Schriftelijke vragen : Het bericht ‘Kabinet negeert alarmbellen rond nieuwe Zeeuwse kerncentrales’
Vragen van het lid Teunissen (PvdD) aan de Minister van Klimaat en Groene Groei over het bericht «Kabinet negeert alarmbellen rond nieuwe Zeeuwse kerncentrales» (ingezonden 24 november 2025).
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van het artikel «Kabinet negeert alarmbellen rond nieuwe Zeeuwse
kerncentrales»?1
Vraag 2
Klopt het dat op uw ministerie al sinds 2024 meerdere rapporten bekend zijn (onder
meer van Deltares, Arcadis en de Commissie voor de milieueffectrapportage) waarin
wordt gewezen op mogelijke ecologische en juridische risico’s bij de waterkoeling
van kerncentrales in de Westerschelde?
Vraag 3
Kunt u bevestigen dat deze rapporten reeds beschikbaar waren vóór het versturen van
uw voortgangsbrief van mei 2025 aan de Kamer? Zo ja, waarom zijn deze koelwaterwaarschuwingen
toen niet met de Kamer gedeeld?
Vraag 4
Kunt u toelichten op welke wijze deze rapporten zijn meegenomen in het huidige locatieonderzoek
voor nieuwe kerncentrales?
Vraag 5
Hoe beoordeelt u de conclusie van Deltares dat de Westerschelde tijdens de levensduur
van de geplande kerncentrales structureel te warm kan worden om als koelwaterbron
te dienen zonder schending van Europese regelgeving?
Vraag 6
Hoe beoordeelt u de mogelijke impact van opwarming van het koelwater in de Westerschelde
op de ecologische toestand van het Natura 2000-gebied en op de bedrijfsvoering van
de geplande kerncentrales?
Vraag 7
Herkent u het beeld dat er al sprake is van regelmatige onderwaterhittegolven in de
Westerschelde? Wat betekent dit voor de toekomstige bedrijfszekerheid van nieuwe kerncentrales
in Borssele of Terneuzen?
Vraag 8
Kunt u uitsluiten dat de geplande kerncentrales incidenteel of structureel moeten
worden stilgelegd wegens te warm koelwater, zoals reeds gebeurt bij Franse kerncentrales
tijdens warmteperiodes?
Vraag 9
Klopt het dat de provincie Zeeland in de «Borselse voorwaarden» heeft vastgelegd dat
er geen koeltorens mogen komen, waardoor waterkoeling de enige resterende optie lijkt?
Vraag 10
Kunt u aangeven wat de meerkosten zouden zijn van kerncentrales met koeltorens ten
opzichte van waterkoeling, mede gezien de bevindingen van de International Atomic
Energy Agency (IAEA) dat koeltorens vier tot vijf keer duurder zijn?
Vraag 11
Bent u bereid de Kamer inzicht te geven in de financiële en juridische risico’s van
beide koelingsopties (directe waterkoeling versus koeltorens) alvorens verdere besluiten
worden genomen over de oprichting van het staatsbedrijf NEO NL en de locatiekeuze?
Vraag 12
Hoe verhoudt de inzet op Zeeland zich tot de verplichting onder artikel 4 van de Kaderrichtlijn
Water om verslechtering van de waterkwaliteit te voorkomen, zeker gezien de huidige
chemische belasting van de Westerschelde?
Vraag 13
Hoe zorgt u ervoor dat de Kamer volledig geïnformeerd wordt over de ecologische, juridische
en financiële risico’s in het besluitvormingsproces over de kerncentrales?
Vraag 14
Kunt u toezeggen dat er geen onomkeerbare stappen worden gezet in de voorbereiding
van de nieuwe kerncentrales (zoals de oprichting of kapitalisatie van NEO NL), voordat
de Kamer volledig inzicht heeft gekregen in de koelwaterproblematiek en de ecologische
haalbaarheid van de locaties in Zeeland? Zo nee, waarom niet?
Indieners
-
Gericht aan
S.T.M. Hermans, minister van Klimaat en Groene Groei -
Indiener
Christine Teunissen, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.