Schriftelijke vragen : Het ontbreken van verdoving bij late zwangerschapsafbreking
Vragen van het lid Diederik van Dijk (SGP) aan de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over het ontbreken van verdoving bij late zwangerschapsafbreking (ingezonden 21 november 2025).
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van de bevinding van de beoordelingscommissie dat artsen bij
late zwangerschapsafbreking (vanaf 24 weken) niet standaard verdoving toedienen aan
het ongeboren kind?1
Vraag 2
Vindt u het ook afschuwelijk dat in Nederland blijkbaar ongeboren kinderen vanaf 24
weken zwangerschap onverdoofd worden gedood? Kunt u de exacte cijfers delen hoe vaak
in de afgelopen jaren onverdoofde late zwangerschapsafbreking heeft plaatsgevonden?
Vraag 3
Wat vindt u van de aanbeveling van de beoordelingscommissie dat het zeer wenselijk
is om systemische verdoving toe te passen? Waarom rept u in uw bijgaande Kamerbrief
met geen woord over deze aanbeveling van de commissie?2
Vraag 4
Waarom bestaat er geen medische richtlijn ten aanzien van het toedienen van verdoving
of pijnbestrijding bij een late zwangerschapsafbreking?
Vraag 5
Bestaat een dergelijke richtlijn voor het toedienen van verdoving bij late zwangerschapsafbreking
in andere landen wel?
Vraag 6
Oefent u druk uit op de Nederlandse beroepsgroep om zo’n richtlijn zo spoedig mogelijk
op te stellen?
Vraag 7
Wat vindt u van de stelling van de commissie dat het ontbreken van verdoving géén
invloed heeft op de beoordeling van de zorgvuldigheid van een melding, aangezien een
richtlijn hiervoor ontbreekt? Bent u het eens dat het ontbreken van een richtlijn
nooit reden kan zijn om een ongeboren kind pijn te laten lijden?
Vraag 8
Wat vindt u ervan dat volgens de commissie in dit geval géén sprake was van een onzorgvuldigheid,
in acht genomen dat er brede wetenschappelijke consensus bestaat dat ongeboren kinderen
(in ieder geval) vanaf 24 weken zwangerschap pijn ervaren?3
Vraag 9
Kunt u aangeven welke verplichtingen artsen op grond van het gezondheidsrecht hebben
om pijn bij ongeboren kinderen te voorkomen?
Vraag 10
Kunt u bevestigen dat het ontbreken van een medische richtlijn niets afdoet aan de
verantwoordelijkheid van de arts om zelfstandig een verantwoorde behandelwijze te
kiezen?
Vraag 11
Welke rol speelt hierbij volgens u het voorzorgsbeginsel, waarnaar ook in de uitleg
van artikel 24 van het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind (het
recht op gezondheid) wordt verwezen?
Vraag 12
Bent u bekend met wetenschappers die stellen dat het ongeboren kind al in een veel
vroeger stadium pijn ervaart, of dat pijn vóór 24 weken zwangerschap niet kan worden
uitgesloten?4
Vraag 13
Kunt u bevestigen dat bij foetale chirurgie het gebruik van verdoving wél gebruikelijk
is, in ieder geval bij een zwangerschap vanaf 16 weken, zoals ook blijkt uit een interview
met foetaal chirurg Monique Haak?5
Vraag 14
Is de praktijk van het standaard toepassen van verdoving bij foetale chirurgie verplicht
in een richtlijn? Zo ja, heeft deze richtlijn ook betrekking op chirurgische handelingen
bij zwangerschappen vóór 24 weken?
Vraag 15
Klopt het dat bij abortus voor 24 weken het toedienen van verdoving niet verplicht
is?
Vraag 16
Als het zo is dat in richtlijnen voor foetale of prenatale chirurgie verdoving wél
standaard is, maar bij abortus en late zwangerschapsafbreking niet, wat vindt u daar
dan van?
Vraag 17
Hoe beoordeelt u dit verschil in het licht van het non-discriminatiebeginsel?
Vraag 18
Bent u het eens dat het kunnen voelen van pijn bij ongeboren kinderen van morele en
ethische betekenis is, ook al kunnen zij hierop niet zelf reflecteren?
Vraag 19
Bent u, alles overwegende, bereid om een grondige bezinning te starten op het ervaren
van pijn bij ongeboren kinderen en het (uit voorzorg) toepassen van verdoving bij
zowel abortus als late zwangerschapsafbreking?
Vraag 20
Bent u het eens dat het beëindigen van de zwangerschap na 24 weken in allerlei opzichten
dusdanig ingrijpend is, dat het eigenlijk in Nederland niet zou moeten voorkomen?
Indieners
-
Gericht aan
J.Z.C.M. Tielen, staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport -
Indiener
Diederik van Dijk, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.