Amendement : Amendement van de leden Ceder en Mohandis over de mogelijkheid gedurende de eerste aanwijzingsperiode aanvullende middelen beschikbaar te stellen
36 917 Wijziging van de Mediawet 2008 in verband met de versterking van de uitvoering van de publieke mediaopdracht op lokaal niveau
Nr. 15
AMENDEMENT VAN DE LEDEN CEDER EN MOHANDIS
Ontvangen 18 juni 2026
De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor:
In artikel I, onderdeel YY, wordt na het voorgestelde artikel 9.14m1 een artikel ingevoegd,
luidende:
Artikel 9.14m2
1. In afwijking van artikel 2.179a, eerste lid, kan de gemeenteraad na aanvang van het
aanvraagtijdvak, bedoeld in artikel 2.87u, tweede lid, het budget dat voor subsidie
beschikbaar is voor een of meer jaren van de aanwijzingsperiode, bedoeld in artikel
2.87j, eerste lid, waarvan het begin gelijktijdig is met het begin van de eerste concessie
van de NLPO, bekendmaken door opname daarvan in de gemeentelijke begroting.
2. Artikel 2.179a, tweede tot en met vierde lid, blijft van toepassing.
Toelichting
Dit amendement maakt het mogelijk dat gemeenteraden, uitsluitend gedurende de eerste
aanwijzingsperiode van een aangewezen lokale publieke media-instelling, ook na de
opening van de aanwijzingsprocedure een budget bekendmaken voor aanvullende subsidie
aan die lokale publieke media-instelling. Op deze wijze behouden gemeenten gedurende
de overgang naar het nieuwe stelsel de mogelijkheid om aanvullende middelen beschikbaar
te stellen voor de uitvoering van de lokale publieke mediaopdracht.
Veel gemeenten ondersteunen lokale publieke omroepen momenteel met jaarlijkse of meerjarige
subsidies. Deze bijdragen worden veelal ieder jaar opnieuw betrokken bij de gemeentelijke
begrotingsbesluitvorming.
Het wetsvoorstel introduceert een nieuwe systematiek waarbij aanvullende gemeentelijke
bijdragen voorafgaand aan de aanwijzingsprocedure voor de volledige aanwijzingsperiode
kenbaar moeten worden gemaakt. Hierdoor hebben gemeenten nauwelijks nog mogelijkheden
om gedurende de periode de aangewezen omroep te subsidiëren voor journalistieke of
programmatische activiteiten. Gemeenten kunnen aanvullende bijdragen echter niet altijd
vooraf voor een periode van vijf jaar vastleggen.
Juist gedurende de eerste aanwijzingsperiode bestaat onzekerheid over de wijze waarop
deze nieuwe systematiek in de praktijk zal uitwerken. Gemeenten, lokale publieke media-instellingen,
de NLPO en het Rijk doen dan voor het eerst ervaring op met het nieuwe stelsel. Het
risico bestaat dat de invoering van het nieuwe stelsel, als een gemeente voorafgaand
aan de eerste aanwijzingsperiode geen bedrag in haar gemeente heeft opgenomen, leidt
tot een abrupt verlies van bestaande gemeentelijke financiering.
Indieners achten dit onwenselijk. Om die reden voorziet dit amendement in een tijdelijke
overgangsregeling voor uitsluitend de eerste aanwijzingsperiode. Hierdoor behouden
gemeenten gedurende deze periode de mogelijkheid om ook na aanvang van de aanwijzingsprocedure
een budget voor jaarlijkse, meerjarige of projectmatige bijdragen in de begroting
op te nemen en op basis daarvan subsidie te verstrekken. Daarbij blijven de eigen
subsidieregels van de gemeente van toepassing. De bepaling brengt geen gemeentelijke
financieringsverplichting mee.
Het budget kan betrekking hebben op een of meer jaren van de eerste aanwijzingsperiode
en wordt overeenkomstig artikel 2.179a door opname in de gemeentelijke begroting bekendgemaakt.
Het artikel laat de structurele systematiek van het wetsvoorstel in stand. Vanaf de
tweede aanwijzingsperiode geldt artikel 2.179a, eerste lid, onverkort en moet het
beschikbare gemeentelijke budget voorafgaand aan de aanwijzingsprocedure voor de volledige
aanwijzingsperiode bekend zijn gemaakt.
Ook gedurende de eerste aanwijzingsperiode blijven de overige mediawettelijke en staatssteunrechtelijke
waarborgen verder van toepassing. De subsidie wordt verstrekt voor de uitvoering van
de publieke mediaopdracht op lokaal niveau en moet passen binnen de Mediawet 2008,
het concessiebeleidsplan NLPO en het aanwijzingsbesluit. De gemeente kan geen voorwaarden
stellen die de journalistieke of redactionele onafhankelijkheid van de omroep aantasten.
De gemeentelijke subsidie wordt opgenomen in de begrotings- en verantwoordingssystematiek
van de lokale publieke media-instelling. Het Commissariaat voor de Media behoudt zijn
bevoegdheden ten aanzien van de rechtmatige besteding van de inkomsten, de reservevorming
en de terugvordering van onrechtmatig gebruikte middelen of overcompensatie.
Ceder Mohandis
Indieners
-
Indiener
Don Ceder, Kamerlid -
Medeindiener
Mohammed Mohandis, Kamerlid
Appreciatie (oordeel)
Ontraden
De minister of staatssecretaris is het niet eens met de motie en adviseert de Kamer om tegen de motie te stemmen. Bijvoorbeeld omdat hij of zij vindt dat de motie wettelijk niet klopt, te veel geld kost om uit te voeren, of helemaal niet uitvoerbaar is.