Jaarverslag : Jaarverslag Klimaatfonds 2025
Tweede Kamer der Staten-Generaal
InhoudsopgaveGerealiseerde uitgaven en ontvangstenA. Algemeen1. Aanbieding van het jaarverslag en verzoek tot dechargeverleningDechargeverlening door de Tweede KamerDechargeverlening door de Eerste Kamer2. LeeswijzerB. Beleidsverslag3. Beleidsprioriteiten3.1 Strategische Evaluatie Agenda4. Beleidsartikelen4.1 Beleidsartikel 1 KernenergieA. Algemene doelstellingB. Rol en verantwoordelijkheidC. BeleidsconclusiesD. Budgettaire gevolgen van beleidE. Toelichting op de instrumenten4.2 Beleidsartikel 2 CO2-vrije gascentralesA. Algemene doelstellingB. Rol en verantwoordelijkheidC. BeleidsconclusiesD. Budgettaire gevolgen van beleidE. Toelichting op de instrumenten4.3 Beleidsartikel 3 Energie-infrastructuurA. Algemene doelstellingB. Rol en verantwoordelijkheidC. BeleidsconclusiesD. Budgettaire gevolgen van beleidE. Toelichting op de instrumenten4.4 Beleidsartikel 4 Vroege fase opschalingA. Algemene doelstellingB. Rol en verantwoordelijkheidC. BeleidsconclusiesD. Budgettaire gevolgen van beleidE. Toelichting op de instrumenten4.5 Beleidsartikel 5 Verduurzaming Industrie en innovatie mkbA. Algemene doelstellingB. Rol en verantwoordelijkheidC. BeleidsconclusiesD. Budgettaire gevolgen van beleidE. Toelichting op de instrumenten4.6 Beleidsartikel 6 Verduurzaming gebouwde omgevingA. Algemene doelstellingB. Rol en verantwoordelijkheidC. BeleidsconclusiesD. Budgettaire gevolgen van beleidE. Toelichting op de instrumenten4.7 Beleidsartikel 7 OnverdeeldA. Algemene doelstellingB. Rol en verantwoordelijkheidC. BeleidsconclusiesD. Budgettaire gevolgen van beleidE. Toelichting op de instrumenten5. BedrijfsvoeringsparagraafC. Jaarrekening6. Verantwoordingsstaat begrotingsfonds7. SaldibalansD. BijlagenBijlage 1: Rijksbrede Klimaatfondsbijlage
36 945 M Jaarverslag en slotwet van het Klimaatfonds 2025
Nr. 1 JAARVERSLAG VAN HET KLIMAATFONDS (M) 2025
Ontvangen 20 mei 2026
Vergaderjaar 2025–2026
GEREALISEERDE UITGAVEN EN ONTVANGSTEN
Het Klimaatfonds is een overhevelingsfonds van waaruit middelen worden overgeheveld naar departementale begrotingen. Het Klimaatfonds doet zelf geen uitgaven. Daardoor zijn de in 2025 gerealiseerde uitgaven en ontvangsten op de beleidsartikelen nihil.
A. ALGEMEEN
1. Aanbieding van het jaarverslag en verzoek tot dechargeverlening
Aan de voorzitters van de Eerste en de Tweede Kamer van de Staten-Generaal.
Hierbij bied ik het jaarverslag met betrekking tot de begroting van het Klimaatfonds (M) over het jaar 2025 aan.
Onder verwijzing naar de artikelen 2.37 en 2.40 van de Comptabiliteitswet 2016 verzoek ik de beide Kamers van de Staten-Generaal de Minister van Klimaat en Groene Groei decharge te verlenen over het in het jaar 2025 gevoerde financiële beheer.
Voor de oordeelsvorming van de Staten-Generaal over dit verzoek tot dechargeverlening stelt de Algemene Rekenkamer als externe controleur op grond van artikel 7.14 van de Comptabiliteitswet 2016 een rapport op. Dit rapport wordt op grond van artikel 7.15 van de Comptabiliteitswet 2016 door de Algemene Rekenkamer aan de Staten-Generaal aangeboden. Het rapport bevat de bevindingen en het oordeel van de Algemene Rekenkamer over:
1. het gevoerde begrotingsbeheer, financieel beheer, materiële bedrijfsvoering en de daartoe bijgehouden administraties van het Rijk;
2. de centrale administratie van de schatkist van het Rijk van het Ministerie van Financiën;
3. de financiële verantwoordingsinformatie in de jaarverslagen;
4. de totstandkoming van de niet-financiële verantwoordingsinformatie in de jaarverslagen;
5. de financiële verantwoordingsinformatie in het Financieel jaarverslag van het Rijk.
Bij het besluit tot dechargeverlening worden verder de volgende, wettelijk voorgeschreven, stukken betrokken:
1. het Financieel jaarverslag van het Rijk over 2025;
2. het voorstel van de slotwet dat met het onderhavige jaarverslag samenhangt;
3. het rapport van de Algemene Rekenkamer over het onderzoek van de centrale administratie van de schatkist van het Rijk en van het Financieel jaarverslag van het Rijk;
4. de verklaring van goedkeuring van de Algemene Rekenkamer over de in het Financieel jaarverslag van het Rijk, over 2025 opgenomen rekening van uitgaven en ontvangsten over 2025, alsmede over de saldibalans over 2025 (de verklaring van goedkeuring, bedoeld in artikel 7.14, tweede lid, van de Comptabiliteitswet 2016).
Het besluit tot dechargeverlening kan niet worden genomen, voordat de betrokken slotwet is aangenomen en voordat de verklaring van goedkeuring van de Algemene Rekenkamer is ontvangen.
De Minister van Klimaat en Groene Groei,S.van Veldhoven - van der Meer
Dechargeverlening door de Tweede Kamer
Onder verwijzing naar artikel 2.40 van de Comptabiliteitswet 2016 verklaart de voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal dat de Tweede Kamer aan het hiervoor gedane verzoek tot dechargeverlening tegemoet is gekomen door een daartoe strekkend besluit, genomen in de vergadering van
De Voorzitter van de Tweede Kamer,
Handtekening:
Datum:
Op grond van artikel 2.40, derde lid, van de Comptabiliteitswet 2016 wordt dit originele exemplaar van het onderhavige jaarverslag, na ondertekening van de hierboven opgenomen verklaring, ter behandeling doorgezonden aan de voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal.
Dechargeverlening door de Eerste Kamer
Onder verwijzing naar artikel 2.40 van de Comptabiliteitswet 2016 verklaart de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal dat de Eerste Kamer aan het hiervoor gedane verzoek tot dechargeverlening tegemoet is gekomen door een daartoe strekkend besluit, genomen in de vergadering van
De Voorzitter van de Eerste Kamer,
Handtekening:
Datum:
Op grond van artikel 2.40 van de Comptabiliteitswet 2016 wordt dit originele exemplaar van het onderhavige jaarverslag, na ondertekening van de hierboven opgenomen verklaring, doorgezonden aan de Minister van Financiën.
2. Leeswijzer
Deze leeswijzer bevat de volgende onderdelen:
1. Opbouw jaarverslag
2. Ondergrenzen toelichtingen
3. Controlenormen financiële en niet-financiële gegevens
4. Groeiparagraaf
5. Grondslagen voor de vastlegging en de waardering
1. Opbouw jaarverslag
Dit jaarverslag bevat informatie over de maatregelen die voor 2025 aan alle departementen toegekend zijn en op de departementale begrotingen verantwoord worden.
De beleidsartikelen in dit jaarverslag zijn conform de Rijksbegrotingsvoorschriften opgesteld (https://rbv.rijksfinancien.nl). Elk beleidsartikel bevat een paragraaf algemene doelstelling, de rol en verantwoordelijkheid van de Minister van Klimaat en Groene Groei, de beleidwijzigingen, de tabel met de budgettaire gevolgen van beleid (hierna: budgettaire tabel) en de toelichting op de financiële instrumenten uit de budgettaire tabel.
Op 1 januari 2026 is de naam van het Klimaatfonds gewijzigd naar het Klimaat- en energiefonds. Vanaf 2026 wordt gesproken van het Klimaat- en energiefonds, gezien het jaarverslag de verantwoording van 2025 betreft spreken we in het jaarverslag nog van het Klimaatfonds.
De budgettaire tabellen in de beleidsartikelen bevatten, conform de Rijksbegrotingsvoorschriften, alleen informatie over middelen die in 2025 voor 2025 zijn toegekend, wat de nullen in de reeksen verklaart. Om een vollediger beeld te geven, is een uitgebreide bijlage (bijlage 1 Rijksbrede Klimaatfondsbijlage) bijgevoegd bij het jaarverslag. Deze bijlage geeft een beeld van de beschikbare Klimaatfondsmiddelen die rijksbreed aan alle departementen zijn toegekend. In het Meerjarenprogramma 2026 treft u ook een volledig beeld en omschrijving opgenomen van de uitgaven van het Klimaatfonds, inclusief een toelichting op de maatregelen.
De apparaatsuitgaven/-ontvangsten voor de uitvoering van het fonds zijn in 2025 opgenomen bij het moederdepartement het Ministerie van Klimaat en Groene Groei.
2. Ondergrenzen toelichtingen
Voor het toelichten van significante verschillen in de uitgaven, ontvangsten en verplichtingen in de realisatie versus de vastgestelde begroting 2025 zijn de ondergrenzen gehanteerd zoals opgenomen in de onderstaande tabel.
Tabel 1 Totaal omvang Klimaatfonds (bedragen x € 1.000)
Omvang begrotingsartikel (stand ontwerpbegroting) in € miljoen
Beleidsmatige mutaties (ondergrens in € miljoen)
Technische mutaties (ondergrens in € miljoen)
< 50
1
2
=> 50 en < 200
2
4
=> 200 < 1000
5
10
=> 1000
10
20
In sommige gevallen, namelijk waar politiek relevant, worden ook posten toegelicht beneden deze ondergrenzen.
3. Controlenormen financiële en niet-financiële gegevens
De in dit jaarverslag opgenomen financiële en niet-financiële gegevens zijn ontleend aan informatie van vakdepartementen over de besteding van KF-middelen en de financiële administratie van het Ministerie van Klimaat en Groene Groei.
De controle van die informatie is gebaseerd op de normen zoals deze voortvloeien uit de Comptabiliteitswet 2016 en de Regeling rijksbegrotingsvoorschriften 2026.
4. Groeiparagraaf
Gezien de eerste Klimaatfonds begroting in 2025 is gepubliceerd, presenteert KGG voor het eerst een jaarverslag Klimaatfonds. Deze voldoet aan de Rijksbegrotingsvoorschriften.
5. Grondslagen voor de vastlegging en de waardering
De verslaggevingsregels en waarderingsgrondslagen die van toepassing zijn op de in dit jaarverslag opgenomen financiële overzichten zijn ontleend aan de Comptabiliteitswet 2016 en de daaruit voortvloeiende regelgeving, waaronder de Regeling rijksbegrotingsvoorschriften 2026. Voor de departementale begrotingsadministratie wordt het verplichtingen- kasstelsel toegepast.
B. BELEIDSVERSLAG
3. Beleidsprioriteiten
Figuur 1 Overgehevelde middelen Klimaatfonds (x €1 mln). Totaal € 5 mld.
Ontwikkelingen Klimaatfonds in 2025
Het Klimaatfonds heeft als doel het financieren van additionele maatregelen die bijdragen aan het terugdringen van emissies van broeikasgassen tot de niveaus die zijn bedoeld in artikel 2 van de Klimaatwet. Deze maatregelen richten zich op de overgang naar een klimaatneutrale energievoorziening, economie en samenleving, rekening houdend met een rechtvaardige klimaattransitie. Het Klimaatfonds voorziet in financiële middelen voor drie specifieke doelen die ook zijn opgenomen in de Tijdelijke wet Klimaatfonds:
– Een broeikasgas-neutrale energievoorziening in 2050;
– Het stimuleren van de implementatie van technieken voor energie-efficiëntie en het stimuleren van de toepassing van hernieuwbare energie en overige broeikasgas-reducerende en circulaire technieken en maatregelen in het bedrijfsleven;
– Het stimuleren van de toepassing van technieken voor energie-efficiëntie, van hernieuwbare energie en van koolstofvastlegging in de gebouwde omgeving.
Het Klimaatfonds bevat specifiek zes percelen, die gedefinieerd zijn als: Kernenergie, CO2-vrije gascentrales, Energie-infrastructuur, Vroege fase opschaling, Verduurzaming industrie en innovatie mkb en Verduurzaming gebouwde omgeving. Jaarlijks wordt in het Meerjarenprogramma (hierna: MJP) toegelicht welke maatregelen middelen ontvangen uit het Klimaatfonds.
Het Klimaatfonds bevatte oorspronkelijk een bedrag van € 35 mld. Vooruit-lopend op de instelling van het Klimaatfonds is er via de (proeve van) begroting 2023, 2024 en 2025 respectievelijk € 3,9 mld, € 11,0 mld en € 4,7 mld toegekend vanuit het Klimaatfonds. In 2024 is daarnaast € 9,5 mld toegevoegd aan het Klimaatfonds voor kernenergie en is € 1,2 mld bezuinigd op de ontwikkeling van groene waterstof en batterijen waarvan € 1,0 mld verwerkt is op het Klimaatfonds en € 0,2 mld op de departementale begrotingen.
In het MJP26 is een volledig beeld en omschrijving opgenomen van de uitgaven van het Klimaatfonds, inclusief een toelichting op de maatregelen.
Er resteerde voor de begrotingsjaar 2025 en het MJP26 nog € 26 mld in het fonds. Met het MJP26 is totaal € 5 mld toegekend en overgeheveld naar diverse departementale begrotingen. Verder is er een korting van € 600 mln. doorgevoerd naar aanleiding van de politieke besluitvorming ter dekking van het generale beeld voor de Voorjaarsnota 2025. Na verwerking van het MJP26 resteerde er totaal € 21,2 mld waarvan € 7,6 mld voorwaardelijke toekenningen en reserveringen betreft en de vrije ruimte € 13,6 mld is. Het overgrote deel van de vrije ruimte is beschikbaar voor het perceel Kernenergie, namelijk ruim € 13,5 mld.
Tabel 2 Totaal omvang Klimaatfonds (bedragen x € 1.000)
Totaaloverzicht Klimaatfonds
Budget bij aanvang
35.000.000
Toekenningen en overhevelingen urgente uitgaven 2022/2023
‒ 3.973.350
Onttrekking - Dekking generaal beeld voorjaar 2022
‒ 880.000
Toevoeging - Loon- en prijs bijstelling 2022
82.753
Stand ontwerpbegroting Klimaatfonds MJP 2024
30.229.403
Toekenningen en overhevelingen MJP 24
‒ 11.006.796
Toevoeging - Ophoging voorjaarsbesluitvorming Klimaat
807.500
Onttrekking - Dekking generaal beeld voorjaar 2023
‒ 806.613
Toevoeging - Loon- en prijs bijstelling 2023
1.867.024
Stand ontwerpbegroting Klimaatfonds MJP 2025
21.090.518
Toekenningen en overhevelingen MJP 25
‒ 4.669.552
Tussentijdse overhevelingen (NJN en ISB)
‒ 207.300
Terugvloei van departementale begrotingen (VJN)
80.201
Toevoeging - Loon- en prijs bijstelling 2024
737.093
Hoofdlijnenakkoord - Ophoging perceel Kernenergie
9.500.000
Hoofdlijnenakkoord - Verlaging waterstof en batterijen
‒ 971.000
Onttrekking - Dekking generale beeld voorjaar 2023
441.000
Toevoeging - Loon- en prijs bijstelling 2023
24.700
Stand ontwerpbegroting Klimaatfonds MJP 2026
26.025.660
Toekenningen en overhevelingen ontwerp-MJP 26
‒ 5.036.525
Terugboeking van departementale begrotingen
902.477
Afboeken eindejaarsmarge Klimaat- en energiefonds
‒ 148.417
Dekking generale beeld Voorjaarsnota 2025
‒ 600.000
Onttrekking wegens wijzigingen in normeren en beprijzend beleid
‒ 424.000
Toevoeging - Loon- en prijs bijstelling 2025
516.925
Stand ontwerpbegroting Klimaatfonds MJP 2027
21.236.120
waarvan voorwaardelijke toekenningen en reserveringen
7.619.057
waarvan nog niet bestemd
13.617.063
Wet- en regelgeving
De Eerste Kamer heeft op 19 december 2023 ingestemd met de Tijdelijke wet Klimaatfonds. Hiermee is er een wettelijke grondslag voor het Klimaatfonds. In de wet is opgenomen dat het Klimaatfonds een overhevelingsfonds is van waaruit middelen kunnen worden overgeboekt naar departementale begrotingen. De tijdelijke wet biedt duidelijkheid over het doel van het fonds en de wijze waarop het beheer plaatsvindt. Tot slot is opgenomen dat er onafhankelijk advies wordt ingewonnen bij de totstandkoming van het MJP en dat er periodiek een evaluatie plaatsvindt over de doeltreffendheid van de wet.
In het MJP Klimaatfonds 2026 hoofdstuk ‘financiële spelregels’ treft u de belangrijkste spelregels van het Klimaatfonds.
3.1 Strategische Evaluatie Agenda
De Strategische Evaluatie Agenda is bedoeld om inzicht te krijgen in effecten van beleidsmaatregelen. Op deze wijze kunnen leerervaringen benut worden om het beleid tussentijds bij te sturen, als dat nodig blijkt.
Tabel 3 Strategische evaluatie agenda Klimaatfonds
Thema
Type onderzoek
Afronding
Status
Toelichting onderzoek
Begrotingshoofdstuk
Begrotingsartikel(en)
Vindplaats
Klimaatfonds
ex-durante
2027
te starten
Artikel 8 van de Tijdelijke Wet Klimaatfonds schrijft voor dat de Minister binnen vier jaar na de inwerkingtreding van deze wet een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van het Klimaatfonds naar de Staten-Generaal stuurt.
M
4. Beleidsartikelen
4.1 Beleidsartikel 1 Kernenergie
A. Algemene doelstelling
Het eerste begrotingsartikel van het Klimaatfonds is bedoeld voor maatregelen voor kernenergie. De doelstelling van dit begrotingsartikel is als volgt:
– Het onderzoeken van het veilig en doelmatig verlengen van de levensduur van Borssele.
– Het voorbereiden van de bouw van vier nieuwe kerncentrales. Hierbij gaat het onder andere om:
• Het bepalen van een (voorkeurs)locatie voor de eerste twee nieuwe kerncentrales en het bepalen van de techniek die gebruikt zal worden. Onderdeel hiervan is ook het opstellen van een milieueffectrapportage.
• Het uitwerken van een financieringsconstructie voor de bouw van de eerste twee nieuwe kerncentrales, in samenspraak met commerciële partijen.
• Het laten uitvoeren van de benodigde (haalbaarheids)studies voor de eerste twee nieuwe kerncentrales door relevante commerciële partijen en hier middelen voor beschikbaar stellen.
• Het uitwerken van een organisatiestructuur voor het uitvoeren van de overheidsrol bij de aanbesteding, bouw en exploitatie van de nieuwe kerncentrales.
• Het in kaart brengen van de benodigde extra te zetten stappen voor de realisatie van een derde en vierde kerncentrale.
– Het creëren van randvoorwaardelijk beleid voor de ontwikkeling van kernenergie in Nederland. Daarbij gaat het onder andere om:
• Het versterken van de nucleaire kennisinfrastructuur. Om als Nederland op een effectieve en veilige wijze nieuwe kerncentrales te bouwen, moet onze kennisinfrastructuur verbeterd worden.
• Het versterken van de Europese en internationale samenwerking en kennisuitwisseling.
• Het versterken van de Nederlandse en Europese waardeketen en brandstofcyclus.
– Het versnellen van de ontwikkeling van Small Modular Reactors (SMR’s) door te ondersteunen bij de overgangsfase van ontwerp naar realisatie:
• D.m.v. simulaties met stakeholders knelpunten en kansen rondom SMR’s inzichtelijk maken.
• In kaart brengen potentie en mogelijke inpassing SMR’s in het Nederlandse energiesysteem, evenals de randvoorwaarden.
• Daaruit voortvloeiende keuzes en doelen verder concretiseren in nationale visie op SMR’s.
– Zorgdragen voor voldoende uitvoeringscapaciteit bij het Rijk en decentrale overheden.
B. Rol en verantwoordelijkheid
De Minister van Klimaat en Groene Groei is als fondsbeheerder verantwoordelijk voor de begroting van het Klimaatfonds. Zij is daarmee primair verantwoordelijk voor het beheer en de uitvoering van het Klimaatfonds. Naast fondsbeheerder is de Minister van Klimaat en Groene Groei beleidsinhoudelijk verantwoordelijk voor kernenergie.
C. Beleidsconclusies
In 2025 zijn er vanuit het beleidsartikel ‘Kernenergie’ middelen beschikbaar gesteld voor de maatregelen Uitvoeringslasten KGG/medeoverheden, Nucleaire veiligheid IenW, stralingsbescherming RIVM, Nieuwbouw kerncentrales, Verlenging financiering Nucleair Academy 2026-2030 en Projectorganisatie NEO NL. Daarnaast is uit dit perceel naar aanleiding van de politieke besluitvorming € 400 mln ingezet ter dekking van het generale beeld voor de Voorjaarsnota 2025. Verdere toelichting over de beleidsconclusies van deze thema’s zijn opgenomen in de jaarverslagen van de betreffende begrotingen.
D. Budgettaire gevolgen van beleid
Tabel 4 Budgettaire gevolgen van beleid artikel Kernenergie (bedragen x € 1.000)
Realisatie
Vastgestelde begroting1
Verschil
2021
2022
2023
2024
2025
2025
2025
Verplichtingen
0
0
0
0
0
0
0
Uitgaven
0
0
0
0
0
0
0
Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken
0
0
0
0
0
0
0
Kernenergie onverdeeld
0
0
0
0
0
0
0
X Noot
1
Stand inclusief amendementen, moties en NvW.
Bovenstaande tabel bevat alleen informatie over middelen uit het Klimaatfonds die in 2025 voor het specifieke jaar 2025 zijn toegekend, wat de nullen in de reeksen verklaart. Om een vollediger beeld te geven, is de rijksbrede Klimaatfondsbijlage (bijlage 1) bijgevoegd bij het jaarverslag. Deze bijlage geeft een totaaloverzicht van de rijksbrede realisatie en toekomstige budgettaire reeksen van de toegekende Klimaatfondsmiddelen.
E. Toelichting op de instrumenten
Onderstaande verdiepingstabel geeft extra informatie over de overboekingen opgenomen onder D. Daarnaast vinden er ook technische mutaties plaats die hierna worden toegelicht.
Tabel 5 Verdiepingstabel artikel 1 Kernenergie (bedragen x € 1.000)
2025
Beschikbare middelen ontwerpbegroting 2025
0
Overhevelingen naar andere departementen
Uitvoeringslasten
‒ 750
Projectorganisatie NEO NL
‒ 4.800
Terugboeking Kernenergie
5.045
Terugboeking IenW
400
Terugboeking KGG
3.500
Technische verwerking
Kasschuiven
2.050
Onderuitputting
‒ 5.445
Beschikbare middelen Jaarverslag 2025
0
Met het MJP26 zijn vanuit Beleidsartikel kernenergie voor begrotingsjaar 2025 de maatregelen Uitvoeringslasten en Projectorganisatie NEO NL toegekend aan het Ministerie van Klimaat en Groene Groei. Daarnaast zijn meerdere technische mutaties verwerkt waaronder kasschuiven om overboekingen naar andere departementen mogelijk te maken en terugboekingen naar het fonds i.v.m. onderuitputting die doorschuift naar volgend jaar.
Conform de begrotingsregels vindt de verantwoording van deze uitgaven ook plaats in het jaarverslag van deze departementen.
4.2 Beleidsartikel 2 CO2-vrije gascentrales
A. Algemene doelstelling
Het tweede begrotingsartikel van het Klimaatfonds is bedoeld voor maatregelen voor CO2-vrije gascentrales. De doelstelling van dit begrotingsartikel is als volgt:
– Realisatie van voldoende omgebouwde gascentrales zodat bij passende beschikbaarheid van CO2-vrije energiedragers zoals hernieuwbare waterstof ten minste 0,5 tot 2 Mton CO2-reductie kan worden gerealiseerd.
B. Rol en verantwoordelijkheid
De Minister van Klimaat en Groene Groei is als fondsbeheerder verantwoordelijk voor de begroting van het Klimaatfonds. Zij is daarmee primair verantwoordelijk voor het beheer en de uitvoering van het Klimaatfonds. Naast fondsbeheerder is de Minister van Klimaat en Groene Groei beleidsinhoudelijk verantwoordelijk voor broeikasgasneutrale gascentrales.
C. Beleidsconclusies
Vanuit het Klimaatfonds zijn in 2025 geen middelen overgeheveld voor 2025.
D. Budgettaire gevolgen van beleid
Tabel 6 Budgettaire gevolgen van beleid artikel CO2- vrije gascentrales (bedragen x € 1.000)
Realisatie
Vastgestelde begroting1
Verschil
2021
2022
2023
2024
2025
2025
2025
Verplichtingen
0
0
0
0
0
0
0
Uitgaven
0
0
0
0
0
0
0
Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken
0
0
0
0
0
0
0
CO2-gasvrije gascentrales onverdeeld
0
0
0
0
0
0
0
X Noot
1
Stand inclusief amendementen, moties en NvW.
Bovenstaande tabel bevat alleen informatie over middelen uit het Klimaatfonds die in 2025 voor het specifieke jaar 2025 zijn toegekend, wat de nullen in de reeksen verklaart. Om een vollediger beeld te geven, is de rijksbrede Klimaatfondsbijlage (bijlage 1) bijgevoegd bij het jaarverslag. Deze bijlage geeft een totaaloverzicht van de rijksbrede realisatie en toekomstige budgettaire reeksen van de toegekende Klimaatfondsmiddelen.
E. Toelichting op de instrumenten
Er zijn in 2025 geen mutaties verwerkt op beleidsartikel 2 voor het jaar 2025.
Tabel 7 Verdiepingstabel artikel 2 CO2- vrije gascentrales (bedragen x € 1.000)
2025
Beschikbare middelen ontwerpbegroting 2025
0
Beschikbare middelen Jaarverslag 2025
0
4.3 Beleidsartikel 3 Energie-infrastructuur
A. Algemene doelstelling
Het derde begrotingsartikel van het Klimaatfonds is bedoeld voor maatregelen voor energie-infrastructuur. De doelstelling van dit begrotingsartikel is als volgt:
– Uitrol van infrastructuur die noodzakelijk is voor de energietransitie, zoals infrastructuur voor waterstof en warmte en laadinfrastructuur. Er wordt ex ante geen selectie gemaakt voor bepaalde technologieën of sectoren.
– Ondersteuning vanuit het fonds voor het oplossen van knelpunten in de niet-gereguleerde infrastructuur, en de gereguleerde infrastructuur op het gebied van netcongestie, die geen onderdeel zijn van de reguliere financiering van netbeheerders (waarmee investeringen in de fysieke infrastructuur zelf zijn uitgesloten).
B. Rol en verantwoordelijkheid
De Minister van Klimaat en Groene Groei is als fondsbeheerder verantwoordelijk voor de begroting van het Klimaatfonds. Zij is daarmee primair verantwoordelijk voor het beheer en de uitvoering van het Klimaatfonds. Naast fondsbeheerder is de Minister van Klimaat en Groene Groei beleidsinhoudelijk verantwoordelijk voor energie-infrastructuur.
C. Beleidsconclusies
In 2025 heeft het Klimaatfonds binnen het beleidsartikel ‘Energie-infrastructuur’ ten behoeve van meerdere maatregelen middelen ter beschikking gesteld. Hierbij gaat het om de maatregelen ’Garantieregeling Warmtenetten’, ‘WarmtelinQ+’, ‘Expertpool vliegende brigade’, ‘Elektrisch aangedreven Friese Waddenveren’, ‘Gebiedsinvesteringen voor ruimtelijk inpassen hoogspanningsnet’, ‘Normeren en stimuleren van slimme energie-intensieve apparaten’, ‘pakket noodmaatregelen netcongestie’, ‘projectaanpak netcongestie’, ‘Wind op Zee inpassingskosten en ‘Doordewind II’ en ‘Uitvoeringskosten provincies’. Ook zijn er middelen beschikbaar gesteld voor een kapitaalstorting bij EBN, zodat EBN kan deelnemen in zowel de Aramis transportinfrastructuur als in verschillende opslagvelden. Ook is naar aanleiding van de politieke besluitvorming € 42 mln uit dit perceel ingezet ter dekking van het generale beeld voor de Voorjaarsnota 2025. Verdere toelichting over de beleidsconclusies van deze thema’s zijn opgenomen in de jaarverslagen van de betreffende begrotingen.
D. Budgettaire gevolgen van beleid
Tabel 8 Budgettaire gevolgen van beleid artikel Energie- infrastructuur (bedragen x € 1.000)
Realisatie
Vastgestelde begroting1
Verschil
2021
2022
2023
2024
2025
2025
2025
Verplichtingen
0
0
0
0
0
40.000
‒ 40.000
Uitgaven
0
0
0
0
0
40.000
‒ 40.000
Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken
0
0
0
0
0
40.000
‒ 40.000
Energie- Infrastructuur onverdeeld
0
0
0
0
0
40.000
‒ 40.000
X Noot
1
Stand inclusief amendementen, moties en NvW.
Bovenstaande tabel bevat alleen informatie over middelen uit het Klimaatfonds die in 2025 voor het specifieke jaar 2025 zijn toegekend, wat de nullen in de reeksen verklaart. Om een vollediger beeld te geven, is de rijksbrede Klimaatfondsbijlage (bijlage 1) bijgevoegd bij het jaarverslag. Deze bijlage geeft een totaaloverzicht van de rijksbrede realisatie en toekomstige budgettaire reeksen van de toegekende Klimaatfondsmiddelen.
E. Toelichting op de instrumenten
Onderstaande verdiepingstabel geeft extra informatie over de overboekingen opgenomen onder D. Daarnaast vinden er ook technische mutaties plaats die hierna worden toegelicht.
Tabel 9 Verdiepingstabel artikel 3 Energie- infrastructuur (bedragen x €1.000)
2025
Beschikbare middelen ontwerpbegroting 2025
40.000
Overhevelingen naar andere departementen
Normeren en stimuleren van slimme energie-intensieve apparaten
‒ 4.200
Pakket noodmaatregelen netcongestie
‒ 2.087
Projectaanpak netcongestie
‒ 1.000
Wind op Zee
‒ 590
Technische verwerking
Kasschuiven
‒ 47.638
Opboeking van perceel onverdeeld
15.539
Terugboeken loonbijstelling
‒ 24
Beschikbare middelen Jaarverslag 2025
0
Met het MJP26 zijn vanuit beleidsartikel energie-infrastructuur voor begrotingsjaar 2025 de maatregelen Normeren en stimuleren van slimme energie-intensieve apparaten, Pakket noodmaatregelen netcongestie, Projectaanpak netcongestie en Wind op zee toegekend aan het Ministerie van Klimaat en Groene Groei. Daarnaast zijn meerdere technische mutaties verwerkt waaronder kasschuiven om overboekingen naar andere departementen mogelijk te maken, herschikkingen tussen de percelen en terugboekingen naar het fonds i.v.m. onderuitputting die doorschuift naar volgend jaar.
Conform de begrotingsregels vindt de verantwoording van deze uitgaven ook plaats in het jaarverslag van deze departementen.
4.4 Beleidsartikel 4 Vroege fase opschaling
A. Algemene doelstelling
Het vierde begrotingsartikel van het Klimaatfonds is bedoeld voor maatregelen voor vroege fase opschaling van hernieuwbare energiedragers. De doelstelling van dit begrotingsartikel is als volgt:
– Het vergroten van de beschikbaarheid van innovatieve technologie met een schaalbare functie en belangrijke rol voor de Nederlandse klimaatneutrale samenleving, zodat het daardoor mogelijk wordt om verdere uitrol te bewerkstelligen door generiek beleidsinstrumentarium.
– Dit gaat in eerste instantie om technieken voor hoogwaardige hernieuwbare energiedragers die pas kosteneffectieve CO2-reductie kunnen faciliteren bij substantiële opschaling. Gestart wordt daarbij met innovatieve en kansrijke technieken op de terreinen elektrolyse, vergassing en pyrolyse wat bijdraagt aan de beschikbaarheid van 3 tot 4 GW waterstof in 2030 en de opschaling van groen gas.
– Binnen het perceel zal - uitgaande van realisatie van de doelstellingen voor hoogwaardige energiedragers - daarnaast ook ruimte zijn voor andere toekomstige technologieën, mits deze voldoen aan de voorwaarden dat deze schaalbaar zijn en bijdragen aan de klimaatneutrale samenleving. Welke technieken hiervoor in aanmerking komen wordt de komende tijd nader uitgewerkt.
B. Rol en verantwoordelijkheid
De Minister van Klimaat en Groene Groei is als fondsbeheerder verantwoordelijk voor de begroting van het Klimaatfonds. Zij is daarmee primair verantwoordelijk voor het beheer en de uitvoering van het Klimaatfonds. Naast fondsbeheerder is de Minister van Klimaat en Groene Groei beleidsinhoudelijk verantwoordelijk voor vroege fase opschaling.
C. Beleidsconclusies
In 2025 heeft het Klimaatfonds binnen het beleidsartikel ‘Vroege fase opschaling’ ten behoeve van meerdere maatregelen middelen ter beschikking gesteld. Hierbij gaat het om diverse maatregelen gericht op de ontwikkeling van waterstof ‘Elektrolyse onshore 500-1.000 MW’, ‘meetstandaard waterstof’ en ‘onderzoeksprogramma waterstof op zee’.
Ook wordt een ‘overbruggingskrediet voor plasticrecyclingbedrijven’ toegekend gericht op de ondersteuning van deze bedrijven. Daarnaast zijn middelen vrijgemaakt gericht op de ‘Normering en stimulering biobased bouwen’, het ‘Stimuleringsprogramma innovatie en vroege opschaling koolstofverwijdering’ en ‘Verbetering toezicht F-gassen’. Voor de verduurzaming van de mobiliteit zijn middelen vrijgemaakt voor de ’opschaling nieuwe aandrijftechnologieën luchtvaart’, ‘Normering lease per 2027’ en de ‘Mrb-gewichtscorrectie’. Ook worden middelen uit dit perceel ingezet voor de ‘Dekking diverse problematiek Wind op Zee’ - waarbij middelen uit het fonds beschikbaar zijn gesteld voor de wind op zee (WOZ)-tender. Daarnaast is uit dit perceel naar aanleiding van de politieke besluitvorming €72 miljoen ingezet ter dekking van het generale beeld voor de Voorjaarsnota 2025. Verdere toelichting over de beleidsconclusies van deze thema’s zijn opgenomen in de jaarverslagen van de betreffende begrotingen.
D. Budgettaire gevolgen van beleid
Tabel 10 Budgettaire gevolgen van beleid artikel Vroege Fase opschaling (bedragen x € 1.000)
Realisatie
Vastgestelde begroting1
Verschil
2021
2022
2023
2024
2025
2025
2025
Verplichtingen
0
0
0
0
0
365.332
‒ 365.332
Uitgaven
0
0
0
0
0
362.157
‒ 362.157
Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken
0
0
0
0
0
362.157
‒ 362.157
Vroege fase opschaling onverdeeld
0
0
0
0
0
362.157
‒ 362.157
X Noot
1
Stand inclusief amendementen, moties en NvW.
Bovenstaande tabel bevat alleen informatie over middelen uit het Klimaatfonds die in 2025 voor het specifieke jaar 2025 zijn toegekend, wat de nullen in de reeksen verklaart. Om een vollediger beeld te geven, is de rijksbrede Klimaatfondsbijlage (bijlage 1) bijgevoegd bij het jaarverslag. Deze bijlage geeft een totaaloverzicht van de rijksbrede realisatie en toekomstige budgettaire reeksen van de toegekende Klimaatfondsmiddelen.
E. Toelichting op de instrumenten
Onderstaande verdiepingstabel geeft extra informatie over de overboekingen opgenomen onder D. Daarnaast vinden er ook technische mutaties plaats die hierna worden toegelicht.
Tabel 11 Verdiepingstabel artikel 4 Vroege fase Opschaling (bedragen x € 1.000)
2025
Beschikbare middelen ontwerpbegroting 2025
362.157
Overhevelingen naar andere departementen
Subsidieregeling schone en emissieloze landbouwvoertuigen
‒ 500
Terugboeking IenW Plastic Hubs
15.877
Stimuleringsprogramma Innovatie
‒ 150
Terugboeking KGG
102.634
Terugboeking DEMO 1
54
Terugboeking LVVN
6.863
Terugboeking IenW
670
Technische verwerking
Afboeking onderuitputting
‒ 103.304
Kasschuiven
‒ 368.061
Afboeken middelen LVVN
‒ 6.863
Beschikbare middelen Jaarverslag 2025
9.377
Met het MJP26 zijn vanuit beleidsartikel vroege-fase opschalling voor begrotingsjaar 2025 de maatregel Subsidieregeling schone en emissieloze landbouwvoertuigen toegekend aan Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur en de maatregel Stimuleringsprogramma innovatie en vroege opschaling koolstofverwijdering toegekend aan het Ministerie van Klimaat en Groene Groei. Daarnaast zijn meerdere technische mutaties verwerkt waaronder kasschuiven om overboekingen naar andere departementen mogelijk te maken en terugboekingen naar het fonds i.v.m. onderuitputting die doorschuift naar volgend jaar.
Conform de begrotingsregels vindt de verantwoording van deze uitgaven ook plaats in het jaarverslag van deze departementen.
4.5 Beleidsartikel 5 Verduurzaming Industrie en innovatie mkb
A. Algemene doelstelling
Het vijfde begrotingsartikel van het Klimaatfonds is bedoeld voor maatregelen voor verduurzaming van de industrie en innovatie in het mkb. De doelstelling van dit begrotingsartikel is als volgt:
– Ondersteuning vanuit het fonds voor het verwezenlijken van groene industriepolitiek in het bijzonder via het maken van bindende maatwerkafspraken met de 10-20 grootste uitstoters, waarbij wederkerigheid het uitgangspunt is.
– Ondersteuning bij implementatie van innovatieve broeikasgasemissie reducerende technieken bij het mkb.
– Er is samenloop met de percelen energie-infrastructuur en vroege fase opschaling.
– De maatwerkaanpak is, in samenhang met de andere instrumenten voor verduurzaming van de industrie, van belang om de reductieopgave voor de industrie in 2030 te realiseren.
– Het kabinet Rutte IV heeft de reductieopgave voor de industrie verhoogd met 6,4 Mton additionele reductie per jaar in 2030.
– Naast bindende afspraken over de realisatie van extra CO2-reductie, wil het kabinet afspraken maken over de lange termijn verduurzamingsplannen voor klimaatneutrale en circulaire productie en grootschalige technologische doorbraakprojecten.
B. Rol en verantwoordelijkheid
De Minister van Klimaat en Groene Groei is als fondsbeheerder verantwoordelijk voor de begroting van het Klimaatfonds. Zij is daarmee primair verantwoordelijk voor het beheer en de uitvoering van het Klimaatfonds. De Minister van Klimaat en Groene Groei is beleidsinhoudelijk verantwoordelijk voor verduurzaming industrie en innovatie in het mkb.
C. Beleidsconclusies
In 2025 heeft het Klimaatfonds binnen het beleidsartikel ‘Verduurzaming Industrie en innovatie mkb’ voor meerdere maatregelen middelen ter beschikking gesteld. Het vollooprisico m.b.t. Aramis wordt deels afgedekt zodat Aramis eerder een definitief investeringsbesluit (FID) kan nemen. De middelen voor ‘Nationale Investerings-regeling Klimaatprojecten Industrie (NIKI)’ zijn toegekend, evenals de de voorgenomen maatregel voor ‘Ondersteuning cluster 6’.
Uit de maatregel ‘reservering maatwerkafspraken’ zijn de eerste middelen ingezet voor maatwerkafspraken met Cosun en AnQore. Ook zijn uitvoe-ringskosten voor maatwerk waaronder AVI’s beschikbaar gesteld. Verder zijn middelen toegekend voor fixteams voor bedrijven en de Indirecte kostencompensatie. Tot slot is besloten om middelen uit het Klimaatfonds in te zetten voor steun aan Avantium.
Verdere toelichting over de beleidsconclusies van deze thema’s zijn opgenomen in de jaarverslagen van de betreffende begrotingen.
D. Budgettaire gevolgen van beleid
Tabel 12 Budgettaire gevolgen van beleid artikel Verduurzaming Industrie (bedragen x € 1.000)
Realisatie
Vastgestelde begroting1
Verschil
2021
2022
2023
2024
2025
2025
2025
Verplichtingen
0
0
0
0
0
330.666
‒ 330.666
Uitgaven
0
0
0
0
0
330.666
‒ 330.666
Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken
0
0
0
0
0
330.666
‒ 330.666
Verduurzaming industrie onverdeeld
0
0
0
0
0
330.666
‒ 330.666
X Noot
1
Stand inclusief amendementen, moties en NvW.
Bovenstaande tabel bevat alleen informatie over middelen uit het Klimaatfonds die in 2025 voor het specifieke jaar 2025 zijn toegekend, wat de nullen in de reeksen verklaart. Om een vollediger beeld te geven, is de rijksbrede Klimaatfondsbijlage (bijlage 1) bijgevoegd bij het jaarverslag. Deze bijlage geeft een totaaloverzicht van de rijksbrede realisatie en toekomstige budgettaire reeksen van de toegekende Klimaatfondsmiddelen.
E. Toelichting op de instrumenten
Onderstaande verdiepingstabel geeft extra informatie over de overboekingen opgenomen onder D. Daarnaast vinden er ook technische mutaties plaats die hierna worden toegelicht.
Tabel 13 Verdiepingstabel artikel 5 Verduurzaming van de industrie en innovatie (bedragen x € 1.000)
2025
Beschikbare middelen ontwerpbegroting 2025
330.666
Overhevelingen naar andere departementen
Uitvoeringskosten maatwerkaanpak AVI's
‒ 300
Ondersteuning Cluster 6
‒ 2.875
IKC ETS
‒ 167.400
Terugboeking Verduurzaming Industrie
733
Terugboeking Cluster 6
800
Georgetown
‒ 15.000
Technische verwerking
Loon- en prijsbijstelling tranche 2024
‒ 733
Kasschuiven
‒ 145.891
Beschikbare middelen Jaarverslag 2025
0
Met het MJP26 is vanuit beleidsartikel verduurzaming industrie en innovatie mkb voor begrotingsjaar 2025 middelen toegekend voor de uitvoeringskosten maatwerkaanpak AVI's, ondersteuning Cluster 6 en IKC ETS aan het Ministerie van Klimaat en Groene Groei. Naar aanleiding van politiek besluitvorming zijn middelen toegekend aan Avantium (Georgetown). Daarnaast zijn meerdere technische mutaties verwerkt waaronder kasschuiven om overboekingen naar andere departementen mogelijk te maken en terugboekingen naar het fonds i.v.m. onderuitputting die doorschuift naar volgend jaar.
Conform de begrotingsregels vindt de verantwoording van deze uitgaven ook plaats in het jaarverslag van deze departementen.
4.6 Beleidsartikel 6 Verduurzaming gebouwde omgeving
A. Algemene doelstelling
Het zesde begrotingsartikel van het Klimaatfonds is bedoeld voor maatregelen voor verduurzaming van de gebouwde omgeving. De doelstelling van dit begrotingsartikel is als volgt:
– Het terugdringen van de energiebehoefte en uitstoot van broeikasgassen door isolatie en de toename van duurzame installaties zoals warmtepompen in de gebouwde omgeving. Dit betekent in ieder geval:
1. Overstappen op duurzamere installaties of een warmtenet, waaronder 1 miljoen geïnstalleerde hybride warmtepompen en 500.000 nieuwe aansluitingen op een warmtenet in de bestaande bouw in uiterlijk 2030.
2. Het isoleren van 2,5 miljoen woningen in uiterlijk 2030.
3. De uitfasering van gebouwen met de slechtste energieprestaties in de utiliteitsbouw, waaronder maatschappelijk vastgoed.
– Binnen het perceel zal – uitgaande van realisatie van bovengenoemde doelstellingen voor verduurzaming van de gebouwde omgeving - daarnaast ook ruimte zijn voor andere doelen die bijdragen aan het realiseren van de benodigde broeikasgasreductie.
B. Rol en verantwoordelijkheid
De Minister van Klimaat en Groene Groei is als fondsbeheerder verantwoordelijk voor de begroting van het Klimaatfonds. De Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening is beleidsinhoudelijk verantwoordelijk voor de maatregelen waar middelen voor worden overgeheveld naar de begroting van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening gericht op het verduurzamen van de gebouwde omgeving.
C. Beleidsconclusies
In 2025 heeft het Klimaatfonds binnen het beleidsartikel ‘Verduurzaming gebouwde omgeving’ voor meerdere maatregelen middelen ter beschikking gesteld: ‘Voor de verduurzaming van woningen worden middelen beschikbaar gesteld voor het Nationaal isolatieprogramma’, ‘Stimulering van hybride warmtepompen bestaande bouw’ en ‘Continuering Nationaal Warmtefonds’. Voor de verduurzaming van maatschappelijk vastgoed wordt geld vrijgemaakt voor ‘Financiële instrumenten voor verduurzaming van MaVa’.
Verdere toelichting over de beleidsconclusies van deze thema’s zijn opgenomen in de jaarverslagen van de betreffende begrotingen.
D. Budgettaire gevolgen van beleid
Tabel 14 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 6 Verduurzaming van de gebouwde omgeving (bedragen x € 1.000)
Realisatie
Vastgestelde begroting1
Verschil
2021
2022
2023
2024
2025
2025
2025
Verplichtingen
0
0
0
0
0
25.000
‒ 25.000
Uitgaven
0
0
0
0
0
25.000
‒ 25.000
Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken
0
0
0
0
0
25.000
‒ 25.000
Gebouwde omgeving onverdeeld
0
0
0
0
0
25.000
‒ 25.000
X Noot
1
Stand inclusief amendementen, moties en NvW.
Bovenstaande tabel bevat alleen informatie over middelen uit het Klimaatfonds die in 2025 voor het specifieke jaar 2025 zijn toegekend, wat de nullen in de reeksen verklaart. Om een vollediger beeld te geven, is de rijksbrede Klimaatfondsbijlage (bijlage 1) bijgevoegd bij het jaarverslag. Deze bijlage geeft een totaaloverzicht van de rijksbrede realisatie en toekomstige budgettaire reeksen van de toegekende Klimaatfondsmiddelen.
E. Toelichting op de instrumenten
Onderstaande verdiepingstabel geeft extra informatie over de overboekingen opgenomen onder D. Daarnaast vinden er ook technische mutaties plaats die hierna worden toegelicht.
Tabel 15 Verdiepingstabel artikel 6 Verduurzaming van de gebouwde omgeving (bedragen x € 1.000)
2025
Beschikbare middelen ontwerpbegroting 2025
25.000
Overhevelingen naar andere departmenten
Warmtefonds
‒ 200
Technische verwerking
Kasschuiven
‒ 24.800
Beschikbare middelen Jaarverslag 2025
0
Met het MJP26 is vanuit beleidsartikel Verduurzaming van de gebouwde omgeving voor begrotingsjaar 2025 de maatregel Warmtefonds aan het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening toegekend. Daarnaast zijn kasschuiven verwerkt om overboekingen naar andere departementen mogelijk te maken.
Conform de begrotingsregels vindt de verantwoording van deze uitgaven ook plaats in het jaarverslag van deze departementen.
4.7 Beleidsartikel 7 Onverdeeld
A. Algemene doelstelling
Begrotingsartikel 7 Onverdeeld is opgesteld voor de financiële verwerking van toevoegingen aan- en onttrekkingen uit het Klimaatfonds.
B. Rol en verantwoordelijkheid
De Minister van Klimaat en Groene Groei is verantwoordelijk voor de begroting van het Klimaatfonds en treedt tevens op als fondsbeheerder. Zij is daarmee primair verantwoordelijk voor het beheer en de uitvoering van het Klimaatfonds.
C. Beleidsconclusies
Er zijn geen beleidsconclusies te noteren voor artikel 7.
D. Budgettaire gevolgen van beleid
Tabel 16 Budgettaire gevolgen van beleid artikel Onverdeeld (bedragen x € 1.000)
Realisatie
Vastgestelde begroting1
Verschil
2021
2022
2023
2024
2025
2025
2025
Verplichtingen
0
0
0
0
0
0
0
Uitgaven
0
0
0
0
0
0
0
Onverdeeld
0
0
0
0
0
0
0
Onverdeeld
0
0
0
0
0
0
0
X Noot
1
Stand inclusief amendementen, moties en NvW.
Bovenstaande tabel bevat alleen informatie over middelen uit het Klimaatfonds die in 2025 voor het specifieke jaar 2025 zijn toegekend, wat de nullen in de reeksen verklaart. Om een vollediger beeld te geven, is de rijksbrede Klimaatfondsbijlage (bijlage 1) bijgevoegd bij het jaarverslag. Deze bijlage geeft een totaaloverzicht van de rijksbrede realisatie en toekomstige budgettaire reeksen van de toegekende Klimaatfondsmiddelen.
E. Toelichting op de instrumenten
Er hebben in 2025 technische mutaties plaatsgevonden die hierna worden toegelicht.
Tabel 17 Verdiepingstabel artikel 7 Onverdeeld (bedragen x € 1.000)
2025
Beschikbare middelen ontwerpbegroting 2025
0
Technische verwerking
Opboeken LPO
20.546
Verdelen LPO
‒ 20.546
Beschikbare middelen Jaarverslag 2025
0
Vanuit beleidsartikel Onverdeeld zijn er enkel technische mutaties verwerkt voor het op- en afboeken van de eindjaarsmarge en de herschikking hiervan tussen percelen.
Conform de begrotingsregels vindt de verantwoording van deze uitgaven ook plaats in het jaarverslag van het departementen.
5. Bedrijfsvoeringsparagraaf
In de bedrijfsvoeringparagraaf wordt verslag gedaan van relevante aandachtspunten in de bedrijfsvoering.
De informatie die is opgenomen in deze bedrijfsvoeringsparagraaf is tot stand gekomen vanuit het departementale management control-systeem van het Ministerie van Klimaat en Groene Groei en informatie uit audits van de Auditdienst Rijk (ADR).
Deze bedrijfsvoeringparagraaf omvat drie onderdelen:
1. Rapportage voor de volgende verplichte onderdelen: (1) rechtmatigheid, (2) totstandkoming niet-financiële verantwoordingsinformatie, (3) begrotingsbeheer, financieel beheer en materiële bedrijfsvoering, (4) misbruik en oneigenlijk gebruik, (5) overige aspecten van de bedrijfsvoering en (6) fraude- en corruptierisico's;
2. Rijksbrede bedrijfsvoeringonderwerpen;
3. Belangrijke ontwikkelingen en verbeteringen in de bedrijfsvoering.
Conform de rijksbegrotingsvoorschriften 2026 worden in deze bedrijfsvoeringsparagraaf alleen de onderdelen rechtmatigheid en totstandkoming niet-financiële verantwoordingsinformatie uit onderdeel 1 toegelicht. Voor de overige onderdelen wordt standaard verwezen naar de bedrijfsvoeringsparagraaf in het jaarverslag van het moederdepartement.
1. Rapportage voor de verplichte onderdelen
1. Rechtmatigheid
Het Klimaatfonds heeft geen eigen verplichtingen, uitgaven of ontvangsten en is een overhevelingsfonds. Dit wil zeggen dat vanuit het fonds budgetten worden overgedragen aan uitvoerende departementen. De ministers daarvan zijn verantwoordelijk voor het verder begroten, realiseren en verantwoorden van deze gelden. Dit is de reden dat de Auditdienst Rijk voor het KF geen controleverklaring verstrekt.
2. Totstandkoming niet-financiële verantwoordingsinformatie
Er zijn geen bijzonderheden te vermelden.
3. Begrotingsbeheer, financieel beheer en de materiële bedrijfsvoering
Hiervoor wordt u verwezen naar de bedrijfsvoeringsparagraaf in het jaarverslag van begrotingshoofdstuk XXIII Klimaat en Groene Groei.
4. Misbruik en oneigenlijk gebruik
Hiervoor wordt u verwezen naar de bedrijfsvoeringsparagraaf in het jaarverslag van begrotingshoofdstuk XXIII Klimaat en Groene Groei.
5. Overige aspecten van de bedrijfsvoering
Hiervoor wordt u verwezen naar de bedrijfsvoeringsparagraaf in het jaarverslag van begrotingshoofdstuk XXIII Klimaat en Groene Groei.
6. Fraude- en corruptierisico's
Hiervoor wordt u verwezen naar de bedrijfsvoeringsparagraaf in het jaarverslag van begrotingshoofdstuk XXIII Klimaat en Groene Groei.
2. Rijksbrede bedrijfsvoeringsonderwerpen
Voor de rijksbrede bedrijfsvoeringsonderwerpen wordt u verwezen naar de bedrijfsvoeringsparagraaf in het jaarverslag van begrotingshoofdstuk XXIII Klimaat en Groene Groei.
3. Belangrijke ontwikkelingen en verbeteringen in de bedrijfsvoering
Voor de belangrijke ontwikkelingen en verbeteringen in de bedrijfsvoering wordt u verwezen naar de bedrijfsvoeringsparagraaf in het jaarverslag van begrotingshoofdstuk XXIII Klimaat en Groene Groei.
C. JAARREKENING
6. Verantwoordingsstaat begrotingsfonds
De jaarrekening van het Klimaatfonds bestaat alleen uit een verantwoordingsstaat omdat er geen betalingsverplichtingen vanuit het fonds kunnen worden aangegaan, dit gebeurt vanaf de begroting waar de middelen naar zijn overgeheveld.
Tabel 18 Verantwoordingsstaat 2025 van het Klimaatfonds (bedragen x € 1.000)
Art.
Omschrijving
Vastgestelde begroting (1)1
Realisatie (2)
Verschil realisatie en vastgestelde begroting (3) = (2) - (1)
Verplichtingen
Uitgaven
Ontvangsten
Verplichtingen
Uitgaven
Ontvangsten
Verplichtingen
Uitgaven
Ontvangsten
Beleidsartikelen
760.998
757.823
0
0
0
0
‒ 760.998
‒ 757.823
0
1
Kernenergie
0
0
0
0
0
0
0
0
0
2
CO2-vrije gascentrales
0
0
0
0
0
0
0
0
0
3
Energie-infrastructuur
40.000
40.000
0
0
0
0
‒ 40.000
‒ 40.000
0
4
Vroege fase opschaling
365.332
362.157
0
0
0
0
‒ 365.332
‒ 362.157
0
5
Verduurzaming industrie en innovatie mkb
330.666
330.666
0
0
0
0
‒ 330.666
‒ 330.666
0
6
Verduurzaming gebouwde omgeving
25.000
25.000
0
0
0
0
‒ 25.000
‒ 25.000
0
7
Onverdeeld
0
0
0
0
0
0
0
0
0
X Noot
1
Stand inclusief amendementen, moties en NvW.
7. Saldibalans
Tabel 19 Saldibalans per 31 december 2025 van het Klimaatfonds (M) (bedragen x € 1.000)
Activa
31-12-2025
31-12-2024
Passiva
31-12-2025
31-12-2024
Intra-comptabele posten
1
Uitgaven ten laste van de begroting
0
0
2
Ontvangsten ten gunste van de begroting
0
0
3
Liquide middelen
0
0
4
Rekening-courant RHB1
0
0
4a
Rekening-courant RHB
0
0
5
Rekening-courant RHB Begrotingsreserve
0
0
5a
Begrotingsreserves
0
0
6
Vorderingen buiten begrotingsverband
0
0
7
Schulden buiten begrotingsverband
0
0
8
Kas-transverschillen
Subtotaal intra-comptabel
0
0
Subtotaal intra-comptabel
0
0
Extra-comptabele posten
9
Openstaande rechten
0
0
9a
Tegenrekening openstaande rechten
0
0
10
Vorderingen
0
0
10a
Tegenrekening vorderingen
0
0
11a
Tegenrekening schulden
0
0
11
Schulden
0
0
12
Voorschotten
0
0
12a
Tegenrekening voorschotten
0
0
13a
Tegenrekening garantieverplichtingen
0
0
13
Garantieverplichtingen
0
0
14a
Tegenrekening andere verplichtingen
0
0
14
Andere verplichtingen
0
0
15
Deelnemingen
0
0
15a
Tegenrekening deelnemingen
0
0
Subtotaal extra-comptabel
0
0
Subtotaal extra-comptabel
0
0
Totaal
0
0
Totaal
0
0
X Noot
1
Rijkshoofdboekhouding
Toelichting op de saldibalans
Algemeen
Vanuit het Klimaatfonds vinden er geen rechtstreekse betalingen plaats. De financiële processen vinden in andere begrotingshoofdstukken plaats. Daarom zijn er geen standen in de rubrieken van de saldibalans opgenomen.
D. BIJLAGEN
Bijlage 1: Rijksbrede Klimaatfondsbijlage
Deze bijlage geeft inzicht in de rijksbrede Klimaatfondsmiddelen die via Meerjarenprogramma’s zijn toegekend aan de verschillende departementale begrotingen. Dit jaarverslag toont voor de jaren 2024 en 2025 de kasrealisatie en voor de jaren 2026 en verder de actuele raming van de toegekende middelen van alle middelen uit het Klimaatfonds. De jaarverslagen van de departementale begrotingen geven inzicht in de realisatie van middelen in 2025, waar de Klimaatfondsmaatregelen onderdeel van zijn.
In het volgende jaarverslag zal de rijksbrede Klimaatfondsbijlage ook de standen van de ontwerpbegroting, de realisatie en onderuitputting duidelijker tonen zodat deze informatie op één centrale plek wordt gepresenteerd.
Tabel 20 Rijksbrede Klimaatfiondsbijlage
Totaal uitgaven Rijksbreed
2024
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Rijksbreed Klimaatfonds uitgaven
1.462.152
2.179.725
3.368.599
3.196.259
3.370.086
2.408.843
3.273.683
Ministerie van Klimaat en Groene Groei
378.282
1.027.409
2.497.595
2.038.202
2.090.758
1.419.648
2.360.616
Ministerie van Economische Zaken
3.237
19.798
9.000
6.000
5.000
5.000
5.000
Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening
978.581
935.678
525.422
620.172
676.574
490.284
347.928
Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat
44.457
105.297
199.850
390.294
434.823
340.516
393.199
Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
9.875
5.723
12.793
5.453
3.703
3.703
3.775
Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
10.000
5.097
1.436
3.761
3.177
3.177
3.177
Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
37.720
80.723
122.503
132.377
156.051
146.515
159.988
Tabel Klimaatfondsmiddelen op de begroting van het Ministerie Klimaat en Groene Groei (bedragen x € 1.000)
2024
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Uitgaven
378.282
1.027.409
2.497.595
2.038.202
2.090.758
1.419.648
2.360.616
Artikel
Klimaatfondsmaatregel
Subsidies
264.927
831.866
2.051.601
1.819.260
1.892.663
1.210.843
2.173.946
Demonstratieregeling Energie- en Klimaatinnovatie (DEI+)
Biopyrolyse
0
7.907
17.118
9.654
9.913
19.421
Flex (onderzoek voor bedrijven en industrie) en Flex (opschaling innovatieve flex)
0
9.996
6.662
6.665
2.654
Vergassing: stimulering projecten vergassing 1e en 2e fase
0
0
23.383
66.812
101.554
121.753
239.902
Continuering DEI+CE
3.864
30.583
26.367
8.226
4.162
4.413
Intensivering DEI+
0
14.538
11.000
6.600
4.250
Projecten Klimaat en Energieakkoord
Burgerforum
0
20
625
0
0
Klimaatcommunicatie
827
0
0
Wetenschappelijke klimaatraad
0
0
93
447
447
447
94
ISDE-regeling
Nationaal Isolatieprogramma, ISDE, Energiebesparende maatregelen, Aanvulling ISDE indien nodig i.c.m. normering Cv-ketels en Stimulering van hybride warmtepompen bestaande bouw
117.917
473.058
449.639
425.252
418.109
356.796
283.643
Overige Subsidies
EBN: versnellen onderzoek CCS
10.041
9.440
12.547
0
Randvoorwaarden technische arbeidsmarkt
0
0
68
0
0
VIVET
739
713
895
883
883
884
885
Vergassing: expertisecentrum, organisatie, haalbaarheidsstudies
0
0
8.676
8.100
0
Verbetering toezicht F-gassen
1.050
1.000
650
650
650
Opschalingsinstrument waterstof
De-risken grootschalige waterstofopslag
235
129
133.606
0
Elektrolyse, onshore: 50 MW
2.626
2.533
78.192
21.949
22.064
15.079
86.240
Elektrolyse,onshore: 500-1.000 MW
0
12.000
181.822
193.569
274.572
245.955
245.313
Elektrolyse: kennisplatform offshore en ketenbrede consortia
160
0
633
633
124
125
0
H2Global, import van groene waterstof
2.050
0
0
139
30.149
30.149
246.239
Waterstofnetwerk op zee
39.100
0
72.635
58.810
4.670
4.738
4.841
Meetstandaard waterstof
1.824
8.147
2.527
IPCEI waterstof
IPCEI Waterstof golf 2
0
34.683
192.354
289.740
95.481
30.424
IPCEI Waterstof golf 3
0
0
9.999
17.978
335.022
35.609
247
IPCEI Waterstof golf 4
0
0
41.604
34.421
20.217
29.185
2.843
MIEK
Coördinatie MIEK-projecten
78
228
323
0
0
Warmtenetten investeringssubsidie (WIS)
Nationale subsidieregeling warmtenetten
3.116
1.998
57.602
86.109
114.863
151.469
952.104
Geothermie (Klimaatfonds)
Geothermie, hoge temperatuur
0
0
51.243
0
0
Geothermie, lage temperatuur
0
249
33.256
29.580
25.729
51
Subsidieregeling flexibiliteit
Flex (onderzoek voor bedrijven en industrie) en Flex (opschaling innovatieve flex)
5.070
9.915
970
Correctieregeling duurzame warmte
Correctieregeling duurzame warmte motie Grinwis – Erkens
20.348
426
0
0
Efficiëntere benutting elektriciteitsnetten
Efficiëntere benutting elektriciteitsnetten
2.688
3.171
24.801
24.186
24.216
24.275
24.377
Realisatie Zon op Zee
Realisatie van 3 GW zon op zee in 2030
0
0
0
0
0
0
0
Realisatie Zon op Zee
60
7.073
9.024
7.864
17
Verduurzaming industrie
Uitvoeringskosten maatwerkafspraken
24.061
9.723
217.666
53.695
16.445
14.754
3.926
Indirecte kostencompensatie ETS
IKC ETS
159.805
126.662
199.088
150.000
Investeringen Verduurzaming Industrie - Klimaatfonds
NIKI
0
0
42.134
42.133
42.133
42.133
25.280
Topsector Energie Haalbaarheidsstudies
0
4.360
5.480
10.436
2.341
VEKI
29.306
56.750
135.994
97.334
43.786
19.750
6.817
Stimuleringsprogramma koolstofverwijdering (klimaatfonds)
Stimuleringsprogramma innovatie en vroege opschaling koolstofverwijdering
0
3.500
5.200
8.500
9.400
8.250
Social Climate Fund
Social Climate Fund – fixteams kwetsbare micro-mkb’ers
4.500
4.500
Flankerend beleid WOZ
Wind op Zee
13.201
37.759
40.690
24.812
10.595
3.839
2.042
SDE +
Wind op Zee inpassingskosten en Doordewind II (t/m 2030)
0
1.693
3.566
8.577
13.382
16.419
Subsidies WarmtelinQ
WarmtelinQ+
16.400
39.600
100.000
39.000
Subsidie Invest NL
subsidie Invest NL
15.000
Leningen
0
0
18.581
16.546
19.132
0
0
Verduurzaming industrie
Normering en stimulering biobased bouwen
0
0
12.081
9.546
12.632
Overbruggingskrediet voor plasticrecyclingbedrijven (circulaire plastics)
6.500
7.000
6.500
Opdrachten
41.351
37.932
131.294
75.763
46.850
42.070
35.094
Onderzoek & opdrachten
RCR-projecten
1.914
727
2.104
602
584
0
0
Onderzoek K&E
1.251
294
0
0
Projectaanpak, wetgeving en beleid netcongestie
0
2.209
2.221
1.929
5.000
5.000
Normeren en stimuleren van slimme energie-intensieve apparaten
1.502
2.875
2.878
980
984
Programma Opwek Energie op Rijksvastgoed (OER)
Programma Opwek Energie op Rijksvastgoed (OER)
7.071
17.830
20.935
14.808
2.453
2.577
0
Projecten Kernenergie
Bedrijfsduur-verlenging Borssele
1.593
1.872
1.700
1.400
1.600
1.500
500
Kennisinfra
2.446
3.538
13.918
19.225
9.834
7.416
7.593
Ondersteuning ontwikkeling SMR's
133
1.210
19.724
12.357
7.869
5.395
5.040
Onderzoeken nieuwbouw kerncentrales
26.303
6.721
39.611
17.453
15.777
15.562
15.669
Neo NL
2.197
22.700
Verduurzaming industrie
Ondersteuning cluster 6
640
2.041
5.518
4.819
5.824
3.636
1.292
Bijdragen Baten-lastendiensten
32.050
35.957
21.472
20.671
19.413
19.413
19.413
RVO
Bijdrage RVO
29.345
28.180
12.294
12.179
12.179
12.179
12.179
Nea
Bijdrage Nea
2.705
6.926
7.867
6.613
5.473
5.473
5.473
KNMI
Bijdrage KNMI
0
0
201
137
125
125
125
RIVM
Bijdrage RIVM
0
0
0
1.196
1.090
1.090
1.090
RWS
Bijdrage RWS
0
851
1.110
546
546
546
546
Bijdragen aan ZBO/RWT
8.848
4.505
3.321
3.285
3.285
3.285
3.285
TNO kerndepartement
Bijdrage TNO bodembeheer
4.818
4.505
3.321
3.285
3.285
3.285
3.285
TNO Energietransitie
4.030
0
0
0
Bijdragen aan mede-overheden
31.106
117.149
96.826
102.677
109.415
144.037
128.878
Regeling toezicht energiebesparingsplicht
Verbeterd toezicht en handhaving aangescherpte energiebesparingsplicht
0
0
2.225
2.082
2.083
0
0
Uitvoeringskosten klimaat medeoverheden
Toekomstbestendigheid energienetwerken (netcapaciteit)
0
0
1.179
1.190
0
0
Uitvoeringslasten
0
0
11.647
9.814
9.350
7.364
4.819
Projecten en aanpak netcongestie
0
0
9.762
9.783
9.828
9.896
Expertpool energie-infrastructuur: vliegende brigade
2.456
3.438
5.443
5.455
5.473
Gebiedsinvesteringen Netten op Zee
31.106
117.149
54.219
66.291
66.856
66.990
52.190
Gebiedsinvesteringen voor ruimtelijk inpassen hoogspanningsnet
25.100
10.100
15.900
54.400
56.500
Storting begrotingsreserve
174.500
Storting in begrotingsreserve Garantieregeling Warmtenetten
Garantieregeling warmtenetten
174.500
Tabel Klimaatfondsmiddelen op de begroting van het (13) Ministerie van Economische Zaken (bedragen x € 1.000)
2024
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Uitgaven
3.237
19.798
9.000
6.000
5.000
5.000
5.000
Artikel/ Instrument
Klimaatfondsmaatregel
02 Bedrijvenbeleid: innovatief en duurzaam ondernemen
3.237
19.798
9.000
6.000
5.000
5.000
5.000
Subsidies
3.000
8.932
8.000
5.000
5.000
5.000
5.000
Qredits duurzaamheid
Ondersteuning mkb bij aangescherpte Energiebesparingsplicht
3.000
4.000
3.000
Actieplan Groene en Digitale Banen
Randvoorwaarden technische arbeidsmarkt
0
4.932
5.000
5.000
5.000
5.000
5.000
Bijdragen aanZBO/RWT
237
10.568
800
800
‒
‒
‒
Bijdrage aan TNO
237
10.568
800
800
Bijdragen aan (internationale) organisaties
‒
298
200
200
‒
‒
‒
Bijdrage aan Delatares
100
Toegepast onderzoek organisaties TO2 (excl.TNO)
198
200
200
Tabel Klimaatfondsmiddelen op de begroting van het (22) Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (bedragen x € 1.000)
2024
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Uitgaven
978.581
935.678
525.422
620.172
676.574
490.284
347.928
Artikel/ Instrument
Klimaatfondsmaatregel
2 Energietransitie gebouwde omgeving en bouwkwaliteit
978.581
935.678
525.422
620.172
676.574
490.284
347.928
1 Energietransitie en duurzaamheid
969.875
922.860
514.184
612.766
670.862
490.284
347.928
1 Subsidies (regelingen)
254.257
435.683
414.769
495.599
582.592
415.915
263.915
11 Energiebesparing Koopsector
Nationaal isolatieprogramma
15.250
25.250
2.000
27.269
31.969
36.969
36.969
12 Energietransitie en duurzaamheid
Energiebesparende maatregelen
1.268
2.571
1.340
1.048
767
767
767
14 Maatschappelijk vastgoed fonds
Maatschappelijk vastgoedfonds: dotaties
0
49.900
30.000
54.575
29.575
29.575
29.575
16 Nationaal Isolatie Programma
Doe-het-zelvers en vouchers
0
0
980
966
966
966
966
17 Ontzorgen Vereniging van Eigenaren
Ontzorging en ondersteuning verenigingen van eigenaren
1.373
6.257
7.259
5.687
5.260
3.029
3.029
19 SAH
Warmtenetten investeringssubsidie
0
12.249
0
0
0
0
0
21 Verduurzaming Maatschappelijk Vastgoed
Maatschappelijk vastgoed: subsidies
236.366
216.666
290.730
371.254
371.255
282.809
157.809
22 Warmtefonds
Warmtefonds ophogen
0
122.790
82.460
34.800
142.800
61.800
34.800
3 Opdrachten
0
56
0
0
0
0
0
30 Energietransitie en duurzaamheid
Energiebesparende maatregelen
0
56
0
0
0
0
0
31 Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie
Gebouwde omgeving
0
0
0
0
0
0
0
14 Bijdrage aan medeoverheden
721.473
476.849
1.951
37.352
33.468
24.265
34.265
41 Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie
Gebouwde omgeving
0
8.464
0
0
0
0
0
42 NIP (Lokale aanpak woningisolatie)
Nationaal isolatieprogramma
656.060
466.638
0
0
0
0
0
43 NIP (Soortenmanagement)
Nationaal isolatieprogramma
50.730
77
281
186
0
0
0
47 Verduurzaming Maatschappelijk Vastgoed
Ondersteuning maatschappelijk vastgoed
14.683
0
0
13.496
9.798
595
10.595
52 Verduurzaming Groningen en Noord-Drenthe isolatie en ventilatie
Gebouwde omgeving
0
1.670
1.670
23.670
23.670
23.670
23.670
17 Bijdrage aan agentschappen
2.025
10.272
3.833
2.184
2.356
1.760
1.760
70 Dienst Publiek en Communicatie
Nationaal isolatieprogramma
2.025
1.802
1.760
1.760
1.760
1.760
1.760
76 RVO (Energietransitie en duurzaamheid)
Energiebesparende maatregelen
0
0
1.028
240
0
0
0
77 RVO (Uitvoering Energieakkoord)
Uitvoering energieakkoord
0
421
1.045
184
596
0
0
79 Verduurzaming Maatschappelijk Vastgoed
Duurzaam rijksvastgoed
0
8.049
0
0
0
0
0
20 Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken
‒ 7.880
0
93.631
77.631
52.446
48.344
47.988
20 EGO (innovatie)
Nationaal isolatieprogramma
‒ 7.880
0
4.920
4.920
4.920
4.920
4.920
23 Uitfaseren van slechte labels
Uitfasering slechte energielabels utiliteitsbouw
0
0
1.000
0
0
0
0
24 Verduurzaming Maatschappelijk Vastgoed
Duurzaam rijksvastgoed
0
0
87.711
72.711
47.526
43.424
43.068
2 Bouwregelgeving en bouwkwaliteit
8.706
12.818
11.238
7.406
5.712
0
0
1 Subsidies (regelingen)
8.706
12.818
11.238
7.406
5.712
0
0
10 Biobased bouwen
Normering en stimulering biobased bouwen
8.706
12.818
11.238
7.406
5.712
0
0
Tabel Klimaatfondsmiddelen op de begroting van het (12) Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (bedragen x € 1.000)
2024
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Totaal uitgaven
44.457
105.297
199.850
390.294
434.823
340.516
393.199
Artikel/ Instrument
Klimaatfondsmaatregel
HXII artikel 14 - Wegen en Verkeersveiligheid
23.643
79.386
131.340
237.424
201.388
118.912
148.324
Opdrachten
233
392
9.780
100.887
77.901
38.792
59.204
Laadinfra wegvervoer
Laadinfra wegvervoer (incl. slimme laadinfra)
233
258
10.222
4.214
7.060
31.620
Laadinfra bouw
Laadinfrastructuur bouw
7.948
88.083
72.023
31.400
27.584
Zero-emissie zones
Laadinfra wegvervoer (incl. slimme laadinfra)
134
1.832
2.582
1.664
332
Subsidies
10.227
63.501
92.560
136.537
123.487
80.120
89.120
Laadinfra wegvervoer
Laadinfra wegvervoer (incl. slimme laadinfra)
8.867
41.649
78.060
97.537
75.987
40.120
27.120
Laadinfra bouw
Laadinfrastructuur bouw
1.360
7.190
7.500
14.000
17.500
SWIM
Subsidie Waterstof in Mobiliteit (SWIM)
14.662
7.000
25.000
30.000
40.000
62.000
Bijdrage aan medeoverheden
13.183
15.493
29.000
0
0
0
0
Laadinfra
Laadinfra wegvervoer (incl. slimme laadinfra)
13.183
15.493
29.000
HXII artikel 17 - Luchtvaart
105
704
6.239
28.950
47.516
41.556
38.338
Opdrachten
105
704
739
200
200
200
100
Luchtvaartverkeer energie
Luchtvaartverkeer Energie op Zee
105
704
539
100
100
100
100
Alcohol-to-jet en Duurzame brandstoffen
Alcohol-to-jet en Duurzame brandstoffen
200
100
100
100
0
Subsidies
0
0
5.500
28.750
47.316
41.356
38.238
Alcohol-to-jet
Alcohol-to-jet
3.000
13.500
23.591
22.569
23.250
Duurzame luchtvaartbrandstoffen
Duurzame luchtvaartbrandstoffen (E-fuels)
2.500
10.250
15.725
13.787
14.988
Aandrijftechnologieën
Aandrijftechnologieën
5.000
8.000
5.000
HXII artikel 18
0
10.814
18.330
36.881
67.737
78.138
118.709
Opdrachten
0
169
1.480
1.875
1.560
1.560
2.626
Verduurzaming Zeevaart
Verduurzaming Zeevaart
101
100
100
400
Verduurzaming Binnenvaart
Verduurzaming Binnenvaart
68
1.480
1.875
1.460
1.460
2.226
Subsidies
0
10.645
16.850
35.006
66.177
76.578
116.083
Walstroom
Walstroom Zeehavens
10.471
10.000
7.556
9.577
1.396
1.000
Verduurzaming Binnenvaart
Verduurzaming Binnenvaart
174
3.550
16.310
38.410
44.502
73.176
Verduurzaming Zeevaart
Verduurzaming Zeevaart
3.300
11.140
18.190
30.680
41.907
HXII artikel 21
4.444
6.493
17.897
14.884
16.940
8.327
7.167
Opdrachten
307
827
5.449
2.506
5.235
2.792
2.792
Circulair doen en gedrag
Bevorderen circulair doen en gedrag
72
392
2.456
2.506
2.742
2.792
2.792
Plastics norm
Ondersteuning van o.a. ketenvorming en recyclingtechnieken circulaire plastics
211
139
Biobased bouwen
Normering en stimulering biobased bouwen
24
296
2.993
0
2.493
0
0
Subsidies
4.137
5.666
12.448
12.378
11.705
5.535
4.375
DEI+CE
Continuering DEI+CE
0
1.270
7.738
9.768
7.825
2.025
1.125
Circulair doen en gedrag
Bevorderen circulair doen en gedrag
1.009
4.118
2.610
2.610
3.560
3.510
3.250
Plastics norm
Ondersteuning van o.a. ketenvorming en recyclingtechnieken circulaire plastics
3.128
224
2.000
Biobased bouwen
Normering en stimulering biobased bouwen
54
100
320
HXII artikel 22
629
663
2.000
3.750
12.750
30.250
30.250
Opdrachten
629
663
2.000
3.750
12.750
30.250
30.250
NVS
Nucleaire veiligheid en stralingsbescherming
629
663
2.000
3.750
12.750
30.250
30.250
HXII artikel 97
205
375
1.606
1.773
1.059
1.059
1.686
Opdrachten
205
375
1.606
1.773
1.059
1.059
1.686
Overige opdrachten
Nucleaire initiatieven
205
375
1.606
1.773
1.059
1.059
1.686
Mobiliteitsfonds
Klimaatfondsmaatregel
2024
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Uitgaven MF fonds
5.400
3.600
19.700
64.000
85.000
60.000
48.725
MF artikel 11
0
0
19.700
24.000
24.000
28.000
29.000
Overige reserveringen
Elektrificatie Friese Waddenveren
0
0
4.000
4.000
4.000
8.000
9.000
Opschalen duurzame infra-innovatietechnieken met launching customer programma
0
0
15.700
20.000
20.000
20.000
20.000
MF artikel 12
5.400
3.600
0
0
0
0
0
Onderhoud
Geleiderail Zonnepark
5.400
3.600
0
0
0
0
0
MF artikel 13
0
0
0
20.000
36.000
27.000
15.000
Planning en studies personenvervoer
Verduurzaming dieselspoorlijnen Zutphen-Oldenzaal, Almelo-Mariënberg
0
0
0
20.000
36.000
27.000
15.000
MF artikel 15
0
0
0
20.000
25.000
5.000
4.725
Planning en studies
Wind op Zee
0
0
0
20.000
25.000
5.000
4.725
Deltafonds
Klimaatfondsmaatregel
2024
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Uitgaven MF fonds
10.031
3.262
2.738
2.632
2.433
2.274
0
DF artikel 3
8.509
2.001
1.563
1.459
1.775
1.876
0
Onderhoud zoetwatervoorziening
Wind op Zee
8.509
1.726
1.563
1.459
1.775
1.876
0
Beheerautoriteit Wadden
275
DF artikel 5
1.522
1.261
1.175
1.173
658
398
0
Apparaatskosten RWS
Wind op Zee
1.522
1.261
1.175
1.173
658
398
0
Tabel Klimaatfondsmiddelen op de begroting van het (08) Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (bedragen x € 1.000)
2024
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Totaal uitgaven
9.875
5.723
12.793
5.453
3.703
3.703
3.775
Artikel/ Instrument
Klimaatfondsmaatregel
1 Primair onderwijs
0
1.596
600
600
0
0
0
Subsidies
Maatschappelijk vastgoed: Ondersteuning maatschappelijk vastgoed
850
600
600
Bijdragen aan mede overheden
Technical school SABA
746
3 Voortgezet onderwijs
0
145
50
0
0
0
0
Subsidies
Techkwadraat
145
50
4 Beroepsonderwijs en volwasseneneducatie
0
200
7.100
100
0
0
0
Subsidies
Subsidieregeling praktijkleren
0
7.000
0
Maatschappelijk vastgoed: Ondersteuning maatschappelijk vastgoed
200
100
100
14 Cultuur
0
1.164
4.425
4.135
3.415
3.415
3.415
Bekostiging
Duurzame monumentenlening
484
3.415
3.415
3.415
3.415
3.415
Subsidies
Maatschappelijk vastgoed: Ondersteuning maatschappelijk vastgoed
160
740
450
0
0
0
Opdrachten
Maatschappelijk vastgoed: Ondersteuning maatschappelijk vastgoed
520
270
270
0
0
0
16 Onderzoek en wetenschapsbeleid
9.875
2.000
0
0
0
0
0
Bekostiging
Horizon Europe Partnerschap Driving Urban Transition II
7.075
0
NWA-call Visserij
2.500
NWA-call Biodiversiteit Brazilië
300
Kernenergie
2.000
25 Emancipatie
0
288
288
288
288
288
360
Opdrachten
Vrouwen in de techniek (gendergelijkheid)
288
288
288
288
288
360
95 Apparaat Kerndepartement
0
330
330
330
0
0
0
Eigen personeel
Maatschappelijk vastgoed: Ondersteuning maatschappelijk vastgoed
330
330
330
Tabel Klimaatfondsmiddelen op de begroting van het (16) Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (bedragen x € 1.000)
2024
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Uitgaven
10.000
5.097
1.436
3.761
3.177
3.177
3.177
Artikel/ Instrument
Klimaatfondsmaatregel
Bekostiging
0
1.283
0
0
0
0
0
Projectaanvragen Caribisch Nederland
Maatschappelijk vastgoed: Ondersteuning maatschappelijk vastgoed
1.283
Bijdrage aan medeoverheden
0
628
0
0
0
0
0
Projectaanvragen Caribisch Nederland
Maatschappelijk vastgoed: Ondersteuning maatschappelijk vastgoed
628
Subsidie
10.000
1.700
1.200
1.200
0
0
0
BOSA
Maatschappelijk vastgoed: Ondersteuning maatschappelijk vastgoed
10.000
KIP MV
Maatschappelijk vastgoed: Ondersteuning maatschappelijk vastgoed
1.700
1.200
1.200
Opdrachten
0
1.486
236
2.561
3.177
3.177
3.177
Ontzorgingstrajecten
Maatschappelijk vastgoed: Ondersteuning maatschappelijk vastgoed
1.486
236
2.561
3.177
3.177
3.177
Tabel Klimaatfondsmiddelen op de begroting van het (14) Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (bedragen x € 1.000)
2024
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Totaal uitgaven
37.720
80.723
122.503
132.377
156.051
146.515
159.988
Artikel/instrument
Klimaatfondsmaatregel
21 Land- en tuinbouw
13.234
29.756
76.332
85.043
100.290
105.185
123.658
Subsidies
Subsidieregeling schone en emissieloze landbouwvoertuigen
0
9.500
EG-regeling(Energie- efficiëntieGlastuinbouw)
13.200
22.834
24.800
28.200
26.800
25.900
48.100
Distributienetten Glastuinbouw
34
4.984
34.832
47.843
65.490
76.285
73.558
Normering en stimulering biobased bouwen
261
Leningen
Normering en stimulering biobased bouwen
1.305
7.200
9.000
8.000
3.000
2.000
Opdrachten
Normering en stimulering biobased bouwen
372
0
0
22 Natuur, visserij en gebiedsgericht werken
21.047
44.494
44.764
47.051
55.761
41.330
36.330
Subsidies
Wind op zee
19.257
6.978
Ecologisch impulspakket Wadden
3.494
Opdrachten
Wind op zee
1.790
5.405
44.764
47.051
55.761
41.330
36.330
Ecologisch impulspakket Wadden
58
Bijdrage aan medeoverheden
Wind op zee
28.559
23 Kennis en innovatie
3.439
4.010
1.407
283
0
0
0
Subsidies
2.371
2.941
336
262
Opdrachten
51
58
81
21
Bijdrage aan baten-lastendiensten
1.017
1.011
990
24 Uitvoering en toezicht
‒
2.463
0
0
0
0
0
Bijdrage aan baten-lastendiensten
2.463
Ondertekenaars
S. van Veldhoven-van der Meer, minister van Klimaat en Groene Groei
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.