Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Coenradie over het bericht ‘Broers vermoorde Ryan voor de rechter, eergerelateerd geweld lijkt toe te nemen’
Vragen van het lid Coenradie (JA21) aan de Staatssecretarissen van Justitie en Veiligheid en van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over het bericht «Broers vermoorde Ryan voor de rechter, eergerelateerd geweld lijkt toe te nemen» (ingezonden 28 november 2025).
Antwoord van Staatssecretaris Rutte (Justitie en Veiligheid), mede namens de Staatssecretaris
van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (ontvangen 16 januari 2026). Zie ook Aanhangsel
Handelingen, vergaderjaar 2025–2026, nr. 732.
Vraag 1
Zijn er cijfers, gespecificeerd naar achtergrond, rondom eerwraak? Zo ja, kunt u deze
delen? Zo nee, bent u bereid om dit in de toekomst wél bij te houden teneinde hier
scherp beleid op te kunnen voeren?1
Antwoord 1
Ja, het Landelijk Expertisecentrum Eergerelateerd Geweld (LEC EGG) publiceert jaarlijks
cijfers, ook over de achtergrond van betrokkenen, in zijn jaarverslag.2
Vraag 2
Onderzoekt u de correlatie tussen de komst van (met name) islamitische migranten uit
diverse landen uit het Midden-Oosten en Afrika van de afgelopen tien/vijftien jaar
en de ontwikkeling van eerwraak van de afgelopen tien/vijftien jaar? Zo ja, wat zijn
de resultaten? Zo nee, bent u bereid om dit te onderzoeken?
Antwoord 2
Nee, dat wordt niet onderzocht. Uit het onderzoeksrapport «De rol van religie bij het afbakenen, verklaren en aanpakken van eergerelateerd geweld» van J.H.L.J. Janssen blijkt dat eer en geweld met verschillende thema’s in verband
kan worden gebracht zoals cultuur, familie, genderverhoudingen, mensenrechten, migratie,
integratie en religie, en dat alle thema’s nuttige informatie opleveren omtrent het
ontstaan en de aanpak van zaken die draaien om eer. Het bij elkaar brengen van al
die thema’s is niet eenvoudig, maar wel noodzakelijk. De context van eergerelateerd
geweld is namelijk complex. Bij het uitlichten van enkel één van die thema’s, zoals
religie, schuilt het gevaar dat het eerprobleem eenzijdig in beeld wordt gebracht
en sterk wordt vereenvoudigd. Dat moet worden voorkomen, omdat dat een constructieve
aanpak van eergerelateerd geweld in de weg staat.
Vraag 3
Aangezien het hoofd van het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld (LEC
EGG) stelt dat verandering in gesloten gemeenschappen van binnenuit moet komen en
dat we moeten «meegeven hoe we met elkaar omgaan»: in hoeverre denkt u dat het in
het belang van de goedwillende Nederlandse samenleving is dat we mensen in ons land
verwelkomen die bepaalde cultureel gedreven gedragingen hebben, zoals eerwraak, die
zó ontzettend haaks staan op onze verworvenheden die gebaseerd zijn op de moderniteit
en de verlichting?
Antwoord 3
De beoordeling van het recht op een verblijfstatus is niet gekoppeld aan het bestaan
van culturele waarden binnen bepaalde gemeenschappen in het land van herkomst. Wel
kan een verblijfsvergunning worden geweigerd wanneer de aanvrager een gevaar vormt
voor de openbare orde.
Dit kabinet streeft naar het versterken van het recht op zelfbeschikking binnen alle
gesloten gemeenschappen. Deze inzet is gericht op mentaliteitsverandering richting
acceptatie van gendergelijkheid en het respecteren van individuele vrijheid, onder
andere door de inzet van voortrekkers uit die gemeenschappen zelf. Dit is een effectieve
methode die ook bijdraagt aan het voorkomen van schadelijke praktijken waaronder eergerelateerd
geweld. Naast deze brede preventieve aanpak zetten onder ander het Ministerie van
Volksgezondheid, Welzijn en Sport en het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
zich in voor het verbeteren van de signalering van schadelijke praktijken door onder
andere scholing van professionals in het zorg- en sociale domein.
Vraag 4
Wat is de stand van zaken van de aangenomen motie Eerdmans, waarin het kabinet wordt
verzocht in geval van eerwraak altijd de verblijfsvergunning in te trekken?3 Wanneer kunnen we concreet beleid hierop verwachten?
Antwoord 4
Voor de beantwoording van deze vragen verwijs ik u naar de brief van 9 december 20254 betreffende diverse onderwerpen op het gebied van migratie waarin uw Kamer is geïnformeerd
over de afdoening van deze motie.
Vraag 5
In hoeverre is bij de inburgering inmiddels ingebed dat er expliciet aandacht wordt
besteed aan eergerelateerd geweld, conform de motie Eerdmans?5 Hoe ziet deze expliciete aandacht tijdens de inburgering er in de praktijk uit?
Antwoord 5
Het kabinet vindt het belangrijk dat iedereen in Nederland vrij is om zichzelf te
zijn. Vrij is in het maken van eigen keuzes met respect voor de keuzes van een ander.
Er is in het inburgeringsprogramma dan ook breed aandacht voor het zelfbeschikkingsrecht
als onderdeel van de kennisoverdracht over het vrijheidsrecht. Het zelfbeschikkingsrecht,
het recht van het individu op eigen keuzes en zelfstandigheid, en het belang en de
betekenis van gelijkwaardigheid tussen man en vrouw komen in de inburgering terug
in de onderdelen Voorbereiding op de inburgering, Kennis Nederlandse Maatschappij
(KNM) en het participatieverklaringstraject (PVT). KNM en PVT zijn verplichte onderdelen
in het inburgeringstraject voor iedere inburgeringsplichtige.
In het azc leren asielstatushouders via de Voorbereiding op de inburgering over zelfbeschikking.
In de module Democratie en rechtstaat van het programma wordt ingegaan op vrouwen-
en LHBTIQI+ rechten.
In de zogenaamde eindtermen (dat wat inburgeraars moeten kennen en weten) van het
inburgeringsexamen KNM is het zelfbeschikkingsrecht expliciet opgenomen. De eindtermen
zijn recent aangepast. Bij de eindtermen over de integriteit van het lichaam zijn
expliciete voorbeelden van schadelijke praktijken zoals huiselijk geweld, besnijdenis
van meisjes en eerwraak toegevoegd. Hierbij wordt benadrukt dat alle ongewenste intimiteit
en geweld strafbaar is. De nieuwe eindtermen zijn op 1 juli 2025 in werking getreden.
Inburgeraars worden in de B1 en onderwijsroute op deze kennis getoetst.
In het verplichte onderdeel PVT is er aandacht voor de kernwaarden van vrijheid waaronder
het zelfbeschikkingsrecht, gelijkwaardigheid, solidariteit en participatie. Aan het
eind van het traject moeten alle inburgeringsplichtigen de Participatieverklaring
ondertekenen. Hiermee verklaren ze kennis genomen te hebben van de waarden en spelregels
van de Nederlandse samenleving, deze te respecteren, de universele mensenrechten te
eerbiedigen en daarmee niet in strijd te handelen.
In de verzamelbrief inburgering van 16 oktober jl. heeft de Staatssecretaris Participatie
en Integratie aangekondigd in te zetten op het verbeteren van de kennis over signalering van onveiligheid in de gemeentelijke inburgeringspraktijk.Voorlichting over de bestaande meldcodes voor huiselijk geweld en kindermishandeling
en ongewenste (schadelijke) praktijken is op dit moment niet standaard aanwezig voor
medewerkers die de werken met inburgeraars. Via de Actieagenda Integratie zet de Staatssecretaris
in op het versterken van kennis over ongewenste praktijken en de meldcode in het sociaal
domein met name gericht op wijkteams. Pharos ontwikkelt in het meerjarenplan Versterken
preventie een regionale ketenaanpak schadelijke praktijken. Aan Pharos is gevraagd
om ook inburgeringsconsulenten aan te haken in de keten.
Vraag 6
Hoe verklaart u het dat in een 303 pagina’s tellend rapport «Kwalitatief onderzoek
tweede fase Wet inburgering 2021»6 over inburgering en integratie het woord «eerwraak» slechts een keer voorkomt, terwijl
er door de Kamer meermaals moties aangenomen zijn over het belang hiervan bij de inburgering
en omdat de praktijk inmiddels heeft bewezen hoe ingrijpend de gevolgen van eerwraak
kunnen zijn?
Antwoord 6
Het «Kwalitatief onderzoek tweede fase Wet inburgering 2021» betrof een breed onderzoek
over de werking van de wet en is gebaseerd op casestudies bij zeven gemeenten. Het
doel van dit onderzoek was potentiële verbeteringen in wet- en regelgeving en de uitvoering
daarvan in beeld te brengen en lessen voor gemeenten op te doen voor de uitvoering
van de Wi2021. Het onderzoek gaat over de fase vanaf de aanmelding van de inburgeraars
bij een taalschool en omvat de invulling van de drie leerroutes, de Module Arbeidsmarkt
Participatie (MAP) en het participatieverklaringstraject (PVT). Ondanks dat het onderwerp
eerwraak nauwelijks terugkomt in het rapport, wil dat niet zeggen dat er geen aandacht
voor is. Iedere inburgeringsplichtige volgt KNM, waar eerwraak als onderwerp behandeld
wordt en de kennis van de inburgeraar hierover wordt getoetst.
Vraag 7
In ditzelfde rapport lezen we dat eerwraak enkel wordt genoemd in de context van de
Z-route; hoeveel inburgeraars krijgen op dit moment jaarlijks voorlichtingen over
eerwraak?
Antwoord 7
Zie het antwoord op vraag 5.
Vraag 8
In hoeverre toetsen we hoe inburgeraars aankijken tegen de Nederlandse normen en waarden
als het gaat om de gelijkwaardigheid tussen man en vrouw en het gebruiken/toestaan
van geweld?
Antwoord 8
Zie het antwoord op vraag 5.
Vraag 9
Gelden deze voorlichtingen over eerwraak enkel voor de Z-route of breder? Indien breder,
hoe zijn de verhoudingen tussen de diverse trajecten en de desbetreffende voorlichting?
Antwoord 9
Zie het antwoord op vraag 5.
Vraag 10
Houdt men bij het beleid rondom voorlichting over eerwraak bij inburgeraars ook specifieke
rekening met de correlatie tussen culturen met een verhoogd risico op eerwraak? Zo
ja, hoe ziet dit in de praktijk eruit? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 10
Nee, iedere inburgeringsplichtige volgt KNM, waar eerwraak als onderwerp behandeld
wordt en ondertekent de Participatieverklaring waarmee zij verklaren kennis genomen
te hebben van de waarden en spelregels van de Nederlandse samenleving.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
A.C.L. Rutte, staatssecretaris van Justitie en Veiligheid -
Mede namens
J.N.J. Nobel, staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.