Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op van het lid Sneller, naar aanleiding van het bericht 'Stadsaccountant Den Haag: ‘Wij zijn zo een miljoentje goedkoper dan de Big Four’'
Vragen van het lid Sneller (D66) aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over het bericht «Stadsaccountant Den Haag: «Wij zijn zo een miljoentje goedkoper dan de Big Four»» (ingezonden 15 september 2025).
Antwoord van Minister Rijkaart (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) (ontvangen
17 november 2025). Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025–2026, nr. 210.
Vraag 1
Wat is uw reactie op het bericht «Gemeente-accountant wil alternatief zijn voor commerciële
kantoren»?1
Antwoord 1
Ik heb kennis genomen van het bericht «Gemeente-accountant wil alternatief zijn voor
commerciële kantoren». In de beantwoording van de overige vragen vindt u mijn reactie.
Vraag 2
Deelt u de wenselijkheid van meer accountants in publieke dienst voor dienstverlening
aan organisaties in de publieke sector, zoals gemeenten? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 2
Een aantal gemeenten in Nederland heeft accountants in gemeentelijke dienst. De afweging
of het wenselijk is om een accountant in dienst te nemen, dient door decentrale overheden
zelf gemaakt te worden. Decentrale overheden bepalen ook zelf, welke werkzaamheden
zij door de accountants in eigen dienst willen laten uitvoeren.
Specifiek kan de gemeenteraad op grond van artikel 213, tweede lid, van de Gemeentewet
een of meer accountantsorganisaties aanwijzen voor de externe controle van de financiële
verantwoording. De accountant controleert de jaarrekening en geeft een oordeel hierover.
Dit is een wettelijke controle, zoals bedoeld in de Wet toezicht accountantsorganisaties
(Wta)2, met als hoofddoel om de gebruikers van de financiële verantwoording van een gemeente
een oordeel te geven over de mate van getrouwheid. Accountantsorganisaties voeren
het overgrote deel uit van de jaarrekeningcontroles bij decentrale overheden.
Gemeenten kunnen er op grond van artikel 213 lid 7 van de Gemeentewet ook voor kiezen
om de jaarrekeningcontrole, zoals bedoeld in artikel 213 lid 2, uit te laten voeren
door accountants in gemeentelijke dienst. Voor de controle van de jaarrekening gelden
op basis van artikel 213 lid 8 en 9 eisen, waar de accountant aan moet voldoen. Deze
vloeien voort uit de Wta en zien specifiek op eisen voor de jaarrekeningcontrole.
Nederland kent op dit moment twee gemeentelijke accountantsdiensten die jaarrekeningcontroles,
zoals bedoeld in artikel 213 lid 2, uitvoeren.
De accountant in dienst van een gemeente kan tevens diensten verrichten voor andere
decentrale overheden. Ook hiervoor geldt dat de afweging, of het wenselijkheid om
diensten van een gemeentelijke accountantsdienst af te nemen, aan decentrale overheden
zelf is.
Vraag 3
Welke signalen heeft u dat (kleinere) gemeenten het lastig vinden om een commerciële
accountant te vinden voor de jaarlijkse controle?
Antwoord 3
Individuele gemeenten hebben eerder aangegeven dat zij moeite hebben om een accountantsorganisatie
te vinden voor de uitvoering van de controle van de jaarrekening. In algemene zin
heb ik echter geen aanwijzingen dat er sprake is van een landelijk tekort, of dat
gemeenten op korte termijn geen jaarrekeningcontroles kunnen laten uitvoeren.
Vraag 4
Wat is uw inschatting van de mogelijke kostenbesparing voor gemeenten als zij gebruik
zouden maken van een publieke accountant in plaats van commerciële kantoren? Indien
u dit thans niet kunt maken, bent u bereid dit na te (laten) gaan?
Antwoord 4
Ik kan geen inschatting geven van het verschil in kosten tussen private accountantskantoren
en gemeentelijke accountantsdiensten. Naast dat ik het niet mijn rol vindt om hier
uitspraken over te doen, is dit marktgevoelige informatie en hangt dit zeer af van
de mate waarin de te controleren decentrale overheid haar risico’s beheerst en daarover
voldoende en inzichtelijke controle-informatie kan verschaffen aan de externe accountant.
Vraag 5
Kunt u in ieder geval inzichtelijk maken hoe de tarieven van de dienstverlening door
commerciële kantoren voor gemeenten zich het afgelopen decennium hebben ontwikkeld
en hoe de tarieven / kosten van gemeentelijke accountantsdiensten zijn veranderd gedurende
de dezelfde periode?
Antwoord 5
Zoals bij de beantwoording van vraag 4 aangegeven, vind ik het niet mijn rol om hier
uitspraken over te doen en is het primair aan decentrale overheden zelf om tot een
overeenkomst met accountants te komen.
Vraag 6
Welke mogelijkheden ziet u om initiatieven zoals dat van de Gemeentelijke Accountantsdienst
(GAD) te ondersteunen?
Antwoord 6
Als Minister van BZK hecht ik aan een goed functionerend stelsel van controle door
accountants. Zoals aangegeven, bieden wet- en regelgeving op dit moment geen belemmering
voor de oprichting van gemeentelijke accountantsdiensten en het door hen laten verrichten
van een externe jaarrekeningcontrole. Er zijn mij momenteel geen signalen bekend dat
decentrale overheden in dit kader behoefte hebben aan aanvullende ondersteuning. Ik
blijf hierover met gemeenten en de VNG in gesprek. Indien uit die gesprekken blijkt
dat aanvullende ondersteuning nodig is, dan zal ik op dat moment in overleg beoordelen
welke maatregelen passend zijn.
Vraag 7
Ziet u daarnaast ook een rol voor het Rijk om te voorzien in de functie van een publieke
accountant voor gemeenten en andere overheden?
Antwoord 7
Zoals bij de beantwoording van vraag 6 aangegeven, zijn er op dit moment geen signalen
bekend die een aanleiding vormen voor aanvullende maatregelen of ondersteuning. Ik
zie nu dus ook geen noodzaak tot het oprichten van een publieke accountant.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
F. Rijkaart, minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.