Schriftelijke vragen : Bedreiging en intimidatie van christelijke asielzoekers in asielzoekerscentra
Vragen van de leden Ceder (ChristenUnie) en Diederik van Dijk (SGP) aan de Ministers van Asiel en Migratie en van Justitie en Veiligheid over bedreiging en intimidatie van christelijke asielzoekers in asielzoekerscentra (ingezonden 10 juni 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met de berichtgeving over Syrische christelijke bekeerlingen in het
asielzoekerscentrum (azc) Vlissingen die na hun doop ernstig zouden zijn bedreigd,
geïntimideerd en fysiek belaagd door medebewoners?1 Bent u bekend met de berichtgeving over een Iraans christelijk gezin in azc Bergschenhoek
dat stelt al langere tijd te maken te hebben met religieuze intimidatie, bedreigingen
en gevoelens van onveiligheid?2
Vraag 2
Hoe beoordeelt u de signalen dat asielzoekers die vanwege geloofsvervolging naar Nederland
zijn gevlucht, juist in Nederlandse opvanglocaties opnieuw worden geconfronteerd met
bedreigingen, intimidatie en druk vanwege hun christelijke geloof of bekering?
Vraag 3
Klopt het dat er in het azc Vlissingen meldingen zijn gedaan van doodsbedreigingen,
fysieke intimidatie en oproepen om christelijke bekeerlingen als afvalligen te behandelen?
Welke acties zijn naar aanleiding van deze meldingen ondernomen?
Vraag 4
Kunt u aangeven hoeveel meldingen van religieuze intimidatie, bedreiging, discriminatie
of geweld tegen christelijke asielzoekers en bekeerlingen in de afgelopen vijf jaar
bij het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA), de politie of andere instanties
zijn geregistreerd? Bent u bereid deze cijfers, voor zover beschikbaar, met de Kamer
te delen?
Vraag 5
Welke specifieke maatregelen worden momenteel genomen om christelijke asielzoekers,
bekeerlingen en andere religieuze minderheden binnen azc’s te beschermen tegen intimidatie,
bedreiging en geweld?
Vraag 6
Hoe wordt binnen opvanglocaties vastgesteld of sprake is van systematische intimidatie
of groepsdruk op basis van religie, en welke protocollen gelden in dergelijke situaties?
Vraag 7
Deelt u de opvatting dat bedreiging, intimidatie of geweld tegen medebewoners vanwege
hun geloofsovertuiging niet kan worden afgedaan als slechts een onderlinge spanning
of conflict tussen bewoners, maar een ernstige aantasting vormt van de vrijheid van
godsdienst en de veiligheid binnen de opvang?
Vraag 8
Kunt u toelichten hoe uitvoering wordt gegeven aan de eerder door de Kamer aangenomen
motie van de leden Ceder en Diederik van Dijk waarin wordt opgeroepen om christelijke
asielzoekers en bekeerlingen beter te beschermen tegen intimidatie en vervolging binnen
opvanglocaties (Kamerstuk 36 800 XX, nr. 39)? Welke concrete stappen zijn er inmiddels al gezet?
Vraag 9
Wordt binnen het COA een zerotolerancebeleid gevoerd ten aanzien van bewoners die
zich schuldig maken aan bedreiging, geweld, intimidatie of religieuze dwang richting
medebewoners? Zo ja, hoe wordt dit beleid toegepast en gehandhaafd? Zo nee, waarom
niet?
Vraag 10
Welke consequenties kunnen bewoners verwachten wanneer zij medebewoners bedreigen
vanwege hun geloof, oproepen tot geweld tegen afvalligen, of zich schuldig maken aan
religieuze intimidatie?
Vraag 11
Bent u bereid te onderzoeken of bewoners die zich schuldig maken aan ernstige bedreigingen,
geweld of structurele intimidatie van geloofsgenoten sneller kunnen worden overgeplaatst
naar een Handhaving- en Toezichtlocatie (HTL) of anderszins zwaardere maatregelen
opgelegd kunnen krijgen?
Vraag 12
Hoe beoordeelt u de signalen uit Bergschenhoek dat een minderjarig meisje onder druk
zou zijn gezet om moslim te worden, te bidden en een hoofddoek te dragen? Welke stappen
worden genomen wanneer minderjarige kinderen in opvanglocaties worden geconfronteerd
met dergelijke religieuze druk?
Vraag 13
Hoe waarborgt het COA dat bewoners die melding maken van religieuze intimidatie erop
kunnen vertrouwen dat hun klachten onafhankelijk, zorgvuldig en zonder vooringenomenheid
worden behandeld?
Vraag 14
Deelt u de mening dat Nederland een bijzondere verantwoordelijkheid heeft om mensen
die gevlucht zijn voor religieuze vervolging ook daadwerkelijk bescherming te bieden
tegen vergelijkbare vormen van vervolging binnen de Nederlandse opvang? Zo ja, welke
aanvullende maatregelen bent u bereid te nemen?
Vraag 15
Bent u bereid op korte termijn met het COA, politie, gemeenten en vertegenwoordigers
van christelijke vluchtelingenorganisaties in gesprek te gaan om te bezien welke aanvullende
maatregelen nodig zijn om de veiligheid van christelijke asielzoekers en bekeerlingen
in opvanglocaties te garanderen?
Vraag 16
Kunt u deze vragen afzonderlijk beantwoorden en daarbij aangeven welke concrete acties
op korte termijn worden ondernomen om herhaling van dergelijke situaties te voorkomen?
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
Don Ceder, Tweede Kamerlid -
Mede ondertekenaar
Diederik van Dijk, Tweede Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.