Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Peter de Groot over het bericht 'RvS keihard over schrappen voorrang statushouders: strijdig met de Grondwet'
Vragen van het lid Peter de Groot (VVD) aan de Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening over het bericht «RvS keihard over schrappen voorrang statushouders: strijdig met de Grondwet» (ingezonden 25 september 2025).
Antwoord van MinisterKeijzer (Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening) (ontvangen
31 oktober 2025).
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «RvS keihard over schrappen voorrang statushouders:
strijdig met de Grondwet»?1
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2 en 3
Hoe garandeert u dat deze oplossingen daadwerkelijk vóór de ingangsdatum van de wet
resultaat opleveren? Is hiervoor extra inspanning van het kabinet nodig? Zo ja, om
welke inspanningen gaat het dan?
Kunt u exact aangeven welke oplossingen u voor ogen heeft om te voorkomen dat statushouders
langer in opvanglocaties moeten blijven als hun voorrang bij sociale huurwoningen
verdwijnt?
Antwoord 2 en 3
Het voorgestelde verbod op voorrang moet in samenhang gezien worden met verschillende
andere wettelijke maatregelen2 met het beoogde effect om grip te krijgen op asielmigratie. De wetsvoorstellen inzake
asielnoodmaatregelen en de invoering van het twee statusstelsel zijn op 3 juli 2025
door de Tweede Kamer aangenomen. Ook wordt gewerkt aan de implementatie van het Europese
migratiepact. Het kabinet is neemt daarbij als uitgangspunt dat er voor vergunninghouders
– net zoals voor iedere andere woningzoekende – in beginsel sprake is van een eigen
verantwoordelijkheid om indien mogelijk te voorzien in de huisvesting, bijvoorbeeld
bij vrienden of familie. Verder kunnen zij zelf mogelijk een woning kopen of huren
(in het particulier segment, onzelfstandig, bij een hospita, of anderszins), of kunnen
zij een beroep doen op hun werkgever als zij werk hebben.
In de brief over het samenhangend pakket aan maatregelen die op 11 juli aan uw Kamer
is verstuurd3, licht het kabinet toe welke maatregelen verder moeten zorgen voor voldoende uitstroom
uit de asielopvang. Dit gaat om het uitbreiden van huisvestingsmogelijkheden voor
statushouders, door onder meer de realisatie van meer (tijdelijke) woningvoorraad
en de inzet op woningdelen. Het kabinet ondersteunt gemeenten hierbij met verschillende
financiële regelingen. Zo kunnen gemeenten momenteel gebruikmaken van de Stimuleringsregeling
Flex- en Transformatiewoningen (SFT), de bekostigingsregeling doorstroomlocaties en
de regeling voor een eenmalige bijdrage bij uitstroom naar onzelfstandig wonen of
tijdelijk onderdak (HAR+). De regeling doorstroomlocaties en de HAR+, die ook kunnen
worden ingezet voor onzelfstandige verhuur (woningdelen), hebben als doel om de uitstroom
van statushouders te versnellen. Daarnaast wil het kabinet gemeenten nog extra ondersteunen
bij het plaatsen van tijdelijke woningen. Hiertoe bereid ik een aanpassing op de SFT-regeling
voor. Het voornemen is om deze regeling met een jaar te verlengen tot en met 2027.
Het budget wil ik tevens verhogen naar € 178,5 miljoen. In aanvulling op de bijdrage
aan de onrendabele business case van € 14.000,– per woning, ontvangen gemeenten ook
€ 6.000,– per woning voor sociaal beheer. Mijn voornemen is dat ook onzelfstandige
woonruimten en splitsen van woonruimte onder deze regeling gaan vallen.
Naast deze inzet op de uitbreiding van de huisvestingsopties voor statushouders, wordt
in het wetsvoorstel een gefaseerde inwerkingtreding van het verbod op voorrang voorgesteld.
In het eerste jaar na inwerkingtreding van het verbod op voorrang (de implementatiefase),
blijft het namelijk mogelijk om alleenstaande statushouders voorrang te geven wanneer
zij gaan wonen in onzelfstandige woonruimte (woningdelen). Dit is behulpzaam om woningdelen
voor alleenstaande statushouders de norm te maken. Daarnaast versterken we de aanpak
om statushouders de gelegenheid te bieden om sneller mee te kunnen doen in de Nederlandse
samenleving, door extra inzet op taalverwerving, participatie en inburgering.
Het kabinet verwacht dat de instroombeperkende maatregelen, in combinatie met de voorgestelde
fasering en de inzet op het uitbreiden van huisvestingsopties en het laten meedoen
van statushouders in de samenleving, zullen leiden tot een genormaliseerde positie
van vergunninghouders ten opzichte van andere woningzoekenden op de woningmarkt.
Vraag 4
Op welke manier gaat u bijhouden of de extra maatregelen – zoals bijvoorbeeld flexwoningen,
doorstroomlocaties of versnelling van nieuwbouw – ook echt leiden tot voldoende huisvesting
voor statushouders?
Antwoord 4
In het maandelijks gepubliceerde «overzicht huisvesting vergunninghouders4», wordt per gemeente bijgehouden hoeveel statushouders er uitstromen en hoe groot
eventuele achterstanden op de huisvestingstaakstelling zijn. Daarnaast kan ik monitoren
in hoeverre gemeenten gebruikmaken van de beschikbare financiële regelingen.
Vraag 5
Hoeveel specifieke doorstroomlocaties voor statushouders zijn er tot dusver gerealiseerd?
Wat is de totale capaciteit van al deze gerealiseerde doorstroomlocaties?
Antwoord 5
Op dit moment zijn er 27 operationele doorstroomlocaties met een totale capaciteit
van circa 1.200 plekken.
Vraag 6
Kunt u uiteenzetten hoeveel tijdelijke woningen voor statushouders er zijn gerealiseerd,
uitgesplitst naar dit jaar, volgend jaar en wat er de komende jaren in de pijpleiding
zit?
Antwoord 6
Ik heb geen totaalbeeld van het aantal tijdelijke woningen dat voor statushouders
is of wordt gerealiseerd. Het is aan gemeenten om woningen aan specifieke doelgroepen
toe te kennen. Ik weet wel aan hoeveel woningen er vanuit de stimuleringsregelingen
voor flex- en transformatiewoningen (STIM en SFT) is bijgedragen ten behoeve van de
huisvesting van statushouders en ontheemden. Zie de tabel hieronder. Het totale aantal
woningen dat beschikbaar is voor statushouders ligt hoger, omdat er ook buiten deze
regelingen om tijdelijk woningen gerealiseerd worden ten behoeve van statushouders.
Flexwoningen tbv statushouders/ontheemden1
2025
2026
2027
2028
STIM 2022
1.500
500
SFT 2023 / 2024 / 2025
600
1.100
300
SFT 2026 / 2027
1.400
1.400
Totaal Flexwoningen / statushouders/ontheemden
2.100
1.600
1.700
1.400
X Noot
1
Flexwoningen op basis van toekenningen/aanvragen t.b.v. statushouders, rekening houdend
met 30% voor statushouders/ontheemden in project of andere locatie in de gemeente.
Vraag 7 en 8
Kunt u reflecteren op het feit dat er veel tijdelijke woningen op dit moment in de
opslag staan en wachten totdat ze ergens in het land geplaatst kunnen worden?
Wat gaat u de komende tijd doen om te zorgen dat de tijdelijke woningen geplaatst
kunnen gaan worden? Welke mogelijkheden heeft u daarvoor?
Antwoord 7 en 8
Ik heb geen signalen dat er op dit moment veel tijdelijke woningen in opslag staan.
De eerder door het Rijk via het Rijksvastgoedbedrijf ingekochte flexwoningen zijn
allemaal verkocht.
Vraag 9
Bent u bekend met het concept MerWijde in Arnhem van corporaties Vivare en Volkshuisvesting
Arnhem, waarbij er 147 tijdelijke huizen worden gebouwd die speciaal bedoeld zijn
voor spoedzoekers en statushouders, ook als integratielocaties? Bent u bereid om te
kijken of er op korte termijn vergelijkbare projecten op andere locaties in het land
kunnen worden gerealiseerd? Waarom wel, waarom niet?
Antwoord 9
Ja, daar ben ik mee bekend. Ik stimuleer gemeenten om dergelijke projecten te realiseren
met de Stimuleringsregeling Flex- en Transformatiewoningen (SFT). Deze regeling wordt
aangepast naar een SFT+ om de realisatie van huisvesting voor urgent woningzoekenden,
waaronder statushouders, verder te stimuleren.
Vraag 10
Hoe verloopt op dit moment de samenwerking met gemeenten voor het realiseren van tijdelijke
woningbouwlocaties en het realiseren van tijdelijke huisvesting? Kunt u hierop reflecteren?
Antwoord 10
Het is van belang dat zoveel mogelijk tijdelijke locaties worden benut door hier verplaatsbare
woningen op te realiseren. Om gemeenten, corporaties en investeerders hierin financieel
te ondersteunen heb ik in nauwe samenwerking met gemeenten en corporaties enkele regelingen
beschikbaar gesteld, zoals de SFT-regeling en de financiële herplaatsingsgarantie
voor flexwoningen. Daarnaast bied ik gemeenten kennis en expertise aan van experts
bij het RVO. Deze experts adviseren gemeenten over de haalbaarheid van de businesscase
bij tijdelijke inzet van verplaatsbare woningen. Op de Woontop in december 2024 heb
ik met 7 gemeenten samenwerkingsafspraken gemaakt om vanaf 2026 ongeveer 2.500 modulaire
woningen te plaatsen en voor circa 1.800 verplaatsbare woningen achtervanglocaties
in te richten. Op die achtervanglocaties kunnen woningen, die na afloop van de tijdelijke
plaatsing elders moeten worden herplaatst, een definitieve bestemming krijgen.
Vraag 11
Kunt u deze vragen één voor één beantwoorden?
Antwoord 11
Dit heb ik zoveel mogelijk gedaan.
Toelichting:
Deze vragen dienen ter aanvulling op eerdere vragen terzake van het lid Welzijn (Nieuw
Sociaal Contract), ingezonden 24 september 2025 (vraagnummer 2025Z17691).
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
M.C.G. Keijzer, minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.