Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Karabulut over bedrijven met banden met illegale Israëlische nederzettingen in bezet Palestijns gebied
Vragen van het lid Karabulut (SP) aan de Minister van Buitenlandse Zaken over bedrijven met banden met illegale Israëlische nederzettingen in bezet Palestijns gebied (ingezonden 14 februari 2020).
Antwoord van Minister Blok (Buitenlandse Zaken), mede namens de Minister voor Buitenlandse
Handel en Ontwikkelingssamenwerking (ontvangen 17 maart 2020).
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van de door de VN-Mensenrechtenraad opgestelde lijst van bedrijven
met banden met illegale Israëlische nederzettingen, waar vier Nederlandse bedrijven
op staan, te weten Booking.com, Tahal Group International, Altice en Kardan, en ook
het Israëlische moederbedrijf van de Nederlandse busmaatschappij EBS?1
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Bent u het eens dat het zeer onwenselijk is dat deze bedrijven banden hebben met illegale
nederzettingen omdat dit bijdraagt aan het in stand houden ervan, wat een groot obstakel
vormt voor een rechtvaardige oplossing voor het conflict? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 2
Nederland en de EU beschouwen Israëlische nederzettingen in bezet gebied als strijdig
met internationaal recht en een obstakel voor het bereiken van een twee-statenoplossing.
Bedrijfsactiviteiten die bijdragen aan het ontwikkelen of bestendigen van dergelijke
nederzettingen in bezet gebied, beschouwt het kabinet dan ook als onwenselijk.
Vraag 3
Bent u bereid de in het rapport van de VN-Mensenrechtenraad genoemde Nederlandse bedrijven
aan te spreken op hun banden met de illegale nederzettingen en erop aan te dringen
dat deze banden worden verbroken? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 3
Bedrijven hebben een eigen maatschappelijke verantwoordelijkheid om mensenrechten
te respecteren. Het kabinet verwacht dan ook van alle Nederlandse bedrijven dat zij
internationaal maatschappelijk verantwoord ondernemen (IMVO) door invulling te geven
aan internationale normen zoals die zijn neergelegd in de OESO- Richtlijnen voor Multinationale
Ondernemingen (OESO-richtlijnen), waar de UN Guiding Principles on Business and Human Rights onderdeel van uitmaken. Het is vervolgens aan Nederlandse bedrijven zelf om te bepalen
welke activiteiten zij ontplooien en met welke partners zij samenwerken. Het kabinet
verwacht van Nederlandse bedrijven dat zij in kaart brengen hoe zij via hun bedrijfsactiviteiten
en hun ketenpartners verbonden zijn met risico’s op mensenrechtenschendingen en deze
risico’s aanpakken en voorkomen. Hierover moeten bedrijven tot een afgewogen besluit
komen waarover zij bereid zijn publiekelijk verantwoording af te leggen. Indien een
bedrijf vragen heeft over het Nederlandse beleid omtrent IMVO kan het daarover met
het Ministerie van Buitenlandse Zaken in gesprek gaan.
Voorts blijft ook het Nederlandse ontmoedigingsbeleid onverkort van toepassing. Indien
Nederlandse bedrijven aankloppen bij de overheid, worden zij over dit beleid geïnformeerd.
De Nederlandse overheid verleent geen diensten aan Nederlandse bedrijven waar het
gaat om activiteiten die zij ontplooien in of ten behoeve van Israëlische nederzettingen
in bezet gebied. Daarnaast informeert de overheid Nederlandse bedrijven actief in
gevallen waarbij zij zelf is betrokken, zoals het bilaterale samenwerkingsforum. Zie
beantwoording van vragen voorgelegd aan de Minister van Buitenlandse Zaken over de
brief van 4 december 2017 inzake betrokkenheid van de Nederlandse ambassade in Tel
Aviv bij een actiemaand van de Israëlische supermarktketen Shufersal (Kamerstuk 23 432, nr. 466).
Mededeling:
Deze vragen dienen ter aanvulling op eerdere vragen terzake van het lid De Roon (PVV),
ingezonden 14 februari 2020 (Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2019–2020, nr. 2057) en van de leden Van der Staaij (SGP), Voordewind (ChristenUnie) en De Roon (PVV),
ingezonden 14 februari 2020 (Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2019–2020, nr. 2058).
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
S.A. Blok, minister van Buitenlandse Zaken -
Mede ondertekenaar
S.A.M. Kaag, minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.