Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Stoffer over de dreigende uittocht van specialisten bij Rijkswaterstaat
Vragen van het lid Stoffer (SGP) aan de Minister van Infrastructuur en Waterstaat over de dreigende uittocht van specialisten bij Rijkwaterstaat (ingezonden 24 november 2025).
Antwoord van Minister Tieman (Infrastructuur en Waterstaat) (ontvangen 8 januari 2026)
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van het bericht «Uittocht van specialisten bij Rijkswaterstaat
dreigt: houden we nog droge voeten?»?1
Antwoord 1
Ja, het bericht is bekend. Eveneens heeft Rijkswaterstaat voorafgaand aan de publicatie
vragen van de betrokken journalist beantwoord.
Vraag 2
Herkent u het beeld zoals in het artikel geschetst wordt? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 2
Herkend wordt dat er contracten met zzp’ers worden beëindigd om conform de Wet DBA
te handelen. Dit kan niet geheel zonder impact op het werk, ook al is die impact nog
niet precies te duiden. De ruimte is geboden om extern ingehuurde zzp’ers met risico
op schijnzelfstandigheid in dienst te nemen. De ingezette middelen die zijn beoogd
voor externe inhuur, worden dan toegevoegd aan de reguliere personele budgetten, zodat
er ook dekking is voor deze functies. Met het in vaste dienst nemen van zzp’ers die
dat willen en door te zoeken naar interne oplossingen wordt geprobeerd de impact te
beperken. Via werving en selectie worden de resterende plekken uiteindelijk weer vervuld.
Vraag 3
Hoeveel zzp’ers zullen per 31 december a.s. naar verwachting hun opdracht bij Rijkswaterstaat
verliezen?
Antwoord 3
Op 27 november is voor circa tweehonderd van de ruim zevenhonderd zzp’ers die voor
Rijkswaterstaat werken het contract opgezegd op basis van mogelijke schijnzelfstandigheid.
Het is mogelijk dat daar nog enkele gevallen bijkomen tot 31 december.
Vraag 4
Hoeveel van deze zzp’ers zijn actief bij belangrijke taakonderdelen zoals verkeersmanagement,
inspectie, beheer en onderhoud?
Antwoord 4
Binnen de organisatie wordt dit onderscheid niet gemaakt. Hierdoor is een aantal noemen
niet mogelijk. Per casus wordt bekeken op welke wijze schijnzelfstandigheid, met zo
klein mogelijke impact op het werk, kan worden voorkomen.
Vraag 5
Kunt u schetsen wat het vertrek van deze zzp’ers zou betekenen qua verlies van deskundigheid
en expertise?
Antwoord 5
Het vertrek van deze groep zzp’ers betekent niet dat Rijkswaterstaat alle beschikbare
deskundigheid en expertise op de diverse vakgebieden verliest. Het is zaak de beschikbare
capaciteit slim te verdelen over de opgave, zodat er zo min mogelijk merkbare effecten
zijn. Rijkswaterstaat zit momenteel nog volop in het proces van omzetting van contractvormen
en verkennen van interne schuifmogelijkheden. Geprobeerd wordt de gevolgen en impact
te minimaliseren door mensen in vaste dienst te nemen en te zoeken naar interne oplossingen.
Via werving en selectie worden de resterende plekken uiteindelijk weer vervuld. Rijkswaterstaat
behoudt de mogelijkheid te werken met zzp’ers. Er kunnen waar nodig dus ook nieuwe,
binnen het wettelijk kader passende, inhuurovereenkomsten gesloten worden.
Vraag 6
Wat betekent het vertrek van deze zzp’ers voor veiligheid, projectduur en doorstroming?
Antwoord 6
Zoals hierboven reeds beschreven. Rijkswaterstaat zit momenteel nog volop in de omzetting
van contractvormen en het verkennen van interne schuifmogelijkheden. Daarbij wordt
uiteraard ook de gebruikelijke wijze van prioriteren van werkzaamheden gehanteerd,
zodat de veiligheid altijd gewaarborgd wordt en de overige effecten zo klein mogelijk
zijn. Dit proces is nog niet klaar en het is daarom ook nog niet duidelijk welke precieze
gevolgen er zijn voor lopende projecten waar op dit moment zzp’ers worden ingezet.
Verwacht wordt dat het uiteindelijk een tijdelijk, vertragend effect zal blijken,
omdat er vooruitkijkend mogelijkheden blijven bestaan om de capaciteit weer aan de
organisatie te binden. De organisatie heeft enkel tijd nodig om dit op passende wijze
te realiseren.
Vraag 7
Hoe wordt dit opgevangen?
Antwoord 7
Geprobeerd wordt de impact te beperken door zzp’ers in vaste dienst te nemen en te
zoeken naar interne oplossingen. De verwachting is dat via werving en selectie resterende
plekken uiteindelijk weer vervuld kunnen worden. Rijkswaterstaat behoudt de mogelijkheid
te werken met zzp’ers. Er kunnen, waar nodig, dus ook nieuwe, binnen het wettelijk
kader passende, overeenkomsten gesloten worden.
Vraag 8
Wat is het afgelopen jaar gedaan om bedoelde zzp’ers in vaste dienst te nemen, dan
wel via een detacherings- of uitzendconstructie te laten werken?
Antwoord 8
Rijkswaterstaat werkt in lijn met de geldende wet- en regelgeving. Wanneer na analyse
van de inhuurrelatie met een zzp’er risico op schijnzelfstandigheid is geconstateerd,
waren verschillende scenario’s denkbaar. Het gaat dan om beëindiging van de overeenkomst,
aanpassing van de constructie (bijvoorbeeld detachering), aanpassing van de opdracht
of verambtelijking (in dienst nemen). Om conform de Wet DBA te handelen, is de ruimte
geboden om extern ingehuurde zzp’ers met risico op schijnzelfstandigheid in dienst
te nemen dan wel de opdracht aan te passen of de constructie te veranderen. De betrokken
managers zijn zoveel mogelijk in gesprek gegaan met de zzp’ers waarvoor risico’s zijn
geconstateerd en hebben de verschillende mogelijkheden toegelicht. In nauw overleg
met brokers/intermediairs, zzp’ers en interne betrokkenen is zoveel mogelijk getracht
de impact op de productie te minimaliseren, wel altijd in lijn met de geldende wet-
en regelgeving. Dat is voor het merendeel van de cases ook gelukt.
Vraag 9
Waarom hebben veel zzp’ers nog steeds geen duidelijkheid?
Antwoord 9
Dit signaal wordt niet herkend. Rijkswaterstaat heeft in de communicatie aangegeven
dat er vier mogelijke scenario’s zijn indien sprake is van (mogelijke) schijnzelfstandigheid.
Namelijk verambtelijking (in dienst nemen), aanpassing van de constructie, aanpassing
van de opdracht en beëindiging van de overeenkomst. Het kan zijn dat in specifieke
gevallen nog geen exacte duidelijkheid was, omdat de analyse van inhuurrelatie en
de mogelijkheid op schijnzelfstandigheid nog gaande was. Dit zou echter gaan over
enkele situaties.
Vraag 10
Hoeveel zzp’ers die werkten in opdracht van Rijkswaterstaat zijn alsnog aan de slag
gegaan voor Rijkswaterstaat via een detacherings- of uitzendconstructie, dan wel zijn
in vaste dienst aangenomen?
Antwoord 10
Er is (t/m 21/11) voor 150,6 fte verambtelijking (in dienst nemen) aangevraagd en
toegekend. Niet in al die gevallen heeft de mogelijkheid ook daadwerkelijkheid tot
verambtelijking geleid; meestal omdat de zzp’er zelf niet in dienst wilde treden.
In de gevallen dat het arbeidsvoorwaardengesprek niet heeft geleid tot verambtelijking,
wordt een vacature uitgezet. Het aantal zzp’ers dat via een detacherings- of uitzendconstructie
aan de slag gaat bij Rijkswaterstaat is nog niet exact te geven. De contractvorming
is op dit moment nog gaande en een exact aantal aangeven is daarom nog prematuur.
Vraag 11
Wat zijn de budgettaire consequenties van het op peil houden van de bezetting?
Antwoord 11
De budgettaire consequenties zijn op dit moment nog lastig aan te geven. In de regel
geldt dat het werken met eigen personeel per saldo voordeliger is dan externe inhuur.
De uitstroom van zzp’ers leidt daarmee niet zozeer tot een budgettair vraagstuk.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
R. Tieman, minister van Infrastructuur en Waterstaat
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.