Schriftelijke vragen : Het bericht dat de kinderrechter Jeugdbescherming Noord ontslaat in zaak waarbij vader van jongen (3) de moeder vermoordde.
Vragen van de leden Wendel en Becker (beiden VVD) aan de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid over het bericht dat de kinderrechter Jeugdbescherming Noord ontslaat in zaak waarbij vader van jongen (3) de moeder vermoordde (ingezonden 21 januari 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het artikel «Kritische kinderrechter ontslaat Jeugdbescherming Noord
in zaak waarbij vader van jongen (3) de moeder vermoordde» in het Dagblad van het
Noorden d.d. 16 januari 2026 inzake de uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland
(ECLI:NL:RBNNE:2026:78)?
Vraag 2
Hoe vaak is het de afgelopen vijf jaar voorgekomen dat een rechter op deze wijze de
voogdij van een gecertificeerde instelling (GI) beëindigt?
Vraag 3
Hoe weegt u deze uitspraak in het licht van het verscherpte toezicht vanuit de Inspectie
Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) op Jeugdbescherming Noord?
Vraag 4
Hoe weegt u deze uitspraak in het licht van de kritische rapporten «Als zelfs overheidsingrijpen
kinderen geen bescherming biedt» en «Kwetsbare kinderen, kwetsbaar stelsel» van de
Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd en de Inspectie Justitie en Veiligheid? Kunt u
in antwoord op deze vraag ook toelichten of en zo ja welke systeemverantwoordelijkheid
u ziet wanneer een rechter ook in deze casus zo expliciet concludeert dat «geen verantwoorde
hulp» is geleverd?
Vraag 5
Deelt u de mening dat het belang van het kind bij partnerdoding altijd voorop zou
moeten staan? Klopt het dat bij partnerdoding zonder strafrechtelijke vervolging (bijvoorbeeld
door overlijden van de verdachte) in de praktijk soms terughoudendheid ontstaat om
de feiten als uitgangspunt te nemen? Hoe voorkomt u dat kinderen hierdoor in onzekerheid
blijven?
Vraag 6
Vindt u het wenselijk dat er door een GI kan worden afgeweken van het «Handelingsprotocol
gezag, contact/omgang en hulp na partnerdoding» wanneer sprake is van partnerdoding?
Zo nee, hoe gaat u voorkomen dat hier in de toekomst sprake van kan zijn?
Vraag 7
Is er momenteel sprake van een zekere vorm van prioritering binnen de hulpverlening
die wordt geboden door de GI’s, bijvoorbeeld op basis van de ernst van een casus?
Zo ja, op welke wijze is dit ingericht? En leidt partnerdoding tot een prioritering
van hulpverlening aan kinderen die onder voogdij geplaatst worden bij een GI?
Vraag 8
Kunt u de Kamer informeren welke concrete maatregelen u neemt om te voorkomen dat
kinderen na partnerdoding/femicide opnieuw schade oplopen door gebrek aan regie, expertise
of tijdige hulp vanuit de GI of een andere instantie?
Vraag 9
Kunt u deze vragen individueel beantwoorden voorafgaand aan het wetgevingsoverleg
Jeugd d.d. 2 februari 2026?
Indieners
-
Gericht aan
A.C.L. Rutte, staatssecretaris van Justitie en Veiligheid -
Indiener
Hilde Wendel, Kamerlid -
Medeindiener
Bente Becker, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.