Lijst van vragen : Lijst van vragen, gesteld aan de regering, over het rapport Resultaten verantwoordingsonderzoek 2025 bij het Ministerie van Justitie en Veiligheid (Kamerstuk 36945-VI-2)
2026D25355 Lijst van vragen
De vaste commissie voor Justitie en Veiligheid heeft een aantal vragen voorgelegd
aan de regering over het Rapport resultaten verantwoordingsonderzoek 2025 bij het
Ministerie van Justitie en Veiligheid (Kamerstuk 36 945-VI, nr. 2).
De voorzitter van de commissie,
Eerdmans
Adjunct-griffier van de commissie,
Paauwe
Nr
Vraag
1
Is de regering het eens met de observatie van de Algemene Rekenkamer dat het gebrek
aan stuurinformatie over de (strafrecht)ketenprestaties een effectieve aanpak in de weg staat?
2
Kan de regering aangeven hoe zij van plan is om het gebrek aan stuurinformatie in
de (strafrecht)keten weg te nemen?
3
Kan de regering aangeven hoe zij van plan is om te zorgen dat de keten op zijn minst
aan de voorwaarden voor decharge gaat voldoen?
4
Kan de regering aangeven hoe zij van plan is om duidelijke doelen voor de prioriteiten
uit de beleidsagenda op te gaan stellen, zodat het voor de Tweede Kamer duidelijker
is hoe de regering voortgang op beleidsprioriteiten bijhoudt en zij daarop kan controleren?
5
De Algemene Rekenkamer licht ook de Nederlandse score op de Rule of Law-index uit:
kan de regering aangeven of zij deze index (al dan niet wettelijk vastgelegd) zou
willen benutten als een vaste indicator en richtlijn voor de publieke dienstverlening
op het gebied van justitie en veiligheid?
6
Kan de regering per ketenpartner (Openbaar Ministerie, politie, rechtspraak) de actuele
gemiddelde doorlooptijden per zaakstype (zeden, jeugd, verkeer) over 2023 tot 2025
geven voor zover beschikbaar?
7
Kan de regering uiteenzetten welke afwegingen er worden gemaakt bij de zaken die de
doorlooptijd beïnvloeden? Achterblijven van het beloop van het recht schaadt vertrouwen
in de overheid: wat als naast zorgvuldigheid ook snelheid wordt gewogen? En hoe heeft
dat dan invloed op een score van de Algemene Rekenkamer?
8
Welke ambitieuze en haalbare doelstellingen denkt de regering dat vastgesteld kunnen
worden op basis van de indicatoren in het justitie- en veiligheidsdomein die de Algemene
Rekenkamer deelt, bijvoorbeeld de Rule of Law-index, het aantal geregistreerde en
opgehelderde meldingen, etc.?
9
Welke risico’s ziet de regering ten aanzien van de foutieve tenaamstellingen in het
komende jaar, bijvoorbeeld ten aanzien van met terugwerkende kracht herstellen van
fouten, het herstellen van fouten samen met andere organisaties zoals Openbaar Ministerie
en Rechtspraak en hoe nieuwe wetsvoorstellen of koppelingen (zoals het Europees strafregistratiesysteem
Ecris van een tijdje terug) hier weer een foutmarge in brengen? Hoe voorkomen we dat
het volgend jaar weer verergerd is?
10
Kan de regering uiteenzetten waarom het niet mogelijk is om de omvang van het probleem
van de foutieve tenaamstellingen vast te stellen? Zijn daar randvoorwaardelijke oorzaken
voor, zoals tekortschietende ICT-toepassingen? Zo ja, hoe is de regering voornemens
om die randvoorwaardelijke oorzaken aan te pakken?
11
Wat is de rol van ICT in alle vastgestelde onvolkomenheden? Kan een betere IT-organisatie
bij het Rijk en uitvoerders zorgen voor een voortvarendere aanpak en signalering van
fouten? En wanneer wordt deze achterstand van de kwaliteit van de ICT-huishouding
een onacceptabel risico?
12
Wat waren de directe operationele gevolgen van de recente ICT-inbreuk bij het Openbaar
Ministerie, bijvoorbeeld in uitgestelde zaken, doorlooptijden, etc.?
13
Wat wordt er ondernomen om de ICT-huishouding van ministerie en uitvoerders I) slagvaardig
en toekomstbestendig te maken en II) beter op elkaar aan te laten sluiten?
14
Hoe gaat het Ministerie van Justitie en Veiligheid samen optrekken met andere ministeries
aan Rijksbrede sturing op een veiligheidsstrategie en waarom is dat tot op heden nog
niet gebeurd?
15
Kan de regering alsnog uiteenzetten wat het escalatiemodel van de veiligheidsstrategie
is?
16
Kan uiteengezet worden in hoeverre het aandeel van de uitgaven van de begroting dat
naar de politie ging in de afgelopen 10 jaar, zich heeft ontwikkeld? Hoeveel procent
van de begroting Justitie en Veiligheid komt per jaar ten goede aan de politie?
17
Kan de regering bevestigen dat Nederlanders, ook wanneer zij daarnaast de Israëlische
nationaliteit hebben, onder omstandigheden in Nederland vervolgd kunnen worden voor
oorlogsmisdrijven of misdrijven tegen de menselijkheid die zij in Gaza, Israël of
de Westelijke Jordaanoever hebben gepleegd of waaraan zij hebben bijgedragen?
18
Kan de regering uiteenzetten op basis van welke bepalingen in de Wet internationale
misdrijven Nederland rechtsmacht heeft over Nederlandse onderdanen die in dienst van
een buitenlands leger mogelijk internationale misdrijven plegen?
19
Klopt het dat dienst in de Israel Defense Forces op zichzelf niet strafbaar is, maar
dat individuele deelname aan of medeplichtigheid bij internationale misdrijven dat
wél kan zijn?
20
Kan de regering uiteenzetten hoe de Wet internationale misdrijven van toepassing is
op Nederlanders die in dienst van een buitenlands leger mogelijk hebben deelgenomen
aan aanvallen op burgers, vernieling van civiele infrastructuur, gedwongen verplaatsing,
mishandeling van gevangenen of plundering?
21
Kan de regering bevestigen dat het volgen van bevelen geen volledige vrijwaring biedt
bij oorlogsmisdrijven of andere internationale misdrijven?
22
Is het Openbaar Ministerie bevoegd om onderzoek te doen naar Nederlanders die in de
Israel Defense Forces hebben gediend wanneer er concrete aanwijzingen zijn van betrokkenheid
bij internationale misdrijven? Zo ja, gebeurt dat ook actief?
23
Doen politie en Openbaar Ministerie proactief onderzoek naar mogelijke betrokkenheid
van Nederlandse onderdanen bij internationale misdrijven in Gaza of gebeurt dit uitsluitend
naar aanleiding van aangiftes, meldingen of signalen?
24
Is er binnen Buitenlandse Zaken, Justitie en Veiligheid, Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding
en Veiligheid, politie of Openbaar Ministerie een werkwijze om signalen over mogelijke
betrokkenheid van Nederlandse onderdanen bij internationale misdrijven in Gaza, de
Westelijke Jordaanoever of Israël te verzamelen, te beoordelen en door te geleiden?
25
Op welke wijze kunnen slachtoffers, nabestaanden, journalisten en maatschappelijke
organisaties relevante informatie over mogelijke internationale misdrijven in Gaza
delen met de Nederlandse autoriteiten, indien die informatie van belang kan zijn voor
de Nederlandse rechtsmacht?
26
Hoeveel aangiftes, meldingen of signalen zijn sinds 7 oktober 2023 bij politie, Openbaar
Ministerie of het Team Internationale Misdrijven binnengekomen over Nederlanders of
in Nederland verblijvende personen die mogelijk betrokken waren bij internationale
misdrijven in Gaza of de Westelijke Jordaanoever?
27
Beschikt het Team Internationale Misdrijven over voldoende capaciteit en expertise
om mogelijke betrokkenheid van Nederlandse onderdanen bij misdrijven in Gaza te onderzoeken?
Zo nee, acht de regering uitbreiding wenselijk of nodig?
28
Kan nader worden toegelicht wat in 2025 is gedaan door Justitie en Veiligheid om meer
regie te voeren op de strafrechtketen?
29
Deelt de regering de constatering dat er geen vorm is van centrale monitoring van
de veiligheidsstrategie? Zo ja/nee, waarom?
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
B.J. Eerdmans, voorzitter van de vaste commissie voor Justitie en Veiligheid -
Mede ondertekenaar
B.A. Paauwe, adjunct-griffier
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.