Lijst van vragen en antwoorden : Lijst van vragen en antwoorden inzake dienstuitvoering internationale treindienst Eindhoven- Düsseldorf (Kamerstuk 29984-1273)
29 984 Spoor: vervoer- en beheerplan
Nr. 1287
LIJST VAN VRAGEN EN ANTWOORDEN
Vastgesteld 28 mei 2026
De vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat heeft een aantal vragen voorgelegd
aan de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat over de brief van 10 februari
2026 inzake dienstuitvoering internationale treindienst Eindhoven – Düsseldorf (Kamerstuk
29 984, nr. 1273).
De Staatssecretaris heeft deze vragen beantwoord bij brief van 28 mei 2026. Vragen
en antwoorden zijn hierna afgedrukt.
De voorzitter van de commissie, Huizenga
Adjunct-griffier van de commissie, Meedendorp
1.
Om welke andere redenen dan de genoemde bijzondere redenen (vertraagde materiaallevering
door Stadler aan Start en de mogelijke impact van het niet tijdig op orde hebben van
de benodigde infrastructuur op Venlo) gaat het in deze Kamerbrief? Graag een limitatieve
lijst.
Antwoord
Er zijn geen andere dan de genoemde redenen, namelijk de vertraagde materiaallevering
en het niet tijdig op orde hebben van de infrastructuur op Venlo.
2.
Zijn er partijen jegens het Rijk ter zake contractueel toerekenbaar tekortgeschoten
in de nakoming van hun verplichtingen?
Antwoord
Het Ministerie van IenW heeft alleen met de provincie Noord-Brabant een directe contractuele
relatie. Daarin is de provincie niet tekortgeschoten jegens het Rijk.
Over de verdere bestaande juridische relaties tussen andere partijen kan het Ministerie
van IenW geen uitspraak doen.
3.
Is er reeds sprake van verzuim in de zin van artikel 6:83 BW? En eventueel andersom?
Antwoord
Zoals aangegeven in het antwoord op vraag 2 heeft het Ministerie van IenW alleen met
de provincie Noord-Brabant een direct contractuele relatie. Daarin is de provincie
niet tekortgeschoten jegens het Rijk. Over de verdere bestaande juridische relaties
tussen andere partijen kan het Ministerie van IenW geen uitspraak doen.
4.
Welke voorbereidingen hebben meer tijd in beslag genomen op Venlo, waardoor het nog
niet tot realisatie is gekomen? En wat is de oorzaak hiervan?
Antwoord
De uitdaging op Venlo is dat hier naast de intensieve bediening ook sprake is van
diverse andere kwaliteitsverbeteringen. De complexiteit komt door de samenhang van
onder meer de aanpassingen op Venlo ten behoeve van de treindienst Eindhoven – Düsseldorf,
de elektrificatie van de Maaslijn en de infrastructuur die nodig is om de internationale
treinen van spanning te laten wisselen tussen Nederland en Duitsland en omgekeerd.
5.
Heeft Stadler het materieel dat niet tijdig beschikbaar is wel tijdig besteld? Ligt
de vertraging aan het moment van bestelling? Of zijn er vertragingen aan de zijde
van de leverancier? Welke? Waarom? Zijn er snellere alternatieven?
Antwoord
De vervoerder, destijds nog zijnde Start, vanaf 2026 geïntegreerd in DB Regio, heeft
het materieel bij fabrikant Stadler tijdig besteld. Door productieproblemen aan de
zijde van fabrikant Stadler is de levering van alle treinen vertraagd. Er zijn geen
snellere alternatieven, omdat het multicourante materieel (dat zowel in Duitsland
als in Nederland kan rijden) dat nodig is om de treindienst Eindhoven – Düsseldorf
te rijden niet elders beschikbaar is, niet voldoet aan de eisen voor deze treinverbinding,
en niet snel geproduceerd kan worden.
6.
Wat is de financiële impact van ieder van de oorzaken en van alle oorzaken gezamenlijk?
Antwoord
Het Ministerie van IenW en provincie Noord-Brabant hebben financiële afspraken met
Verkehrsverbund Rhein-Ruhr (VRR) over een bijdrage aan de exploitatie. De financiële
impact van de vertraging zal in overleg met opdrachtgever VRR moeten worden bepaald.
Het feit dat er in dienstregeling 2027 geen aanbod vanuit vervoerder DB Regio is op
de verbinding tussen Eindhoven en Venlo weegt zwaar aan Nederlandse zijde.
7.
Wat is de maatschappelijke impact van alle oorzaken gezamenlijk qua hinder?
Antwoord
Voor 2027 geldt dat vanwege de vertraagde levering van het materieel door DB Regio
ingezet wordt op een treindienst van Düsseldorf/Hamm tot Venlo. Hiermee blijft het
huidige aanbod in stand, maar wordt voor de reiziger de beoogde verbetering van een
directe verbinding tussen Eindhoven en Düsseldorf nog niet gerealiseerd.
8.
Is het ook mogelijk dat er in het geheel geen verbinding met Düsseldorf is? Zo ja,
voor hoelang?
Antwoord
VRR is in gesprek met DB Regio over het aanbod gedurende de periode dat het nieuwe
materieel nog niet beschikbaar is. Inzet is het bestendigen van het huidige aanbod
tussen Venlo en Düsseldorf gedurende deze overgangsperiode.
VRR heeft met DB Regio (destijds nog zijnde Start) in het contract afgesproken dat
indien het niet mogelijk is een treinverbinding aan te bieden, de vervoerder moet
voorzien in een busverbinding voor het grensoverschrijdende deel. Deze mogelijkheden
worden ook meegenomen in de gesprekken tussen VRR en DB Regio.
9.
Hoe groot is het verschil tussen de beoogde volwaardige dienstregeling en de voorziene
beperkte dienstregeling? Wat is het gevolg voor de reiziger?
Antwoord
De vorm van de voorziene, beperkte dienstregeling wordt onderzocht door alle betrokken
partijen. Vanuit IenW en VRR is de inzet voor de periode dat het nieuwe materieel
nog niet beschikbaar is, dat het huidige aanbod tussen Venlo en Düsseldorf door de
nieuwe vervoerder DB Regio tenminste geboden wordt. Daarmee beschikt de reiziger dus
nog niet per december 2026 over de directe verbinding tussen Eindhoven en Düsseldorf.
Voor de periode vanaf het beschikbaar komen van het materieel en tot het beschikbaar
zijn van de infrastructuurmaatregelen op Venlo zoeken IenW, ProRail en andere betrokken
partijen momenteel naar de mogelijkheden om de beoogde volwaardige dienstregeling
mogelijk te maken.
10.
Is er in de periode gelegen tussen datering van de Kamerbrief en het moment van beantwoording
van de feitelijke vragen al resultaat van het out-of-the-box denken en van infrastructurele,
logistieke en verkeerleidingsoplossingen, al dan niet in combinatie, behaald?
Antwoord
Het out-of-the-box denken had als uitgangspunt dat het benodigde materieel beschikbaar
zou zijn per eind 2026 of in ieder geval spoedig in dienstregelingsjaar 2027. Dit
is niet het geval, waardoor het niet mogelijk is een directe internationale treindienst
tussen Düsseldorf en Eindhoven te rijden in dat jaar. Het out-of-the-box denken heeft
wel geleid tot mogelijke oplossingsrichtingen die mogelijk ook voor dienstregelingsjaar
2028 realiseerbaar zijn, wel onder veranderende omstandigheden. Deze worden de komende
periode verder uitgewerkt. Hier wordt gekeken naar zowel kleine infrastructurele als
logistieke oplossingen, al dan niet in combinatie. Voor infrastructurele maatregelen
zal ook de maakbaarheid in relatie tot de beperkte doorlooptijd zorgvuldig beschouwd
worden.
11.
Welke terugval- of overbruggingsscenario’s zijn door het Ministerie van Infrastructuur
en Waterstaat (IenW), Verkehrsverbund Rhein-Ruhr (VRR), Start, ProRail en andere betrokken
partijen concreet onderzocht, welke zijn afgevallen, en om welke reden?
Antwoord
Er zijn vijftien oplossingsrichtingen geïdentificeerd en globaal tegen het licht gehouden.
Vier varianten, die mogelijk potentie hadden, zijn uitgewerkt voor dienstregelingsjaar
2027. Twee varianten worden, gezien de vertraagde levering van treinen, nader uitgewerkt
voor dienstregelingsjaar 2028.
12.
Kan er een actuele stand van zaken en planning worden gegeven van de totstandkoming
van de internationale treindienst Eindhoven – Düsseldorf?
Antwoord
Het Ministerie van IenW staat in nauw overleg met VRR en via VRR met DB Regio over
de levering van het materieel. Vooralsnog is duidelijk dat in het dienstregelingsjaar
2027 het nieuwe materieel niet inzetbaar zal zijn. Vanzelfsprekend monitort het Ministerie
van IenW de planning nauwgezet en oefent zij invloed uit op start per dienstregelingsjaar
2027 met vervangend materieel voor zover mogelijk.
13.
Wat is de precieze reden dat fabrikant Stadler de treinen voor deze dienst niet tijdig
kan leveren? Gaat het om de vertraging van de levering van alle treinen of om een
deel van de treinen?
Antwoord
Zoals ook aangegeven in het antwoord op vraag 5, is de vertraging te wijten aan productieproblemen
bij fabrikant Stadler.
14.
Welke varianten zijn precies door de VRR en het Ministerie IenW uitgewerkt?
Antwoord
Zoals ook aangegeven in het antwoord op vraag 11 worden twee oplossingsrichtingen
uit een totaal van vijftien mogelijkheden in detail uitgewerkt. De eerste variant
betreft een langere reistijd om knelpunten in de dienstregeling op station Venlo te
voorkomen. Bij de tweede variant worden kleine infrastructurele maatregelen getroffen
en dit heeft nadelige effecten op andere treindiensten.
15.
Is de trein van Venlo naar Duitsland gegarandeerd, tot de trein Eindhoven – Düsseldorf
gaat rijden?
Antwoord
Vervoerder DB Regio heeft aangegeven dat een volwaardige doorgaande treindienst Eindhoven
– Düsseldorf niet haalbaar is voor dienstregeling 2027. In die periode zet de vervoerder
in op een verbinding tussen Venlo en Duitsland. Vanuit IenW is de inzet voor de periode
waarin het nieuwe materieel nog niet beschikbaar is, ten minste het huidige aanbod
tussen Venlo en Düsseldorf door de nieuwe vervoerder DB Regio geboden wordt.
16.
Wie draait erop voor de eventuele extra kosten die gemaakt moeten worden als gevolg
van de vertraging van de start van de treindienst Eindhoven – Düsseldorf?
Antwoord
Verschillende factoren kunnen van invloed zijn op een mogelijke vertraging en financiële
consequenties. VRR en DB Regio zijn hier als opdrachtgever en opdrachtnemer over in
overleg en primair aan zet. Het is niet aan het Ministerie van IenW om op de uitkomst
van die gesprekken vooruit te lopen.
17.
Welke (out-of-the-box) maatregelen liggen op tafel om de vertraging van de infra-aanpassingen
rondom Venlo te bespoedigen en om de treindienst naar Duitsland zo goed en zo spoedig
mogelijk te laten rijden?
Antwoord
Zoals ook aangegeven in het antwoord op vraag 10, is uit een totaal van vijftien oplossingsrichtingen
een selectie van vier varianten verder uitgewerkt. Twee varianten zijn in potentie
haalbaar gebleken. Deze worden, gezien de vertraagde levering van treinen, nader uitgewerkt
voor dienstregelingsjaar 2028.
18.
Op welke wijze worden reizigers goed geïnformeerd over de vertraging en over de huidige
stand van zaken met betrekking tot de verbinding tussen Eindhoven – Venlo en Duitsland?
Antwoord
VRR en DB Regio zullen primair verantwoordelijk zijn voor de communicatie richting
reizigers. Het Ministerie van IenW staat in nauw overleg met VRR en DB Regio om te
kijken hoe IenW daarin kan ondersteunen en/of faciliteren.
19.
Wanneer is het materieel, waarvan onlangs is aangegeven dat het treinmaterieel nog
niet beschikbaar is, wel beschikbaar?
Antwoord
DB Regio heeft aangegeven dat volgens de planning van eind maart de treinstellen geleverd
worden in het tweede halfjaar van 2027 en 2028. Zeer recent heeft DB Regio gemeld
dat de levering wederom is vertraagd naar 2028. De implicaties hiervan moeten nog
worden onderzocht.
20.
Hoe kan het dat onlangs pas bekend is geworden dat december 2026 niet kan worden gehaald?
Antwoord
Dit heeft, zoals in de Kamerbrief1 ook vermeld, twee redenen. Enerzijds was er nog onvoldoende duidelijkheid vanuit
vervoerder DB Regio en fabrikant Stadler over de levering van de treinen. Anderzijds
is en wordt gezocht naar oplossingen om een internationale treindienst toch mogelijk
te maken terwijl de infrastructuur nog niet gereed is.
21.
Wanneer zullen betrokken steden meer duidelijkheid ontvangen eventuele mogelijkheden
voor de overbruggingsperiode, gelet op het feit dat u heeft aangegeven dat er samen
met ProRail en vervoerders wordt onderzocht welke mogelijkheden er zijn voor de overbruggingsperiode?
Antwoord
Het Ministerie van IenW brengt de betrokken steden zo snel mogelijk op de hoogte over
de wijze waarop de internationale treindienst Eindhoven – Düsseldorf zal gaan rijden.
22.
Wat zijn de mogelijkheden om de werkzaamheden op het emplacement Venlo te versnellen?
Antwoord
Zoals aangegeven in het antwoord op vraag 23 zijn werkzaamheden waar mogelijk al parallel
gepland, waardoor verdere versnellingsmogelijkheden niet reëel zijn.
23.
Kunnen de werkzaamheden op het emplacement Venlo worden versneld? Kunnen andere partijen
– zoals gemeenten – daarbij behulpzaam zijn?
Antwoord
Voor de benodigde werkzaamheden op Venlo zijn geen gemeentelijke voorbereidingen of
toestemmingen nodig. De werkzaamheden zijn al parallel gepland waar dat mogelijk is.
24.
Wat is de exacte oorzaak van de complexiteit in Venlo: ligt dit aan de fysieke ruimte
op het emplacement, aan de technische inpassing van de spanningsluis (1500V/15kV)
of aan de planning van de elektrificatie van de Maaslijn?
Antwoord
Zoals aangegeven in het antwoord op vraag 4 ligt de uitdaging in al deze genoemde
zaken, en heeft vooral betrekking op technische zaken zoals de wisseling in de bovenleidingsspanning
en de beveiliging van de treinen.
25.
Waarom is de infrastructuur op het traject Eindhoven – Venlo wel gereed, maar kan
deze niet worden benut zonder de aanpassingen op het station Venlo zelf?
Antwoord
De aanpassingen op het traject Eindhoven – Venlo zijn minder complex te realiseren
dan de aanpassingen op het station en emplacement Venlo zelf. Alle aanpassingen zijn
echter noodzakelijk.
26.
Wat houdt de «gewijzigde vorm» van de dienstregeling voor 2027 feitelijk in voor de
reiziger? Betekent dit dat er een extra overstap in Venlo noodzakelijk blijft?
Antwoord
Op dit moment is het nog niet duidelijk hoe de dienstregeling voor 2027 eruit gaat
zien. Wel is duidelijk dat er geen doorgaande treindienst zal zijn tussen Eindhoven
en Düsseldorf/Hamm. Op dit moment wordt ingezet op een voortzetting van de huidige
situatie, waarbij de treindienst tussen Venlo en Düsseldorf/Hamm wordt gehandhaafd.
Dit betekent dat voor reizigers vanuit Eindhoven en Helmond richting Duitsland een
overstap in Venlo in 2027 noodzakelijk zal blijven.
27.
Bevat het contract met Stadler of Start boeteclausules vanwege de verlate levering,
en zo ja, worden deze middelen ingezet om de alternatieve vervoersplannen (zoals tijdelijk
vervangend materieel) te bekostigen?
Antwoord
Het Ministerie van IenW heeft geen inzicht in de specifieke afspraken die vervoerder
DB Regio (destijds Start) en fabrikant Stadler gemaakt hebben.
28.
Wat zijn de nieuwe beoogde opleverdata van de verschillende infrastructurele maatregelen?
Gelet op het feit dat u in uw brief van 10 februari 2026 aangeeft dat op basis van
de huidige inzichten van ProRail de verwachting is dat de werkzaamheden op emplacement
Venlo tot zeker 2030 duren, en daarbij de complexiteit zit in de samenhang van onder
meer (1) de aanpassingen op Venlo ten behoeve van de treindienst Eindhoven Düsseldorf,
(2) de elektrificatie van de Maaslijn en (3) de vervanging van de infrastructuur die
nodig is om de internationale treinen van spanning te laten wisselen tussen Nederland
en Duitsland en omgekeerd; wat zijn de verwachte opleverdata van de verschillende
(afzonderlijke) maatregelen?
Antwoord
Op dit moment wordt voorzien dat de maatregelen op Venlo ten behoeve van de internationale
treindienst Eindhoven – Düsseldorf en de vervanging van de spanningssluis in één keer
worden uitgevoerd. De inframaatregelen en het ontwerp van de treinbeveiliging hangen
namelijk met elkaar samen en zorgt voor een kortere doorlooptijd in het ontwerpproces.
Anders moeten dezelfde stukken spoor meerdere malen buiten dienst worden gesteld,
wat meer overlast oplevert voor de reizigers en voor het goederenvervoer. Indienststelling
is voorzien voor 2030.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
R.A. Huizenga, voorzitter van de vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat -
Mede ondertekenaar
M. Meedendorp, adjunct-griffier