Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van de leden Bushoff en Vliegenthart over de uitzending van Max Meldpunt Actueel aangaande ouderenmishandeling
Vragen van de leden Bushoff en Vliegenthart (GroenLinks-PvdA) aan de Minister en de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over ouderenmishandeling (ingezonden 14 november 2025).
Antwoord van Staatssecretaris Pouw-Verweij (Volksgezondheid, Welzijn en Sport ) (ontvangen
12 december 2025).
Vraag 1
Bent u bekend met de aflevering van Max Meldpunt «Ouderenmishandeling veel te weinig
gemeld» en wat is daarop uw reactie?1
Antwoord 1
Ik ben bekend met de aflevering en ik vind het zorgwekkend dat ouderenmishandeling
vaak niet wordt gesignaleerd of gemeld.
Vraag 2
Hoe kijkt u tegen het feit aan dat de gangbare schatting van mishandeling bij 1 op
de 20 ouderen waarschijnlijk veel te laag is door ondersignalering en dat dit slechts
het topje van de ijsberg is?
Antwoord 2
Ik herken het signaal in de uitzending dat er vermoedelijk sprake is van ondersignalering
van ouderenmishandeling. Slechts een beperkt deel van de meldingen bij Veilig Thuis
betreft ouderenmishandeling: het aantal meldingen ouderenmishandeling is al enkele
jaren stabiel rond de 2.000 á 2.500 per jaar. Het aantal meldingen dat Veilig Thuis
ontvangt is veel lager dan het aantal ouderen dat, zo blijkt uit het prevalentie onderzoek
van regioplan uit 2018, te maken krijgt met ouderenmishandeling.
Mogelijke verklaringen voor deze onderregistratie zijn dat ouderenmishandeling lange
tijd ongezien of verborgen kan blijven. Dit kan bijvoorbeeld komen door gevoelens
van schaamte of taboe bij ouderen. Daarnaast kan het door de vaak geleidelijke ontwikkeling
en dunne grens tussen intensieve zorg en grensoverschrijdend gedrag lastig zijn om
signalen te herkennen, zowel voor ouderen zelf als voor het (in)formele netwerk. Ook
de afhankelijkheidsrelatie tussen de oudere en de persoon die de onveiligheid veroorzaakt
kan een rol spelen.
Via diverse activiteiten wordt geprobeerd bewustwording te vergroten. Een voorbeeld
is de publiekscampagne «Geweld in Huiselijke Kring» uit 2024, waarin oudermishandeling
één van de drie centrale thema’s was. Het doel van de campagne was om omstanders van
kindermishandeling, partnergeweld en ouderenmishandeling aan te moedigen om bij vermoedens
het gesprek aan te gaan.
Vraag 3
Kunt u een reële schatting geven van hoe groot het probleem van ouderenmishandeling
daadwerkelijk is? Zo nee, wilt u dit dan in kaart brengen?
Antwoord 3
Vanuit de Universiteit Maastricht wordt momenteel onderzoek uitgevoerd naar de omvang
van ouderenmishandeling. De resultaten van dit onderzoek worden medio 2026 verwacht.
Daarmee komen nieuwe, actuele cijfers beschikbaar over de omvang van ouderenmishandeling
in Nederland.
Vraag 4
Hoe gaat u bijdragen aan het bespreekbaar maken van ouderenmishandeling, zodat het
taboe wordt doorbroken?
Antwoord 4
Om ouderenmishandeling bespreekbaar te maken worden verschillende middelen ingezet.
Veilig Thuis biedt (telefonisch) advies gericht op het doorbreken van het taboe en
het bespreekbaar maken van ouderenmishandeling. Daarnaast is Veilig Thuis ook bereikbaar
via een chatfunctie waarbij een medewerker advies geeft en hulp biedt. De chatfunctie
zou mogelijk de toegankelijkheid tot het bespreken van zorgen vergroten door de anonimiteit
en lage drempel tot contact. Ook biedt Veilig Thuis een AI-tool door middel waarvan
gerichte informatie en aandachtspunten worden geboden over het voeren van gesprekken
met ouderen over zorgelijke situaties en onveiligheid.
Aanvullend wordt deze maand door het Landelijk Netwerk Veilig Thuis (LNVT) een signalenpagina
over ouderenmishandeling gelanceerd. Deze pagina biedt informatie over het herkennen
van signalen, handelingsperspectieven en beschikbare ondersteuning en advisering.
Met bovenstaande middelen wordt niet alleen bijgedragen aan bewustwording, maar ook
aan het doorbreken van taboes rondom ouderenmishandeling en het tegengaan van handelingsverlegenheid
bij het (in)formele netwerk.
Vraag 5
Hoe denkt u te kunnen voorkomen dat de dubbele vergrijzing en dus een toenemend aantal
ouderen dat afhankelijk wordt van zorg niet tot nog meer ouderenmishandeling leidt?
Antwoord 5
Ik ben mij bewust van de demografische en maatschappelijke ontwikkelingen die kunnen
leiden tot meer en/of onzichtbare situaties van ouderenmishandeling. Er zijn verschillende
acties en initiatieven om de bewustwording ten aanzien van ouderenmishandeling te
vergroten en om ouderenmishandeling te voorkomen. Zo vond in 2024 de publiekscampagne
«Geweld in Huiselijke Kring» plaats, waarin ouderenmishandeling specifiek werd uitgelicht.
Andere voorbeelden zijn de signalenpagina ouderenmishandeling en de activiteiten van
het Landelijk Platform Bestrijding Ouderenmishandeling (LPBO), die het herkennen van
signalen en de samenwerking tussen professionals ondersteunen. Daarnaast wordt binnen
beroepsgroepen, zoals bij huisartsen, sterk ingezet op scholing en het verbeteren
van signalering.
Aanvullend op bovenstaande wordt specifiek ingezet op bewustwording rondom financieel
misbruik. Het onderzoek van Regioplan (2018) liet zien dat ouderen financieel misbruik
vaker rapporteerden dan andere vormen van ouderenmishandeling. Om die reden zijn er
initiatieven ontwikkeld die gericht zijn op het voorkomen van financieel misbruik,
zoals de «Lokale Allianties Veilig Financieel Ouder Worden». Op het gebied van financieel
veilig ouder worden zijn er informatieboxen van VWS, die kosteloos kunnen worden aangevraagd
en steeds vaker worden besteld. VWS neemt ook deel aan de Brede Alliantie Financieel
Veilig Ouder Worden, waarin onder andere Veilig Thuis, ouderenbonden, diverse grootbanken,
de VNG en het Ministerie van Justitie en Veiligheid (JenV) samenwerken aan preventie
en aanpak van financieel misbruik.
Met een verbeterd inzicht in de prevalentie, dat wordt verwacht op basis van het onderzoek
van de Universiteit Maastricht, kan op basis van inzicht bij burgers, uitvoeringsorganisaties
en gemeenten meer urgentie worden gecreëerd over de omvang van het probleem.
Vraag 6
Hoe kijkt u tegen de veronderstelde relatie aan tussen het beleid om ouderen langer
thuis te laten wonen en het toenemende aantal slachtoffers van ouderenmishandeling?
Antwoord 6
Ik ben niet bekend met onderzoek dat samenhang tussen beleid om ouderen langer thuis
te laten wonen en het toenemend aantal slachtoffers van ouderenmishandeling heeft
onderzocht. Ik kan mij voorstellen dat dit beleid in sommige situaties kan samenlopen
met risicofactoren voor ouderenmishandeling.
Vraag 7
Welke rol ziet u voor de huisarts weggelegd in de vroeg signalering van ouderenmishandeling?
Antwoord 7
De huisarts speelt een actieve rol in de vroegsignalering van ouderenmishandeling,
omdat de huisarts vaak langdurig en regelmatig in contact staat met ouderen. Tijdens
consulten kan de huisarts signalen opvangen die mogelijk wijzen op onveiligheid binnen
een afhankelijke situatie. Huisartsen zijn verplicht te werken volgens de Meldcode
Huiselijk Geweld en Kindermishandeling. Dat betekent dat zij de meldcode moeten kennen
en handelen volgens de vijf stappen. Iedere beroepsgroep die onder de meldcode valt,
waaronder huisartsen, heeft een eigen afwegingskader ontwikkeld. Het afwegingskader,
gebaseerd op het landelijke basismodel dat in 2019 is vernieuwd, ondersteunt professionals
bij het bepalen wanneer het noodzakelijk is om Veilig Thuis te consulteren of een
melding te doen.
Daarnaast worden huisartsen op verschillende manieren ondersteund bij deze taak. In
november 2023 is door de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV) de vernieuwde meldcode
gepubliceerd, waarin ook praktische tools zijn opgenomen, zoals verwijzingen naar
scholing. Via de LHV Academie wordt de e-learning Werken met de meldcode aangeboden,
die huisartsen helpt bij het toepassen van de meldcode in de praktijk. Ook heeft de
Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst (KNMG) een
podcast beschikbaar gesteld die specifiek ingaat op het herkennen en tegengaan van
ouderenmishandeling. Verder is op de website van de LHV een themapagina ingericht
waar informatie over ouderenmishandeling overzichtelijk is gebundeld, en heeft de
LHV meegeschreven aan de vernieuwde Handreiking Kwetsbare Ouderen (februari 2025),
waarin ouderenmishandeling eveneens aan bod komt.
Vraag 8
Bent u bereid te kijken naar een uitbreiding van het mantelzorgverlof, gezien het
feit dat overbelasting bij mantelzorgers kan leiden tot ontsporing van zorg en wordt
genoemd als een van de oorzaken is van mishandeling van ouderen?
Antwoord 8
Ik vind het belangrijk dat mensen de ruimte hebben om werk en mantelzorgtaken te combineren.
Het is daarnaast ook belangrijk om te voorkomen dat werkende mantelzorgers overbelast
raken. Het mantelzorgverlof, en eventuele uitbreiding hiervan, kan bijdragen aan het
voorkomen van overbelasting. Dit geldt ook voor andere vormen van mantelzorgondersteuning.
Mijn ambtsvoorganger heeft, samen met de toenmalig bewindspersonen van VWS, OCW en
FIN, de SER in oktober 2023 om advies gevraagd over de toekomstige combinatie van
werk en mantelzorg. In de adviesaanvraag wordt onder meer gevraagd welke toekomstscenario’s
en concrete domeinoverstijgende oplossingsrichtingen of ingrepen in het stelsel, zoals
het zorgstelsel, het verlofstelsel of het belastingstelsel, mogelijk zijn. Het advies,
dat begin 2026 wordt verwacht, is een belangrijke basis voor verdere beleidsvorming
en gedegen keuzes voor de toekomst. Het is aan mijn ambtsopvolger om hier uitvoering
aan te geven.
Vraag 9
Hoe kijkt u tegen het idee van Kees Blankman aan om meer slagkracht te geven aan Veilig
Thuis en er de taak te beleggen van primaire verzoeker van maatregelen bij de rechter
voor ouderen in de knel?
Antwoord 9
Hoogleraar Blankman lijkt te verwijzen naar de doorzettingsmacht in situaties waarin
sprake is van mogelijke wilsonbekwaamheid. Ik ben het ermee eens dat dit een belangrijk
aandachtspunt is en dat het van belang is om gezamenlijk te bepalen hoe dit zorgvuldig
kan worden vastgesteld. Ik deel de opvatting echter niet dat Veilig Thuis meer bevoegdheden
als primaire verzoeker bij de rechter zou moeten krijgen. Veilig Thuis richt zich
primair op meldingen, advies en ondersteuning, niet op juridische interventies. Veilig
Thuis kán bij uitzonderlijke gevallen een verzoek doen bij de officier van justitie
voor mentorschap of onder curatelestelling. Verder is er tussen Veilig Thuis, het
Openbaar Ministerie en de Politie een stevig netwerk op thema ouderenmishandeling
en op casus-niveau afstemming. De aanpak richt zich op preventie en vroegsignalering
van ouderenmishandeling zodat schrijnende situaties tijdig worden gesignaleerd en
aangepakt.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
N.J.F. Pouw-Verweij, staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.