Schriftelijke vragen : Het bericht ‘IND voorkomt principiële uitspraak over staatlozen in Nederland’
Vragen van het lid Groothuizen (D66) aan de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid over het bericht «IND voorkomt principiële uitspraak over staatlozen in Nederland» (ingezonden 15 maart 2019).
Vraag 1
Kent u het bericht «IND voorkomt principiële uitspraak over staatlozen in Nederland»?1
Vraag 2
Wat kan een reden zijn dat de Dienst Terugkeer en Vertrek (DT&V) op het laatste moment
het oordeel over de inspanningen van de vreemdeling aanpast? Gebeurt dit vaker? Zo
ja, wat zijn daar de redenen voor?
Vraag 3
Kunt u verklaren waarom de IND op het laatste moment besluit alsnog een keer naar
een zaak te kijken, terwijl deze eigenlijk al gesloten was? Gebeurt dit vaker? Zo
ja, wat zijn daar de redenen voor?
Vraag 4
Welke rol heeft volgens u de IND en welke rol de DT&V bij het vertrekken van mensen
die Nederland niet kunnen verlaten, bijvoorbeeld doordat hun herkomstland hen niet
erkent? En hoe verhoudt de verantwoordelijkheid van de IND zich tot die van de DT&V?
Hoe worden hun werkzaamheden afgestemd?
Vraag 5
Op basis van welke argumenten kan de DT&V concluderen dat een vreemdeling niet voldoende
zijn best heeft gedaan om te vertrekken? En als de vreemdeling het daar niet mee eens
is, tot welke instantie moet deze persoon zich dan richten?
Vraag 6
Vindt u dat er op dit moment een redelijke balans is in de bewijslastverdeling tussen
een staatloze en de overheid om ingeschreven te kunnen worden in de Basisregistratie
Personen (BRP)? Zo ja waarom? Zo nee, waarom niet? Waar ziet u verbeteringen? Wat
gaat u doen om die verbetering te bewerkstelligen?
Vraag 7
Wie is volgens u verantwoordelijk voor de beoordeling of een vreemdeling naar de buitenschuldprocedure
kan worden doorverwezen?
Vraag 8
Welke rol speelt staatloosheid in de afweging of iemand naar de buitenschuldprocedure
wordt doorverwezen? Wanneer heeft een staatloze voldoende inspanning geleverd om in
aanmerking te komen voor een buitenschuldvergunning?
Vraag 9
Hoe hebben andere Europese landen het verblijfsrecht voor staatlozen geregeld? In
hoeverre is hier sprake van een buitenschuldprocedure of een vergelijkbare procedure?
Hoe is de bewijslast tussen staatloze en overheid verdeeld? En welke termijn wordt
aan de inspanningsverplichtingen van staatloze en/of overheid gesteld?
Indieners
-
Gericht aan
M.G.J. Harbers, staatssecretaris van Justitie en Veiligheid -
Indiener
M. Groothuizen, Tweede Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.