Motie : Motie van het lid Van Eijk c.s. over een tegenbewijsregeling voor het werkelijke voordeel van eigen gebruik van onroerende zaken
36 748 Wijziging van de Wet inkomstenbelasting 2001 om werkelijke inkomsten uit bezittingen en schulden in box 3 te belasten (Wet werkelijk rendement box 3)
Nr. 16
MOTIE VAN HET LID VAN EIJK C.S.
Voorgesteld tijdens het wetgevingsoverleg van 19 januari 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat in het voorgestelde box 3-stelsel het eigen gebruik van onroerende
zaken forfaitair wordt belast tegen 3,35% van de WOZ-waarde, uitgaande van een volledig
jaar;
overwegende dat dit kan leiden tot belastingheffing over een voordeel dat niet of
slechts gedeeltelijk is genoten, met name bij vakantiewoningen met een deels consumptief
karakter;
overwegende dat de WOZ-waarde een onvolmaakte grondslag vormt en de voorgestelde systematiek
juridisch kwetsbaar is;
verzoekt de regering uit te werken of het mogelijk is een uitvoerbare tegenbewijsregeling
op te nemen voor het werkelijke voordeel van eigen gebruik van onroerende zaken;
verzoekt de regering tevens een tegenbewijsregeling voor de openingsbalanswaarde van
vastgoed in box 3 uit te werken,
en gaat over tot de orde van de dag.
Van Eijk
Stoffer
Grinwis
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
Wendy van Eijk, Tweede Kamerlid -
Mede ondertekenaar
Pieter Grinwis, Tweede Kamerlid -
Mede ondertekenaar
Chris Stoffer, Tweede Kamerlid