Amendement : Amendement van het lid Straatman over voorrang van de asielprocedure op het recht op ontvangen van bezoek
35 501 Wijziging van de Wet terugkeer en vreemdelingenbewaring en enige andere wetten met het oog op het handhaven van de mogelijkheden om maatregelen te nemen ten aanzien van overlastgevende vreemdelingen, het verruimen van de mogelijkheden tot ongewenstverklaring en het verhogen van het strafmaximum van artikel 197 van het Wetboek van Strafrecht (novelle Wet terugkeer en vreemdelingenbewaring)
Nr. 29
AMENDEMENT VAN HET LID STRAATMAN
Ontvangen 21 mei 2026
De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:
In artikel I, onderdeel 0Cm, wordt in het voorgestelde artikel 36a na «23» ingevoegd
«, 29» en wordt «en dagbesteding» vervangen door «, dagbesteding en het ontvangen
van bezoek».
Toelichting
De indiener beoogt met dit amendement art. 29 toe te voegen in de opsomming van artikelen
waarop het voorgestelde art. 36a van de Wet terugkeer en vreemdelingenbewaring betrekking
heeft. In de voorgestelde wettekst is opgenomen dat de vreemdeling het onderzoek naar
de inwilligbaarheid van de aanvraag om een verblijfsvergunning te laten voorgaan op
de artikelen 23 en 36 van deze wet, voor zover het gaat om de rechten op bewegingsvrijheid
en dagbesteding. De indiener is van mening dat de asielprocedure ook moet voorgaan
op art. 29, betreffende het ontvangen van bezoek. In de praktijk betekent dit dat
bijvoorbeeld ook afspraken met de IND die zien op de asielprocedure voorgaan op het
recht op het ontvangen van bezoek. Op deze manier wordt de asielprocedure zo efficiënt
mogelijk ingericht. Deze maatregel geldt daarmee niet alleen voor het verblijfsregime,
maar via art. 36 ook voor het beheersregime.
Straatman
Indieners
Jeltje Straatman, Kamerlid
Kabinetsappreciatie
Appreciatie:
Oordeel Kamer