Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van de leden Dobbe en Van Nispen over het bericht ‘Kabinet stuurt vrouwen terug naar Taliban in Afghanistan’
Vragen van de leden Dobbe en Van Nispen (beiden SP) aan de Ministers van Buitenlandse Zaken en van Asiel en Migratie over het bericht «Kabinet stuurt vrouwen terug naar Taliban in Afghanistan» (ingezonden 3 november 2025).
Antwoord van Minister Van Weel (Asiel en Migratie), mede namens de Minister van Buitenlandse
Zaken (ontvangen 3 december 2025). Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025–2026,
nr. 467.
Vraag 1
Op welke manier zet u zich in tegen de schendingen van vrouwenrechten door de Taliban?
Antwoord 1
Nederland zet in internationaal verband en multilaterale fora in op het waarborgen
van mensenrechten in Afghanistan. Nederland heeft in EU- en VN-verband verklaringen
afgegeven die oproepen tot eerbiediging van mensenrechten van de Afghaanse bevolking,
met bijzondere aandacht voor rechten van vrouwen en meisjes. In de sporadische, operationele
contacten die Nederland onderhoudt met de de-facto autoriteiten in Kabul worden de
schendingen van de rechten van vrouwen en meisjes structureel opgebracht.
Daarnaast heeft Nederland in de Mensenrechtenraad zowel de oprichting van een onderzoeksmechanisme
voor het tegengaan van straffeloosheid van mensenrechtenschendingen in Afghanistan,
als de verlenging van het mandaat van de Special Rapporteur voor Afghanistan gesteund.
Nederland heeft ook, zoals bekend, in september 2024 Afghanistan aansprakelijk gesteld
voor het schenden van het Vrouwenverdrag (CEDAW), samen met Duitsland, Canada en Australië.
Nederland draagt via verschillende kanalen bij aan de humanitaire hulpverlening en
basisnoden in Afghanistan. Nederland ondersteunt de lediging van basisnoden o.a. via
het Afghanistan Resilience Trust Fund (ARTF) van de Wereldbank en via het mensenrechtenfonds
voor mensenrechten in Afghanistan, met bijzondere aandacht voor Afghaanse vrouwen
en journalisten.
Vraag 2
Bent u nog steeds bezig met het zetten van juridische stappen tegen Afghanistan vanwege
grove schendingen van de rechten van vrouwen? Wat is de stand van zaken van deze inzet?
Antwoord 2
Zoals hierboven aangegeven heeft Nederland, samen met Australië, Canada en Duitsland,
Afghanistan aansprakelijk gesteld voor grove en systematische schendingen van het
Vrouwenverdrag. Als eerste noodzakelijke stap bij een dergelijke aansprakelijkstelling
is Afghanistan uitgenodigd om in onderhandeling te treden. Momenteel is Nederland,
samen met Australië, Canada en Duitsland, bezig met de organisatie van deze onderhandelingen.
Over dit proces kan het kabinet, in het belang van de aansprakelijkstelling, geen
verdere uitspraken doen.
Vraag 3
Staat u nog steeds achter de uitspraak die het kabinet vorig jaar heeft gedaan bij
het indienen van de klacht, dat de situatie van Afghaanse vrouwen en meisjes «hartverscheurend»
is? Kunt u dit toelichten?
Antwoord 3
Ja. Afghaanse vrouwen en meisjes moeten aanspraak kunnen maken op de rechten die zij
hebben en alle schendingen door Afghanistan van de verplichtingen onder het Vrouwenverdrag
moeten stoppen. Sinds de machtsovername door de Taliban in 2021 is de situatie voor
vrouwen en meisjes in Afghanistan zeer moeilijk. Wetten zoals de «deugdwet» beperken
het leven van vrouwen en meisjes in Afghanistan nog verder.
Vraag 4
Bent u bekend met de vaststelling van VN-Vluchtelingenorganisatie UNHCR van afgelopen
september dat Afghaanse vrouwen worden beperkt in hun recht om een adequate levenstandaard
te bereiken, hun recht op bewegingsvrijheid en hun recht op vrijheid van meningsuiting?
Is er voor u een reden om deze vaststelling in twijfel te trekken? Kunt u dit toelichten?
Antwoord 4
Ja, ik ben hiermee bekend. Er is geen reden deze vaststelling in twijfel te trekken.
Ook uit het laatste ambtsbericht van het Ministerie van Buitenlandse Zaken over Afghanistan
komt naar voren dat de positie van vrouwen en meisjes onder het bewind van de Taliban
ernstig onder druk staat. In het landgebonden asielbeleid voor Afghanistan wordt hier
dan ook rekening mee gehouden.
Vraag 5
Klopt het dat de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) vrouwen afwijst en terugstuurt,
of wil terugsturen naar Afghanistan? Van hoeveel Afghaanse vrouwen is sinds 2021 de
aanvraag afgewezen en met welke reden is dat gebeurd?1
Antwoord 5
In de Kamerbrief van de toenmalige Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid van
23 januari 20242 is uw Kamer geïnformeerd over het geldende landgebonden asielbeleid voor Afghanistan.
Daarin is destijds aangegeven dat uit het ambtsbericht blijkt dat de positie van vrouwen
en meisjes na de machtsovername erg is verslechterd. Door de Taliban is een groot
aantal maatregelen genomen dat de bewegingsvrijheid van vrouwen en meisjes in het
normale maatschappelijke verkeer zeer inperkt. Op grond van de beperkende maatregelen,
bovenop de reeds langer bestaande leefregels en de andere risico’s die vrouwen en
meisjes in Afghanistan lopen, kunnen vrouwen en meisjes bij terugkeer dermate ernstig
in hun mogelijkheden tot ontplooiing en sociale en maatschappelijke deelname worden
beperkt dat zij in aanmerking kunnen komen voor bescherming. Of deze maatregelen en
leefregels dermate ingrijpend zijn dat gesproken moet worden van vervolging zal per
individu moeten worden beoordeeld.
Niet elke beperking in het leven is reden om vervolging aan te nemen.
Uit bovenstaande volgt dat bij de individuele beoordeling van asielaanvragen van Afghaanse
vrouwen bijzondere aandacht is voor hun zeer kwetsbare positie en dat zeer snel geconcludeerd
zal tot vluchtelingschap. Tegelijk volgt daaruit dat het in individuele gevallen evenwel
mogelijk blijft dat de IND tot een afwijzing van het asielverzoek komt. Op korte termijn
zal door het Ministerie van Buitenlandse Zaken een nieuwe ambtsbericht worden gepubliceerd.
De IND heeft sinds 2021 slechts in enkele gevallen de asielaanvraag van een Afghaanse
vrouw afgewezen omdat geconcludeerd werd dat, gelet op de individuele aspecten van
de betreffende zaak, om inhoudelijke gronden er geen noodzaak was tot asielbescherming.
Afwijzingen op niet-inhoudelijke gronden, zoals op grond reeds verleende bescherming
in een andere EU lidstaat of op grond van de Dublinverordening zijn hierbij buiten
beschouwing gelaten.
Vraag 6 t/m 9
Klopt het dat een van de criteria om Afghaanse vrouwen terug te sturen is dat ze zich
«niet-westers kleden» of vooral «huishoudelijke dingen» doen?
Wat betekent «niet-westers kleden» volgens de IND? Is er een lijst met kledingstukken
waaraan dat wordt getoetst? Mogen we die lijst ontvangen?
Wat is het oordeel van de IND en van u over vrouwen die «huishoudelijke dingen» doen?
Wat is het oordeel van de IND en van u over mannen die «huishoudelijke dingen» doen?
Vindt u het «doen van huishoudelijke dingen» of de kleding die een vrouw draagt daadwerkelijk
indicatoren dat vrouwen veilig kunnen leven in een voor vrouwen onveilig regime waar
hun rechten en veiligheid ernstig worden overschreden?
Antwoord 6 t/m 9
In de vreemdelingencirculaire (paragraaf C7.2) is opgenomen dat een Afghaanse vrouw
in aanmerking kan komen voor bescherming op grond van vluchtelingschap als zij aannemelijk
maakt dat zij zich niet kan conformeren aan de door de Taliban opgelegde normen en
leefregels en dat ze door het niet naleven daarvan het risico loopt op vervolging.
Met inachtneming van de uitspraak van het Europese Hof van Justitie betekent dit in
de huidige beslispraktijk dat op basis van hetgeen een Afghaanse vrouw in de asielprocedure
naar voren brengt wordt onderzocht of en, zo nodig, in welke mate zij stelt en aannemelijk
maakt te zijn of zullen worden getroffen door de discriminerende maatregelen ten aanzien
van vrouwen in Afghanistan. Als zij stelt en aannemelijk maakt door deze discriminerende
maatregelen te zijn of te zullen worden getroffen, wordt in de regel een verblijfsvergunning
verleend. In de praktijk is dat al snel het geval, maar dat betekent niet dat het
individuele relaas er als het ware niet meer toe doet. Een Afghaanse vrouw zal tenminste
naar voren moeten brengen en aannemelijk moeten maken dat zij vanwege de huidige discriminerende
maatregelen niet naar Afghanistan kan en wil terugkeren.
Vraag 10, 11 en 12
Klopt het dat er een 79-jarige vrouw wordt teruggestuurd omdat ze zich volgens de
IND kan aanpassen aan de leefregels van de Taliban?
Welke waarde hecht u aan het oordeel van de rechtbank Den Haag die dit terugkeerbesluit
eerder van tafel veegde?
Welke leefregels worden hier specifiek bedoeld, waaraan deze vrouw zich zou kunnen
aanpassen?
Antwoord 10, 11 en 12
Zoals uw Kamer bekend is ga ik niet in op individuele zaken. Zie verder het antwoord
op de vragen 6 tot en met 9.
Vraag 13
Hoe toetst de IND de leefregels met betrekking tot het niet naar school mogen gaan
als je meisje of vrouw bent, het geen of minder recht hebben op zorg als je vrouw
of meisje bent, het niet alleen mogen reizen als je vrouw of meisje bent, het niet
mogen sporten als je vrouw of meisje bent, het gestraft kunnen worden voor het overtreden
van leefregels zonder vorm van proces als je vrouw of meisje bent?
Antwoord 13
Het kader waarbinnen de IND individuele asielaanvragen toetst is het landgebonden
beleid, zoals dit door mij wordt vastgesteld. Zoals hierboven reeds vermeld, beoordeelt
de IND hoe zeer de vrouw door de Taliban opgelegde normen en leefregels in haar mogelijkheden
tot ontplooiing en sociale en maatschappelijke deelname wordt beperkt en welke impact
dat zal hebben op haar. Dit blijft steeds een individuele beoordeling.
Vraag 14 en 16
Hoe geeft u opvolging aan de uitspraak van het Europees Hof van justitie van vorig
jaar waarin werd geoordeeld dat de regels van de Taliban dermate mensonterend zijn
dat vrouw-zijn een reden vormt voor vervolging?
Bent u het eens dat uitvoering van het arrest van het Europees Hof betekent dat alle
Afghaanse vrouwen die leven onder het Taliban regime erkend zouden moeten worden als
vluchteling?
Antwoord 14 en 16
Het Europese Hof van Justitie heeft naar mijn mening geoordeeld dat het samenstel
van discriminerende maatregelen ten aanzien van vrouwen in Afghanistan onder het begrip
«daad van vervolging» valt wanneer deze maatregelen, door hun cumulatieve effect,
afbreuk doen aan de eerbiediging van de menselijke waardigheid. In het geval een Afghaanse
vrouw vanwege die discriminerende maatregelen om bescherming verzoekt, zijn lidstaten
gezien de specifieke ernst en opeenstapeling van de discriminerende maatregelen van
het Talibanregime, verplicht om in het kader van de individuele beoordeling andere
elementen dan het geslacht en de nationaliteit in aanmerking te nemen, maar dit mag
volgens het Hof wel. Het Hof plaatst het toekennen van vluchtelingschap zonder nadere
beoordeling in het kader van een «gunstiger» regeling in de zin van artikel 3 van
de Kwalificatierichtlijn. Uit de uitspraak van het Hof volgt daarom nog niet dat aan
iedere Afghaanse vrouw, ongeacht de reden waarom zij bescherming verzoekt, een verblijfsvergunning
asiel moet worden verleend. Juridisch gezien blijft een individuele beoordeling van
elke asielaanvraag mogelijk.
Vraag 15
Op welke manier kan het te verantwoorden zijn dat de IND oordeelt dat vrouwen zich
kunnen aanpassen aan een situatie waarbij vrouw-zijn een reden vormt voor vervolging
en de veiligheid derhalve niet gegarandeerd kan worden?
Antwoord 15
Zie het antwoord op de vragen 6 t/m 9.
Vraag 17
Hoe verhoudt dit besluit van de IND zich tot het verdrag van Geneve, waarbij geen
mens mag worden teruggestuurd naar een land waar hij of zij gevaar loopt?
Antwoord 17
Afwijzing van een asielverzoek is enkel aan de orde indien wordt geoordeeld dat van
vervolging bij terugkeer geen sprake is. Van strijdigheid met het Verdrag van Genève
is derhalve geen sprake. Afwijzende besluiten kunnen worden voorgelegd aan de rechter.
Vraag 18
Bent u bereid de terugkeerprocedures voor vrouwen naar Afghanistan te stoppen?
Antwoord 18
Indien er na de zorgvuldige beoordeling door de IND van de asielaanvraag onvoldoende
gronden zijn om in aanmerking te komen voor bescherming dan zal de IND de aanvraag
afwijzen. Binnen het stelsel van de vreemdelingenwet betekent dit vervolgens dat betrokkene
in beginsel verplicht is Nederland te verlaten. Hierbij is het uitgangspunt dat betrokkene
dit zelfstandig doet maar daarbij ook ondersteuning kan ontvangen van de Nederlandse
overheid bij de terugkeer en herintegratie. Wanneer iemand niet zelfstandig vertrekt
dan kan worden over gegaan tot gedwongen terugkeer. Ik zie geen aanleiding van dit
stelsel af te wijken waar het gaat om personen uit Afghanistan. Wel is het zo dat
voor Afghanistan op dit moment geldt dat gedwongen terugkeer feitelijk niet mogelijk
is. Daarnaast zal op korte termijn het nieuwe ambtsbericht over Afghanistan door het
Ministerie van Buitenlandse Zaken worden gepubliceerd.
Vraag 19
Welke verantwoordelijkheid neemt u voor de veiligheid en de rechten van Afghaanse
vrouwen nadat zij worden teruggestuurd naar Afghanistan?
Antwoord 19
Zoals aangegeven in het antwoord op vraag 17 wordt bij de beoordeling op de asielaanvraag
gekeken of personen bij terugkeer een gegronde vrees voor vervolging hebben of het
risico lopen op ernstige schade.
Vraag 20
Wilt u deze vragen één voor één beantwoorden?
Antwoord 20
De vragen zijn zoveel mogelijk afzonderlijk beantwoord. Daar waar het voor de beantwoording
logischer leek zijn vragen samengepakt.
Toelichting:
Deze vragen dienen ter aanvulling op eerdere vragen terzake van de leden Dassen en
Koekkoek (beiden Volt), ingezonden 28 oktober 2025 (vraagnummer 2025Z19269
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
D.M. van Weel, minister van Asiel en Migratie -
Mede namens
D.M. van Weel, minister van Buitenlandse Zaken
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.