Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Joseph over de spreiding van financiële schokken in de uitkeringsfase van flexibele premieregelingen
Vragen van het lid Joseph (BBB) aan de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over de spreiding van financiële schokken in de uitkeringsfase van flexibele premieregelingen (ingezonden 8 oktober 2025).
Antwoord van Staatssecretaris Rutte (Justitie en Veiligheid) (ontvangen 3 november
2025)
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van het bericht «Aon: regels voor spreiding schokken benadelen
deelnemers in flexibele regeling» uit Pensioen Pro, 9 september 2025?1
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Kunt u bevestigen dat het volgens de interpretatie van De Nederlandsche Bank (DNB)
van de Pensioenwet het niet is toegestaan om binnen de flexibele premieregeling gelijke
aanpassingen van de uitkeringen van alle gepensioneerden te realiseren bij het spreiden
van financiële schokken in de tijd?
Antwoord 2
In de flexibele premieregeling is het binnen het collectief toedelingsmechanisme al
mogelijk om gelijke aanpassingen van pensioenuitkeringen en het spreiden van financiële
resultaten te realiseren voor alle pensioengerechtigden. Daarbij wil ik wel opmerken
dat het in de eerste jaren direct na pensioendatum van een gepensioneerde in de praktijk
uitvoeringstechnisch complex is om het collectief toedelingsmechanisme zodanig in
te richten dat de pensioenuitkeringen van een net pensioengerechtigde in gelijke mate
meebewegen met de pensioenuitkeringen van andere pensioengerechtigden. In de praktijk
kiezen veel pensioenuitvoerders er daarom voor om bij de flexibele premieregeling
de pensioenuitkeringen van net pensioengerechtigden niet in gelijke mate aan te passen.
Daardoor krijgen net gepensioneerden een andere verhoging of verlaging van de pensioenuitkering.
Omdat bovenstaande niet past bij het doel van gelijke aanpassingen van pensioenuitkeringen
en zorgt voor een complexe uitvoering, ook op communicatief vlak, heeft de regering
een aanpassing van gelijke aanpassingen bij de flexibele premieovereenkomst in het
Wetsvoorstel toezeggingen pensioenonderwerpen opgenomen. Zoals reeds aan uw Kamer
gemeld wordt het Wetsvoorstel toezeggingen pensioenonderwerpen naar verwachting in
het eerste kwartaal van 2026 naar uw Kamer gestuurd. Hiermee regelen we dat bij pensioneren
in de flexibele premieregeling rekening gehouden kan worden met de aanpassingen die
op dat moment nog niet volledig zijn verwerkt vanwege de spreiding van eerdere financiële
resultaten. Dit kan door eenmalig op pensioendatum een deel van het kapitaal te alloceren
voor de toekomstige gelijke aanpassingen. De pensioenuitkering van de net gepensioneerde
kan hiermee in de eerste jaren van het pensioen zonder ex-ante herverdeling in gelijke
mate meebewegen met de pensioenuitkeringen van andere pensioengerechtigden. Deze handelwijze
is voor pensioenuitvoerders beter uitvoerbaar en communicatief eenvoudiger. Hiermee
wordt ook tegemoet gekomen aan de wensen van de auteurs van het artikel waar u in
uw vraag 1 naar verwijst. Pensioenuitvoerders kunnen kiezen om hier gebruik van te
maken.
Vraag 3
Klopt het dat pensioenfondsen binnen de flexibele premieregeling deelnemers bij pensionering
niet mogen laten inkopen in een spreidingsreserve, terwijl dit binnen de solidaire
premieregeling op grond van het Besluit Gelijke aanpassingen met spreiden wel is toegestaan
en zelfs verplicht is?2
Antwoord 3
Bij de solidaire premieregeling verdeelt de pensioenuitvoerder bij pensioeningang
het voor pensioenuitkering bestemd vermogen in een uitkeringsvermogen en een spreidingsvermogen.
Zoals in het antwoord op vraag 2 aangegeven, wordt het binnen de flexibele premieregeling
mogelijk gemaakt dat bij pensioneren rekening gehouden kan worden met de aanpassingen
die op dat moment nog niet volledig zijn verwerkt vanwege de spreiding van eerdere
financiële resultaten. Dit kan door eenmalig het alloceren van een deel van het kapitaal
op pensioeningang voor de toekomstige gelijke aanpassingen. In de uitkeringsfase van
de flexibele premieregeling is geen sprake van een spreidingsvermogen.
Vraag 4
Kunt u uitleggen waarom bij de invoering van dat besluit in juli 2024 uitsluitend
de solidaire premieregeling is meegenomen, terwijl de behoefte aan het in gelijke
mate spreiden van financiële schokken in de tijd voor gepensioneerden in beide regelingen
vergelijkbaar is?
Antwoord 4
Het is belangrijk om op te merken dat het wat betreft de flexibele premieregeling
al vóór het in de vraag genoemde Besluit mogelijk was om financiële schokken collectief
te spreiden in een van de individuele opbouwfase gescheiden uitkeringsfase en daarmee
gelijke aanpassingen te realiseren in de uitkeringsfase. Destijds was collectief spreiden
van schokken in de uitkeringsfase niet mogelijk in de solidaire premieregeling. Dit
was wel een wens vanuit uw Kamer via het amendement Palland3, dat als doel had bij te dragen aan de uitvoerbaarheid en uitlegbaarheid van de solidaire
premieregeling. Met het amendement wordt voorzien in de mogelijkheid om in de uitkeringsfase
van de solidaire premieregeling de toedelingsregels voor financiële resultaten aan
te kunnen passen, om daarmee gelijke aanpassingen met spreiden te realiseren. Het
amendement bleek zonder nadere kaders onvoldoende duidelijkheid te geven over de voorwaarden
waaraan een uitkeringsfase met gelijke aanpassingen met spreiden moet voldoen in de
uitvoering van een solidaire premieregeling. Daarom is het Besluit gelijke aanpassingen
met spreiden bij een solidaire premieregeling geschreven, dat invulling heeft gegeven
aan de uitvoeringskaders.
Vraag 5
Kunt u bevestigen dat het aan het besluit onderliggende amendement-Palland juist beoogde
de solidaire regeling in lijn te brengen met de mogelijkheden en voordelen van de
flexibele regeling, ten aanzien van het spreiden van schokken in de uitkeringsfase?
En dat het daarom opmerkelijk is dat de uitwerking in de huidige uitvoeringspraktijk
juist tot gevolg heeft dat er wederom een verschil is ontstaan tussen de uitvoering,
nu juist ten nadele van de deelnemers in de flexibele regeling?4
Antwoord 5
Zoals in het antwoord op vraag 4 aangegeven, beoogde het amendement om in de uitkeringsfase
van de solidaire premieregeling de toedelingsregels voor financiële resultaten aan
te kunnen passen, om daarmee gelijke aanpassingen met spreiden te realiseren. Hierbij
is beperkte herverdeling tussen pensioengerechtigden toegestaan voor zover dat nodig
is om gelijke aanpassingen in de uitkeringsfase te realiseren. Dit is vergelijkbaar
met de beperkte herverdeling die in het collectief toedelingsmechanisme van de flexibele
premieregeling kan ontstaan.
Het in lijn brengen van de solidaire premieregeling met de mogelijkheden van de flexibele
premieregeling was geen oplossing geweest voor het uitvoeringstechnisch mogelijk maken
van gelijke aanpassingen met spreiden in de solidaire premieregeling. Dat had namelijk
betekend dat de zogenoemde dakpansgewijze methode toegepast had moeten worden binnen
de solidaire premieregeling, wat uitvoeringstechnisch complex was omdat er destijds
nog geen collectieve manier van spreiden mogelijk was zoals nu in het spreidingsvermogen
is geregeld. Om gelijke aanpassingen met spreiden in de solidaire premieregeling mogelijk
te maken, is destijds via het amendement het collectief spreiden van schokken in de
uitkeringsfase binnen de solidaire premieregeling mogelijk gemaakt.
Vraag 6
Acht u deze ongelijkheid tussen de twee premieregelingen wenselijk en uitlegbaar richting
deelnemers?
Antwoord 6
Het eerdergenoemde besluit maakt het uitvoeringstechnisch mogelijk dat uitvoerders
in de solidaire premieregeling, net als in de flexibele premieregeling, collectief
kunnen spreiden en gelijke aanpassingen kunnen realiseren in de uitkeringsfase. Later
is gebleken dat de mogelijkheden hiervoor binnen de flexibele premieregeling uitvoeringstechnisch
complex zijn, ook op communicatief vlak. Met de beoogde aanpassing zoals omschreven
in het antwoord op vraag 2 wordt het mogelijk gemaakt om binnen de flexibele premieregeling
op een beter uitvoerbare en uitlegbare wijze ook voor net pensioengerechtigden gelijke
aanpassingen met spreiden te realiseren.
Vraag 7
Ziet u mogelijkheden om, net als bij de solidaire regeling, door middel van een aanvullend
besluit of wijziging de Pensioenwet ook binnen de flexibele premieregeling gelijke
aanpassingen met spreiden mogelijk te maken?
Antwoord 7
Zie het antwoord op vraag 2.
Vraag 8
Deelt u de opvatting dat een dergelijke aanpassing bijdraagt aan een eenvoudiger en
goedkoper uitvoeringsproces, een beter uitlegbare regeling voor deelnemers, en meer
stabiliteit in de pensioenuitkering bij pensionering?
Antwoord 8
Zie het antwoord op vraag 2.
Vraag 9
Deelt u de opvatting dat met inkoop op pensioendatum van toekomstige dakpannen danwel
inkoop in de spreidingsreserve bij geheugenloos spreiden, gelijke aanpassingen van
alle lopende pensioenen mogelijk zijn, zonder dat dit tot herverdeling tussen de deelnemers
leidt?
Antwoord 9
De verdeling van vermogen bij pensioeningang in een spreidingsvermogen en uitkeringsvermogen
bij de solidaire premieregeling en het alloceren van een deel van het kapitaal op
pensioeningang bij de flexibele premieregeling voor toekomstige gelijke aanpassingen
leidt tot (nagenoeg) geen ex-ante herverdeling.
Vraag 10
Bent u bereid om, mede in het licht van het genoemde amendement en besluit, te bezien
hoe de regels voor spreiding en inkoop kunnen worden vereenvoudigd en geharmoniseerd
tussen de solidaire en flexibele premieregeling, en de Kamer hierover vóór 1 januari
2026 te informeren?
Antwoord 10
Zie het antwoord op vraag 2.
Vraag 11
Kunt u deze vragen één voor één en binnen drie weken beantwoorden?
Antwoord 11
De antwoorden zijn zo snel als mogelijk verzonden.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
M.L.J. Paul, minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.