Lijst van vragen : Lijst van vragen, gesteld aan de regering, over het rapport Resultaten verantwoordingsonderzoek 2025 bij het Ministerie van Klimaat en Groene Groei (Kamerstuk 36945-XXIII-2)
2026D25299 LIJST VAN VRAGEN
De vaste commissie voor Klimaat en Groene Groei heeft een aantal vragen voorgelegd
aan de Minister van Klimaat en Groene Groei over het Rapport Resultaten verantwoordingsonderzoek
2025 bij het Ministerie van Klimaat en Groene Groei (Kamerstuk 36 945 XXIII, nr. 2).
De voorzitter van de commissie,
Zwinkels
De griffier van de commissie,
Nava
Nr
Vraag
1
Kunt u toelichten hoe u voorkomt dat een positief oordeel over rechtmatige besteding
wordt gepresenteerd als antwoord op de vraag van de Algemene Rekenkamer wat met klimaat-
en energiemiddelen daadwerkelijk is bereikt?
2
Erkent u dat de Algemene Rekenkamer constateert dat het nauwelijks te volgen is wat
het kabinet heeft bereikt met activiteiten die uit het Klimaatfonds worden gefinancierd?
3
Kunt u bevestigen dat de Algemene Rekenkamer bij KGG alle financiële oordelen positief
acht, maar bij het Klimaatfonds geen financieel oordeel geeft omdat de financiële
verantwoordingsinformatie in het fonds nul is?
4
Kunt u aangeven welke investering nodig is voor levensduurverlenging van Borssele
en welk deel daarvan publiek wordt gedragen?
5
Kunt u toelichten welke acties uit het Landelijk Actieprogramma Netcongestie in 2025
aantoonbaar hebben geleid tot extra transportcapaciteit of kortere wachtrijen?
6
Waarom heeft u de consequenties van het inzetten van reservecapaciteit tegen netcongestie
nog niet onderzocht of niet aan de Rekenkamer beschikbaar gesteld?
7
Kunt u de uitgaven van 6.071,3 miljoen euro, de ontvangsten van 4.161,3 miljoen euro
en verplichtingen van 33.720,1 miljoen euro uitsplitsen naar artikel, instrument en
belangrijkste beleidsdoel?
8
Welk deel van de verplichtingen van 33.720,1 miljoen euro betreft de lening aan Energie
Beheer Nederland voor het vullen van gasopslagen, en onder welke voorwaarden is deze
lening verstrekt?
9
Kunt u uitleggen waarom bij de Miljoenennota 2025 4.496 miljoen euro aan KGG-uitgaven
was geraamd, terwijl de realisatie uiteindelijk 6.071 miljoen euro bedroeg?
10
Kunt u de drie grootste wijzigingen in de KGG-uitgaven in 2025 toelichten, te weten
herverkaveling naar KGG van 4.580 miljoen euro, de SDE-tegenvaller van 2.517 miljoen
euro en kasschuiven Nationaal Groeifonds van – 310 miljoen euro?
11
Waarom heeft u bij de SDE-regelingen onvoldoende rekening gehouden met het risico
dat lagere energieprijzen tot hogere subsidie-uitgaven zouden leiden, terwijl de Algemene
Rekenkamer daar eerder op had gewezen?
12
Kan de regering de SDE-tegenvaller van 2.517 miljoen euro uitsplitsen naar SDE, SDE+,
SDE++ en type technologie?
13
Welke lessen trekt u uit het feit dat lagere energieprijzen in 2025 direct tot fors
hogere SDE-uitgaven leidden, in relatie tot betaalbaarheid voor belastingbetalers?
14
Kunt u uitleggen welke projecten onder Groenvermogen van de Nederlandse economie en
NieuweWarmteNu geraakt zijn door de kasschuif van 310 miljoen euro naar latere jaren?
15
Wat betekent de kasschuif van 310 miljoen euro uit het Nationaal Groeifonds concreet
voor planning, mijlpalen en beoogde resultaten van de betrokken KGG-projecten?
16
Kunt u voortaan onderscheid maken tussen onderuitputting door vertraging, onderuitputting
door lagere kosten en onderuitputting door het niet doorgaan van maatregelen?
17
Kunt u de in 2025 gezette stappen voor de bouw van twee tot vier nieuwe kerncentrales
uitsplitsen naar planning, besluitvorming, kostenraming, aanbesteding en risicoverdeling?
18
Kunt u toelichten welke verplichtingen in 2025 zijn aangegaan voor NEO NL en welke
toekomstige kasuitgaven daaruit volgen?
19
Welke informatie ontvangt de Kamer in 2026 om te beoordelen of kernenergiegelden doelmatig
worden ingezet, los van de vraag of de uitgaven rechtmatig zijn geboekt?
20
Kunt u per van de 26 hoogspanningsprojecten aangeven wat de planning, huidige status,
belangrijkste belemmering en verwachte bijdrage aan netcongestiereductie is?
21
Kunt u aangeven welke onderdelen van het rapport betrekking hebben op KGG als zelfstandig
ministerie in 2025 en welke verantwoordelijkheden inmiddels zijn overgegaan naar EZK
na het aantreden van het kabinet-Jetten op 23 februari 2026?
22
Welke bewindspersoon is op dit moment verantwoordelijk voor de opvolging van de Rekenkamerbevindingen
over KGG, nu het Ministerie van KGG is opgeheven en is opgegaan in EZK?
23
Welke concrete verbeteringen voert de regering in het Jaarverslag Klimaatfonds 2026
door om te zorgen dat de Kamer per maatregel kan zien welk bedrag is besteed, door
welk departement, op welk begrotingsartikel en met welk resultaat?
24
Kunt u bevestigen dat sinds 2022 in totaal 48 miljard euro op de begroting van het
Klimaatfonds is gezet, waarvan 24,9 miljard euro is overgeheveld naar departementen,
0,8 miljard euro is teruggevloeid, 2,7 miljard euro is onttrokken en 21,2 miljard
euro resteert?
25
Kan de regering toelichten welk deel van de resterende 21,2 miljard euro al juridisch,
bestuurlijk of beleidsmatig is vastgelegd en welk deel nog vrij besteedbaar is?
26
Hoe verklaart u dat van de resterende middelen 13,6 miljard euro nog niet bestemd
is, en wanneer wordt de Kamer hierover per perceel geinformeerd?
27
Kunt u per jaar sinds 2022 uitsplitsen welke middelen uit het Klimaatfonds zijn overgeheveld,
teruggevloeid, onttrokken of doorgeschoven?
28
Welke concrete maatregelen zijn geraakt door de verlaging van de begroting van het
Klimaatfonds met 600 miljoen euro bij de Voorjaarsnota 2025?
29
Hoe voorkomt u dat middelen voor kernenergie opnieuw worden verschoven of gebruikt
voor generieke dekking, zoals bij de Klimaatfondsombuiging van 600 miljoen euro is
gebeurd?
30
Welke middelen zijn als gevolg van het regeerprogramma-Schoof verschoven van waterstof
naar kernenergie, uitgesplitst naar jaar en maatregel?
31
Kunt u een totaaloverzicht geven van de zes percelen van het Klimaatfonds, met per
perceel het toegekende bedrag, het overgehevelde bedrag, de realisatie, onderuitputting
en resterende middelen?
32
Kunt u bevestigen dat zeven departementen betrokken zijn bij uitvoering van beleid
met Klimaatfondsmiddelen, en per departement aangeven wie politiek verantwoordelijk
is voor resultaten en rechtmatigheid?
33
Waarom is bij het perceel kernenergie voor een toelichting in elk geval verwijzing
nodig naar jaarverslagen van KGG, IenW en VWS, en hoe gaat de regering dit voor de
Kamer eenvoudiger navolgbaar maken?
34
Kunt u per kernenergiemaatregel uit het Klimaatfonds aangeven waar de realisatie in
2025 is verantwoord en welk meetbaar resultaat is geboekt?
35
Kunt u voor het verantwoordingsjaar 2025 per Klimaatfondsmaatregel aangeven of het
resultaat volledig, deels of niet navolgbaar is in departementale jaarverslagen?
36
Bent u bereid bij een eventuele opvolger of wijziging van de Tijdelijke wet Klimaatfonds
expliciete verantwoordingsvereisten voor beleidsresultaten op te nemen?
37
Welke aanvullende verantwoordingsinformatie acht u nodig om het budgetrecht van de
Kamer bij een overhevelingsfonds als het Klimaatfonds daadwerkelijk uitvoerbaar te
maken?
38
Bent u bereid elke Klimaatfondsmaatregel een unieke maatregelcode te geven die in
alle begrotingen, jaarverslagen, subsidiebeschikkingen en voortgangsrapportages hetzelfde
blijft?
39
Bent u bereid bij elke kasschuif voortaan expliciet te melden wat dit betekent voor
CO2-reductie, energiezekerheid, industriebeleid en uitvoeringsplanning?
40
Hoe weegt u voor decharge het verschil tussen een positief oordeel over rechtmatigheid
bij KGG en het ontbreken van een financieel oordeel over het Klimaatfonds zelf?
41
Waarom heeft u bij het Klimaatfonds niet gekozen voor extra ADR-controles per maatregel,
zoals volgens de Rekenkamer bij het Nationaal Groeifonds gebeurt?
42
Bent u bereid vanaf het verantwoordingsjaar 2026 alsnog extra ADR-controles te laten
uitvoeren op elke Klimaatfondsmaatregel boven 100 miljoen euro?
43
Hoe gaat u voorkomen dat Klimaatfondsgeld in de grotere massa van ontvangende begrotingsartikelen
verdwijnt zonder afzonderlijke controle op rechtmatigheid, doelmatigheid en resultaat?
44
Welke concrete aanpassingen voert u door zodat de bedragen in de Klimaatfondsbijlage
eenvoudig aansluiten op bedragen in de jaarverslagen van ontvangende ministeries?
45
Kunt u een tabel sturen met alle aanbevelingen van de Algemene Rekenkamer in dit rapport,
de kabinetsreactie daarop, de verantwoordelijke bewindspersoon, de deadline en het
moment waarop de Kamer voortgangsinformatie ontvangt?
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
J.M. Zwinkels, voorzitter van de vaste commissie voor Klimaat en Groene Groei -
Mede ondertekenaar
D.S. Nava, griffier
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.