Verslag van een bijeenkomst : Verslag van de 151e zitting van de Assemblee van de Interparlementaire Unie
29 679 Verslag van de zittingen van de Assemblee van de Interparlementaire Unie
AR/ Nr. 44
VERSLAG VAN DE 151e ZITTING
Vastgesteld 21 januari 2026
Inleiding
In Geneve, Zwitserland vond van 19 tot en met 23 oktober 2025 de 151e zitting van de Assemblee van de Interparlementaire Unie (IPU) plaats. De Nederlandse
groep van de IPU vaardigde naar deze zitting een delegatie af bestaande uit de Eerste
Kamerleden Talsma (ChristenUnie, delegatieleider), Belhirch (D66), Van Langen-Visbeek (BBB) en Van de Sanden (Fractie-Van de Sanden). Ongeveer 600 parlementsleden uit 136 landen, waarvan 37,2%
vrouwelijke leden, en 13,7% parlementariërs onder de 45 jaar kwamen bijeen. De vergadering
stond in het teken van het handhaven van humanitaire normen en het ondersteunen van
humanitaire actie in tijden van crisis. Vanwege verkiezingen in Tanzania werd de IPU
President Dr. Tulia Ackson tijdens de zitting vervangen door IPU Vicevoorzitter Gabriela
Morawska-Stanecka (Polen).
Voorafgaand aan en gedurende de Assemblee kwam de 12 Plus-groep bijeen, de Westerse
groep van landen binnen de IPU waar Nederland lid van is, om de hoofdelementen van
de vergadering voor te bespreken en posities binnen de Assemblee te verdelen. De Assemblee
nam een Emergency Item aan over georganiseerde misdaad en een resolutie over illegale adoptie. Tijdens deze
Assemblee trad het parlement van Brunei toe als lid van de IPU en Niger keerde terug
als lid van de IPU, nadat eerder het lidmaatschap was opgeschort vanwege de coup in
2023, waarmee het totaal aantal lidparlementen van de IPU op 183 kwam. De Governing
Council stemde in met de begroting voor 2026, inclusief een stijging van 3% ter compensatie
van de inflatie. De delegatie werd ontvangen door de Nederlands Permanent Vertegenwoordiger
bij VN, Erica Schouten, en haar team. Griffier van de Eerste Kamer, Remco Nehmelman
en Sander Duijmaer Van Twist, directeur Concernstaf en plv. Griffier van de Tweede
Kamer namen deel aan de vergadering van de wereldwijde Association of Secretary-Generals of Parliaments (ASGP).
Plenaire vergaderingen
Tijdens de opening van de 151e zitting in Genève op 19 oktober onderstreepte IPU Vicevoorzitter Morawska-Stanecka
de bijzondere relevantie van het gekozen thema, mede omdat in deze stad bijna tachtig
jaar geleden de Verdragen van Genève, de basis van het internationaal humanitair recht,
tot stand kwamen. Zij wees op de toenemende mondiale conflicten en het afnemend respect
voor humanitaire normen en de ernstige humanitaire gevolgen wereldwijd, waaronder
grootschalige ontheemding, voedselonzekerheid en een groeiende behoefte aan humanitaire
hulp. Morawska-Stanecka deed drie voorstellen voor actie door parlementen: het nemen
van maatregelen vóór het uitbreken van conflicten om schendingen van het IHR te voorkomen,
het streng handhaven van humanitaire normen door effectieve verantwoording, en het
blijvend centraal stellen van humanitaire overwegingen in al het parlementaire werk.
«De menselijke waardigheid moet ook in tijden van conflict worden beschermd, en parlementariërs
mogen zich nooit afwenden van menselijk lijden,» zei ze. Ze riep parlementariërs op
moed te tonen en op te komen voor hun principes door humanitaire normen te handhaven
en onafhankelijke, principiële humanitaire hulp te beschermen.
Het algemene debat over het centrale thema Het handhaven van humanitaire normen en het ondersteunen van humanitaire actie in
tijden van crisis begon op 20 oktober met bijdragen van voorzitters, ondervoorzitters en leden van
parlementen. Vanuit de Nederlandse delegatie sprak Van de Sanden. Hij benadrukte het
belang van het beschermen van humanitaire normen in tijden van crisis, met speciale
aandacht voor de rol van kunstmatige intelligentie (AI) in humanitaire actie. Hij
stelde dat zelfs in oorlog, ramp of wanhoop er een grens moet blijven die we niet
overschrijden – de grens van menselijke waardigheid. «Laten we ons niet afvragen wat
technologie voor ons kan doen, maar wat wij samen kunnen doen, om ervoor te zorgen
dat innovatie de waarden versterkt die ons verbinden. Laten we bouwen aan een toekomst
waarin menselijke waardigheid en digitale vooruitgang hand in hand gaan, niet in conflict,
maar in harmonie,» aldus Van de Sanden. Ook Van Langen-Visbeek sprak in het algemene
debat. Zij wees er in haar bijdrage op dat voedselzekerheid en klimaatdoelen niet
tegenover elkaar moeten staan, maar gelijktijdig nagestreefd moeten worden. Ze riep
op om samen te werken aan een eerlijke en duurzame wereldeconomie, zonder dat vooruitgang
op één terrein ten koste gaat van de meest kwetsbaren. «Het doel is niet om te kiezen,
maar om tegelijkertijd aan voedsel en klimaat te werken,» zei Van Langen-Visbeek.
Aan het eind van de conferentie op 22 oktober namen de leden de Genève-Verklaring
aan over het handhaven van humanitaire normen en het ondersteunen van humanitaire
acties in tijden van crisis (als bijlage toegevoegd aan dit verslag).
Op 21 oktober vond de plenaire stemming plaats over de ingediende onderwerpen voor
het urgentiedebat, het zogenaamde Emergency Item, waarbij de nationale delegaties hoofdelijk stemden. Twee voorstellen waren ingediend
voor een urgentiedebat, een belangrijk onderdeel van de IPU Assemblee. Een voorstel
ging over een oproep tot parlementaire solidariteit en gecoördineerde actie inzake
Madagaskar, ingediend door Zuid-Afrika, en het andere over parlementaire actie tegen
transnationale georganiseerde misdaad, cybercriminaliteit en hybride bedreigingen
voor democratie en menselijke veiligheid van Thailand, Argentinië, Chili, Polen en
Zweden met steun van de Latijns-Amerikaanse geopolitieke groep en de 12 Plus groep.
Beide voorstellen behaalden de vereiste tweederdemeerderheid, waarbij het tweede voorstel
meer stemmen kreeg en daardoor werd toegevoegd aan de agenda van de Algemene Vergadering.
In het urgentiedebat op 22 oktober over georganiseerde misdaad stelde Van de Sanden
dat hybride aanvallen, desinformatiecampagnes en schendingen van het luchtruim een
schending vormen van het VN-Handvest, en dat staten de volledige verantwoordelijkheid
dragen voor dergelijke handelingen, ongeacht hoe zij deze trachten te benoemen.
Vergaderingen van de 12 Plus Groep
Op 18 oktober bereidde de 12 Plus Groep, bestaande uit 47 westerse landen, de plenaire
vergadering van de IPU voor en het actualiteitendebat (het Emergency Item). Er werd gesproken over de procedure voor de verkiezing van een nieuwe secretaris-generaal
tijdens de volgende IPU Assemblee in 2026. De Poolse Gabriela Morawska-Stanecka deed
hierover verslag vanuit de Executive Committee (ExCom) en lichtte de procedure toe
voor de selectie van kandidaten. Vanuit de 12 Plus Groep werd er input geleverd op
een profielschets voor de nieuwe secretaris-generaal voor de ExCom bij de selectieprocecure.
Verder kwamen de begroting en amendementen op de reglementen van de IPU aan de orde
en werden de conceptresoluties en amendementen besproken. Leden uit de 12 Plus Group
werden verkozen om vacatures binnen de IPU in te vullen. Voorts kwam de 12 Plus Groep
dagelijks bijeen om de overige vergaderingen voor te bereiden en terug te koppelen
uit de diverse commissies.
Commissie inzake vrede en internationale veiligheid
In de commissie Vrede en Internationale Veiligheid vonden op 20 oktober twee paneldiscussies
plaats, een over wapenwedloop en de andere over het versterken van parlementair toezicht
op defensie-uitgaven. Bij het laatste panel benadrukten de panelleden het belang van
een verantwoord en transparant defensiebudget en het rekening houden met maatschappelijke
belangen. «Veiligheid gaat niet alleen over legers en wapens, het gaat er ook om of
een kind veilig naar school kan, of een boer droogte kan overleven, en of mensen hun
stem kunnen laten horen,» aldus Belhirch. Zij vroeg de panelleden hoe parlementsleden
ervoor kunnen zorgen dat investeringen in preventie, inclusie en menselijke veiligheid
niet op de achtergrond raken tijdens crisissituaties. Op 21 oktober organiseerde de
commissie een hoorzitting met deskundigen ter voorbereiding van haar volgende resolutie
over de rol van parlementen bij het opzetten van robuuste mechanismen voor postconflictbeheer
en het herstel van een rechtvaardige en duurzame vrede. Belhirch, rapporteur voor
deze resolutie, constateerde dat de ingebrachte ervaringen met bemiddeling, de geschetste
kaders voor menselijke en gemeenschappelijke veiligheid, en voorbeelden van de parlementaire
praktijk in fragiele en herstellende staten, zeer van pas komen bij de voorbereiding
van de concepttekst voor de volgende IPU Assemblee en dat het van belang is om naar
conflictpreventie en naar vredesopbouw te kijken en naar de reeds bestaande mechanismen.
Commissie inzake duurzame ontwikkeling
De vaste commissie duurzame ontwikkeling vergaderde op 21 en 22 oktober 2025. Ter
voorbereiding op de conceptresolutie Het opbouwen van een eerlijke en duurzame wereldeconomie: de rol van parlementen bij
het bestrijden van protectionisme, het verlagen van tarieven en het tegengaan van
belastingontwijking door bedrijven waren er drie bijeenkomsten met deskundigen van de Verenigde Naties, het maatschappelijk
middenveld en de academische wereld over een eerlijke en duurzame wereldeconomie,
de impact van klimaatverandering op kwetsbare gemeenschappen, en de voorbereiding
van de parlementaire bijdrage aan COP30. Daarbij werd onder meer ingestemd met een
aanpassing van de titel van een toekomstige resolutie om de focus te leggen op legale
belastingontwijking die door parlementen kan worden aangepakt. De conceptresolutie
komt aan de orde bij de volgende vergadering.
Commissie inzake democratie en mensenrechten
In de commissie Democratie en Mensenrechten werden op 20 oktober de ingediende amendementen
besproken op de resolutie over «erkenning en ondersteuning van de slachtoffers van
illegale internationale adoptie en het nemen van maatregelen ter voorkoming van deze
praktijk». Het door Van de Sanden ingediende en aangenomen amendement vraagt om onderzoek
naar illegale adopties en de ontwikkeling van passende wetgeving die het belang van
het kind centraal stelt, met aandacht voor preventie, erkenning van slachtoffers en
ondersteuning bij het achterhalen van afkomst. Daarnaast moedigt het internationale
samenwerking en uitwisseling van goede praktijken, met respect voor culturele en juridische
verschillen, aan. Dit onderwerp werd ook besproken tijdens het forum van vrouwelijke
parlementsleden op 19 oktober waar Van Langen-Visbeek bij de bespreking van deze resolutie
verwees naar de illegale adoptiepraktijken in Nederland in de jaren zestig, waarbij
tienermoeders onder druk werden hun kinderen af te staan. Zij benadrukte het belang
van nader onderzoek, zoals verwoord in het ingediende amendement van Van de Sanden.
Op 22 oktober kwam de herziene ontwerpresolutie wederom aan de orde en werd een definitief
besluit over twee resterende amendementen genomen waarbij Van de Sanden een actieve
rol speelde. De uiteindelijke resolutie werd op 23 oktober door de Assemblee aangenomen.
Commissie inzake VN-aangelegenheden
Tijdens de bijeenkomsten van de vaste commissie inzake VN-aangelegenheden werd op 21 oktober gesproken over het verkiezingsproces voor de secretaris-generaal
van de Verenigde Naties en werd de motie Aanbeveling om de eerste vrouw te benoemen tot secretaris-generaal van de Verenigde
Naties, ingediend door mevrouw S. Ataullahjan (Canada) aangenomen. De vergadering op 22 oktober
stond in het teken van het nieuwe UN80-hervormingsinitiatief wat zich richt op het
relevanter en effectiever maken van de VN in het reageren op de huidige wereldwijde
uitdagingen.
Commissie inzake Midden-Oosten vraagstukken
Talsma, voorzitter van het IPU-commissie inzake Midden-Oosten vraagstukken, leidde
de twee vergaderingen van de commissie op 20 en 22 oktober. Tijdens deze bijeenkomsten
was het Palestijnse ex officio-lid aanwezig; het Israëlische lid ontbrak, waardoor
slechts één kant van de situatie in de regio werd belicht. Er werd gesproken over
herstructurering van de commissie, met als doel meer inclusiviteit te waarborgen –
waaronder gendergelijkheid en jongerenparticipatie – en het formuleren van een duidelijker
mandaat, met specifieke aandacht voor het Israëlisch-Palestijns conflict en bredere
regionale crises. De commissie besloot beide ex officio-leden te verzoeken hun betrokkenheid
bij de commissie formeel te herbevestigen. Daarnaast werd een ontmoeting begin 2026
besproken. Tijdens de vergadering gaf David Fernández Puyana, vertegenwoordiger van
de Universiteit voor Vrede van de Verenigde Naties (UPEACE), een toelichting op zijn
recente bezoek aan Israël en Palestina. Hij benadrukte het belang van onderwijs als
instrument voor vrede. UPEACE, gevestigd in Costa Rica, is opgericht door de Verenigde
Naties met het specifieke mandaat om vrede te bevorderen via onderwijs en academische
samenwerking.
Comité van de mensenrechten van parlementariërs
Het speciale comité binnen de IPU dat zich bezighoudt met schendingen van mensenrechten
van parlementsleden wereldwijd presenteerde op 23 oktober haar conceptrapport over
casussen in onder meer Algerije, Bangladesh, Iraq, Israël, Myanmar en Türkiye. Meest
voorkomende schendingen zijn onrechtmatige schorsing en verlies van het parlementaire
mandaat, schending van vrijheid van meningsuiting, gebrek aan een eerlijk proces en
schending van de vrijheid van vergadering. Diverse leden uit de Turkse delegatie reageerden
op de zaken uit hun land. Zo zou de documentatie van het comité niet kloppen en bestaat
er in Türkiye een functionerende rechtsstaat. Andere leden van de Turkse delegatie
lichtten toe zelf in de casussen voor te komen op beschuldiging van terrorisme. In
2024 waren er zaken van 957 parlementsleden wereldwijd in 55 landen onder behandeling
van dit comité, waarvan 790 het leden van de oppositie en 63 onafhankelijke leden
betrof.
Het conceptrapport van het IPU-comité inzake de mensenrechten van parlementsleden
werd aangenomen door de Governing Council (als bijlage toegevoegd aan dit verslag).
Overige
De delegatie nam deel aan alle 12 Plus Groep-overleggen voorafgaand en en marge van
de Assemblee. Van Langen-Visbeek en Belhirch woonden het forum van vrouwelijke parlementsleden
bij op 19 oktober. Belhirch ontmoette op 20 oktober haar collega’s uit de Verenigde
Arabische Emiraten en sprak met UNRWA en het Internationale Rode Kruis op 21 oktober.
Van Langen-Visbeek bezocht op 20 oktober de workshop Breaking the hunger cycle: Addressing food security. Talsma was aanwezig bij het 12 Plus side event Protecting humanity in times of war: Strategies for strengthened political engagement op 20 oktober en bij de Interfaith workshop: Countering intolerance and fostering religious literacy for more
inclusive and peaceful societies op 21 oktober. Van Langen-Visbeek en Van de Sanden volgden de workshop over AI op
21 oktober. Van Langen-Visbeek was ook aanwezig bij een skills building sessie over
Implementing the IPU anti-harassment policy. Talsma onderhandelde namens de 12 Plus groep op 22 oktober over het Emergency Item
inzake georganiseerde misdaad. Belhirch werd benoemd tot Vice-President van het bureau
van de commissie voor Vrede en Internationale Veiligheid. De 152e IPU Assemblee vindt van 15 tot en met 19 april 2026 plaats in Istanboel
De voorzitter van de delegatie, Talsma
De griffier van de delegatie, Bakker
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
Indiener/ondertekenaar n.v.t., Functie n.v.t.