Nota van wijziging : Nota van wijziging
36 922 Wijziging van de Wet studiefinanciering 2000 in verband met de verstrekking van een aanvullende tegemoetkoming aan studenten die onder het studievoorschotstelsel hebben gestudeerd
Nr. 8
NOTA VAN WIJZIGING
Ontvangen 10 juni 2026
Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd:
In artikel I, onderdeel A, wordt artikel 11.7 als volgt gewijzigd:
1. Onder vernummering van het vierde en vijfde lid tot zesde en zevende lid worden
twee leden ingevoegd, luidende:
4. In afwijking van het eerste tot en met derde lid bewaart Onze Minister het gegeven
dat een voorziening als bedoeld in artikel 11.6, tweede lid, onderdelen a tot en met
l en n, is toegekend en gegevens over aan het besluit tot toekenning van zo’n voorziening
verbonden rechtsgevolgen tot vijf jaar na het verstrijken van, in geval van de onderdelen
a tot en met f, de diplomatermijn beroepsonderwijs en, in geval van de onderdelen
g tot en met l en n, de diplomatermijn hoger onderwijs indien deze termijn van vijf
jaar verstrijkt nadat de desbetreffende termijn of termijnen, bedoeld in het eerste
tot en met derde lid, is of zijn verstreken.
5. In afwijking van het eerste tot en met derde lid bewaart Onze Minister het gegeven
dat een voorziening als bedoeld in artikel 11.6, tweede lid, onderdeel m, is toegekend
en gegevens over aan het besluit tot toekenning van zo’n voorziening verbonden rechtsgevolgen
tot vijf jaar na het verstrijken van de diplomatermijn hoger onderwijs of, indien
de betrokkene geen studiefinanciering heeft aangevraagd, tot twintig jaar nadat hij
zich voor het eerst heeft ingeschreven voor het hoger onderwijs, indien deze termijn
van vijf dan wel twintig jaar verstrijkt nadat de desbetreffende termijn of termijnen,
bedoeld in het eerste tot en met derde lid, is of zijn verstreken.
2. In het zesde lid (nieuw) wordt «het eerste, tweede en derde lid» tweemaal vervangen
door «het eerste tot en met vijfde lid».
Toelichting
Het is wenselijk gebleken enige wijzigingen in het wetsvoorstel aan te brengen met
betrekking tot de bewaartermijnen van gegevens over gezondheid die worden verwerkt
in het kader van de tegemoetkoming, de aanvullende tegemoetkoming en de voorzieningen
van de Voorziening Prestatiebeurs.
De aanleiding voor deze nota van wijziging is de uitvoeringstoets van de Dienst Uitvoering
Onderwijs (DUO) op de algemene maatregel van bestuur (amvb) op grond van dit wetsvoorstel.1 In de amvb wordt de aanvraagtermijn voor de tegemoetkoming als volgt verlengd. Een
(oud-)student kan een aanvraag doen voor de tegemoetkoming uiterlijk binnen vijf jaar
na het verstrijken van de diplomatermijn hoger onderwijs (als hij wel studiefinanciering
heeft aangevraagd) dan wel uiterlijk binnen twintig jaar nadat hij zich voor het eerst
heeft ingeschreven voor het hoger onderwijs (als hij geen studiefinanciering heeft
aangevraagd). DUO heeft in de uitvoeringstoets geconstateerd dat deze verlengde aanvraagtermijn
in sommige gevallen langer is dan de termijn dat zij gegevens over de verstrekte tegemoetkoming(en)
bewaart. Dit betekent dat een (oud-)student die de tegemoetkoming(en) heeft ontvangen
en van wie bedoelde gegevens zijn geschoond opnieuw de tegemoetkoming(en) kan aanvragen
zonder dat DUO op de hoogte is van de eerdere toekenning. Om te voorkomen dat deze
(oud-)student de tegemoetkoming(en) nogmaals ontvangt, is het nodig dat DUO gegevens
over de verstrekte tegemoetkoming(en) bewaart zo lang een aanvraag voor de tegemoetkoming(en)
kan worden gedaan. Deze nota van wijziging verlengt in verband hiermee de bewaartermijn
van die gegevens, voor zover het betreft gegevens over gezondheid.
Vergelijkbare problematiek kan zich ook voordoen bij de voorzieningen van de Voorziening
Prestatiebeurs, zoals de omzetting van de prestatiebeurs in een gift in geval van
bijzondere omstandigheden. Deze nota van wijziging verlengt in verband hiermee ook
de bewaartermijn van de gegevens over de toekenning van die voorzieningen.
De wijzigingen worden hieronder nader toegelicht.
Nieuw vierde lid
Op grond van het uitvoeringsbeleid van DUO kan een (oud-)student tot vijf jaar na
het verstrijken van de voor hem geldende diplomatermijn beroepsonderwijs dan wel diplomatermijn
hoger onderwijs2 een aanvraag doen voor de voorzieningen, bedoeld in artikel 11.6, tweede lid, onderdelen
a tot en met l, WSF 2000. Het gaat om de volgende voorzieningen: de verlenging van
de duur van de prestatiebeurs vanwege handicap of chronische ziekte,3 de omzetting van de prestatiebeurs in een gift in geval van bijzondere omstandigheden,4 de verlenging van de diplomatermijn in geval van bijzondere omstandigheden,5 en de nieuwe aanspraak op studiefinanciering verband houdend met handicap of chronische
ziekte.6 Deze aanvraagtermijn staat op dit moment niet in de regelgeving. Het voornemen is
om deze termijn in de WSF 2000 op te nemen. Zie in dit verband het wetsvoorstel Variawet
studiefinanciering.7
Gelet op voorgaande is het aangewezen om bij deze nota van wijziging te regelen dat
het gegeven dat bovenbedoelde voorzieningen zijn toegekend en gegevens over de daaraan
verbonden rechtsgevolgen in ieder geval mogen worden bewaard tot vijf jaar na het
verstrijken van de diplomatermijn.8 Dit geldt ook als dit na afloop is van de in het eerste lid van artikel 11.7 bedoelde
specifieke bewaartermijn van tien jaar nadat het besluit over de desbetreffende voorziening
is genomen, dan wel als dit na afloop is van de in het tweede en derde lid van artikel
11.7 bedoelde algemene bewaartermijn van vijf jaar na het eindigen van de actieve
relatie tussen de betrokkene en DUO. Hiermee wordt bewerkstelligd dat DUO zijn wettelijke
taken met betrekking tot de toekenning van deze voorzieningen naar behoren kan uitvoeren.
DUO mag hierdoor namelijk in ieder geval tot het einde van de aanvraagtermijn voor
deze voorzieningen bovenbedoelde gegevens bewaren, zodat DUO eventuele herhaalde aanvragen
voor deze voorzieningen naar behoren kan beoordelen.
Hoewel de voorziening, bedoeld in artikel 11.6, tweede lid, onderdeel n, WSF 2000,
de (gedeeltelijke) kwijtschelding van studieschuld voor ho-studenten met handicap
of chronische ziekte,9 niet op aanvraag maar ambtshalve wordt toegekend, is het aangewezen om ook de bewaartermijn
van het gegeven dat deze voorziening is toegekend en gegevens over de daaraan verbonden
rechtsgevolgen op gelijke wijze aan te passen. Dit is aangewezen, omdat deze (gedeeltelijke)
kwijtschelding gekoppeld is aan bovenbedoelde verlenging van de duur van de prestatiebeurs
vanwege handicap of chronische ziekte.
Nieuw vijfde lid
DUO heeft, zoals eerder beschreven, erop gewezen dat met de verlenging van de aanvraagtermijn
voor de tegemoetkoming rekening moet worden gehouden bij het vaststellen van de bewaartermijn
van de gegevens over de verstrekte tegemoetkoming(en). Gelet daarop wordt bij deze
nota van wijziging geregeld dat het gegeven dat de tegemoetkoming respectievelijk
de aanvullende tegemoetkoming is toegekend en gegevens over de daaraan verbonden rechtsgevolgen
(denk aan het aantal maanden dat en de specifieke periode waarvoor de tegemoetkomingen
zijn toegekend) in ieder geval mogen worden bewaard tot – als de (oud-)student wel
studiefinanciering heeft aangevraagd – vijf jaar na het verstrijken van de diplomatermijn
hoger onderwijs10 dan wel – als de (oud-)student geen studiefinanciering heeft aangevraagd – twintig
jaar nadat hij zich voor het eerst heeft ingeschreven voor het hoger onderwijs. Dit
geldt ook als dit na afloop is van de in het eerste lid van artikel 11.7 bedoelde
specifieke bewaartermijn van tien jaar nadat het besluit over de tegemoetkoming respectievelijk
de aanvullende tegemoetkoming is genomen, dan wel als dit na afloop is van de in het
tweede en derde lid van artikel 11.7 bedoelde algemene bewaartermijn van vijf jaar
na het eindigen van de actieve relatie tussen de betrokkene en DUO. Hiermee wordt
bewerkstelligd dat DUO zijn wettelijke taken met betrekking tot de toekenning van
de tegemoetkoming en de aanvullende tegemoetkoming naar behoren kan uitvoeren. DUO
mag hierdoor immers in ieder geval tot het einde van de aanvraagtermijn voor de tegemoetkoming(en)
bovenbedoelde gegevens bewaren, zodat DUO eventuele herhaalde aanvragen voor de tegemoetkoming(en)
naar behoren kan beoordelen.
De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
R.M. Letschert
Ondertekenaars
R.M. Letschert, minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.