Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van de leden Bontenbal en Boswijk over het bericht 'Woningbouw in gevaar door nieuwe regels netcongestie'
Vragen van de leden Bontenbal en Boswijk (beiden CDA) aan de Ministers van Klimaat en Groene Groei en van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening over het bericht «Woningbouw in gevaar door nieuwe regels netcongestie» (ingezonden 7 oktober 2025).
Antwoord van Minister Hermans (Klimaat en Groene Groei), mede namens de Minister van
Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (ontvangen 24 november 2025).
Vraag 1
Bent u bekend met het artikel «Woningbouw in gevaar door nieuwe regels netcongestie»1?
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Klopt het dat de Autoriteit Consument en Markt (ACM) op 1 januari met een nieuw prioriteringskader
voor netcapaciteit komt, maar dat het nog onduidelijk is of de voorrang voor woningbouw
daarin blijft bestaan?
Antwoord 2
Het klopt dat de ACM uiterlijk 1 januari 2026 een nieuw definitief besluit zal nemen
voor het prioriteringskader voor transportverzoeken. De verwachting is dat dit besluit
midden december zal worden gepubliceerd. De aanleiding voor dit nieuwe besluit is
dat het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) het huidige prioriteringskader
in maart heeft vernietigd en heeft bepaald dat het prioriteringskader per 1 januari
2026 komt te vervallen. De ACM heeft daarop aangekondigd werk te gaan maken van een
nieuw kader dat voldoet aan de gestelde eisen van het CBb. Hiertoe heeft de ACM in
juni een ontwerpbesluit gepubliceerd ter consultatie2. In dit nieuwe ontwerpbesluit krijgt woningbouw opnieuw voorrang en zijn mogelijkheden
voor woningbouw om voorrang aan te vragen uitgebreid. Als het definitieve besluit
aansluit bij het ontwerpbesluit kunnen ook collectieve woonvormen voorrang krijgen,
net als individuele woningen die een grotere aansluiting willen. Dit sluit aan bij
mijn advies aan de ACM ten aanzien van het prioriteringskader van 16 mei jl. en sluit
ook aan bij de Motie Postma3.
Zoals genoemd in de bijlage «voortgang beleid netcongestie» bij de Kamerbrief voortgang
netcongestie van 6 oktober4, reserveren de netbeheerders momenteel capaciteit voor het aansluiten van alle (toekomstige)
kleinverbruikers, zodat elke kleinverbruiker transportcapaciteit krijgt toegewezen,
als die capaciteit er is. Grootverbruikers met prioriteit, zoals ziekenhuizen en defensie,
komen ondertussen op de wachtrij. Het risico van deze werkwijze is dat er ook onnodig
te veel gereserveerd wordt terwijl er ook partijen op de wachtrij staan. Deze werkwijze
doet geen recht aan de volgorde van het prioriteringskader en moet daarom veranderen,
ook om de woningbouw opgave te borgen.
Netbeheerders hebben aangegeven tot 1 juli 2026 nodig te hebben om het nieuwe prioriteringskader
voor kleinverbruikers te implementeren. Grootverbruikers kunnen per 1 januari 2026
al in lijn met het nieuwe kader prioriteit aanvragen. Voor kleinverbruikers hebben
netbeheerders tijd nodig voor het duiden van de impact van het nieuwe kader, het tijdig
informeren van klanten en het aanpassen van bedrijfsprocessen. Tot 1 juli 2026 blijft
de huidige werkwijze daarom gelden en kan dus ook woningbouw, zolang daar capaciteit
voor is, op de bestaande wijze worden aangesloten. Dit biedt ook ruimte aan kleinverbruikers
om zich voor te bereiden op de nieuwe werkwijze.
Gelijktijdig met de implementatie van het nieuwe prioriteringskader werken netbeheerders,
het Ministerie van Klimaat en Groene Groei, het Ministerie van Volkshuisvestiging
en Ruimtelijke Ordening, de ACM en IPO en VNG samen aan de nieuwe werkwijze van eerder
aanvragen die zowel voor klein- als grootverbruikers zal gelden. De nieuwe werkwijze
zal in lijn zijn met de uitgangspunten van het non-discriminatoir, objectief en transparant
toekennen van transportcapaciteit. De prioritaire status van woningbouw wordt hierin
geborgd.
Het is in de nieuwe werkwijze belangrijk dat ook prioritaire kleinverbruikers zoals
woningbouwprojecten en scholen tijdig worden gemeld bij de netbeheerder en zij zowel
transportvermogen als prioriteit aanvragen. Dit eerder aanvragen van vermogen en prioriteit
is niet alleen voor netbeheerders een nieuwe werkwijze, maar ook voor gemeenten en
projectontwikkelaars. Zij krijgen daarom tijd om zich aan te passen aan deze nieuwe
werkwijze en worden betrokken bij de uitwerking van het genoemde proces tot eerder
aanvragen. De gereserveerde ruimte wordt daarom ook niet direct na 1 juli aan alle
partijen op de wachtrij vrijgegeven door de netbeheerders, maar wordt stapsgewijs
beschikbaar gesteld; eerst alleen aan partijen met prioriteit. Dit is noodzakelijk
voor een zorgvuldige overgang naar de nieuwe werkwijze.
Het uitganspunt is dat op 1 januari 2027 de nieuwe werkwijze volledig in werking treedt.
Ook niet-prioritaire partijen kunnen dan aanspraak maken op de resterende gereserveerde
ruimte. Snelheid mag echter niet ten koste van de zorgvuldigheid en uitvoerbaarheid
gaan. Tevens zal ook na 1 januari als onderdeel van de overgangsperiode nog een beperkte
hoeveel transportcapaciteit achter de hand worden gehouden door netbeheerders, zodat,
in het geval van onvoorziene omstandigheden van de nieuwe werkwijze, het nog mogelijk
is om bij te sturen.
Vraag 3
Wat is uw reactie op de waarschuwing van de gemeenten Amsterdam, Den Haag, Rotterdam
en Utrecht dat zonder duidelijke afspraken en landelijke regie de bouw van ruim 160.000
woningen en maatschappelijke voorzieningen zoals scholen en laadinfrastructuur in
gevaar komt? Hoe groot acht u dit risico?
Antwoord 3
Het kabinet snapt de zorgen die er zijn bij gemeenten over impact van netcongestie
op de bouw van nieuwe woningen en begrijpt de oproep om landelijke regie. De hierboven
genoemde afspraken met netbeheerders en de ACM zorgen ervoor dat partijen tijd krijgen
om voor woningbouwprojecten capaciteit en prioriteit aan te vragen. De gereserveerde
capaciteit blijft tijdens de overgangssituatie beschikbaar voor prioritaire partijen
zoals woningbouw. De uitwerking van het eerder aanvragen én toekennen van transportcapaciteit
zal er daarnaast voor zorgen dat ook na de overgangssituatie woningbouw zo veel mogelijk
door kan gaan.
Dat neemt echter niet weg dat ruimte schaars is, ook in de toekomst. Het is dan ook
van belang dat gemeenten bij het opstellen van hun woningbouwplannen rekeninghouden
met de schaarse capaciteit en daar efficiënt gebruik van maken door te sturen op netbewuste
nieuwbouw.
Publieke laadinfrastructuur is niet opgenomen in het concept prioriteringskader van
de ACM. Om aangesloten te kunnen worden is het noodzakelijk dat laadpaalexploitanten
afspraken kunnen maken met de netbeheerders over netbewust laden. Dit zodat laadpaalexploitanten,
door het net buiten de pieken om te gebruiken, ook in de toekomst perspectief hebben
om te kunnen worden aangesloten. Vanuit het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat
lopen hierover al gesprekken met de netbeheerders, maar de noodzaak voor alternatieve
contractvormen voor laadpalen wordt hiermee vergroot.
Vraag 4
Kunt u garanderen dat de nu geldende voorrang voor woningbouw ook in het nieuwe prioriteringskader
overeind blijft?
Antwoord 4
Ook in het nieuwe prioriteringskader van de ACM wordt woningbouw opgenomen als onderdeel
van de prioritaire categorie basisbehoefte. Daarmee verandert de voorrang van woningbouw
op niet-prioritaire aanvragen niet.
Vraag 5
Hoe gaat u ervoor zorgen dat er al ruim vóór 1 januari 2026 voldoende duidelijkheid
is voor projectontwikkelaars en gemeenten over het prioriteringskader, zodat lopende
woningbouwprojecten niet onverwacht stagneren of stilvallen?
Antwoord 5
Donderdag 13 november is er een informatiebijeenkomst geweest, georganiseerd door
de koepelorganisaties van de medeoverheden -de Vereniging Nederlandse gemeente (VNG)
en het Interprovinciaal Overleg (IPO). Hierin zijn gemeenten en provincies door de
ACM, netbeheerders en het Ministerie van Klimaat en Groene Groei geïnformeerd over
de ontwikkelingen op het gebied van het prioriteringskader van de ACM en is duidelijkheid
gegeven hoe omgegaan zal worden met huidige reserveringen. Hierin zijn de zorgen van
aanwezigen geadresseerd en zijn zover toen al bekend bovengenoemde afspraken aan bod
gekomen.
Zoals aangegeven bij het antwoord op vraag 2 verandert er niets op 1 januari voor
projectontwikkelaars en gemeenten en zullen zij voldoende tijd krijgen om zich aan
te passen op de nieuwe werkwijze en goed worden betrokken bij de uitwerking van het
proces tot eerder aanvragen.
Vraag 6
Wat is uw reactie op de oproep van deze gemeenten met betrekking tot heldere communicatie
over de invoering en gevolgen van nieuwe prioriteitsregels, garanties voor een zorgvuldige
overgang zodat lopende projecten niet stilvallen en hun betrokkenheid bij gesprekken
met o.a. de ACM over het nieuwe prioriteringskader? Kunt u in ieder geval toezeggen
dat de gemeenten bij deze gesprekken worden betrokken?
Antwoord 6
Ja, zowel gemeenten als provincies zullen via de VNG en het IPO worden betrokken bij
toekomstige gesprekken over bovenstaande onderwerpen. Duidelijke communicatie is inderdaad
van belang, hiervoor zal nauw samen worden gewerkt met de netbeheerders, de ACM, het
IPO, de VNG en KGG.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
S.T.M. Hermans, minister van Klimaat en Groene Groei -
Mede namens
M.C.G. Keijzer, minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.