Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Thijssen over Nexperia
Vragen van lid Thijssen (Groelinks-PvdA) aan de Minister van Economische Zaken over Nexperia (ingezonden 11 november 2025).
Antwoord van Minister Karremans (Economische Zaken) (ontvangen 2 december 2025).
Vraag 1
Kunt u een recente stand van zaken over de ontwikkelingen en de gevolgen van uw ingrijpen
bij Nexperia naar de Kamer sturen? Verwacht u nog meer maatregelen vanuit China tegen
Nederland, de Europese Unie of andere lidstaten?
Antwoord 1
Voor de meest recente ontwikkelingen verwijs ik u graag naar de Kamerbrief die op
19 november jl.1 met uw Kamer is gedeeld. Nadere info is ook met uw Kamer gedeeld tijdens de vertrouwelijke
technische briefing op 27 november jl.
Met de Chinese autoriteiten worden gesprekken gevoerd op verschillende niveaus om
te komen tot een duurzame oplossing. Het is in het belang van zowel China als Nederland,
Europa, VS en economieën wereldwijd om hier gezamenlijk uit te komen.
Vraag 2
Had u verschillende mogelijkheden om in te grijpen bij Nexperia? Zo ja, welke mogelijkheden
lagen voor? Welke analyses van de voor- en nadelen van deze mogelijkheden zijn er?
Kunt u die met de Kamer delen?
Antwoord 2
Vanzelfsprekend zijn er verschillende maatregelen onderzocht en tegen elkaar afwogen
op geschiktheid, inzetbaarheid en effectiviteit. Doel was een geschikte maatregel
te kunnen nemen die de risico's verbonden aan het optreden van de CEO voor de beschikbaarheid
in Nederland en Europa van de productie- en R&D faciliteiten, de know how en de intellectuele
eigendomsrechten van de onderneming (de productiemiddelen) konden verhinderen of corrigeren.
Van de onderzochte maatregelen is de inzet van de Wet beschikbaarheid goederen de
enige geschikte en proportionele maatregel.
Vraag 3
Terecht waakt u over productiecapaciteiten, kennisposities of continuïteit van bedrijven
en voor het behoud van cruciale spelers in de waardeketen voor Europa; heeft u een
overzicht van productiecapaciteiten, kennisposities en bedrijven waarvan de continuïteit
belangrijk is in Nederland en Europa? Zo ja, bent u bereid dit overzicht te delen
met de Kamer? Zo nee, bent u ook van mening dat het noodzakelijk is om snel een dergelijk
overzicht te maken? Zo ja, wanneer gaat u een dergelijk overzicht delen met de Kamer?
Antwoord 3
De wereld is de afgelopen jaren flink veranderd, en het geopolitieke klimaat is verhard.
Economie en (geo)politiek worden steeds meer met elkaar verweven, en geo-economie
als concept is in opkomst. Het huidige kabinet en uw Kamer, evenals vele voorgangers,
zijn al enkele jaren bezig met het vraagstuk rondom «open strategische autonomie»,
ook wel een weerbare economie genoemd. Enkele voorbeelden van brieven waarin de kabinetsinzet
op dit punt genoemd staat zijn de Kamerbrief Visie op de toekomst van de Nederlandse industrie2, Kamerbrief Open Strategische Autonomie3 en Voortgang kabinetsaanpak risicovolle strategische afhankelijkheden.4 In deze brieven wordt ook regelmatig verwezen naar welke capaciteiten er belangrijk
zijn voor Nederland en Europa, waarbij om bijvoorbeeld bedrijfsvertrouwelijke redenen
niet altijd alles openbaar wordt gemaakt. Centraal uitgangspunt van al deze brieven
en de daarin genoemde voorstellen, zijn gericht op het beschermen van productiecapaciteiten,
kennisposities of continuïteit van bedrijven. U kunt hierbij denken aan de Wet veiligheidstoets
investeringen, fusies en overnames (Vifo). Aan de hand van de Kamerbrieven en ontwikkelde
strategieën is er ook nauwer contact met bedrijven en kennisinstellingen die in de
voor Nederland belangrijk geachte industrieën opereren.
In de Kamerbrief Industriebeleid met focus5 van 17 oktober jongstleden zet ik, via het nieuwe industriebeleid, in dat licht dan
ook in op verdere versterking van de Nederlandse positie in zes sectoren waarin Nederland
zich internationaal kan onderscheiden in de wereldeconomie, om daarin een strategische
positie te verwerven ten behoeve van het creëren van (wederzijdse) afhankelijkheden,
te weten: halfgeleiders, aan de DSII6 gerelateerde groeimarkten (in het bijzonder 6G, radar, lasersattelietcommunicatie,
quantum), biotechnologie, digitale diensten (met name AI), machinebouw en innovatieve
chemie. Met uw Kamer is hiermee dus al gedeeld op welke markten en technologieën het
kabinet in het bijzonder inzet.
Vraag 4
Naar aanleiding van dit overzicht, wat is de trend hoe het gaat met het behoud van
deze cruciale spelers voor Nederland en Europa? Hoe beoordeelt u deze trend? Wat is
het doel met betrekking tot deze cruciale spelers? Moeten zij allemaal behouden worden
voor Nederland en Europa? Waarom wel of niet? Als er geen doel geformuleerd is, bent
u bereid dit te doen zodat de Kamer inzicht kan krijgen in het behoud van productiecapaciteiten,
kennisposities of continuïteit van bedrijven en voor behoud van cruciale spelers in
Nederland en in Europa? Als u niet bereid bent een doel te formuleren, hoe kan de
Kamer dan toezicht houden op de voortgang, of achteruitgang, over onze economische
veiligheid en strategische autonomie? Belangrijker, hoe kan de regering dan weten
hoe het gesteld staat met de Nederlandse economische veiligheid en strategische autonomie?
Antwoord 4
Het beleid t.a.v. Open Strategische Autonomie en het creëren van een weerbare economie,
inclusief strategisch relevante bedrijven, is een speerpunt van het kabinet. De inzet
hierop is in meerdere Kamerbrieven vermeld, zoals ook in het antwoord op vraag 3 is
aangegeven. Belangrijke onderdelen van dit beleid zijn, naast het protect beleid en het creëren van de juiste randvoorwaarden, het in specifieke gevallen treffen
van actieve en gerichte stimulerende maatregelen om (technologische) leiderschapsposities
en essentiële capaciteiten in strategische waardeketens te verkrijgen en te behouden.
De wijze waarop dit vorm kan krijgen staat uitgewerkt in onder meer de Kamerbrief
Industriebeleid met focus van 17 oktober jongstleden7. Het in het industriebeleid geformuleerde doel is tweeledig;
1) het verdienvermogen versterken en;
2) onze economische weerbaarheid vergroten.
Dit houdt onder andere in dat we risicovolle strategische afhankelijkheden van andere
landen verminderen. Het voorkomen of verminderen van álle risicovolle strategische
afhankelijkheden is echter zowel onmogelijk als onwenselijk. Het is daarom van belang
dat we in de wereldmarkt economisch gewicht in de schaal leggen. Dat betekent dat
we essentiële capaciteiten in markten en technologieën moeten behouden en opbouwen
waardoor wederzijdse afhankelijkheden ontstaan. Het kabinet heeft hiermee gekozen
voor het selecteren van markten en technologieën. Zoals toegezegd in mijn Kamerbrief
van 1 juli 2025 over economische veiligheid4, zal het kabinet uw Kamer jaarlijks informeren
over de voortgang op het gebied van economische veiligheid. Ook het rapport van Draghi
biedt handvatten voor inzet van Nederland.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
V.P.G. Karremans, minister van Economische Zaken
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.