Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid De Vos over de mogelijkheid niet langer heel Nederland aan te wijzen als kwetsbare zone in het kader van de Nitraatrichtlijn
Vragen van het lid De Vos (FVD) aan de Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur over de mogelijkheid niet langer heel Nederland aan te wijzen als kwetsbare zone in het kader van de Nitraatrichtlijn (ingezonden 8 december 2025).
Antwoord van Minister Wiersma (Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur) (ontvangen
19 december 2025).
Vraag 1
Kunt u bevestigen dat Nederland ervoor heeft gekozen om geen specifieke kwetsbare
zones aan te wijzen, maar het gehele grondgebied als kwetsbaar te beschouwen in het
kader van de Nitraatrichtlijn?1
Antwoord 1
In lijn met de Nitraatrichtlijn heeft Nederland de keuze gemaakt om het 7e actieprogramma Nitraatrichtlijn (verder 7e actieprogramma) en voorgaande actieprogramma’s van toepassing te laten zijn op het
gehele Nederlandse grondgebied. Daarom heeft Nederland geen kwetsbare zones aangewezen.
Vraag 2
Kunt u bevestigen dat de verplichtingen die voortvloeien uit de Nitraatrichtlijn,
zoals vastgelegd in het Actieprogramma Nitraatrichtlijn, enkel van toepassing zijn
op kwetsbare zones?2
Antwoord 2
Nederland heeft geen kwetsbare zones aangewezen. De verplichtingen die voortvloeien
uit de Nitraatrichtlijn zijn in Nederland van toepassing op het gehele Nederlandse
grondgebied. Artikel 3, vijfde lid, Nitraatrichtlijn geeft aan dat een lidstaat is
ontheven van de verplichting kwetsbare zones aan te wijzen als bedoeld in artikel 3,
eerste lid, Nitraatrichtlijn, als het zijn actieprogramma’s op zijn hele grondgebied
van toepassing laat zijn.
Vraag 3
Kunt u bevestigen dat ook de maximale hoeveelheid uit te rijden mest van 170 kilogram
per hectare per jaar, zoals per 1 januari 2026 geldig vanwege de afschaffing van de
derogatie, enkel van toepassing is op kwetsbare zones?
Antwoord 3
De norm van 170 kg stikstof uit dierlijke mest per hectare per jaar is opgenomen in
bijlage III, onder 2, van de Nitraatrichtlijn. De verplichtingen opgenomen in bijlage III
zijn volgens artikel 5, vierde lid, een verplicht onderdeel van actieprogramma’s.
Afhankelijk van de keuze die een lidstaat heeft gemaakt over het grondgebied waarop
een actieprogramma ziet, geldt de norm van 170 kg stikstof uit dierlijke mest.
Vraag 4
Kunt u bevestigen dat Nederland de lijst van kwetsbare zones kan herzien, zodat niet
langer het gehele grondgebied, maar slechts een deel daarvan als kwetsbare zone geldt?3
Antwoord 4
De Nitraatrichtlijn verplicht lidstaten die een lijst van kwetsbare zones hanteren
om die ten minste iedere vier jaar te herzien. Lidstaten die hun actieprogramma’s
toepassen op het gehele grondgebied zijn ontheven van deze verplichting. Aangezien
in Nederland actieprogramma’s van toepassing zijn op het gehele Nederlandse grondgebied
is er geen lijst van kwetsbare zones die herzien kan worden. De motie Flach en Grinwis4 verzoekt de regering om bij vaststelling van het 8e actieprogramma Nitraatrichtlijn te bezien of het 8e actieprogramma van toepassing is op het gehele Nederlandse grondgebied. In lijn met
de motie en conform het Hoofdlijnenakkoord is aan de Commissie van Deskundigen Meststoffenwet
(CDM) gevraagd om hierover te adviseren.
Zoals in de brief van 19 december jl. over de voortgang van het 8e actieprogramma aan uw Kamer is aangegeven, wordt het vaststellen van het 8e actieprogramma overgelaten aan een nieuw kabinet. In voornoemde brief is aangegeven
dat de onderliggende informatie over de besluitvorming over het 8e actieprogramma voor het einde van het kerstreces aan uw Kamer zal worden gestuurd.
Hierbij zal ook het voornoemde CDM advies gevoegd worden.
Vraag 5
Kunt u bevestigen dat Nederland dit herzieningsbesluit eenzijdig kan nemen, dit enkel
aan de Europese Commissie (EC) hoeft te melden en hiervoor dus geen toestemming nodig
heeft van de EC?
Antwoord 5
Het is de bevoegdheid van een lidstaat om kwetsbare zones aan te wijzen of het actieprogramma
op het gehele Nederlandse grondgebied van toepassing te laten zijn. In het geval dat
Nederland overgaat tot het aanwijzen van kwetsbare zones, zal Nederland dit afdoende
moeten onderbouwen en zal de Europese Commissie daarvan in kennis moeten worden gesteld.
Dit volgt uit de Nitraatrichtlijn. Dat betekent overigens niet dat de Europese Commissie
in die situatie geen rol heeft ten aanzien van een aanwijzing van kwetsbare zones.
Indien een lidstaat een aanwijzing van kwetsbare zones onvoldoende kan onderbouwen,
heeft de Europese Commissie de mogelijkheid om vanwege niet naleving van de Nitraatrichtlijn
een infractieprocedure te starten bij het Europees Hof van Justitie. In de loop van
de tijd heeft het Europese Hof van Justitie in verschillende uitspraken lidstaten
in het ongelijk gesteld vanwege het niet adequaat aanwijzen van kwetsbare zones conform
de Nitraatrichtlijn. Dit heeft in de betreffende lidstaten geleid tot uitbreiding
van het areaal aangewezen kwetsbare zones, dan wel aanwijzing van het gehele grondgebied.5
Vraag 6
Kunt u bevestigen dat Nederland dus de mogelijkheid heeft om de strengere mestnormen
die per 1 januari 2026 zullen gelden, evenals andere verplichtingen voortvloeiende
uit de Nitraatrichtlijn, van toepassing te laten zijn op een kleiner grondgebied dan
momenteel het geval is? Deelt u de mening dat dit de problemen van veel Nederlandse
boeren aanzienlijk zou kunnen verlichten?
Antwoord 6
Het 7e actieprogramma is van toepassing op het gehele Nederlandse grondgebied. Bij het vaststellen
van een volgend actieprogramma kan Nederland de reikwijdte van het actieprogramma
opnieuw wegen.
Vraag 7
Klopt het dat u over een eventuele wijziging van de Nederlandse lijst met kwetsbare
zones advies heeft gevraagd aan de Commissie van Deskundigen Meststoffenwet (CDM)?
Antwoord 7
Aan de CDM is advies gevraagd over de mogelijkheid om de actieprogramma’s onder Nitraatrichtlijn
niet langer van toepassing te laten op het gehele Nederlandse grondgebied, maar enkel
op kwetsbare zones. Ik verwijs hierbij naar het antwoord op vraag 4.
Vraag 8
Kunt u dit advies per ommegaande aan de Kamer doen toekomen, indien dit antwoord bevestigend
luidt?
Antwoord 8
Ik verwijs u naar mijn antwoord op vraag 4.
Vraag 9
Bent u bereid de Nederlandse lijst met kwetsbare zones zo spoedig mogelijk te herzien,
om zo de problemen van veel Nederlandse boeren aanzienlijk te verlichten? Zo nee,
waarom niet? Zo ja, op welke termijn gaat u dit bewerkstelligen?
Antwoord 9
In de beantwoording van vraag 2 heb ik aangeven dat in Nederland op basis van de Nitraatrichtlijn
de keuze is gemaakt om het actieprogramma van toepassing te laten zijn op het hele
Nederlandse grondgebied. Er is derhalve geen lijst met kwetsbare zones.
Vraag 10
Kunt u deze vragen, gezien het feit dat de nieuwe mestnormen per 1 januari 2026 ingaan,
zo spoedig mogelijk doch uiterlijk binnen één week beantwoorden?
Antwoord 10
Het is helaas niet gelukt om de vragen binnen de gevraagde termijn te beantwoorden.
Ondertekenaars
F.M. Wiersma, minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.