Motie : Motie van het lid Kröger over duidelijkheid over uitvoering van het advies van de commissie Hordijk
35 300 A Vaststelling van de begrotingsstaat van het Infrastructuurfonds voor het jaar 2020
Nr. 110 MOTIE VAN HET LID KRÖGER
Voorgesteld 2 juli 2020
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat de commissie-Hordijk heeft geadviseerd over de rekenmodellen die gebruikt
worden voor stikstofberekeningen van het wegverkeer;
verwegende dat de commissie constateert dat het niet verdedigbaar is dat de stikstofneerslag
bij wegen anders wordt berekend dan die bij een veestal;
overwegende dat het kabinet nog met een appreciatie van dit rapport moet komen, wat
mogelijk gevolgen heeft voor hoeveel stikstofdepositie er voor diverse projecten wordt
berekend en/of wat stikstofmaatregelen opleveren voor de natuur;
overwegende dat voorkomen moet worden dat het Rijk in de planning en uitvoer van de
zeven MIRT-projecten door juridische problemen overvallen wordt;
verzoekt de regering, duidelijkheid te verschaffen over hoe het advies van de commissie-Hordijk
wordt uitgevoerd, alvorens nieuwe processtappen worden gezet bij projecten waar extern
salderen en verkeersemissies een rol spelen,
en gaat over tot de orde van de dag.
Kröger
Ondertekenaars
Suzanne Kröger, Tweede Kamerlid