Motie : Motie van de leden Van Oosterhout en Teunissen over inzetten op een internationale voorzorgpauze op diepzeemijnbouw
21 501-33 Raad voor Vervoer, Telecommunicatie en Energie
Nr. 1216
MOTIE VAN DE LEDEN VAN OOSTERHOUT EN TEUNISSEN
Voorgesteld 18 juni 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat het kabinet heeft aangegeven dat de wetenschappelijke kennis over
de effecten van diepzeemijnbouw ontoereikend is en dat daarom een strikte toepassing
van het voorzorgsbeginsel vereist is;
overwegende dat Nederland partij is bij het VN-Zeerechtverdrag (UNCLOS) en activiteiten
aldaar uitsluitend binnen het multilaterale kader van UNCLOS en de Internationale
Zeebodemautoriteit (ISA) behoren plaats te vinden;
constaterende dat dit multilaterale kader onder druk staat door initiatieven om diepzeemijnbouw
buiten het mandaat van de ISA om te organiseren;
constaterende dat de internationale roep om een voorzorgpauze op diepzeemijnbouw snel
groeit in reactie op pogingen om dit buiten het ISA-kader mogelijk te maken, en dat
Nederland zich hierin binnen Europa in een duidelijke minderheidspositie bevindt,
aangezien inmiddels bijna twee derde van de Europese lidstaten vóór een dergelijke
pauze is, de Europese Commissie expliciet oproept om deze te steunen, en het Europees
parlement deze oproep reeds heeft bekrachtigd samen met ruim 40 gelijkgestemde landen
wereldwijd;
verzoekt de regering zich, conform de resolutie van het Europees parlement, in te
zetten voor een internationale voorzorgpauze op diepzeemijnbouw en daarmee stelling
te nemen tegen pogingen om de ISA te omzeilen,
en gaat over tot de orde van de dag.
Van Oosterhout
Teunissen
Indieners
-
Indiener
Sjoukje van Oosterhout, Kamerlid -
Medeindiener
Christine Teunissen, Kamerlid
Appreciatie (oordeel)
Appreciatie:
Ontijdig