Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Kostic over het doodschieten van een wolf op de Utrechtse Heuvelrug
Vragen van het lid Kostić (PvdD) aan de Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur over het doodschieten van een wolf (ingezonden 4 december 2025).
Antwoord van Staatssecretaris Rummenie (Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur)
(ontvangen 17 december 2025).
Vraag 1
Wat ging er door u heen toen u kennisnam van het bericht van provincie Utrecht dat
op de Utrechtse Heuvelrug een wolf is doodgeschoten?1
Antwoord 1
Van de provincie Utrecht heb ik vernomen dat de houder van de afschotvergunning voor
probleemwolf GW3237m de provincie heeft geïnformeerd dat er een wolf is afgeschoten
op de Utrechtse Heuvelrug, waarvan werd aangenomen dat het probleemwolf GW3237m was.
Ik ben blij dat de provincie en houder van de afschotvergunning adequaat hebben kunnen
optreden, omdat er grote zorgen leefden in de omgeving over deze probleemwolf.
Vraag 2
Kunt u bevestigen dat de jager op het moment van schieten niet met zekerheid kon vaststellen
of het om wolf Bram, het dier waarvoor een afschotvergunning is verleend, ging?
Antwoord 2
Of het hier de probleemwolf GW3237m betrof moest DNA-onderzoek uitwijzen. Op 12 december
jongstleden werd bevestigd dat het hier inderdaad probleemwolf GW3237m betrof.
Vraag 3
Kunt u bevestigen dat het verboden is om een beschermd dier te doden wanneer op het
moment van schieten onduidelijk is of voor dat specifieke dier een afschotvergunning
is afgegeven? Zo nee, hoe wordt dan voorkomen dat beschermde dieren onnodig worden
gedood?
Antwoord 3
Het doden van een wolf is door de wijziging van de beschermingsstatus onder de Habitatrichtlijn
in Nederland niet langer vergunningplichtig. Om het doden van een wolf weer vergunningplichtig
te maken, is nodig dat het ontwerp-Besluit houdende wijziging van het Besluit activiteiten
leefomgeving en van het Besluit kwaliteit leefomgeving in verband met de bescherming
van de wolf en goudjakhals van kracht wordt. De behandeling in uw Kamer van het voorgehangen
ontwerpbesluit is evenwel nog niet afgerond, nu uw Kamer op 18 juni 2025 heeft verzocht
ter zake geen onomkeerbare stappen te zetten (Kamerstukken II 2024/25, 33 118, nr. 295).
Het doden van een wolf kan in strijd zijn met de specifieke zorgplicht van artikel 11.27
van het Besluit activiteiten leefomgeving. Het is aan provincies om erop toe te zien
en eventueel bij maatwerkvoorschrift te verzekeren dat binnen de kaders van de specifieke
zorgplicht wordt gehandeld. Dit betekent dat alle zorgvuldigheid in acht moet worden
genomen om te voorkomen dat een wolf wordt gedood waarvoor dat niet gerechtvaardigd
is. Voor de volledigheid deel ik u mee dat de afschotvergunning betreffende wolf GW3237m
is afgegeven onder het eerdere beschermingsregime voor wolven.
Vraag 4
Welke sancties staan op het doden van beschermde wolven, waarvoor geen afschotvergunning
is verleend?
Antwoord 4
Handelen in strijd met artikel 11.27 van het Besluit activiteiten leefomgeving – dat
zijn grondslag vindt in artikel 4.3 van de Omgevingswet – kan een strafbaar feit opleveren
op grond van artikel 1a, aanhef en onder 1°, van de Wet economische delicten. Als
sprake is van opzettelijk handelen dan geldt het strafbaar feit als een misdrijf en
kan een gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren, een taakstraf of een geldboete
van de vijfde categorie worden opgelegd. Is geen sprake van opzet, dan geldt het strafbaar
feit als een overtreding waarvoor hechtenis van ten hoogste een jaar, een taakstraf
of een geldboete van de vierde categorie kan worden opgelegd. Verwezen wordt naar
de artikelen 2 en 6 van de Wet economische delicten.
Vraag 5
Kunt u bevestigen dat handhavend zal worden opgetreden, omdat op het moment van schieten
onduidelijk was of voor de wolf een afschotvergunning is verleend? Zo nee, waarom
niet?
Antwoord 5
Ik heb hierover navraag gedaan bij de provincie Utrecht. De provincie Utrecht geeft
aan dat voor wolf GW3237m een afschotvergunning is verleend. De provincie Utrecht
geeft aan dat er op dit moment geen aanleiding is tot handhaving.
Vraag 6
Kunt u bevestigen dat tevens handhavend zal worden opgetreden als blijkt dat niet
wolf Bram, maar een andere wolf is doodgeschoten? Zo nee, waarom niet en hoe rijmt
dit met de wet?
Antwoord 6
Zie mijn antwoorden op de vragen 2 en 5.
Vraag 7
Bent u bereid om provincie Gelderland per direct op te roepen om de afschotvergunning
voor wolf Hubertus in te trekken om te voorkomen dat meer wolven worden doodgeschoten,
terwijl blijkbaar niet met zekerheid kan worden vastgesteld dat het om het juiste
dier gaat? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 7
De bevoegdheid ligt hier bij gedeputeerde staten van de provincie Gelderland, niet
bij mij. Ik kan en ga mij niet mengen in de bevoegdheid van een ander bestuursorgaan.
En ik doe er alles aan om incidenten zoveel mogelijk te voorkomen en om te verzekeren
dat – als deze zich toch voordoen – er daadkrachtig kan worden opgetreden. Daar strekt
ook het in het antwoord op vraag 3 genoemde ontwerpbesluit toe, dat voor de zomer
2025 bij de Tweede Kamer en de Eerste Kamer is voorgehangen.
Vraag 8
Kunt u deze vragen één voor één en binnen een week beantwoorden?
Antwoord 8
De beantwoording is helaas niet binnen één week gelukt.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
J.F. Rummenie, staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.