Motie : Motie van het lid Van Eijk c.s. over een brede fiscale regeling om langetermijnbeleggen in Nederlandse en Europese ondernemingen aantrekkelijker te maken
36 748 Wijziging van de Wet inkomstenbelasting 2001 om werkelijke inkomsten uit bezittingen en schulden in box 3 te belasten (Wet werkelijk rendement box 3)
Nr. 19
MOTIE VAN HET LID VAN EIJK C.S.
Voorgesteld tijdens het wetgevingsoverleg van 19 januari 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat de overgang naar een stelsel van werkelijk rendement in box 3 kansen
biedt om particulier beleggen te stimuleren en privaat kapitaal te mobiliseren voor
Nederlandse en Europese bedrijven;
overwegende dat eenvoud essentieel is voor draagvlak, en complexe voorwaarden of sectorale
afbakeningen particulier beleggen onnodig ontmoedigen;
overwegende dat andere landen laten zien dat eenvoudige fiscale regelingen, zoals
vrijstellingen voor rente en dividend of laagdrempelige beleggingsrekeningen, effectief
kunnen zijn;
overwegende dat het van groot belang is dat Nederland werkt aan economische groei
en strategische autonomie in Europees verband;
verzoekt de regering parallel aan de invoering van het nieuwe box 3-stelsel te verkennen
hoe een brede, eenvoudige fiscale regeling kan worden vormgegeven die langetermijnbeleggen
in Nederlandse en Europese ondernemingen aantrekkelijker maakt,
en gaat over tot de orde van de dag.
Van Eijk
Oosterhuis
Inge van Dijk
Grinwis
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
Wendy van Eijk, Tweede Kamerlid -
Mede ondertekenaar
Inge van Dijk, Tweede Kamerlid -
Mede ondertekenaar
Pieter Grinwis, Tweede Kamerlid -
Mede ondertekenaar
Henk-Jan Oosterhuis, Tweede Kamerlid