 januari 2026).
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van de berichten over olietankers die vanuit Venezuela via de
Caribische delen van het Koninkrijk onderweg zijn naar Rotterdam?1,
2
Vraag 2
Klopt het dat de Bullebaai op Curaçao weer een belangrijk rol speelt in de internationale
oliehandel vanuit Venezuela?
Vraag 3
Klopt het dat de opslaglocaties in de Rotterdamse haven het belangrijkste doorvoerpunt
binnen de Europese oliemarkt zijn voor de Venezolaanse olie?
Vraag 4
Klopt het dat schepen die olie hebben gelost op Curaçao onder valse vlag voeren terwijl
ook de verplichte transponder uitstond en zij op de Amerikaanse sanctielijst staan?
Klopt het dat deze schepen hiermee de internationale zeevaartregels overtreden?
Vraag 5
Klopt het dat het schip Regina dat op Curaçao olie heeft afgeleverd volgens de Curaçaose
havenautoriteit vaart onder de vlag van Oost-Timor, maar dat dit niet blijkt te kloppen
omdat Oost-Timor afgelopen jaar via een circulaire aan alle International Maritime Organization-leden (IMO) heeft laten weten dat diverse schepen frauduleus de vlag van Oost-Timor
gebruiken en dat alle Oost-Timorese registraties als frauduleus moeten worden beschouwd?
Heeft het Koninkrijk als IMO-lid dit ook aan de autoriteiten op Curaçao doorgegeven?
Zo nee, waarom niet?
Vraag 6
Deelt u de mening dat het zeer onwenselijk is wanneer schepen die zich niet aan de
internationale zeevaartregels houden kunnen aanmeren in een haven in het Koninkrijk
der Nederlanden? Zo nee, waarom niet?
Vraag 7
Kunt u het juridische kader schetsen waarbij wordt ingegaan op de precieze verantwoordelijkheidsverdeling
tussen het Koninkrijk en het autonome land Curaçao als het gaat om dit soort olietransporten?
Kunt u hierbij nadrukkelijk ingaan op de rol van het Koninkrijk – als IMO-lid – ten
aanzien van het handhaven van internationale zeevaartregelgeving?
Vraag 8
Kunt u toelichten wat de rol van de Kustwacht Caribisch Gebied is ten aanzien van
het handhaven van internationale zeevaartregelgeving? Klopt het dat wanneer de Kustwacht
Caribisch Gebied betrokken is hiermee ook het Koninkrijk betrokken is omdat de Kustwacht
Caribisch Gebied onder de verantwoordelijkheid van de Koninkrijksregering valt? Zo
nee, waarom niet?
Vraag 9
Deelt u de mening van diverse deskundigen dat deze situatie in de Rijksministerraad
had moeten worden besproken aangezien ook Koninkrijkaangelegenheden in het geding
zijn? Zo nee, waarom niet?
Vraag 10
Deelt u de zienswijze van de havenveiligheidsadviseur van de Curacaose havenautoriteit
dat de directie buitenlandse betrekkingen van het land Curacao in samenspraak met
het Koninkrijk behoort te beoordelen of een schip op een sanctielijst mag aanmeren
en dat dit hiermee dus een Koninkrijksaangelegenheid is? Zo nee, waarom niet?
Vraag 11
Wie is de eigenaar van de op Curaçao opgeslagen Venezolaanse olie afkomstig van het
schip Regina?
Vraag 12
Deelt u de mening dat zolang de situatie rondom het transport van Venezolaanse olie,
waarvan het ook de vraag is wie de economische winst op strijkt, schimmig is en er
sterke vermoedens zijn dat internationale regelgeving niet goed wordt nageleefd, dit
transport niet via het Koninkrijk der Nederlanden zou moeten worden getransporteerd?
Zo nee, waarom niet?
Vraag 13
Erkent u dat de olie in de Venezolaanse voorraden bij de meest vervuilende olie ter
wereld hoort, onder andere door de hoogste CO2-intensiteit en tweedehoogste methaanintensiteit van alle olieproducerende landen,
en dat de exploitatie van de Venezolaanse olievoorraden 13% van het resterende wereldwijde
koolstofbudget om onder de 1,5 graden opwarming te blijven in een keer zou opgebruiken?
Deelt u in dat licht de mening dat de Venezolaanse olie beter onder de grond blijft?
Vraag 14
Deelt u de vaststelling dat de afhankelijkheid van olie weer maar eens tot gewelddadig
conflict geleid heeft? Deelt u de daaruit volgende conclusie dat Nederland haar klimaatplannen
moet bijstellen om nog sneller de afhankelijk van fossiele brandstoffen volledig af
te bouwen?
Vraag 15
Heeft u contact met de autoriteiten op Curaçao over de onderhavige situatie? Zo nee,
waarom niet? Bent u bereid dit alsnog zo spoedig mogelijk te doen?
Vraag 16
Kunt u voorgaande vragen afzonderlijk van elkaar binnen de gestelde termijn beantwoorden?
Indieners
-
Gericht aan
E. van Marum, staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties -
Gericht aan
S.T.M. Hermans, minister van Klimaat en Groene Groei -
Indiener
Sjoukje van Oosterhout, Kamerlid -
Medeindiener
Mikal Tseggai, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.