Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van de leden Ceulemans en Boomsma over het over de Nederlandse grens zetten van onderschepte personen bij grenscontroles door de Duitse autoriteiten
Vragen van de leden Ceulemans en Boomsma (beiden JA21) aan de Minister van Asiel en Migratie over het over de Nederlandse grens zetten van onderschepte personen bij grenscontroles door de Duitse autoriteiten (ingezonden 21 november 2025).
Antwoord van Minister Van Weel (Asiel en Migratie) (ontvangen 8 december 2025).
Vraag 1
Bent u bekend met de recente berichtgeving over het over de Nederlandse grens zetten
van personen door de Duitse autoriteiten?1, 2, 3
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Hoe zien de bilaterale afspraken tussen Nederland en Duitsland, waar in het artikel
van De Gelderlander naar wordt verwezen, eruit en in hoeverre hebben deze betrekking
op de zogeheten «koude» overdrachten?
Antwoord 2
Een overdracht kan plaatsvinden middels een «warme overdracht», waarbij een persoon
fysiek wordt overgedragen door de autoriteit van het ene land aan de autoriteit van
het andere land, of een «koude overdracht», waarbij deze fysieke overdracht niet plaatsvindt.
Overdrachten van Nederland aan Duitsland en vice versa in het kader van grenstoezicht
vinden al jaren op basis van bilaterale afspraken plaats. Deze afspraken zijn van
toepassing op zowel «warme» als «koude» overdrachten. Dit is dus niet iets dat met
de herinvoering van binnengrenscontroles is gestart.
Wanneer een vreemdeling «warm» wordt overgedragen van Duitsland aan Nederland of vice
versa, vindt contact plaats tussen de Duitse en Nederlandse grensautoriteiten over
de operationele vormgeving van deze overdracht, waaronder tijd en locatie. Ook bij
«koude» overdrachten is er altijd contact.
Het is niet altijd mogelijk om een door Duitsland geweigerde vreemdeling via een «warme»
overdracht over te nemen. Bij de keuze of overdrachten «warm» of «koud» gebeuren,
wordt rekening gehouden met specifieke doelgroepen, zoals kwetsbare personen. In deze
gevallen wordt expliciet aandacht besteed aan de persoonlijke omstandigheden van de
betrokkene. In andere gevallen zit deze zorg met name in het faciliteren van de door-
of terugreis. In alle gevallen wordt rekening gehouden met de mate van zelfstandigheid
en zelfredzaamheid van het individu, waarbij de veiligheid van betrokkenen in acht
wordt genomen.
Deze overdrachten vinden plaats langs de gehele landsgrens tussen Nederland en Duitsland.
Gemeenten waarin deze overdrachten plaatsvinden worden hier niet per geval van op
de hoogte gesteld.
Vraag 3
Houden deze bilaterale afspraken in dat de handelwijze van beide landen in de praktijk
precies hetzelfde is? Zo nee, hoe wijken deze af?
Antwoord 3
De bilaterale afspraken schrijven een identieke handelwijze voor zowel Nederland als
Duitsland voor.
Vraag 4
Hoe verhoudt zowel het aantal «warme» als «koude» overdrachten van Duitsland naar
Nederland sinds de invoering van de Duitse grenscontroles zich tot het aantal overdrachten
vóór invoering van de grenscontroles? Kunt u de overdrachten sinds invoering van de
grenscontroles specificeren naar de periode voor en na de aangescherpte Duitse controles
in mei?
Antwoord 4
De Koninklijke Marechaussee (KMar) registreert niet of door Duitsland geweigerde personen
worden overgedragen middels een «warme» overdracht of een «koude» overdracht. Sinds
de herinvoering van de binnengrenscontroles door Duitsland is het aantal grensweigeringen
en overdrachten van Duitsland naar Nederland gestegen, omdat Duitsland relatief veel
capaciteit inzet voor binnengrenscontroles.
Vraag 5
Hoe is überhaupt zeker of de personen die door de Duitse politie over de Nederlandse
grens worden gezet ook daadwerkelijk onderschept zijn toen zij vanuit Nederland de
Duitse grens wilden oversteken? Hoe kan dit door Nederland worden geverifieerd, zeker
in het geval van «koude» overdrachten?
Antwoord 5
De KMar staat dagelijks in contact met de Bundespolizei over overdrachten van in het
kader van grenstoezicht geweigerde vreemdelingen. Ook bij «koude» overdrachten van
Duitsland aan Nederland wordt er door de Bundespolizei altijd contact opgenomen met
de KMar.
Vraag 6 en 7
Wat is er te zeggen over de achtergronden van de betrokken personen? Om welke nationaliteiten
gaat het hierbij doorgaans en wat is er bekend over de route die zij hebben afgelegd
voordat ze – indien dit inderdaad het geval is – vanuit Nederland de Duitse grens
poogden over te steken?
Kunt u aangeven welke personen met welke status, achtergrond, papieren en fase van
het asielproces precies door de Duitse overheid worden teruggestuurd naar Nederland
en welke niet? Kunt u dit toelichten?
Antwoord 6 en 7
Duitsland weigert personen aan de binnengrenzen die niet voldoen aan de toegangsvoorwaarden
van artikel 6 van de Schengengrenscode. Wanneer een persoon vanuit Nederland Duitsland
probeert in te reizen en niet voldoet aan de toegangsvoorwaarden, dan wordt deze persoon
in regel door Duitsland aan de grens wordt geweigerd en overgedragen aan Nederland.
Uit Duitse jurisprudentie lijkt naar voren te komen dat Duitsland daarnaast mensen
aan de grens weigert die niet aan de toegangsvoorwaarden voldoen en zich beroepen
op internationale bescherming. De KMar registreert geen gegevens over de nationaliteit
van door Duitsland geweigerde personen.
Vraag 8
Welke informatie heeft de Duitse grenscontroles opgeleverd over mensensmokkel en in
hoeverre wordt deze gedeeld met de Nederlandse politie en het Openbaar Ministerie
en betrokken bij de bestrijding en vervolging ervan?
Antwoord 8
Bij binnengrenscontroles hebben aanhoudingen plaatsgevonden in het kader van migratiecriminaliteit,
zoals documentfraude en mensensmokkel. Nederland en Duitsland werken nauw samen om
mensensmokkel en andere vormen van grensoverschrijdende criminaliteit tegen te gaan.
Hiertoe voeren Nederland (KMar en Nationale Politie) en Duitsland (Bundespolizei en
Landespolizei) middels Grensoverschrijdende Politieteams gezamenlijk patrouilles uit.
De informatie die hierbij ontsloten wordt, wordt waar mogelijk met de betrokken organisaties
gedeeld.
Vraag 9, 10 en 11
Hoeveel en welke incidenten met personen die door de Duitse politie in Nederlandse
(grens)gemeenten zijn afgezet zijn u over de afgelopen twee jaar bekend? Wat was de
aard van deze incidenten en hoe is hierop geacteerd?
Wat doet u op dit moment om de negatieve gevolgen van deze werkwijze voor de inwoners
van Nederlandse grensgemeenten tegen te gaan?
Deelt u de mening dat uit de ervaringen in onder andere ’s-Heerenberg blijkt dat deze
inzet niet toereikend is? Zo nee, waarom niet? Zo ja, welke aanvullende maatregelen
gaat u treffen?
Antwoord 9, 10 en 11
Het ministerie is bekend met situaties waarbij personen die door Duitsland worden
overgedragen aan Nederland onvoldoende worden gefaciliteerd bij hun door- of terugreis
en hierdoor niet spoedig kunnen verder reizen. Er is periodiek contact tussen het
Ministerie van Asiel en Migratie, de KMar en bestuurders uit de grensregio’s over
de gevolgen van binnengrenscontroles voor de grensregio’s. Signalen vanuit de grensregio’s
worden zeer serieus genomen. Na recente berichtgeving over overdrachten van door Duitsland
geweigerde vreemdelingen is hierover contact geweest tussen het ministerie en bestuurders
uit de grensregio’s. Naar aanleiding hiervan heeft de KMar contact opgenomen met de
Bundespolizei over de werkwijze bij overdrachten, waaronder over het faciliteren van
de door- of terugreis.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
D.M. van Weel, minister van Asiel en Migratie
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.