Amendement : Amendement van het lid Hoogeveen over de mogelijkheid van achterwaartse verliesverrekening naar het voorafgaande kalenderjaar
36 748 Wijziging van de Wet inkomstenbelasting 2001 om werkelijke inkomsten uit bezittingen en schulden in box 3 te belasten (Wet werkelijk rendement box 3)
Nr. 9
AMENDEMENT VAN HET LID HOOGEVEEN
Ontvangen 16 januari 2026
De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:
Na artikel I wordt een artikel ingevoegd, luidende:
ARTIKEL IA
De Wet inkomstenbelasting 2001 wordt met ingang van 1 januari 2029 als volgt gewijzigd:
A
Artikel 5.67 wordt als volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt «van de» vervangen door «van het voorafgaande kalenderjaar
en de».
2. Na het tweede lid wordt een lid ingevoegd, luidende:
2a. De verrekening vindt plaats in de volgorde waarin de verliezen zijn ontstaan en de
inkomens zijn genoten.
B
Na artikel 5.68 wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Artikel 5.68a. Formalisering achterwaartse verliesverrekening
1. Verrekening van een verlies uit sparen en beleggen met het inkomen uit sparen en
beleggen van het voorafgaande kalenderjaar vindt plaats door vermindering van de aanslag
bij voor bezwaar vatbare beschikking van de inspecteur.
2. De inspecteur geeft de beschikking gelijktijdig met het vaststellen van de aanslag
over het jaar waarin het verlies is ontstaan.
3. Indien over een voorafgaand kalenderjaar geen aanslag is vastgesteld en met het inkomen
uit sparen en beleggen van dat jaar een verlies wordt verrekend, nodigt de inspecteur
de belastingplichtige alsnog uit tot het doen van aangifte voor dat jaar. Voor de
toepassing van artikel 11, derde lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen
wordt de belastingplichtige in dat geval geacht uitstel voor het doen van aangifte
te hebben verkregen vanaf het einde van het betreffende jaar tot het tijdstip van
uitnodiging tot het doen van aangifte.
4. Rechtsmiddelen tegen de beschikking, bedoeld in het eerste lid, kunnen uitsluitend
betrekking hebben op de toepassing van artikel 5.67.
5. Voorafgaand aan de vermoedelijke vaststelling van de beschikking, bedoeld in het
eerste lid, kan de inspecteur bij voor bezwaar vatbare beschikking volgens bij ministeriële
regeling te stellen regels een voorlopige verliesverrekening verlenen tot ten hoogste
het bedrag waarop de vermindering vermoedelijk zal worden vastgesteld. Een voorlopige
verliesverrekening kan door een of meer voorlopige verliesverrekeningen worden aangevuld.
6. Voorlopige verliesverrekeningen worden verrekend bij de beschikking, bedoeld in het
eerste lid, of, indien een dergelijke beschikking niet wordt vastgesteld, met de aanslag
over het jaar waarover het verlies is aangegeven dat tot een voorlopige verliesverrekening
heeft geleid,.
C
In het opschrift van artikel 5.69 wordt «verliesverrekening» vervangen door «voorwaartse
verliesverrekening».
Toelichting
Dit amendement wijzigt de voorgestelde regeling inzake verliesverrekening in box 3
door in hoofdstuk 5 van de Wet inkomstenbelasting 2001 (Wet IB 2001) naast de voorgestelde
voorwaartse verliesverrekening tevens een achterwaartse verliesverrekening van één
jaar mogelijk te maken.
Concreet wordt het voorgestelde artikel 5.67 Wet IB 2001 aangepast, waarin de voorwaartse
verrekening van een vastgesteld verlies uit sparen en beleggen is geregeld. Aan dat
artikel wordt toegevoegd dat een verlies uit box 3 tevens kan worden verrekend met
het positieve inkomen uit sparen en beleggen van het direct aan het kalenderjaar voorafgaande
kalenderjaar en wordt tevens geregeld in welke volgorde de achterwaartse verliesverrekening
en de voorwaarts verliesverrekening plaatsvindt: eerst vindt de achterwaartse verliesverrekening
plaats. Voor zover het verlies niet volledig achterwaarts kan worden verrekend, blijft
het in het wetsvoorstel opgenomen regime van onbeperkte voorwaartse verliesverrekening
ongewijzigd van toepassing. Daarnaast wordt een nieuw artikel (artikel 5.68a Wet IB
2001) ingevoegd over de formalisering van de achterwaartse verliesverrekening. De
uitvoeringssystematiek sluit qua systematiek aan bij de bestaande carry-backregelingen
in box 1, box 2 en de vennootschapsbelasting. De achterwaartse verliesverrekening
treedt op grond van dit amendement in werking met ingang van 1 januari 2029, zodat
verliesverrekening eerst mogelijk zal zijn met het inkomen uit sparen en beleggen
uit 2028.
Dit amendement zorgt voor een evenwichtiger heffing over de tijd, vergroot de systematische
consistentie van het belastingstelsel en kent een beperkte structurele budgettaire
derving van 12 miljoen euro.
Hoogeveen
Ondertekenaars
Michiel Hoogeveen, Tweede Kamerlid