Schriftelijke vragen : Het artikel 'Van ‘arrogant takkewijf’ tot ‘val dood’: Delta-schandaal veel groter, provider start meldpunt'
Vragen van het lid Dijk (SP) aan de Minister van Economische Zaken over het artikel «Van «arrogant takkewijf» tot «val dood»: Delta-schandaal veel groter, provider start meldpunt» (ingezonden 6 januari 2026).
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van de berichtgeving over agressieve en mogelijk misleidende
verkoopmethoden door medewerkers van DELTA Fiber, waaronder intimidatie, bedreigingen
en het onder valse voorwendselen afsluiten van abonnementen?1
Vraag 2
Deelt u de kwalificatie dat hier sprake lijkt van structurele problematiek in plaats
van op zichzelf staande incidenten?
Vraag 3
Welke specifieke normen gelden voor colportage en huis-aan-huisverkoop in de telecomsector
(waaronder omgang met nee/nee- en geen-colportage-stickers)? Worden deze normen naar
uw oordeel effectief gecontroleerd en gehandhaafd? Zo nee, welke middelen heeft de
Autoriteit Consument & Markt (ACM) nodig om dit wel effectief te doen?
Vraag 4
Wat vindt u ervan dat juist ouderen en andere kwetsbare groepen doelwit lijken te
zijn van deze verkooppraktijken? Welke aanvullende beschermingsmaatregelen acht u
hier passend?
Vraag 5
Hoe beoordeelt u de meldingen over ongevraagde graaf- en installatiewerkzaamheden
in tuinen en woningen, met schade en kosten voor bewoners tot gevolg? Vindt u dat
telecombedrijven voldoende zorgvuldig omgaan met toestemming en herstel?
Vraag 6
Wat is uw reactie op signalen dat monteurs contante betalingen zonder factuur vragen
(«zwart geld»), onder het mom van aanvullende werkzaamheden?
Vraag 7
Acht u de door Delta geopende meldpuntregeling een toereikende reactie? Hoe wordt
voorkomen dat klachten blijven liggen of intern worden weggeboekt zonder daadwerkelijke
oplossing?
Vraag 8
Bent u bereid om een verdiepend onderzoek te doen naar de wervingspraktijken in de
glasvezelmarkt, inclusief de rol van ingehuurde verkooporganisaties en onderaannemers?
Vraag 9
Overweegt u aanscherping van regelgeving, bijvoorbeeld een verbod of zwaardere beperking
op huis-aan-huisverkoop in telecom, verplichte cooling
off (herroepingsrecht) bevestigingen via onafhankelijke kanalen, zwaardere boetes bij
misleiding van kwetsbare consumenten, een verplicht klachtenregister dat openbaar
wordt gemaakt, etc.?
Vraag 10
Wat is bekend over deur-aan-deurverkoop in andere sectoren zoals energie, mobiele
telefonie en internetdiensten?
Vraag 11
In welke mate wordt deze deur-aan-deurverkoop in deze sectoren gecontroleerd en gehandhaafd,
en door welke toezichthouders?
Vraag 12
Hoe beoordelen consumenten deze verkooppraktijken, bijvoorbeeld wat betreft transparantie,
ervaren druk aan de deur en het risico op misleiding?
Vraag 13
Ziet u in de gesignaleerde agressieve verkooppraktijken een verband met sterke commerciële
prikkels zoals concurrentie op groei, marktaandeel en winst? Zo ja, welke voorstellen
heeft u om deze prikkels weg te nemen?
Vraag 14
Acht u deze dynamiek van commerciële prikkels problematisch voor diensten die feitelijk
essentieel zijn voor burgers?
Vraag 15
In hoeverre acht u het wenselijk om, ter voorkoming van dit soort praktijken en ter
verhoging van efficiëntie, deze voorzieningen meer publiek of collectief te organiseren?
Vraag 16
Bent u bereid scenario’s en beleidsopties voor zulke vormen van publieke of collectieve
organisatie te laten uitwerken en naar de Kamer te sturen?
Indieners
-
Gericht aan
V.P.G. Karremans, minister van Economische Zaken -
Indiener
Jimmy Dijk, Kamerlid