Jaarverslag : Jaarverslag Koninkrijksrelaties en het BES-fonds 2025
Tweede Kamer der Staten-Generaal
InhoudsopgaveGerealiseerde uitgaven en ontvangstenA. Algemeen1 1. Aanbieding van het jaarverslag en verzoek tot dechargeverleningDechargeverlening door de Tweede KamerDechargeverlening door de Eerste Kamer2. LeeswijzerB. Beleidsverslag Koninkrijksrelaties3.1 Beleidsprioriteiten3.2 Realisatie periodieke rapportages/beleidsdoorlichtingen3.3 Overzicht risicoregelingen Koninkrijksrelaties3.4 Implementatie van mensenrechtenverdragen3.5 Onderuitputting4. Beleidsartikelen Koninkrijksrelaties4.1 Artikel 1. Versterken rechtsstaatA. Algemene doelstellingB. Rol en verantwoordelijkheidC. BeleidsconclusiesD. Budgettaire gevolgen van beleidE. Toelichting op de instrumenten4.2 Artikel 2. SlavernijverledenA. Algemene doelstellingB. Rol en verantwoordelijkheidC. BeleidsconclusiesD. Budgettaire gevolgen van beleidE. Toelichting op de instrumenten4.3 Artikel 4. Bevorderen sociaaleconomische structuurA. Algemene doelstellingB. Rol en verantwoordelijkheidC. BeleidsconclusiesD. Budgettaire gevolgen van beleidE. Toelichting op de instrumenten4.4 Artikel 5. Schuldsanering/lopende inschrijving/leningenA. Algemene doelstellingB. Rol en verantwoordelijkheidC. BeleidsconclusiesD. Budgettaire gevolgen van beleidE. Toelichting op de instrumenten4.5 Artikel 8. Wederopbouw Bovenwindse EilandenA. Algemene doelstellingB. Rol en verantwoordelijkheidC. BeleidsconclusiesD. Budgettaire gevolgen van beleidE. Toelichting op de instrumenten5. Niet-beleidsartikelen5.1 Artikel 6. Apparaat5.2 Artikel 7. Nog onverdeeld6. Bedrijfsvoeringsparagraaf KoninkrijksrelatiesB. Beleidsverslag BES-fonds7. Beleidsprioriteiten8. Beleidsartikel BES-fonds8.1 Artikel 1. BES-fondsA. Algemene doelstellingB. Rol en verantwoordelijkheidC. BeleidsconclusiesD. Budgettaire gevolgen van beleidE. Toelichting op de instrumenten9. Bedrijfsvoeringsparagraaf BES-fondsC. Jaarrekening Koninkrijksrelaties10. Verantwoordingsstaat Koninkrijksrelaties11. Saldibalans KoninkrijksrelatiesAd 10. VorderingenAd 12. VoorschottenAd 14. Andere verplichtingenC. Jaarrekening BES-fonds12. Verantwoordingsstaat BES-fonds13. Saldibalans BES-fondsTOELICHTING OP DE SALDIBALANS per 31 december 2025 H64D. BijlagenBijlage 1. Afgerond evaluatie- en overig onderzoekBijlage 2. Overzicht Rijksuitgaven Caribisch NederlandBegroting Justitie en Veiligheid (VI)Begroting Financiën (IXB)Begroting Sociale Zaken en Werkgelegenheid (XV)
36 945 IV Jaarverslag en slotwet Koninkrijksrelaties en het BES-fonds 2025
Nr. 1 JAARVERSLAG KONINKRIJKSRELATIES EN HET BES-FONDS
Ontvangen 20 mei 2026
Vergaderjaar 2025–2026
GEREALISEERDE UITGAVEN EN ONTVANGSTEN
Koninkrijksrelaties
Figuur 1 Gerealiseerde uitgaven verdeeld over beleidsartikelen en niet-beleidsartikelen (x € 1 mln.). Totaal € 232.248.000,-
Figuur 2 Gerealiseerde ontvangsten verdeeld over beleidsartikelen en niet-beleidsartikelen (x € 1 mln.). Totaal € 201.426.000,-
BES-fonds
Figuur 3 Gerealiseerde uitgaven verdeeld over beleidsartikelen en niet-beleidsartikelen (x € 1 mln.). Totaal € 93.799.000,-
Figuur 4 Gerealiseerde ontvangsten verdeeld over beleidsartikelen en niet-beleidsartikelen (x € 1 mln.). Totaal € 93.799.000,-
A. ALGEMEEN
1 1. Aanbieding van het jaarverslag en verzoek tot dechargeverlening
AAN de voorzitters van de Eerste en de Tweede Kamer van de Staten-Generaal.
Hierbij bied ik, mede namens de Staatssecretaris Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, het jaarverslag met betrekking tot de begroting van Koninkrijksrelaties (IV) over het jaar 2025 aan, alsmede het jaarverslag met betrekking tot de begroting van het BES-fonds (H) over het jaar 2025.
Onder verwijzing naar de artikelen 2.37 en 2.40 van de Comptabiliteitswet 2016 verzoek ik de beide Kamers van de Staten-Generaal de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties decharge te verlenen over het in het jaar 2025 gevoerde financiële beheer.
Voor de oordeelsvorming van de Staten-Generaal over dit verzoek tot dechargeverlening stelt de Algemene Rekenkamer als externe controleur op grond van artikel 7.14 van de Comptabiliteitswet 2016 een rapport op. Dit rapport wordt op grond van artikel 7.15 van de Comptabiliteitswet 2016 door de Algemene Rekenkamer aan de Staten-Generaal aangeboden. Het rapport bevat de bevindingen en het oordeel van de Algemene Rekenkamer over:
1. het gevoerde begrotingsbeheer, financieel beheer, materiële bedrijfsvoering en de daartoe bijgehouden administraties van het Rijk;
2. de centrale administratie van de schatkist van het Rijk van het Ministerie van Financiën;
3. de financiële verantwoordingsinformatie in de jaarverslagen;
4. de totstandkoming van de niet-financiële verantwoordingsinformatie in de jaarverslagen;
5. de financiële verantwoordingsinformatie in het Financieel jaarverslag van het Rijk.
Bij het besluit tot dechargeverlening worden verder de volgende, wettelijk voorgeschreven, stukken betrokken:
1. het Financieel jaarverslag van het Rijk over 2025;
2. het voorstel van de slotwet dat met het onderhavige jaarverslag samenhangt;
3. het rapport van de Algemene Rekenkamer over het onderzoek van de centrale administratie van de schatkist van het Rijk en van het Financieel jaarverslag van het Rijk;
4. de verklaring van goedkeuring van de Algemene Rekenkamer over de in het Financieel jaarverslag van het Rijk, over 2025 opgenomen rekening van uitgaven en ontvangsten over 2025, alsmede over de saldibalans over 2025 (de verklaring van goedkeuring, bedoeld in artikel 7.14, tweede lid, van de Comptabiliteitswet 2016).
Het besluit tot dechargeverlening kan niet worden genomen, voordat de betrokken slotwet is aangenomen en voordat de verklaring van goedkeuring van de Algemene Rekenkamer is ontvangen.
De Minister van Binnenlandse Zaken en KoninkrijksrelatiesP.E.Heerma
Dechargeverlening door de Tweede Kamer
Onder verwijzing naar artikel 2.40 van de Comptabiliteitswet 2016 verklaart de voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal dat de Tweede Kamer aan het hiervoor gedane verzoek tot dechargeverlening tegemoet is gekomen door een daartoe strekkend besluit, genomen in de vergadering van
De Voorzitter van de Tweede Kamer,
Handtekening:
Datum:
Op grond van artikel 2.40, derde lid, van de Comptabiliteitswet 2016 wordt dit originele exemplaar van het onderhavige jaarverslag, na ondertekening van de hierboven opgenomen verklaring, ter behandeling doorgezonden aan de voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal.
Dechargeverlening door de Eerste Kamer
Onder verwijzing naar artikel 2.40 van de Comptabiliteitswet 2016 verklaart de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal dat de Eerste Kamer aan het hiervoor gedane verzoek tot dechargeverlening tegemoet is gekomen door een daartoe strekkend besluit, genomen in de vergadering van
De Voorzitter van de Eerste Kamer,
Handtekening:
Datum:
Op grond van artikel 2.40 van de Comptabiliteitswet 2016 wordt dit originele exemplaar van het onderhavige jaarverslag, na ondertekening van de hierboven opgenomen verklaring, doorgezonden aan de Minister van Financiën.
2. Leeswijzer
Algemeen
Voor u ligt het jaarverslag 2025 van Koninkrijksrelaties en het BES-fonds. Dit betreft een niet-departementale begroting.
Het jaarverslag van het BES-fonds maakt onderdeel uit van de financiële verantwoording van het Rijk, maar heeft daarbinnen een bijzonder karakter. Het jaarverslag van het BES-fonds kent in tegenstelling tot een departementaal jaarverslag slechts één beleidsartikel: het BES-fonds. Het beleid dat wordt gevoerd ter realisatie van de algemene beleidsdoelstelling is direct verbonden met dit ene beleidsartikel. De apparaatsuitgaven/-ontvangsten voor de uitvoering van het BES-fonds zijn opgenomen in de apparaatskosten van begrotingshoofdstuk Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII).
Het jaarverslag 2025 is als volgt opgebouwd:
A. Een algemeen deel met de dechargeverlening;B. Het beleidsverslag 2025 Koninkrijksrelaties met de beleidsprioriteiten, de (niet-)beleidsartikelen en de bedrijfsvoeringsparagraaf;B. Het beleidsverslag 2025 BES-fonds met de beleidsprioriteiten, het beleidsartikel en de bedrijfsvoeringsparagraaf;C. De jaarrekening Koninkrijksrelaties 2025;C. De jaarrekening BES-fonds 2025;D. De bijlagen.
Grondslagen voor de vastlegging en de waardering
De verslaggevingsregels en waarderingsgrondslagen die van toepassing zijn op de in dit jaarverslag opgenomen financiële overzichten zijn ontleend aan de Comptabiliteitswet 2016 en de daaruit voortvloeiende regelgeving, waaronder de Regeling rijksbegrotingsvoorschriften 2026. Voor de begrotingsadministratie wordt het verplichtingen-kasstelsel toegepast.
Groeiparagraaf
– De bijlage «Moties en toezeggingen» is niet meer opgenomen in het jaarverslag.
– In de bijlage Rijksuitgaven Caribisch Nederland zijn vanaf het jaarverslag 2025 de overzichten van de uitgaven aan Caribisch Nederland van alle departementen gecentraliseerd. De bijlage start met een totaaloverzicht van de uitgaven per instrument per departement.
Focusonderwerp
Voor het focusonderwerp «risico’s voor de goede inning en besteding van belasting- en premiegeld» dat door de Tweede Kamer voor de verantwoording over 2025 als focusonderwerp is gekozen wordt verwezen naar het jaarverslag van het begrotingshoofdstuk Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII).
Het beleidsverslag
Het beleidsverslag bestaat uit de beleidsprioriteiten, de (niet-)beleidsartikelen en de bedrijfsvoeringsparagraaf.
Beleidsprioriteiten
In de paragraaf «Beleidsprioriteiten» wordt verslag gedaan van de beleidsprioriteiten die zijn opgenomen in de begroting 2025. Daarnaast is een tabel opgenomen met daarin de realisatie van de periodieke rapportages/beleidsdoorlichtingen, een overzicht met risicoregelingen, een overzicht met de implementatie van de mensenrechtenverdragen en een budgettair overzicht met de totale onderuitputting.
Openbaarheidsparagraaf
Voor de openbaarheidsparagraaf van begrotingshoofdstuk IV wordt verwezen naar het jaarverslag van het begrotingshoofdstuk Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII).
Beleidsartikelen
In de paragraaf «Beleidsartikelen» wordt meer in detail ingegaan op de verantwoording over de verschillende onderwerpen. De paragraaf kent per beleidsartikel de volgende opzet:
A. Algemene doelstelling;
B. Rol en verantwoordelijkheid;
C. Beleidsconclusies;
D. Tabel Budgettaire gevolgen van beleid;
E. Toelichting op de financiële instrumenten.
De paragraaf «Niet-beleidsartikelen» kent een andere indeling, te weten:
A. Tabel Budgettaire gevolgen;
B. Toelichting op de financiële instrumenten.
Algemene doelstelling en rol en verantwoordelijkheid
Conform de Rijksbegrotingsvoorschriften (RBV) 2026 zijn voor de onderdelen «Algemene doelstelling» en «Rol en verantwoordelijkheid» in de beleidsartikelen de teksten uit de vastgestelde begroting 2025 als basis gebruikt.
Toelichting op financiële instrumenten
In de toelichting op de financiële instrumenten wordt aangegeven waarvoor de financiële overdracht in het begrotingsjaar is aangewend. Verschillen tussen de budgettaire raming en de realisatie in het verslagjaar worden toegelicht, hierbij wordt indien van toepassing verwezen naar de eerste, tweede en september suppletoire en incidentele begrotingswetten of de slotwet.
De beleidsmatige verschillen en technische verschillen, die groter dan of gelijk zijn aan de ondergrens zoals deze in de Rijksbegrotingsvoorschriften (RBV) 2026 zijn opgenomen, worden toegelicht. In het kader van transparantie of anderszins kan het voorkomen dat verschillen beneden deze ondergrenzen ook worden toegelicht.
Tabel 1 Overzicht ondergrens beleidsmatige en technische verschillen conform RBV 2026 in € mln. (stand ontwerpbegroting 2025)
Begrotingsartikel
Beleidsmatige mutaties (ondergrens in € miljoen)
Technische mutaties (ondergrens in € miljoen)
1. Versterken rechtsstaat
Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 1 mln.
Verplichtingen/Uitgaven: 4 mln. Ontvangsten: 2 mln.
2. Slavernijverleden
Verplichtingen/Uitgaven: 1 mln. Ontvangsten: 1 mln.
Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 2 mln.
4. Bevorderen sociaaleconomische structuur
Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 1 mln.
Verplichtingen/Uitgaven: 4 mln. Ontvangsten: 2 mln.
5. Schuldsanering/lopende inschrijving/leningen
Verplichtingen/Uitgaven: 1 mln. Ontvangsten: 5 mln.
Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 10 mln.
8. Wederopbouw Bovenwindse Eilanden
Verplichtingen/Uitgaven: 1 mln. Ontvangsten: 1 mln.
Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 2 mln.
6. Apparaat
Verplichtingen/Uitgaven: 1 mln. Ontvangsten: 1 mln.
Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 2 mln.
7. Nog onverdeeld
Verplichtingen/Uitgaven: 1 mln. Ontvangsten: 1 mln.
Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 2 mln.
1. BES-fonds
Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 2 mln.
Verplichtingen/Uitgaven: 4 mln. Ontvangsten: 4 mln.
Bedrijfsvoeringsparagraaf
Het jaarverslag Koninkrijksrelaties 2025 bevat ook een bedrijfsvoeringparagraaf. Hierin wordt verslag gedaan over specifieke punten van de bedrijfsvoering voor Koninkrijksrelaties (IV). Voor het verslag over de bedrijfsvoering in algemene zin wordt verwezen naar het jaarverslag van het begrotingshoofdstuk Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII).
De jaarrekening 2025
In de jaarrekening treft u de verantwoordingsstaat voor de begroting van Koninkrijksrelaties en de saldibalans met toelichting aan. De slotwet wordt als een apart Kamerstuk gepubliceerd.
Wet Normering Topinkomens (WNT) verantwoording
De WNT-verantwoording van Koninkrijksrelaties is opgenomen in het jaarverslag van het begrotingshoofdstuk Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII).
Externe inhuur
De externe inhuur van Koninkrijksrelaties wordt verantwoord in het overzicht inhuur externen in het jaarverslag van het begrotingshoofdstuk Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII).
De bijlagen
In het jaarverslag Koninkrijksrelaties en het BES-fonds (IV) zijn de volgende bijlagen opgenomen:
– Afgeronde evaluatie- en overig onderzoek;
– Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland;
Het jaarverslag BES-fonds 2025
Beleidsprioriteiten
In de paragraaf «Beleidsprioriteiten» wordt verslag gedaan van de beleidsprioriteiten die zijn opgenomen in de begroting 2025.
Beleidsartikel
In de paragraaf «Beleidsartikel» wordt meer in detail ingegaan op de verantwoording over de verschillende onderwerpen. De paragraaf kent de volgende opzet:
A. Algemene doelstelling;
B. Rol en verantwoordelijkheid;
C. Beleidsconclusies;
D. Tabel Budgettaire gevolgen van beleid;
E. Toelichting op de financiële instrumenten.
Algemene doelstelling en rol en verantwoordelijkheid
Conform de Rijksbegrotingsvoorschriften (RBV) 2026 zijn voor de onderdelen «Algemene doelstelling» en «Rol en verantwoordelijkheid» in de beleidsartikelen de teksten uit de vastgestelde begroting 2025 als basis gebruikt.
Bedrijfsvoeringsparagraaf
Het jaarverslag BES-fonds 2025 bevat ook een bedrijfsvoeringsparagraaf. Hierin wordt verslag gedaan over specifieke punten van de bedrijfsvoering voor het BES-fonds (H). Voor het verslag over de bedrijfsvoering in algemene zin wordt verwezen naar het jaarverslag van het begrotingshoofdstuk Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII).
De jaarrekening 2025
In de jaarrekening treft u de verantwoordingsstaat voor de begroting van het BES-fonds en de saldibalans met toelichting. De slotwet wordt als een apart Kamerstuk gepubliceerd.
B. BELEIDSVERSLAG KONINKRIJKSRELATIES
3.1 Beleidsprioriteiten
Bouwen aan een gezamenlijke toekomst
In het Koninkrijk werkt het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties vanuit een gezamenlijk verleden aan een gedeelde toekomst, op basis van gelijkwaardigheid en betrokkenheid. Binnen onze samenwerking met het Caribisch deel van het Koninkrijk staan de volgende thema’s centraal:
– deugdelijk bestuur en rechtszekerheid;
– toekomstbestendige overheidsfinanciën;
– het vergroten van de zelfredzaamheid.
In de samenwerking met de drie autonome Caribische landen in het Koninkrijk lag de focus op deugdelijk bestuur en rechtszekerheid, waaronder het borgen van fundamentele mensenrechten en het vergroten van de zelfredzaamheid van deze landen. Zij zijn immers kwetsbaar als gevolg van hun kleinschaligheid en economische afhankelijkheid van toerisme. Daarnaast brengt de geografische ligging risico’s met zich mee, zoals een kwetsbaarheid voor internationaal georganiseerde criminaliteit en de kans op toenemende migratiestromen richting Aruba, Curaçao en ook Bonaire als gevolg van de politieke situatie in Venezuela. In 2025 hebben de ministeries van BZK en JenV de Week van de Crisisbeheersing opnieuw gefinancierd. Deze is benut om de Caribische delen van het Koninkrijk te helpen in hun preparatie, o.a. op eventuele impact van de situatie in Venezuela. Voorts is op basis van de landspakketten samengewerkt aan het vergroten van de sociaaleconomische weerbaarheid, het versterken van de rechtsstaat en het bestuur en het borgen van toekomstbestendige overheidsfinanciën.
Ook voor Caribisch Nederland is onder andere gewerkt aan toekomstbestendige financiële verhoudingen en deugdelijk bestuur, waaronder het versterken van de uitvoeringskracht. Voor het vergroten van de zelfredzaamheid is gewerkt aan de doorontwikkeling van het sociaal, economisch en fysiek terrein. Zoals beschreven in het rapport ‘Gerichte groei’ van de Staatscommissie Demografische Ontwikkelingen Caribisch Nederland 2050 zijn deze verdere stappen ook noodzakelijk om de zelfredzaamheid en daarmee de brede welvaart van de eilanden voor de toekomst te borgen. Dit vraagt inzet van zowel de besturen op de eilanden als vanuit het Rijk. In december 2025 is een kabinetsreactie gestuurd aan de Tweede Kamer over dit rapport (Kamerstukken II, 36 800 IV, nr. 28). Daarnaast speelt bij zelfredzaamheid ook hier de geografische ligging risico’s met zich mee (met name voor Bonaire), zoals een kwetsbaarheid voor internationaal georganiseerde criminaliteit en de kans op toenemende migratiestromen.
Caribisch Nederland (CN)
Deugdelijk bestuur en rechtszekerheid
In 2025 zijn verdere stappen gezet in de uitvoering van de Bestuursakkoorden van Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Er zijn afspraken gemaakt over belangrijke thema’s zoals versterken van de bestuurs- en uitvoeringskracht, armoedebestrijding, financiën en economische diversificatie.
Prioriteiten bestuursakkoord Bonaire 2024-2027
In april 2025 is een prioritering aangebracht via een afgeslankte uitvoeringsagenda Bonaire waardoor de beperkte uitvoerings- en bestuurskracht gerichter ingezet kan worden. Zo is de samenwerking met Akademia Papiamentu als taalinstituut gestart, zijn de voorbereidingen voor een Bureau Burgerrechten afgerond en is een organisatieplan voor de afdeling Deelnemingen door het bestuurscollege vastgesteld.
Prioriteiten Bestuursakkoord Sint Eustatius 2024-2027
Sint Eustatius heeft stappen gezet in de fysieke leefomgeving met de voorbereiding en uitvoering van het aanleggen van wegen (het project Behind The Mountain Road) en de verbetering van huisvesting van ouderen en de renovatie van betaalbare woningen. Daarnaast zijn er belangrijke stappen gezet om duurzaam de loslopende geitenpopulatie in te perken. Door lokale jagers worden de geiten gevangen en achter hekken gezet. Het overschot wordt gebruikt voor voedselproductie. Tevens heeft Sint Eustatius stappen gezet op het gebied van integriteit en goed bestuur en is er ingezet op een nieuw HR beleid met ondersteuning van BZK. Het klimaatplan van Sint Eustatius is in de afrondende fase en wordt in 2026 opgeleverd. Dit geldt ook voor de economische ontwikkelstrategie.
Prioriteiten Saba Package Agreement 2023-2027
Op Saba zijn stappen gezet op het terrein van infrastructuur en de fysieke leefomgeving. Zo is met de Regio Deal Saba gewerkt aan het ontwerp van een nieuw multifunctioneel wijkcentrum en zijn er afspraken gemaakt over de realisatie van meer woningen tot 2030. Daarnaast zijn concrete investeringen voorbereid en in gang gezet, voor de bouw van een toekomstbestendige zeehaven op Saba. De bouw van de nieuwe haven is een cruciaal project voor de economie en zelfredzaamheid van het eiland. Vanaf het vierde kwartaal van 2025 is daadwerkelijk gestart met de bouw. Daarnaast is er in 2025 gewerkt aan het opstellen van een economische ontwikkelstrategie, het opzetten van een lokale rekenkamer en het instellen van heldere inkoop- en aanbestedingsregels.
Agenda Goed Bestuur Caribisch Nederland
In 2025 is de Agenda Goed Bestuur Caribisch Nederland verschenen. In deze agenda zet het ministerie van BZK in op drie prioriteiten: het versterken van de overheden en de verbetering van dienstverlening aan burgers en bedrijven, het versterken van instituties en het realiseren van adequate wettelijke kaders en toezicht en de aanpak van integriteitsschendingen en het vergroten van de weerbaarheid van de rechtsstaat. Voor de Agenda Goed Bestuur zijn vanuit de envelop Goed Bestuur middelen beschikbaar gesteld.
Herziening WolBES-FinBES
De herziening van de Wet op de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba (WolBES) en de Wet financiën openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba (FinBES) en de opvolging van de afsprakenlijst van de werkconferentie van maart 2024 is in 2025 voortgezet. Het ministerie van BZK heeft zich in 2025 ingespannen om uitvoering te geven aan alle gemaakte afspraken. De enige uitzondering is de keuze om het ambt van Rijksvertegenwoordiger te behouden, maar wel anders in te richten Hierdoor heeft het ministerie van BZK geconstateerd dat het niet haalbaar is om de eerste verhoging van het aantal eilandsraadsleden en eilandgedeputeerden in te laten gaan per maart 2027 als dit onderdeel zou blijven van het herzieningswetsvoorstel . Daarom is in 2025 besloten om dat deel van de afspraken uit te werken in een afzonderlijk wetsvoorstel: de Wet verhoging aantal eilandsraadsleden en eilandgedeputeerden. Dit voorstel is in het najaar van 2025 aanhangig gemaakt bij de Tweede Kamer voor behandeling. Het herzieningswetsvoorstel heeft in de tweede helft van 2025 voor een tweede keer in consultatie gelegen.
Uitvoeringskracht
In 2025 is de tweede fase van het VNG Uitwisselingsnetwerk gelanceerd. Op deze manier kunnen Bonaire, Sint Eustatius en Saba ook de komende jaren (2025-2028) worden ondersteund op het vlak van uitvoeringskracht. Daarbij wordt aangesloten bij de wensen en behoeften van de openbare lichamen. Zo is in 2025 de pilot VNG Caribendesk gestart. Ook is ondersteuning geleverd door de Omgevingsdienst NL die in 2025, met middelen van de ministeries van BZK en IenW, de uitvoering van de Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving taken (VTH) samen met de eilandsbesturen verder heeft versterkt. Daarbij is men begonnen met het wegwerken van de achterstanden in de vergunningverlening. Het Projectbureau Caribisch Nederland (PBCN) en de CN Academy dragen bij aan het versterken van de uitvoeringskracht en expertise bij overheidsorganisaties in Caribisch Nederland. PBCN heeft in 2025 meerdere concrete projecten uitgevoerd voor de openbare lichamen en onderdelen van de Rijksdienst Caribisch Nederland (RCN) zoals onder andere het Talent Ontwikkel Programma Caribisch Nederland.
De CN Academy biedt een programma voor leren en ontwikkelen voor RCN en de openbare lichamen. Het trainingsaanbod in 2025 omvatte trainingen verspreid over Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Het TOP-traineeprogramma Caribisch Nederland richt zich op het aantrekken en ontwikkelen van talent op Bonaire, Saba en Sint Eustatius.
Dienstverlening
In het kader van de verbetering van overheidsdienstverlening is er concrete vooruitgang geboekt. Onderzoek naar behoeften van burgers, ondernemers en medewerkers op Bonaire, Sint Eustatius en Saba leverde inzicht in knelpunten op; overheidsmedewerkers volgden klantreistrainingen en er werden verschillende klantreizen uitgewerkt (bijvoorbeeld: ik ga studeren, ik ga verhuizen en ik wil een onderneming starten). Ook zijn dienstverleningsconcepten opgesteld voor rijksdiensten en de openbare lichamen en is een prototype van de Online wegwijzer opgeleverd als basis voor een overheidsbreed portaal ten behoeve van de digitale dienstverlening (één loket).
Comply or explain
In overleg met de andere departementen en eilandsbesturen is in 2025 kritisch gekeken naar de huidige toepassing van het principe van ‘comply or explain’. Dit heeft geleid tot een reeks aan verbetermaatregelen op het gebied van de doorontwikkeling, toepassing en waarborging van het principe. Voorbeelden hiervan zijn verdere verankering in het consultatieproces, advisering door het Adviescollege toetsing Regeldruk en de inrichting van een proces rond startnotities bij wetgevingstrajecten. Hierbij wordt de uitvoeringskracht als randvoorwaarde meegenomen.
Daarnaast is het principe van ‘comply or explain’ toegepast bij de uitwerking van het verbeteren van de bestaanszekerheid en voorzieningen op Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Het ministerie van BZK heeft hierbij, samen met andere departementen, ingezet op economische ontwikkeling, brede welvaart en het versterken van sociale en fysieke voorzieningen. Het principe is ook toegepast op andere beleidsprioriteiten (bijvoorbeeld het wetsvoorstel Bibob voor Caribisch Nederland), zoals zichtbaar is in de Agenda Goed Bestuur Caribisch Nederland.
Aanpak Selibon Lagun
In 2025 was het opzetten van een aanpak voor de problematiek rond de afvalstortplaats Selibon Lagun op Bonaire een belangrijke prioriteit. De waarnemend Rijksvertegenwoordiger heeft met zijn interventie laten zien dat het mogelijk is om op korte termijn verbeteringen door te voeren. Tegelijkertijd vraagt een structurele oplossing een bredere aanpak. In dat kader heeft de staatssecretaris van BZK 2025 een bestuurlijke aanpak ontwikkeld met het bestuurscollege van Bonaire. Doel hiervan is op korte termijn de bedrijfsvoering van Selibon N.V. op orde te brengen; maatregelen op de stortplaats te treffen; de uitvoering van de VTH-taken rond Selibon Lagun te verbeteren; en te beginnen met het formuleren van een langetermijnperspectief.
Toekomstbestendige overheidsfinanciën
Een belangrijke randvoorwaarde voor toekomstbestendige overheidsfinanciën is goed financieel beheer. Daarom ziet het ministerie van BZK erop toe dat Bonaire, Sint Eustatius en Saba het financieel beheer op een adequaat niveau brengen en houden. Het College financieel toezicht BES (Cft BES) adviseert de minister van BZK over het financieel beheer en het begrotingsbeheer van de openbaar lichamen.
In 2025 hebben alle drie de eilanden een goedkeurende verklaring ontvangen van de externe accountant op de jaarrekening 2024 voor zowel getrouwheid als rechtmatigheid. Voor Sint Eustatius was dit de eerste goedkeurende verklaring sinds 10 oktober 2010 (‘10-10-10’). Een belangrijke mijlpaal en het resultaat van het verbetertraject dat Sint Eustatius de afgelopen jaren heeft uitgevoerd.
Ook in 2025 hebben Sint Eustatius, maar ook Saba, verdere stappen gezet om het financieel beheer verder te verbeteren. Bijvoorbeeld door te investeren in eigen personeel, werkprocessen en verdere digitalisering. Het Cft BES constateerde begin 2025 dat het financieel beheer en het begrotingsbeleid van Bonaire dreigde terug te vallen door een gebrek aan uitvoeringskracht. De kwaliteit van begrotingsstukken verslechterde en de stukken werden niet tijdig opgeleverd. Hierdoor nam het realiteitsgehalte van de begroting af. Dit was aanleiding voor Bonaire om een borgingsplan financiële processen op te stellen om het financieel beheer weer op niveau te brengen. De uitvoering van het borgingsplan loopt door in 2026, maar heeft eind 2025 al geleid tot verbeteringen in de kwaliteit van de begrotingsstukken, zoals de begroting 2026 van Bonaire. Het is van belang dat Bonaire topprioriteit blijft geven aan de uitvoering van het borgingsplan dat in 2025 is opgesteld en deze conform planning in 2026 afrond. De voortgang van het borgingsplan wordt gemonitord tijdens periodieke overleggen op bestuurlijk niveau. Daarnaast rapporteert Bonaire over de voortgang in de uitvoeringsrapportages. Het ministerie van BZK verwacht dat Sint Eustatius en Saba ook de komende jaren stappen blijven zetten in het verder ontwikkelen en borgen van het financieel beheer. Goed financieel beheer draagt bij aan doelmatige en rechtmatige besteding van middelen en de verantwoording daarvan.
Om het inzicht in de financiën van de eilanden te vergroten is in 2025 voor het eerst het Integraal Overzicht Financiën Bonaire, Sint Eustatius en Saba gepubliceerd. Met dit overzicht wordt financiële informatie van de eilanden op hoofdlijnen samengebracht. Hierdoor is het inzicht in de financiën van de eilanden vergroot en wordt het mogelijk om trends en ontwikkelingen te herkennen. Het overzicht laat zien dat de financiële positie (het eigen vermogen) van de eilanden zich positief heeft ontwikkeld en dat de structurele geldstromen zijn toegenomen. Dit laatste is vooral het gevolg van recente structurele verhogingen van de vrije uitkeringen van de eilanden. Hiermee is de toekomstbestendigheid van de overheidsfinanciën van de eilanden vergroot. Bij de financiering van de eilanden geldt het uitgangspunt dat structurele taken, structureel worden gefinancierd. Dit is één van de toetspunten waar de Toetsingscommissie Bijzondere Uitkeringen op heeft toegezien.
Vergroten van de zelfredzaamheid
In 2025 is voortgang geboekt bij het versterken van de economische zelfredzaamheid van Bonaire, Sint Eustatius en Saba. De eilandelijke economische ontwikkelstrategieën zijn in 2025 verder uitgewerkt. Saba en Sint Eustatius hebben dit gedaan in samenwerking met het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en het Ministerie van Economische Zaken. Bonaire heeft ervoor gekozen de economische ontwikkelstrategie zelfstandig te ontwikkelen middels de Commissie Vishon 2050. Oplevering van de economische ontwikkelstrategieën en de bijbehorende implementatieplannen zijn voorzien in de tweede helft van 2026.
Daarnaast is in 2025 gestart met het opstellen van integrale fysieke agenda’s per eiland, die richting geven aan investeringen in de fysieke leefomgeving. Deze fysieke agenda’s worden in de tweede helft van 2026 vastgesteld. Ter versterking van de uitvoeringskracht is in 2025 begonnen met de voorbereiding en werving voor de verbreding van het projectenbureau van de Rijksdienst Caribisch Nederland (RCN) naar het fysieke domein. De uitbreiding van het bureau wordt operationeel in het eerste kwartaal van 2026. In het fysieke domein zijn in 2025 tevens concrete investeringen voorbereid en in gang gezet, waaronder verbeteringen aan het wegennet op Bonaire en de bouw van een toekomstbestendige zeehaven op Saba.
Via de Regio Deals zijn in 2025 concrete projecten uitgevoerd die bijdragen aan brede welvaart en leefbaarheid, waaronder het Enrichment Center op Saba en investeringen in cultureel erfgoed en toerisme op Sint Eustatius. Verder is eind november 2025 de Regio Deal voor Bonaire ondertekend met geplande investeringen gericht op mobiliteit, verkeersveiligheid en openbare voorzieningen. Voor wat betreft het Sociaal Minimum Caribisch Nederland zijn de Eerste en Tweede Kamer op 3 juli 2025 geïnformeerd over de voortgang op de maatregelen die het kabinet heeft genomen in reactie op het rapport van de Staatscommissie Sociaal Minimum Caribisch Nederland (Kamerstukken II, 36 600 IV, nr. 72). De inkomens van veel groepen (in het bijzonder van minimahuishoudens) zijn sinds het uitkomen van het rapport fors gestegen. Dit blijkt onder meer uit het dashboard van de Monitor macro-economische context Caribisch Nederland van het CBS, die in januari 2026 is gepubliceerd. Concrete maatregelen in 2025 zijn het verlengen van verschillende tijdelijke koopkrachtmaatregelen voor 2025 en 2026, zoals subsidies voor nutsvoorzieningen en de energietoelage. Daarnaast zijn in 2025 op initiatief van BZK en SZW voor het eerst alle maatregelen en ontwikkelingen op het terrein van inkomens, kosten van levensonderhoud en fiscale maatregelen voor Caribisch Nederland integraal bij elkaar gebracht en gewogen.[
Landen
Deugdelijk bestuur en rechtszekerheid
Versterken rechtsstaat Aruba, Curaçao en Sint Maarten
Het versterken van de rechtsstaat en de rechtshandhaving is een aangelegenheid van de autonome landen binnen het Koninkrijk. Ondersteuning vanuit Nederland gebeurt op basis van artikel 36 van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden, waarin is bepaald dat de landen binnen het Koninkrijk elkaar hulp en bijstand verlenen. In 2025 heeft het ministerie van BZK in nauwe afstemming met de Nederlandse ministeries van Defensie, Justitie en Veiligheid en Financiën, de landen waar mogelijk ondersteund bij de aanpak van grensoverschrijdende en ondermijnende criminaliteit en bij het werken aan deugdelijk bestuur en rechtszekerheid.
Aanpak van ondermijnende criminaliteit
Het Recherche Samenwerkingsteam (RST), Parket Procureur-Generaal (PPG) en Gemeenschappelijk Hof van Justitie (Hof) zijn net als de afgelopen jaren gefinancierd met als doel capaciteit in te zetten op de duurzame aanpak van ondermijning op Aruba, Curaçao en Sint Maarten. Sinds 2022 ontvangen het RST, PPG en het Hof via een ingroeimodel extra gelden die zijn vrijgekomen naar aanleiding van het sluiten van de landspakketten (Kamerstukken II, 2019/20, 35420, nr. 177 en nr. 186). Deze investeringen maken het mogelijk om strafrechtelijke onderzoeken te doen naar criminaliteit met een sterk financieel-economische component, waaronder belastingfraude, verduistering van overheidsgeld, valsheid in geschriften en witwassen.
Om de verwevenheid tussen bovenwereld en onderwereld aan te pakken zijn binnen de vier landen van het Koninkrijk in 2023 afspraken gemaakt over het ontwikkelen van bestuurlijke mogelijkheden om ondermijnende criminaliteit aan te pakken. Deze afspraken zijn bestendigd in het protocol voor de bestuurlijke aanpak van ondermijnende criminaliteit in de Caribische landen van het Koninkrijk (Stcrt. 2023, nr. 33574). In 2025 hebben Aruba, Curaçao en Sint Maarten uitvoering gegeven aan onder andere het opstellen van ondermijningsbeelden, de inhuur van wervingscapaciteit, het volgen van opleidingen en de organisatie van de beleidsconferentie over de Wet Bevordering Integriteitsbeoordelingen door het Openbaar Bestuur (Bibob).
Versterking grenstoezicht
De Caribische landen van het Koninkrijk zijn ook in 2025 versterkt met personeel van Douane Nederland en de Koninklijke Marechaussee (KMar). Zij werden ingezet om kennis over te dragen, te twinnen (meelopen) en te ondersteunen waar nodig. Op zowel Aruba, Curaçao als Sint Maarten zijn in 2025 in de uitvoering van de plannen van aanpak stappen gezet, maar hebben onder meer de beperkte capaciteit van de lokale diensten en de inkoopprocessen voor vertraging gezorgd. Als gevolg hiervan zijn de plannen van aanpak van de landen niet volledig binnen de gestelde termijn uitgevoerd. In navolging van de aanbevelingen die zijn besproken in het Justitieel Vierlanden Overleg in juni 2024, heeft BZK in 2025 capaciteit beschikbaar gesteld aan de Landen om de voortgang van de uitvoering van de herziene plannen van aanpak te bevorderen. Tenslotte is in 2025 de evaluatie van het protocol versterking grenstoezicht in de Caribische landen van het Koninkrijk en het protocol inzake de inzet van personeel vanuit de flexibel inzetbare pool Koninklijke Marechaussee gestart.
Detentie
In 2025 heeft de National Recovery Program Bureau (NRPB) met de door het ministerie van BZK verstrekte bijdrage twee opdrachten verder in uitvoering gebracht: één voor het herstel van de politiecellen (achterstallig onderhoud en herstelwerkzaamheden) en één voor het aantrekken van een programmamanager om systematisch uitvoering te brengen aan het plan van aanpak 2018. Het kabinet wil hiermee bijdragen aan het verbeteren van het gevangeniswezen op Sint Maarten.
Versterken uitvoerings- en bestuurskracht
Als onderdeel van de landspakketten is in 2025 wederom gewerkt aan het verhogen van de effectiviteit van de overheden van de Caribische landen. Zo startte op Aruba een intensief leadershipstraject voor het midden- en topkader van de Arubaanse overheid, dat bijdraagt aan de effectiviteit van de nieuwe overheidsorganisatie. Bij het Curaçaose Ministerie van Bestuur, Planning en dienstverlening is de planvorming afgerond voor de directie informatie en digitalisering, zodat Curaçao straks goed gepositioneerd is voor het digitale tijdperk. Op Sint Maarten zijn in de ICT-afdeling onder meer nieuwe processen en systemen geïmplementeerd en is gestart met versterking van de HR afdeling.
Toekomstbestendige overheidsfinanciën
Met hulp van de landspakketten zijn op Aruba, Curaçao en Sint Maarten, meerjarige verbeterprogramma’s voor het financieel beheer ingericht. Op Sint Maarten hebben deze in 2025 geleid tot de realisatie van een nieuw systeem dat de getrouwheid van de financiële administratie zal verbeteren. Op Aruba heeft de inrichting van het Steunpunt Interne Beheersing plaatsgevonden dat samen met de organisatie de voornaamste financiële werkprocessen heeft uitgewerkt en vastgesteld, zodat de uitvoering hiervan beter kan worden gecontroleerd en geborgd. Daarbij is nu ook op Aruba de achterstand bij het opstellen van de jaarrekeningen ingehaald. Ook op Curaçao is de totstandkoming van de jaarrekening verder verbeterd en zijn de verbetervoorstellen van de werkgroep Begroting meegenomen in de voorbereiding van de begroting 2026 en 2027.
Het bereiken en behouden van houdbare overheidsfinanciën is essentieel voor elk van de landen en hun burgers. Voor Sint Maarten en Curaçao is sinds 2010 de Rijkswet financieel toezicht van kracht, gegeven de financiële verbondenheid van de landen aan de Rijksbegroting in de vorm van leningen. Voor Aruba is dit nu nog geregeld in een landsverordening in combinatie met protocollen, maar is een Rijkswet in voorbereiding waarvoor in 2025 de (internet-)consultatie is afgerond. Artikel 5 van de begroting omvat de regelgeving ten aanzien van overheidsfinanciën en de leningen die aan de landen worden verstrekt. De Tweede Kamer is geïnformeerd over het eindrapport van de beleidsdoorlichting artikel 5 van hoofdstuk IV Koninkrijksrelaties (Kamerstukken II, 33 189, nr. 20). De kabinetsreactie is op 15 december 2025 aan uw Kamer toegezonden (Kamerstukken II, 2025-2026, 33 189, nr. 21). De opvolging daarvan is inmiddels begonnen. Doel daarvan is de effectiviteit van het beleid te vergroten en met de beleidsinstrumenten, de regelgeving en de leningen, de juiste randvoorwaarden te creëren voor een duurzame economische ontwikkeling van de landen.
Een nieuwe Belastingregeling Nederland Curaçao is tot stand gekomen. Daarmee voldoet Curaçao aan de internationale belastingnormen van de EU/OESO, waardoor het land niet langer op de ‘grijze lijst’ voorkomt. Op Sint Maarten is bijgedragen aan het versterken van de economische structuur door het ondersteunen van belastinghervormingen, een beter functionerende arbeidsmarkt, stroomlijnen van werk- en verblijfsvergunningprocessen en voorbereiden van maatregelen gericht op educatie en ondersteuning van micro-, small- en medium-sized enterprises (MSME).
Vergroten van de zelfredzaamheid
Wederopbouw
Nederland ondersteunt Sint Maarten financieel bij de wederopbouw (naar aanleiding van de orkaan Irma) met de inzet van de Wereldbank via een trustfonds en met technische assistentie. Momenteel worden acht projecten uitgevoerd. Ook zijn er vijf projecten afgerond en is er één project in voorbereiding. Het vliegveld, een belangrijke infrastructuurpijler voor de economie van Sint Maarten, is in november 2024 volledig heropend en het project is in 2025 succesvol afgerond. Daarnaast is er zichtbare voortgang bij de bouw van het nieuwe ziekenhuis. Ook hebben in 2025 zeventien lokale MKB-bedrijven leningen ontvangen onder het Enterprise Support Project (ESP), en is ook de laatste illegale bewoner bij de afvalberg geherhuisvest. Als laatste is ook aan de duurzame weerbaarheid van Sint Maarten gewerkt, bijvoorbeeld door de ondersteuning van het ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening, Milieu en Infrastructuur (VROMI) in het kader van de afvalprojecten van het trustfonds. Deze is in 2025 met een jaar verlengd omdat het vinden van extra mensen langer duurt dan verwacht.
Landspakketten
Hierboven werd al gerefereerd aan de bijdrage van de landspakketten aan het financieel beheer en de effectiviteit van de overheden van de Caribische landen; belangrijk voor zelfredzaamheid. Daarnaast ging er vanuit de landspakketten veel aandacht naar versterking van de economische structuur. Voor Aruba werkt de mededingingsautoriteit met ondersteuning aan regulering van water en energietarieven. Ook is begonnen met de oprichting van de Kansspelautoriteit. Op Curaçao zijn onder meer stappen gemaakt in het vernieuwen van het energiebeleid en in de herijking van het freezone-beleid. Op Sint Maarten is bijgedragen aan het versterken van de economische structuur door het ondersteunen van belastinghervormingen, een beter functionerende arbeidsmarkt, stroomlijnen van werk- en verblijfsvergunningprocessen en voorbereiden van maatregelen gericht op educatie en ondersteuning van het MKB. Er is in 2025 tevens een gezamenlijke conferentie met de vier landen gehouden, gericht op kennisuitwisseling en oplossingsrichtingen voor economische vraagstukken. Daar is onder meer besloten tot de oprichting van een samenwerkingsplatform, waarin de krachten worden gebundeld voor beleidsontwikkeling op specifieke aspecten van economische ontwikkeling.
Op het gebied van arbeidsmarkt en sociale zekerheid zijn op Aruba scenario’s met doorrekeningen uitgewerkt voor een nieuwe werkloosheidsregeling en zijn die voor de stelselwijzigingen op het gebied van arbeid en sociale zekerheid ook nagenoeg gereed. Verder is medio 2025 begonnen met de implementatie van aanbevelingen uit een peer review van de Arbeidsinspectie.
Op Sint Maarten is de wetgeving die inspectiediensten de bevoegdheid geeft om sancties toe te passen, in werking getreden. De verdere operationalisering daarvan loopt binnen de inspectiediensten. Op Curaçao zijn stappen gemaakt in de modernisering arbeidswetgevingen en de wetgeving arbeidsomstandigheden. Ook is een plan van aanpak opgesteld voor hervorming van een deel van de bijstandswetgeving
Op Aruba is een professionaliseringsaanbod beschikbaar gekomen ten behoeve van de doorontwikkeling van het onderwijspersoneel. Op Curaçao is gewerkt aan een digitaal systeem voor het verkrijgen van betere managementinformatie over de scholen en aan plannen om de basiskwaliteit van het onderwijs te verbeteren Op Sint Maarten is een lokale onderwijsconferentie gehouden gericht op het verbeteren van de aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt. De inzichten en aanbevelingen uit deze conferentie zijn verwerkt in plannen van aanpak voor de uitvoering van de uitkomsten van de onderwijsdoorlichting. Specifiek voor Curaçao is daarnaast wederom geïnvesteerd in onderhoud van schoolgebouwen. Een aantal scholen zijn inmiddels opgeknapt, onderhoud aan de overige scholen loopt nog.
Koninkrijksbrede opgaven
Crisisbeheersing- en paraatheid
In 2025 is de gezamenlijke crisisbeheersing binnen het Koninkrijk verder versterkt. In juni en november vond de 5e en 6e editie van de Week van de Crisisbeheersing plaats. Deze conferentie fungeert als een structureel platform voor oefenen, kennisdeling en netwerkvorming. Daarnaast heeft het ministerie van BZK bijgedragen aan de belangrijke volgende stap in de volwassenwording van het Caribbean Civil Protection Mechanism. Deze operationele samenwerking tussen de eilanden en Nederland heeft in 2025 de basis voor een beter georganiseerde en voorspelbare onderlinge bijstand versterkt.
Voedselzekerheid
Voedselzekerheid is op alle zes de Caribische eilanden in het Koninkrijk een belangrijk thema. De eilanden zijn in grote mate afhankelijk van voedselimport. Met name sinds de COVID-pandemie is het besef gegroeid dat deze afhankelijkheid, zeker voor verse producten als groente, fruit, zuivel, vis en vlees, kwetsbaar maakt. De geopolitieke ontwikkelingen maken import kostbaarder en meer risicovol. Bovendien is het geïmporteerd voedsel lang niet altijd vers en gezond. Om de zelfredzaamheid van de (ei)landen te vergroten is het dan ook essentieel om de voedselzekerheid te vergroten. In mei 2025 heeft het Nederlandse kabinet ingestemd met het voorstel om de voedselzekerheid in het Caribisch deel van het Koninkrijk structureel te versterken. Het beschikbare budget is gesplitst in een deel voor ondernemers (extern revolverend fonds via een nog op te richten stichting) en een deel voor overheden (de publieke pijler). Het op te richten fonds zal financiële diensten, waaronder diverse leningproducten, aan ondernemers op de zes Caribische eilanden in het Koninkrijk aanbieden. De procedure voor het oprichten van de stichting is officieel gestart in 2025. De publieke pijler bestaat uit directe subsidies en bijdragen aan lokale overheden, gericht op het ondersteunen van (beleids)initiatieven op het gebied van voedselzekerheid.
Slavernijverleden
Na publicatie van de subsidieregeling op 1 juli 2024 in de Staatscourant, is in de eerste helft van 2025 de regeling met de potentieel uitvoerder geoperationaliseerd en per 11 augustus 2025 in werking getreden (Stcrt. 2025, 22437). Ook is een formele meerjarige opdracht verstrekt voor de uitvoering van de subsidieregeling aan de unit Uitvoering van Beleid (UvB) van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW).
De specifieke maatregelen (c.q. toezeggingen) zijn door ieder (ei)land verwerkt in concrete projectplannen en opgenomen in de zogeheten actieagenda’s. De actieagenda’s zijn door de lokale overheden van Aruba, Curaçao, Bonaire, Saba, Sint Eustatius en Sint Maarten in de zomer van 2025 aangeboden aan het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en vervolgens beschikt in september 2025.
3.2 Realisatie periodieke rapportages/beleidsdoorlichtingen
Tabel 2 Realisatie afgeronde beleidsdoorlichtingen/periodieke rapportages
BD/PR
Thema
Artikel(en)
2019
2020
2021
2022
2023
2024
2025
Kamerstuk
BD
Versterken Rechtsstaat
1
X
Kamerstuk
BD
Slavernijverleden
2
PR
Bevorderen sociaaleconomische structuur
4
X
Kamerstuk
BD
Schuldsanering/lopende inschrijving/leningen
5
X
Kamerstuk
BD
Wederopbouw bovenwindse eilanden
8
X
Kamerstuk
Periodieke Rapportage over artikel 4 Bevorderen sociaaleconomische structuur
De Kamer heeft in februari 2026 de Periodieke Rapportage over artikel 4 ontvangen (Kamerstukken II 2025/26, 33189 IV, nr.22). In de aanbiedingsbrief is gemeld dat in de komende periode de uitkomsten van de Periodieke Rapportage nader bestudeerd worden. Eveneens zal deze worden besproken met betrokkenen, zoals de vakdepartementen in Den Haag en het bestuur in Caribisch Nederland en de Caribische Landen. Een nadere kabinetsreactie over de inhoud van deze Periodieke Rapportage volgt nog.
Voor het meest recente overzicht van de programmering van periodieke rapportages/beleidsdoorlichtingen, zie het overzicht Ingepland en uitgevoerd onderzoek op rijksfinancien.nl.
Voor de realisatie van deze en andere grote (evaluatie)onderzoeken, zie de bijlage ''Afgerond evaluatie- en overig onderzoek''.
3.3 Overzicht risicoregelingen Koninkrijksrelaties
Tabel 3 Overzicht verstrekte leningen (bedragen x 1.000) per 31 december 2025
Art.
Omschrijving
Uitstaande lening (in andere valuta)
Uitstaande lening (in €)
Looptijd lening
Totaalstand risicovoorziening 2025 (in €)
Totaalstand mutatie volume risicovoorziening 2025 en 2024(in €)
Totaal verstrekte lening
2.605.574
Artikel 5 Schuldsanering/lopende inschrijving/ leningen
2.570.456
Totaal leningen Curacao
1.444.695
Lening lopende inschrijving Curaçao 2,75%
0
0
15 jaar (2010-2025)
‒
‒
Lening lopende inschrijving Curaçao 2,875
XCG 370.000
147.540
20 jaar (2010-2030)
‒
‒
Lening lopende inschrijving Curaçao 3,0%
XCG 474.900
189.369
25 jaar (2010-2035)
‒
‒
Lening lopende inschrijving Curaçao 3,125%
XCG 582.391
232.231
30 jaar (2010-2040)
‒
‒
Lening lopende inschrijving Curaçao 2,75%
XCG 62.604
25.226
30 jaar (2013-2043)
‒
‒
Lening lopende inschrijving Curaçao 2,45%
XCG 247.036
103.186
30 jaar (2014-2044)
‒
‒
Lening lopende inschrijving Curaçao 1,6%
XCG 163.636
87.367
30 jaar (2015-2045)
‒
‒
Lening lopende inschrijving Curaçao 1,62%
XCG 33.296
17.997
30 jaar (2015-2045)
‒
‒
Lening lopende inschrijving Curaçao 1,0%
XCG 59.050
29.702
30 jaar (2016-2046)
‒
‒
Lening lopende inschrijving Curaçao 1,24%
XCG 60.000
28.448
30 jaar (2017-2047)
‒
‒
Lening lopende inschrijving Curaçao 0,92%
XCG 69.100
34.167
30 jaar (2019-2049)
‒
‒
Onderhandse lineaire lening 0,00%
XCG 65.600
32.792
15 jaar (2020-2035)
‒
‒
Lening ter afwikkeling Giro Bank
XCG 19.565
2.592
16 jaar (2021-2037)
‒
‒
Covidlening Curaçao 2,9%
XCG 842.162
414.271
20 jaar (2023-2043)
‒
‒
Lening lopende inschrijving Curaçao 3,6%
XCG 115.700
59.007
30 jaar (2025-2055)
‒
‒
Onderhandse lening Curaçao 3,62%
XCG 80.000
40.800
20 jaar (2025-2045)
‒
‒
Totaal leningen Sint Maarten
480.130
Lening lopende inschrijving Sint Maarten 2,625%
XCG 0
0
15 jaar (2010-2025)
Lening lopende inschrijving Sint Maarten 2,75 %
XCG 78.571
31.494
20 jaar (2010-2030)
‒
‒
Lening lopende inschrijving Sint Maarten 2,875%
XCG 50.000
20.042
25 jaar (2010-2035)
‒
‒
Lening lopende inschrijving Sint Maarten 3,0%
XCG 50.000
20.042
30 jaar (2010-2040)
‒
‒
Lening lopende inschrijving Sint Maarten 2,25%
XCG 58.652
24.765
15 jaar (2014-2029)
‒
‒
Lening lopende inschrijving Sint Maarten 2,375%
XCG 44.818
18.739
20 jaar (2014-2034)
‒
‒
Lening lopende inschrijving Sint Maarten 2,45%
XCG 39.526
16.510
30 jaar (2014-2044)
‒
‒
Lening lopende inschrijving Sint Maarten 1,8%
XCG 19.172
8.242
30 jaar (2014-2044)
‒
‒
Lening lopende inschrijving Sint Maarten 0,83%
XCG 10.129
4.531
25 jaar (2017-2032)
‒
‒
Lening lopende inschrijving Sint Maarten 0,74%
XCG 27.228
13.583
30 jaar (2019-2049)
‒
‒
Onderhandse lineaire lening Sint Maarten 0,00%
XCG 39.900
17.920
15 jaar (2020-2035)
‒
‒
Lening lopende inschrijving SXM 3,240% nov 10 2023-2043
XCG 55.920
29.507
20 jaar (2023-2043)
‒
‒
Lening lopende inschrijving Sint Maarten 2,43%
XCG 128.114
67.831
25 jaar (2024-2049)
‒
‒
Covidlening Sint Maarten 2,9%
XCG 316.400
153.986
30 jaar (2023-2053)
‒
‒
Lening lopende inschrijving Sint Maarten 3,532%
XCG 30.300
15.453
30 jaar (2025-2055)
‒
‒
Onderhandse lening Sint Maarten 3,62%
XCG 73500
37.485
20 jaar (2025-2045)
‒
‒
Totaal leningen Aruba
645.631
Lening Ontwikkelingsbank Nederlandse Antillen
‒
1.340
29 jaar (2001-2030)
‒
‒
Maatregel Tussenbalans begrotingslening Aruba 2,5%
‒
0
30 jaar (1993-2023)
‒
‒
Maatregel Tussenbalans begrotingslening Aruba 2,5%
‒
0
30 jaar (1994-2024)
‒
‒
Maatregel Tussenbalans begrotingslening Aruba 2,5%
‒
0
30 jaar (1995-2025)
‒
‒
Water en Energiebedrijf Aruba 2,5%
AWG 3.219
0
30 jaar (1995-2025)
‒
‒
Rentelastverlichting 2021 Aruba 2,64 %
AWG 151.800
71.702
7 jaar (2021-2028)
‒
‒
Rentelastverlichting 2022 Aruba 2,64 %
AWG 346.000
175.371
7 jaar (2022-2029)
‒
‒
Covidlening Aruba 6,9%
AWG 823.950
397.218
20 jaar (2023-2043)
‒
‒
Artikel 8 Wederopbouw Bovenwindse Eilanden
35.118
Totaal leningen Sint Maarten
35.118
Liquiditeitssteun Sint Maarten 0%
XCG 46.000
20.695
30 jaar (2018-2048)
‒
‒
Liquiditeitssteun Sint Maarten 0%
XCG 29.992
14.423
30 jaar (2018-2048)
‒
‒
Toelichting
De leningen aan de landen worden meestal afgesloten in Caribische guldens (XCG) en Arubaanse florin (AWG) en vastgelegd in de begroting in euro's. Deze vastlegging gebeurt op basis van de geldende koers op het moment van het aangaan van de lening (historische waarde).
Lopende inschrijving Curaçao en Sint Maarten
Onder de lopende inschrijving op grond van art. 16 Rft is ten behoeve van publieke investeringen aan Curaçao een lening verstrekt voor een bedrag van XCG 115,7 mln. met een looptijd van 30 jaar tegen 3,6% rente. Aan Sint Maarten is een lening verstrekt voor een leningbedrag van XCG 30,3 mln. met een looptijd van 30 jaar tegen 3,532% rente.
Herfinancieringen
Aan Curaçao is gedeeltelijke herfinanciering verstrekt van XCG 80 mln. van een eerdere lening uit 2010 en aan Sint Maarten is volledige herfinanciering verstrekt van XCG 73,5 mln. van een eerdere lening uit 2010, beide tegen een rentepercentage van 3,62%.
Liquiditeitslening Aruba
Conform de afspraken in het Bestuurlijk Akkoord van 4 juni 2024 is de rente op de lening aan Aruba verhoogd naar 6,9%.
3.4 Implementatie van mensenrechtenverdragen
Naar aanleiding van een advies van de Adviesraad Internationale Vraagstukken uit 2018 heeft de Rijksministerraad toegezegd de Staten-Generaal jaarlijks via de memorie van toelichting van de ontwerpbegroting te informeren over de voortgang van de uitvoering van mensenrechtenverdragen in het Koninkrijk (Kamerstukken II 2018/19, 33 826, nr. 29). Aangezien het jaarverslag een afspiegeling is van de ontwerpbegroting, wordt hier ook in het jaarverslag aandacht aan besteed.
Ten aanzien van deze implementatie vindt samenwerking plaats in een commissie bestaande uit vertegenwoordigers van de vier landen van het Koninkrijk. De betreffende commissie werkt met een lijst waarop zeven mensenrechtenverdragen zijn opgenomen die in een of meer (ei)landen van het Caribische deel van het Koninkrijk wachten op uitvoering. Na overleg tussen de Minister van Buitenlandse Zaken, de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de regeringen van Aruba, Curaçao en Sint Maarten is besloten om het traject ten behoeve van de implementatie van de zeven verdragen organisatorisch te integreren in het bredere traject van het Ministerie van Buitenlandse Zaken om de achterstanden in de medegelding van verdragen in te lopen. De voornoemde commissie onder verantwoordelijkheid van BZK richt zich op de bevordering van de implementatie van mensenrechtenverdragen in het Caribische deel van het Koninkrijk en de uitvoering van het traject ter aanzien van mensenrechtenverdragen (Kamerstukken II 2023/24, 23530, nr. 144).
In 2025 is er met name aandacht besteed aan de implementatie van twee mensenrechtenverdragen: het Verdrag van Istanbul inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld en het Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap. De landen hopen hier het komende jaar concrete stappen in te zetten. Wat precies nog verder aan uitvoering nodig is om de verdragen te kunnen ratificeren, verschilt per land. De uitvoering van een verdrag vergt maatwerk en het ene Caribische land is hier al verder mee dan het andere. Vertegenwoordigers van de vier landen van het Koninkrijk komen gedurende het jaar enkele keren samen om de voortgang en inspanningen voor de implementatie van de verdragen met elkaar te bespreken. Hierbij staat kennisdeling centraal.
De lijst met verdragen is op verschillende momenten reeds met de Tweede Kamer gedeeld, maar wordt volledigheidshalve hieronder geactualiseerd weergegeven.
Tabel 4 Schematisch overzicht mensenrechtenverdragen
Verdrag
Titel Nederlands
Totstandkoming
In werking
Koninkrijk
Ratificatie
In werking
Medegelding wenselijk
Uitvoeringswetgeving
000692
Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen
25-10-1980
1-12-1983
Aruba
Ja
Nodig
Curaçao
27-11-2023
1-2-2024
Ja
Niet nodig
Sint Maarten
Ja
Nodig
Nederland (Caribisch
18-10-2010
1-1-2011
Nederland (in Europa)
12-6-1990
1-9-1990
009290
Facultatief Protocol inzake de verkoop van kinderen, kinderprostitutie en kinderpornografie bij het Verdrag inzake de rechten van het kind
25-5-2000
18-1-2002
Aruba
17-10-2006
17-10-2006
Curaçao
20-9-2022
20-9-2022
Sint Maarten
Ja
Nodig
Nederland (Caribisch
11-10-2010
10-10-2010
Nederland (in Europa)
23-8-2005
23-9-2005
009949
Facultatief Protocol bij het Verdrag tegen foltering en andere wrede, onmenselijke of onterende behandeling of bestraffing
18-12-2002
22-6-2006
Aruba
Ja
Nodig
Curaçao
Ja
Nodig
Sint Maarten
Ja
Nodig
Nederland (Caribisch
Status onbekend
Nederland (in Europa)
28-9-2010
28-10-2010
011298
Verdrag van de Raad van Europa inzake bestrijding van mensenhandel
16-5-2005
1-2-2008
Aruba
23-1-2015
1-5-2015
Curaçao
8-11-2023
1-3-2024
Ja
Gereed
Sint Maarten
Ja
Nodig
Nederland (Caribisch
Status onbekend
Nederland (in Europa)
22-4-2010
1-8-2010
011595
Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap
13-12-2006
3-5-2008
Aruba
Beraden
Curaçao
Beraden
Sint Maarten
Beraden
Nederland (Caribisch
Ja
Nodig
Nederland (in Europa)
14-6-2016
14-7-2016
011563
Internationaal Verdrag inzake de bescherming van alle personen tegen gedwongen verdwijning
20-12-2006
23-12-2010
Aruba
21-12-2017
21-12-2017
Curaçao
Ja
Nodig
Sint Maarten
Ja
Nodig
Nederland (Caribisch
23-3-2011
22-4-2011
Nederland (in Europa)
23-3-2011
22-4-2011
012294
Verdrag van de Raad van Europa inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld
11-5-2011
1-8-2014
Aruba
Ja
Nodig
Curaçao
Ja
Nodig
Sint Maarten
Ja
Nodig
Nederland (Caribisch
Ja
Nodig
Nederland (in Europa)
18-11-2015
1-3-2016
3.5 Onderuitputting
Bij verantwoording over het jaar 2025 worden van de totale onderuitputting de grootste en/of belangrijkste meevallende realisaties apart toegelicht. De overige meevallende realisaties worden in de post «overige meevallers» toegelicht.
De posten met onderuitputting van groter dan € 1 mln. ten opzichte van de tweede suppletoire begroting 2025 zijn opgenomen in de tabel en worden onderstaand toegelicht.
Tabel 5 Grootste posten met onderuitputting in 2025 KR
x € 1000
Als percentage van de vastgestelde netto begroting 2025 (%)
Uitgaven
Lopende inschrijving en leningen Curaçao en Sint Maarten
‒ 17.262
3,7%
Wisselkoersverschillen
‒ 9.300
2,0%
Opdrachten Caribisch Nederland
‒ 3.930
0,8%
Overige materiële uitgaven
‒ 3.115
0,7%
Versterken bestuurs- en uitvoeringskracht
‒ 2.286
0,5%
Begrotingsreserve BMKB ACS
‒ 1.311
0,3%
Maatschappelijke initiatieven
‒ 1.067
0,2%
Ontvangsten
Meerontvangsten artikel 5
‒ 92.505
19,7%
Overig
Overig
‒ 369
0,1%
Totaal
‒ 131.145
28,0%
Toelichting
Lopende inschrijving en leningen Curaçao en Sint Maarten
Nederland heeft een lening verstrekt aan Curaçao ter financiering van investeringen op basis van de in de Rijkswet financieel toezicht opgenomen zogenaamde lopende inschrijving. Deze lening is lager dan eerder door Curaçao is aangevraagd.
Wisselkoersverschillen
De onderschrijding op de uitgaven wordt veroorzaakt door een meevaller op de wisselkoers van circa € 9,3 mln.
Opdrachten Caribisch Nederland
Verder zijn er in 2025 minder opdrachten verstrekt dan eerder vanuit werd gegaan.
Overige materiële uitgaven
De onderschrijding op de uitgaven wordt veroorzaakt doordat enkele materiële trajecten vertraging hebben opgelopen in 2025.
Versterken bestuurs- en uitvoeringskracht
De onderschrijding van de uitgaven komt doordat het pand waarin de Vertegenwoordiging op Curaçao (VNACS) is gehuisvest, niet in 2025 is aangekocht.
Begrotingsreserve BMKB ACS
De onderschrijding op de uitgaven komt doordat de risicoreserve voor de Borgstelling MKB-kredieten (BMKB) Aruba, Curaçao en Sint Maarten per abuis niet in de begrotingsreserve is gestort (€ 1,3 mln.)
Maatschappelijke initiatieven
De onderschrijding op de uitgaven wordt veroorzaakt door minder subdidieaanvragen dan eerder begroot waren. Het uitwerken van de subsidieregeling heeft veel tijd gekost. Medio 2025 is pas het eerste loket voor aanvragen opengegaan.
Meerontvangsten artikel 5
Door een technische fout is de raming van de renteontvangsten niet correct verwerkt in de begroting. Daarnaast heeft Curaçao incidenteel extra afgelost op de leningen. Om deze reden zijn de ontvangsten in 2025 € 92,5 mln. hoger dan eerder geraamd.
BES-fonds
Tabel 6 Grootste posten met onderuitputting in 2025 BES-fonds
x € 1000
Als percentage van de vastgestelde begroting 2025 (%)
Uitgaven
Wisselkoersverschillen
‒ 4.980
5,6%
Totaal
‒ 4.980
5,6%
Toelichting
Wisselkoersverschillen
De onderschrijding op de uitgaven wordt veroorzaakt door een meevaller op de wisselkoers van circa € 5,0 mln.
4. Beleidsartikelen Koninkrijksrelaties
4.1 Artikel 1. Versterken rechtsstaat
A. Algemene doelstelling
Het bevorderen van goed bestuur door een bijdrage te leveren aan het versterken van de rechtsstaat van de landen Aruba, Curaçao en Sint Maarten. Dit krijgt vorm door samenwerking op het gebied van veiligheid, rechtshandhaving, grensbewaking en mensenrechten en door ondersteuning van de landen Aruba, Curaçao en Sint Maarten.
B. Rol en verantwoordelijkheid
De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) is verantwoordelijk voor:
Stimuleren
Rechtshandhaving en veiligheid zijn aangelegenheden van de landen van het Koninkrijk. De minister stimuleert de versterking van de rechtsstaat in Aruba, Curaçao en Sint Maarten. Dit doet de minister door de landen te ondersteunen en invulling en uitvoering te geven aan protocollen, samenwerkingsregelingen en rijkswetten. Daarbij werkt de minister nauw samen met de betrokken bewindspersonen van de ministeries van Justitie en Veiligheid, Financiën en Defensie, die de operationele capaciteit voor de ondersteuning en versterking leveren.
Deze ondersteuning komt voort uit artikel 36 van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden waarin is bepaald dat de landen binnen het Koninkrijk elkaar hulp en bijstand verlenen, en komt tot stand door het treffen van onderlinge regelingen op grond van artikel 38, eerste lid, van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden.
C. Beleidsconclusies
Bestrijding ondermijning
In 2025 ontvingen het recherchesamenwerkingsteam (RST), Parket Procureur-Generaal van Curaçao, Sint Maarten, Bonaire, Sint Eustatius en Saba (PPG), het Openbaar Ministerie op Aruba (OM) en het Gemeenschappelijk Hof van Justitie (Hof) via een ingroeimodel de jaarlijkse extra gelden die zijn vrijgekomen naar aanleiding van het sluiten van de landspakketten (Kamerstukken II 2019/20, 35420, nr. 177 en nr. 186). De KMar zet zich maximaal in om de gemaakte afspraken hierover na te komen.
Integriteit en maatschappelijk middenveld
Om ondermijning preventief aan te pakken is door het Justitieel Vierpartijen Overleg (JVO) de werkgroep Bestuurlijke Aanpak van Ondermijning ingesteld. Jaarlijks stelt het ministerie van BZK hiervoor € 1 mln. ter beschikking. Daarnaast is ingezet op de bevordering van de democratische rechtsstaat, mede door het organiseren van de derde Integrity Summit Dutch Caribbean. Tot slot heeft BZK in 2025 gewerkt aan de versterking van het maatschappelijk middenveld. Er zijn in het kader van een pilot 11 verschillende grotere projecten ondersteund op Aruba, Curaçao en Sint Maarten. Deze projecten versterken de rechtsstaat, bijvoorbeeld door de ondersteuning van projecten gericht op media, burgerschap en weerbaarheid. Daarnaast zijn er vanuit het Kleine Projecten Fonds van VNACS ruim 80 kleine subsidies verleend aan een breed palet van sociaal maatschappelijke initiatieven in de drie landen.
Grenstoezicht
Om uitvoering te geven aan het protocol inzake de versterking grenstoezicht in de Caribische landen werken de landen aan de implementatie van de plannen van aanpak. Op het vlak van de multidisciplinaire samenwerking tussen de lokale grensdiensten evenals de samenwerking met de Koninklijke Marechaussee (KMar) en Douane Nederland kent de uitvoering van de plannen van aanpak vooruitgang. De Douane en KMar hebben ook in 2025 hun personele bijdrage geleverd in Aruba, Curaçao en Sint Maarten. Vanwege het beperkte absorptievermogen bij de lokale diensten ten behoeve van twinning en opleidingen en beperkte capaciteit bij de KMar hebben nog niet alle plaatsingen en uitzendingen plaatsgevonden. De KMar zet zich maximaal in om de gemaakte afspraken na te komen en verwacht begin 2026 nagenoeg alle fte ingevuld te hebben.
Detentie Sint Maarten
In 2025 is de resterende bevoorschotting verstrekt aan de National Recovery Program Bureau (NRPB), een ZBO van het land Sint Maarten, van de bijdragen om een programmamanager en -team aan te trekken voor de systematische uitvoering van het Plan van Aanpak 2018 en het herstellen van de politiecellen in Philipsburg.
D. Budgettaire gevolgen van beleid
Tabel 7 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 1. Versterken rechtsstaat (bedragen x € 1.000)
Realisatie
Vastgestelde begroting
Verschil
2021
2022
2023
2024
2025
2025
2025
Art.
Verplichtingen
20.321
32.741
9.172
33.095
16.916
70.506
‒ 53.590
Uitgaven
20.186
32.418
14.559
33.893
17.447
70.506
‒ 53.059
1.0
Versterken rechtsstaat
20.186
32.418
14.559
33.893
17.447
70.506
‒ 53.059
Subsidies (regelingen)
0
1.000
0
23
29
0
29
Detentie - Algemeen
0
1.000
0
23
0
0
0
Bestuurlijke aanpak
0
0
0
0
29
0
29
Opdrachten
35
275
75
186
92
0
92
Detentie - Algemeen
0
107
0
0
0
0
0
Diverse opdrachten
35
168
75
186
92
0
92
Bijdrage aan ZBO's/RWT's
0
0
185
1.105
485
1.180
‒ 695
Detentie - Algemeen
0
0
185
1.105
485
1.180
‒ 695
Bijdrage aan medeoverheden
8.000
14.300
743
887
1.517
1.102
415
Overige bijstand aan de landen
8.000
14.300
0
499
393
0
393
Bestuurlijke aanpak
0
0
743
388
1.124
1.102
22
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties
0
3.741
0
17.050
0
0
0
Detentie - Vastgoed
0
3.741
0
17.050
0
0
0
Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken
12.151
13.102
13.556
14.642
15.324
68.224
‒ 52.900
Grensbewaking (Defensie)
6.467
6.673
6.673
7.464
8.215
31.761
‒ 23.546
Recherchecapaciteit (JenV)
0
0
0
9
29
18.531
‒ 18.502
Rechterlijke macht (JenV)
5.684
6.429
6.883
7.169
7.080
12.805
‒ 5.725
Douane (Financiën)
0
0
0
0
0
5.127
‒ 5.127
Ontvangsten
0
4.000
0
0
0
0
0
E. Toelichting op de instrumenten
Uitgaven
Opdrachten
Bijdrage aan ZBO's/RWT's
Detentie - Algemeen
Voor het doorontwikkelen van het gevangeniswezen van Sint Maarten zijn er in 2023 twee bijdragen verstrekt aan de National Recovery Program Bureau (NRPB). Eén daarvan is bestemd voor het herstellen van de politiecellen in Philipsburg, zodat deze in lijn kunnen worden gebracht met de standaarden van het Europees Comité voor de Preventie van Foltering en Onmenselijke of Vernederende Behandeling of Bestraffing (CPT) die in 2023 een rapport uitbracht over het Koninkrijk der Nederlanden. De ander is voor de doorontwikkeling van het Plan van Aanpak 2018 voor detentie; het aantrekken en vervolgens financieren van een programmamanager en -team voor de uitvoering van het plan van aanpak. De resterende bevoorschotting voor deze bijdragen is in 2025 overgeboekt naar de NRPB.
Bijdrage aan medeoverheden
Bestuurlijke aanpak
Jaarlijks stelt het ministerie van BZK € 1,0 mln. ter beschikking voor de bestuurlijke aanpak van ondermijning in de Caribische landen. Dit gaat onder andere om het opstellen van ondermijningsbeelden, de inhuur van wervingscapaciteit en het volgen van opleidingen. Daarnaast heeft er in 2025 een conferentie plaatsgevonden gericht op de kennis en implementatie van Bibob-wetgeving.
Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken
Grensbewaking (Defensie)
In het kader van de versterking van het grenstoezicht is bij eerste suppletoire begroting € 21,2 mln. overgeboekt naar het ministerie van Defensie voor de inzet KMar. Deze inzet vindt plaats onder het Protocol inzake de inzet van personeel vanuit de flexibel inzetbare pool Koninklijke Marechaussee. Daarnaast is een deel van de inzet KMar flexpool, € 8,2 mln., via facturatie met het ministerie van Defensie gelopen. Hierdoor is circa € 0,3 mln. meer uitgegeven. Omdat de middelen voor grensbewaking naar het ministerie van Defensie zijn overgeboekt, staan deze niet als uitgaven binnen BZK geregistreerd. Daardoor valt de realisatie bij BZK lager uit.
Recherchecapaciteit (JenV)
Zoals vastgelegd in de Rijkswet politie van Curaçao, van Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba en het Protocol inzake gespecialiseerde Recherchesamenwerking heeft het Recherche Samenwerkingsteam (RST) in 2025 uitvoering gegeven aan de bestrijding van zware, georganiseerde en grensoverschrijdende criminaliteit. Daarnaast heeft het RST de afhandeling van internationale rechtshulpverzoeken op dit gebied verricht. In het Convenant Financieringssystematiek recherchesamenwerkingsteam is opgenomen dat het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties de politieke verantwoordelijkheid behoudt voor het beschikbaar stellen van de middelen. Er is € 14,3 mln. overgeboekt met de eerste suppletoire begroting 2025 naar het ministerie van Justitie en Veiligheid. Hierdoor is de realisatie bij BZK lager. Tevens is bij eerste suppletoire begroting € 3 mln. van het Recherche budget toegevoegd aan de rechterlijke macht, namelijk OM en Hof. Dit omdat de nadruk binnen de keten meer zal liggen bij de inzet van deze diensten.
Rechterlijke macht (JenV)
In de vastgestelde begroting voor 2025 was € 12,8 mln. begroot voor de rechterlijke macht. Het RST, Openbaar Ministeries (OM) en Gemeenschappelijk Hof (Hof) werken binnen de rechtshandhavingsketen gezamenlijk aan de aanpak van ondermijnende criminaliteit. Voor 2025 is afgesproken dat de nadruk binnen de keten meer zou komen te liggen bij de inzet van het OM en Hof. Daartoe is bij de eerste suppletoire begroting € 3 mln. van het RST budget toegevoegd aan de rechterlijke macht. Tevens is bij eerste suppletoire begroting € 8 mln. overgeboekt naar het ministerie van Justitie en Veiligheid ten behoeve van drie organisaties binnen de ondermijningsaanpak, te weten het OM van Curaçao, Sint Maarten en de BES, het OM van Aruba en het Gemeenschappelijk Hof van Justitie. Gedurende het jaar is nog circa € 7 mln. uitgegeven aan uitzendkosten voor Gemeenschappelijk Hof en Openbaar Ministeries.
Douane (Financiën)
In het kader van het Protocol inzake de Versterking grenstoezicht in de Caribische landen van het Koninkrijk heeft BZK ook in 2025 betalingen verricht voor de uitzending van Douanepersoneel naar de landen. Omdat de middelen voor de douane naar het ministerie van Financiën zijn overgeboekt, staan deze niet als uitgaven binnen BZK geregistreerd. Bij de tweede suppletoire begroting is € 4,5 mln. hiertoe overgeboekt.
4.2 Artikel 2. Slavernijverleden
A. Algemene doelstelling
De middelen die naar aanleiding van de excuses beschikbaar zijn gesteld, zijn onder andere gericht op kennis en bewustwording, erkenning, herdenking en de doorwerking van het trans-Atlantisch slavernijverleden. Uitgangspunten voor de invulling hiervan zijn: (1) navolgbaarheid en inzichtelijkheid en (2) programmering en bestemming van deze middelen vindt in samenspraak met betrokkenen uit Aruba, Bonaire, Curaçao, Saba, Sint Eustatius en Sint Maarten plaats.
B. Rol en verantwoordelijkheid
De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) is verantwoordelijk voor:
Regisseren
– De minister van BZK coördineert het traject van de opvolging van de excuses voor het Caribisch deel van het Koninkrijk.
Uitvoeren
– De minister van BZK geeft uitvoering aan een subsidieregeling, waarmee maatschappelijke initiatieven een impuls kunnen geven aan onder andere meer kennis van en bewustwording over het trans-Atlantisch slavernijverleden in en voor het Caribisch deel van het Koninkrijk.
– Er wordt uitvoering gegeven aan maatregelen voor bewustwording, betrokkenheid en doorwerking, waarmee concreet invulling wordt gegeven aan de op 19 december 2022 gedane toezeggingen (Kamerstukken II 2022/2023, 36284 nr. 1).
C. Beleidsconclusies
Na publicatie van de subsidieregeling op 1 juli 2024 in de Staatscourant is tot en met de eerste helft van 2025 de regeling met de potentieel uitvoerder geoperationaliseerd en per 11 augustus 2025 in werking getreden (Stcrt. 2025, 22437). Ook is een formele opdracht verstrekt voor de uitvoering van de subsidieregeling.
De specifieke maatregelen zijn door ieder (ei)land verwerkt in lokale actieagenda’s van de lokale overheden. De (ei)landelijke actieagenda’s zijn afgelopen zomer door de overheden van Aruba, Curaçao, Bonaire, Saba, Sint Eustatius en Sint Maarten aan het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties aangeboden en de voorschotten zijn verstrekt in september jl.
D. Budgettaire gevolgen van beleid
Tabel 8 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 2 Slavernijverleden (bedragen x € 1.000)
Realisatie
Vastgestelde begroting
Verschil
2021
2022
2023
2024
2025
2025
2025
Art.
Verplichtingen
0
0
0
0
34.112
26.999
7.113
Uitgaven
0
0
0
0
6.562
26.999
‒ 20.437
2.0
Slavernijverleden
0
0
0
0
6.562
26.999
‒ 20.437
Subsidies (regelingen)
0
0
0
0
187
6.666
‒ 6.479
Maatschappelijke initiatieven
0
0
0
0
187
6.666
‒ 6.479
Bijdrage aan medeoverheden
0
0
0
0
6.375
20.333
‒ 13.958
Maatregelen bewustwording, betrokkenheid en doorwerking slavernijverleden
0
0
0
0
6.375
20.333
‒ 13.958
Ontvangsten
0
0
0
0
0
0
0
E. Toelichting op de instrumenten
Subsidies
Maatschappelijke initiatieven
Dit betreffen uitgaven om invulling te geven aan de subsidieregeling voor maatschappelijke initiatieven trans-Atlantisch slavernijverleden voor Aruba, Bonaire, Curaçao, Saba, Sint Eustatius en Sint Maarten en de bijbehorende uitvoeringskosten. Het gaat om circa € 33,3 mln., verdeeld over de jaren 2025 tot en met 2029. Bij de Voorjaarsnota heeft een kasschuif plaatsgevonden van € 4,3 mln. naar 2026 (€ 2,1 mln.) en 2027 (€ 2,2 mln.). Dit omdat het eerste subisdietijdvak pas medio 2025 is opengesteld. Bij de augustusbesluitvorming is een kasschuif van € 0,5 mln. gedaan omdat de uitvoeringskosten in 2025 lager uit zijn gevallen dan aanvankelijk begroot. In 2025 zijn zoals gemeld de eerste aanvraagtijdvakken open gegaan en is er voor circa € 0,2 mln. beschikt. Ook zijn de uitvoeringskosten voor zowel de operationalisering van de subsidieregeling als de eerste uitvoeringsactiviteiten bij de aanvraagtijdvakken gemaakt; dit voor circa € 0,5 mln. Het bedrag voor de uitvoeringskosten is overgeboekt naar het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.
Bijdrage aan medeoverheden
Maatregelen voor bewustwording, betrokkenheid en doorwerking
Dit betreft uitgaven voor onder andere bewustwording, betrokkenheid en doorwerking van slavernijverleden voor de Caribische delen van het Koninkrijk. In de kabinetsreactie van 19 december 2022 zijn toezeggingen gedaan aan ieder (ei)land. Op basis van de gemaakte toezeggingen hebben Aruba, Bonaire, Curaçao, Saba, Sint Eustatius en Sint Maarten concrete projectvoorstellen opgesteld en verwerkt in een actieagenda. Deze actieagenda’s zijn afgelopen zomer aan het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties aangeboden en in september jl. zijn de voorschotten verstrekt. Het gaat om circa € 33,3 mln., verdeeld over de jaren 2025 tot en met 2029. Omdat in 2025 alleen de opstartfase van alle projecten plaatsvindt heeft een kasschuif plaatsgevonden van € 14,4 mln. naar 2026 (€ 10 mln.) en 2027 (€ 4,4 mln.). In 2025 is circa € 6,3 mln. uitgegeven voor de opstartfase van alle projecten.
4.3 Artikel 4. Bevorderen sociaaleconomische structuur
A. Algemene doelstelling
Het bewerkstelligen van een merkbare positieve verandering in het leven van de burgers in het Caribische deel van het Koninkrijk door de bestuurlijke en de financieel- en sociaaleconomische weerbaarheid van de Landen en Caribisch Nederland te versterken. Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) draagt daaraan bij middels het versterken van de uitvoeringskracht, het inzetten van kennis en expertise en het coördineren van de inzet van het Rijk.
B. Rol en verantwoordelijkheid
De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is verantwoordelijk voor:
Stimuleren
– De minister ondersteunt waar gewenst en mogelijk de Caribische delen van het Koninkrijk bij de uitvoering van taken door middel van technische assistentie en het delen van kennis.
– De minister ondersteunt waar gewenst en mogelijk de Caribische delen van het Koninkrijk bij de uitvoering van taken door middel van praktische samenwerking en het opzetten van samenwerkingsovereenkomsten.
– De minister ondersteunt via de Tijdelijke Werkorganisatie (TWO) hervormingsmaatregelen op diverse gebieden, met betrekking tot de sociaal-economische structuur, zoals de arbeidsmarkt, zorg, onderwijs en veiligheid.
Regisseren
– De minister coördineert de rijksbrede inzet in Caribisch Nederland en bevordert de integrale samenwerking.
– De minister is verantwoordelijk voor het bevorderen van goed bestuur in Caribisch Nederland.
– De minister geeft invulling aan zijn taken zoals omschreven in de Rijkswet financieel toezicht Curaçao en Sint Maarten (Rft), Landsverordening Aruba financieel toezicht (LAft), het protocol Afspraken tussen de regeringen van Aruba en Nederland over de openbare financiën van Aruba en het protocol Aruba-Nederland 2019-https://wetten.overheid.nl/BWBR0028151/2023-01-012021.
– De minister houdt financieel toezicht op de openbare lichamen op basis van de Wet financiën openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba (FinBES).
– De minister ondersteunt de Landen bij het uitvoeren van de Landspakketten. De Landspakketten worden gemonitord via de uitvoeringsagenda's en uitvoeringsrapportages die periodiek gezamenlijk worden opgesteld.
C. Beleidsconclusies
Onderlinge Regeling Samenwerking bij Hervormingen
Op 4 april 2023 is de Onderlinge Regeling ‘Samenwerking bij hervormingen’ ondertekend door de staatsecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de minister-presidenten van Aruba, Curaçao en Sint Maarten. Deze Onderlinge Regeling vormt de juridische basis voor samenwerking bij implementatie van de hervormingen uit de Landspakketten. In 2025 is een onafhankelijke commissie ingesteld voor een evaluatie van de doeltreffendheid en doelmatigheid van de Onderlinge Regeling, waarvan het verslag in 2026 wordt verstrekt aan de Tweede Kamer en de Staten van de Caribische Landen.
D. Budgettaire gevolgen van beleid
Tabel 9 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 4. Bevorderen sociaaleconomische structuur (bedragen x € 1.000)
Realisatie
Vastgestelde begroting
Verschil
2021
2022
2023
2024
2025
2025
2025
Art.
Verplichtingen
51.920
81.410
63.860
31.585
97.724
99.952
‒ 2.228
Uitgaven
53.280
76.265
44.255
30.876
76.588
100.746
‒ 24.158
4.1
Curaçao, Sint Maarten en Aruba
39.249
57.089
25.040
19.048
23.264
46.796
‒ 23.532
Subsidies (regelingen)
31.534
2.190
15.156
12.649
18.138
33.670
‒ 15.532
Diverse subsidies
574
0
2.562
981
375
250
125
Noodpakketten
29.897
2.138
0
0
0
0
0
Tijdelijke Werkorganisatie/ NRPB
1.063
0
0
0
0
0
0
Tijdelijke Werkorganisatie (TWO)
0
52
5.784
8.865
11.556
22.754
‒ 11.198
Onderwijshuisvesting Curaçao
0
0
6.810
2.803
6.207
10.666
‒ 4.459
Opdrachten
657
3.815
2.672
2.543
2.046
5.604
‒ 3.558
Opdrachten landen
657
129
38
269
133
604
‒ 471
Tijdelijke Werkorganisatie (TWO)
0
3.686
2.634
2.274
1.913
5.000
‒ 3.087
Inkomensoverdrachten
1.450
1.016
854
892
714
5.268
‒ 4.554
Toeslagen op pensioenen NA
1.450
1.016
854
892
714
5.268
‒ 4.554
Bijdrage aan medeoverheden
5.487
49.947
6.082
2.476
2.083
2.000
83
Bijdrage landen
5.487
23.129
0
120
29
0
29
Onderwijshuisvesting Curaçao
0
9.956
0
402
0
0
0
Tijdelijke Werkorganisatie (TWO)
0
16.862
6.082
1.954
2.054
2.000
54
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties
121
121
276
488
283
254
29
Diverse bijdragen
121
121
276
488
283
254
29
4.2
Caribisch Nederland
14.031
19.176
19.215
11.828
53.315
47.950
5.365
Subsidies (regelingen)
3.558
2.090
2.328
3.669
4.050
846
3.204
Subsidies Caribisch Nederland
507
2.090
2.328
3.669
4.050
846
3.204
Bonaire International Airport
3.051
0
0
0
0
0
0
Opdrachten
786
612
1.475
978
956
2.350
‒ 1.394
Versterken bestuurs- en uitvoeringskracht
786
612
1.250
618
764
1.758
‒ 994
Opdrachten Caribisch Nederland
0
0
225
360
192
592
‒ 400
Inkomensoverdrachten
2.138
3.135
2.584
1.632
1.706
1.349
357
Pensioenen en uitkeringen politieke ambtsdragers
2.138
3.135
2.584
1.632
1.706
1.349
357
Bijdrage aan ZBO's/RWT's
0
0
0
32
161
0
161
Caribisch Nederland
0
0
0
32
161
0
161
Bijdrage aan medeoverheden
7.549
13.339
11.960
5.479
45.846
43.405
2.441
Sociaaleconomische initiatieven
0
0
0
0
34.000
34.000
0
Versterken bestuurs- en uitvoeringskracht
7.549
13.339
11.960
5.479
11.846
9.405
2.441
Bijdrage aan agentschappen
0
0
868
38
596
0
596
Versterken bestuurs- en uitvoeringskracht
0
0
868
38
596
0
596
4.3
Stimuleringsregelingen
0
0
0
0
9
6.000
‒ 5.991
Subsidies (regelingen)
0
0
0
0
9
6.000
‒ 5.991
Voedselzekerheid
0
0
0
0
9
6.000
‒ 5.991
Ontvangsten
804
8.336
648
1.824
1.289
0
1.289
E. Toelichting op de instrumenten
Uitgaven
4.1 Curaçao, Sint Maarten en Aruba
Subsidies (regelingen)
Tijdelijke Werkorganisatie (TWO)
Voor de uitvoering van de maatregelen en hervormingen in de Landspakketten in het kader van de Onderlinge Regeling «Samenwerking bij Hervormingen» is aan Aruba, Curaçao en Sint Maarten in 2025 ongeveer € 11,6 mln. aan subsidies beschikbaar gesteld. Hieronder vallen bijvoorbeeld uitgaven voor de organisatorische transformatie van de belastingdienst op Sint Maarten (€ 0,9 mln.) en een subsidie voor de implementatie van het Three Lines of Defence model, de verbeterde financiële werkprocessen en de inrichting van de Control Support Hub om het financieel beheer van Aruba te verbeteren (€ 1,1 mln.). Mede vanwege vertraging in de uitvoering van projecten en een gebrek aan capaciteit op de landen, is hierop minder uitgegeven dan begroot.
Onderwijshuisvesting Curaçao
In het kader van het programma onderhoud scholen Curaçao, dat onderdeel is van het Landspakket Curaçao, heeft Nederland in totaal meerjarig € 30 mln. beschikbaar gesteld. In 2025 is hiervan € 6,2 mln. betaald aan het ministerie van Onderwijs, Wetenschap, Cultuur en Sport van Curaçao als onderdeel van de financiering van de tweede en derde tranche scholen. Dit project heeft enige vertraging opgelopen bij het aanbestedigingsproces. Daarnaast was de staat van de huisvesting bij een aantal scholen slechter dan verwacht. Hierdoor waren aanpassingen noodzakelijk, waardoor het project verder werd vertraagd. Dit tezamen heeft ervoor gezorgd dat een gedeelte van het begrote bedrag nog niet is uitgegeven.
Opdrachten
Tijdelijke werkorganisatie (TWO)
Omdat TWO bij de invulling van de Onderlinge Regeling meer werkt met subsidies dan met opdrachten (zoals oorspronkelijk geraamd), is het bedrag van opdrachten substantieel afgenomen naar € 1,9 mln. Onder meer is een start gemaakt met het opstellen van een dividend- en deelnemingsbeleid (€ 0,2 mln.).
Inkomensoverdrachten
Toeslagen op pensioenen NA
Conform de regeling vaste verrekenkoers pensioeninkomen voormalig Nederlands-Antilliaans (NA) en Arubaanse pensioengerechtigden zijn koersverschillen tussen de Nederlands-Antilliaanse gulden (ANG) en Arubaanse florin (AWG) enerzijds en de Euro (€) gecompenseerd. Het aantal pensioengerechtigden is met de jaren afgenomen. Om deze reden heeft er met de Voorjaarsnota een ramingsbijstelling plaatsgevonden (€ 4,0 mln.). Dit is de voornaamste oorzaak van het verschil tussen de begroting en de realisatie.
Medeoverheden
Tijdelijke Werkorganisatie (TWO)
In 2025 is circa € 2,1 mln. besteed aan bijdragen in het kader van de Landspakketten. Zo ging ook dit jaar geld naar het inhalen van achterstanden van de Arubaanse Belastingdienst (€ 0,6 mln.), en ontving ICTU € 0,8 mln. voor werkzaamheden voor de overheden van Curaçao, Aruba en Sint Maarten.
4.2 Caribisch Nederland
Subsidies (regelingen)
Subsidies Caribisch Nederland
In 2025 zijn diverse bijdragen gedaan ten behoeve van Caribisch Nederland waaronder de versterking van de VTH BES-eilanden voor circa € 1,0 mln., een bijdrage voor de afvalstortplaats Bonaire (Selibon) € 1,5 mln., voedselbank Bonaire circa € 0,2 mln. en het Caribische uitwisselingsnetwerk circa € 0,4 mln.
Bijdrage aan medeoverheden
Versterken bestuurs- en uitvoeringskracht
De middelen voor het versterken van de bestuurs- en uitvoeringskracht van de openbare lichamen zijn in voorgaande jaren grotendeels overgeheveld naar het BES-fonds en als vrij besteedbare middelen aan de openbare lichamen verstrekt. Ook is binnen dit instrument een bijzondere uitkering verstrekt van € 1,9 mln. aan Sint Eustatius voor onderhoud aan historische panden. Daarnaast is in 2025 de tweede tranche van circa € 7,4 mln. beschikbaar gesteld aan het openbaar lichaam van Sint Eustatius voor herstelwerkzaamheden aan de klif. Eerder was in 2024 besloten de werkzaamheden aan de klif op te schorten vanwege achterblijvende voortgang op verschillende natuur- en erosieprojecten op het eiland, in het bijzonder de aanpak van loslopend vee. Omdat er weer voldoende vooruitgang is geboekt zijn in 2025 de werkzaamheden aan het klifproject weer hervat.
Sociaal-economische initiatieven
In 2025 is uitvoering gegeven aan investeringen die gericht zijn op het versterken van de sociaal-economische structuur van Caribisch Nederland. Voor de verbetering van de maritieme bereikbaarheid en de economische zelfstandigheid van Saba is in 2025 € 30 mln. beschikbaar gesteld voor de aanleg en ontwikkeling van de haven van Saba. Verder is in het licht van de aanhoudende groei van Bonaire geïnvesteerd in de kwaliteit en toekomstbestendigheid van het wegennet. Hiervoor is in de periode 2025–2028 € 16 mln. beschikbaar gesteld, waarvan in 2025 de eerste middelen ter hoogte van € 4 mln. zijn overgemaakt naar Bonaire.
Bijdrage aan agentschappen
Versterken bestuurs- en uitvoeringskracht
Dit betreffen voor het grootste gedeelte uitgaven aan de notaris voor de aankoop van een aantal panden op Sint Eustatius. Dit in het kader van de teruggave van de panden aan Sint Eustatius die bij de ontmanteling van de Antillen op 10 oktober 2010 eigendom zijn geworden van de Staat der Nederlanden. Daarnaast zijn de begrote uitgaven voor de aankoop van het monumentale pand van de Vertegenwoordiging op Curaçao niet tot besteding gekomen (€ 2 mln.).
4.3 Stimuleringsregelingen
Subsidies (regelingen)
Voedselzekerheid
In 2025 is er € 24 mln. beschikbaar gesteld om de voedselzekerheid op de Caribische delen van het Koninkrijk te vergroten, voor de periode 2025-2028. Bij de Voorjaarsnota heeft een kasschuif plaatsgevonden van 2025 (€ 5,2 mln.) naar de jaren 2026 tot en met 2028 omdat het revolverend fonds in 2026 operationeel wordt.
4.4 Artikel 5. Schuldsanering/lopende inschrijving/leningen
A. Algemene doelstelling
Houdbare overheidsfinanciën worden gezien als belangrijke randvoorwaarde voor een gezonde economische ontwikkeling in Aruba, Curaçao en Sint Maarten. Het verbeteren van het financieel beheer is een tweede doelstelling van het beleid. Het bereiken en borgen van houdbare overheidsfinanciën van de toenmalige eilandgebieden Curaçao en Sint Maarten is in 2010 ondersteund door de kwijtschelding van een deel en herfinanciering van het overige deel van de schulden van Curaçao en Sint Maarten en het land Nederlandse Antillen. Dit werd vastgelegd in de bestuurlijke afspraken die zijn gemaakt in de aanloop naar de nieuwe staatkundige verhoudingen per 10 oktober 2010. Op grond van de Rijkswet financieel toezicht Curaçao en Sint Maarten wordt door middel van uitoefening van financieel toezicht door de RMR en door de lopende inschrijving door Nederland op de financiering van investeringen van Curaçao en Sint Maarten de houdbaarheid bevorderd. Voor Aruba is het financieel toezicht door de RMR geregeld in de Landsverordening Aruba financieel toezicht.
B. Rol en verantwoordelijkheid
Gelet op de autonomie hebben de landen hun eigen verantwoordelijkheid voor de houdbaarheid van de overheidsfinanciën. Daarnaast draagt het financieel toezicht op Curaçao en Sint Maarten op grond van de Rijkswet financieel toezicht Curaçao en Sint Maarten (Rft) bij aan de houdbare overheidsfinanciën. Dit toezicht wordt uitgeoefend door de Rijksministerraad.
De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) is verantwoordelijk voor:
Financieren
De minister financiert de uitgaven die voortkomen uit de leningen en de uitoefening van het toezicht. Er zijn diverse soorten leningen: de leningen die voortvloeien uit de schuldsanering, de leningen op grond van de lopende inschrijving, de covidleningen en overige leningen.
Uitvoeren
Afspraken over de overheidsfinanciën van Curaçao en Sint Maarten zijn vastgelegd in de Rijkswet financieel toezicht Curaçao en Sint Maarten (Rft) en voor Aruba in de Landsverordening financieel toezicht (LAft). Op basis van deze wetten begeleidt de minister de adviezen van het College financieel toezicht Curaçao en Sint Maarten (Cft) en van het College Aruba financieel toezicht (CAft) naar de Rijksministerraad, de toezichthouder. Tevens is in de Rft bepaald dat Nederland een lopende inschrijving heeft op leningen aan Curaçao en Sint Maarten, tegen het actuele rendement op Nederlandse staatsleningen van de desbetreffende looptijd. Met de regering van Aruba in 2024 een bestuurlijk akkoord bereikt over een traject om te komen tot een nieuwe ontwerp-Rijkswet in combinatie met een nationale regelgeving van Aruba gericht het bereiken en borgen van houdbare overheidsfinanciën. Conform dat akkoord is de ontwerp-Rijkswet Aruba financieel toezicht (RAft) in 2025 ingetrokken en heeft voor het nieuwe ontwerp de (internet-)consultatie plaatsgevonden. Het op orde brengen van het financieel beheer in Aruba, Curaçao en Sint Maarten is een belangrijke doelstelling in de Landspakketten. Naast specifieke knelpunten die een goedkeurende accountantsverklaring bij de jaarrekening in de weg staan, wordt de problematiek veroorzaakt door fundamentele problemen in de wetgeving, de financiële organisatie, de financiële processen en de administratie. In 2025 worden, met ondersteuning van de TWO, door de Landen verdere stappen gezet in de verbetering en de borging van de uitvoering van de financiële processen, waarbij een belangrijk accent zal liggen op de inrichting van de financiële functie.
C. Beleidsconclusies
Tabel 10 Overzicht covidleningen ACS (Bedragen in mln.)
initieel
actuele leningstand
AWG/ANG
EUR
AWG/ANG
EUR
Aruba
915,5
442,2
824,0
397,2
Curaçao
911,0
448,3
842,2
414,3
Sint Maarten
316,4
141,6
316,4
140,4
Totaal
2142,9
1032,1
1982,6
951,9
De totale omvang van de covidleningen, circa € 1 mld., is weer gedaald als gevolg van jaarlijkse aflossingen door Aruba en Curaçao. Voor Sint Maarten is de aflossing geclusterd in drie aflossingen in 2038, 2045 en 2053.
Met de leningen onder de lopende inschrijving die is geregeld in art. 16 Rft worden publieke investeringen in Curaçao en Sint Maarten gestimuleerd en door de gunstige leenvoorwaarden wordt gelijktijdig de houdbaarheid van de overheidsfinanciën ondersteund.
De herfinanciering van de leningen uit 2010 voor Curaçao en Sint Maarten was wenselijk, omdat de in 2010 vastgelegde aflossing niet aansluit op de financiële draagkracht op dit moment. Voor de overige leningen uit 2010 zal samen met de landen naar een structurele oplossing worden gezocht.
In 2025 heeft de Rijksministerraad op advies van het Cft aan Sint Maarten gevraagd een planning gericht op tijdige vaststelling van de begroting op te stellen.
D. Budgettaire gevolgen van beleid
Tabel 11 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 5. Schuldsanering/lopende inschrijving/leningen (bedragen x € 1.000)
Realisatie
Vastgestelde begroting
Verschil
2021
2022
2023
2024
2025
2025
2025
Art.
Verplichtingen
733.075
31.129
33.195
66.000
74.460
0
74.460
Uitgaven
597.611
223.627
61.712
94.517
103.011
28.517
74.494
5.1
Schuldsanering Curaçao en Sint Maarten
28.517
28.517
28.517
28.517
28.550
28.517
33
Leningen
28.517
28.517
28.517
28.517
28.550
28.517
33
Schuldsanering
28.517
28.517
28.517
28.517
28.550
28.517
33
5.2
Leningen / garanties Curaçao, Sint Maarten en Aruba
569.094
195.110
33.195
66.000
74.461
0
74.461
Leningen
569.094
195.110
33.195
66.000
74.461
0
74.461
Leningen aan Aruba
315.577
181.478
0
0
0
0
0
Lopende inschrijving en leningen Curaçao en Sint Maarten
253.517
13.632
33.195
66.000
74.461
0
74.461
Ontvangsten
44.232
81.583
83.413
160.957
198.109
205.344
‒ 7.235
E. Toelichting op de instrumenten
Uitgaven
5.2 Leningen/garanties landen Curaçao en Sint Maarten en Aruba
Leningen
Lopende inschrijving en leningen Curaçao en Sint Maarten
Aan Curaçao is een lening verstrekt van € 59,0 mln. en aan Sint Maarten een lening van € 15,5 mln. voor publieke investeringen. In Curaçao betreft het investeringen in een crisiscentrum, digitalisering en infrastructuur en in Sint Maarten in onder meer de gevangenis en ICT. Ook is voor beide landen een lening uit 2010 met einddatum 2025 (deels) geherfinancierd, omdat de omvang van de aflossing niet passend was bij de financiële draagkracht van de landen in 2025. Voor Sint Maarten was dit een volledige herfinanciering voor een bedrag van € 37,5 mln. en voor Curaçao een gedeeltelijke herfinanciering voor een bedrag van € 40,8 mln. De Kamer is hierover overeenkomstig het Beleidskader Risicoregelingen geïnformeerd (Kamerstukken II 2025/26, 36 800, nr 24, 47, 48 en 49).
Ontvangsten
De in de leenovereenkomsten overeengekomen rente en aflossingen op leningen aan Aruba, Curaçao en Sint Maarten worden hier verantwoord. Door (gedeeltelijke) herfinanciering van de leningen uit 2010 zijn de gerealiseerde ontvangsten lager dan begroot.
4.5 Artikel 8. Wederopbouw Bovenwindse Eilanden
A. Algemene doelstelling
Het bevorderen dat de basisvoorzieningen (inclusief infrastructuur) voor de burgers in Sint Maarten, Sint Eustatius en Saba weer op het niveau van voor de orkanen Irma en Maria komen. Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) coördineert het beschikbaar stellen van de middelen vanuit Nederland en het toezicht op de besteding daarvan.
B. Rol en verantwoordelijkheid
De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is verantwoordelijk voor:
Financieren
– De minister financiert een deel van de wederopbouw van Sint Maarten. Tot 2021 zijn er middelen beschikbaar waarmee het trustfonds bij de Wereldbank wordt gevuld. De einddatum van dit trustfonds is in 2022 budgetneutraal verlengd met 36 maanden en blijft tot en met 2028 operationeel. Deze bijdrage is verbonden aan de politieke voorwaarden waarmee Sint Maarten akkoord is gegaan, waaronder de reeds ingestelde integriteitskamer en het versterken van het grenstoezicht waarover nadere afspraken zijn gemaakt (Stcrt. 2014, 72542 en Landsverordening Integriteitskamer). Nederland zal gedurende de wederopbouw toezien op de naleving van de voorwaarden.
– De minister levert naast het trustfonds directe steun voor de wederopbouw van Sint Maarten. Het gaat hier bijvoorbeeld om kosten op het gebied van rechtshandhaving of technische assistentie op gebied van financieel beheer.
Regisseren
– De minister regisseerde tot 2021 de rijksbrede aanpak van de wederopbouwfase op de eilanden Saba en Sint Eustatius.
– De minister is vertegenwoordigd in de stuurgroep van het Sint Maarten Reconstruction, Recovery and Resilience Trust Fund waarin ook Sint Maarten en de Wereldbank zitting hebben. Prioriteiten voor Nederland zijn economische ontwikkeling en bereikbaarheid, de afvalproblematiek en goed bestuur.
C. Beleidsconclusies
De prioriteitsprojecten voor Nederland zijn de herbouw op Sint Maarten van de vliegtuigterminal, het afvalproject inclusief management van de afvalberg, het afvalwater zuiveringsproject en daarnaast ook het opzetten van een Disaster Reserve Fund. Daarbij zijn ook de thema’s good governance en het vinden van additionele externe financiering voor Nederland van belang.
Er worden momenteel acht projecten uitgevoerd. Vijf projecten zijn reeds afgerond. De wederopbouw van Sint Maarten is nog steeds op koers, al blijft er nog veel te doen.
In 2025 zijn een aantal belangrijke mijlpalen bereikt. Zo is het project rondom het herbouwen van de vliegtuigterminal in 2025 succesvol afgerond. Ook is de herbouw van de twee resterende scholen en de bibliotheek opnieuw aanbesteed en is begonnen met het ondergronds plaatsen van nog eens 8 km aan elektriciteitskabels en pijpleidingen. Het Mental Health project, dat een nieuwe kliniek gaat bouwen en de psychische dienstverlening gaat verbeteren, sloot in januari 2025 een samenwerkingscontract af met het Trimbos Instituut en de architect voor het gebouw is gecontracteerd. Ook is een nieuw digitaal nationaal waarschuwingssysteem opgeleverd dat werkt via de mobiele telefoon.
De directe bijdragen vanuit het begrotingshoofdstuk IV Koninkrijksrelaties in 2025 waren er vooral op gericht om aanvullende (financiële) ondersteuning te bieden aan organisaties die betrokken zijn bij de projecten onder het trustfonds. Voor het herstel van de luchthaven was dit de Royal Schiphol Group, bij de vervanging van de waterpompen waren het ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening, Milieu en Infrastructuur (VROMI), RVO en de Stichting Overheidheidsaccountantbureau (SOAB) betrokken.
D. Budgettaire gevolgen van beleid
Tabel 12 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 8. Wederopbouw Bovenwindse Eilanden (bedragen x € 1.000)
Realisatie
Vastgestelde begroting
Verschil
2021
2022
2023
2024
2025
2025
2025
Art.
Verplichtingen
92.602
6.984
2.305
3.505
13
722
‒ 709
Uitgaven
91.485
8.456
2.709
2.888
315
722
‒ 407
8.1
Wederopbouw
91.485
8.456
2.709
2.888
315
722
‒ 407
Subsidies (regelingen)
1.854
762
2.020
1.921
0
0
0
Diverse subsidies
1.854
762
2.020
1.921
0
0
0
Opdrachten
999
694
689
661
315
722
‒ 407
Wederopbouw op Sint Maarten
999
694
689
661
315
722
‒ 407
Bijdrage aan ZBO's/RWT's
0
0
0
306
0
0
0
Wederopbouw op Sint Eustatius
0
0
0
306
0
0
0
Bijdrage aan medeoverheden
2.517
0
0
0
0
0
0
Wederopbouw op Sint Eustatius
2.517
0
0
0
0
0
0
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties
86.115
7.000
0
0
0
0
0
Wederopbouw op Sint Maarten
0
7.000
0
0
0
0
0
Wereldbank
86.115
0
0
0
0
0
0
Ontvangsten
0
0
0
0
0
0
0
E. Toelichting op de instrumenten
Uitgaven
8.1 Wederopbouw
Opdrachten
Wederopbouw op Sint Maarten
Bij de eerste en september suppletoire begroting is er binnen artikel 8 van de KR begroting budget gerealloceerd voor de hieronder genoemde opdrachten.
De Royal Schiphol Group heeft circa € 0,31 mln. aan operationele bijstand voor de luchthaven Sint Maarten (PJIA) geleverd. Daarnaast is in het kader van de begeleiding van de aanschaf van de stormwaterpompen een bedrag verstrekt van € 0,01 mln. aan de SOAB Sint Maarten.
5. Niet-beleidsartikelen
5.1 Artikel 6. Apparaat
A. Budgettaire gevolgen
Tabel 13 Apparaatsuitgaven (bedragen x € 1.000)
Realisatie
Vastgestelde begroting
Verschil
2021
2022
2023
2024
2025
2025
2025
Art.
Verplichtingen
31.652
34.526
32.718
53.429
30.879
35.021
‒ 4.142
Uitgaven
30.335
34.195
32.678
50.024
28.325
35.021
‒ 6.696
6.0
Apparaat
30.335
34.195
32.678
50.024
28.325
35.021
‒ 6.696
Personele uitgaven
18.077
17.927
22.421
24.388
23.962
22.937
1.025
Eigen personeel
15.264
16.543
20.719
22.955
23.130
21.775
1.355
Inhuur externen
2.813
1.384
1.702
1.433
832
1.162
‒ 330
Materiële uitgaven
12.258
16.268
10.257
25.636
4.363
12.084
‒ 7.721
Overige materiële uitgaven
12.258
16.268
14.335
14.905
14.606
12.084
2.522
Wisselkoersverschillen
0
0
‒ 4.078
10.731
‒ 10.243
0
‒ 10.243
Ontvangsten
7.073
10.109
4.625
2.614
2.028
0
2.028
B. Toelichting op de financiële instrumenten
Uitgaven
Dit betreffen de uitgaven van de Shared Service Organisatie Caribisch Nederland (SSO CN), de Rijksdienst Caribisch Nederland (RCN), de Colleges Financieel Toezicht (Cft), Rijksvertegenwoordiger, de Tijdelijke Werkorganisatie (TWO) en de Vertegenwoordiging van Nederland in Aruba, Curaçao en Sint Maarten (VN ACS).
Personele uitgaven
Eigen personeel
Dit betreffen de uitgaven aan het eigen personeel van de SSO-CN, RCN, Rijksvertegenwoordiger, Cft, TWO en het lokaal personeel van de VN ACS.
Materiële uitgaven
Overige materiële uitgaven
Dit betreffen de uitgaven voor overige materiële posten van SSO CN, RCN, Cft, Rijksvertegenwoordiger, TWO en de VN ACS. Hieronder vallen onder andere huisvestingskosten, ICT-kosten en communicatiekosten. Onderuitputting wordt deels veroorzaakt doordat personele kosten en materiële kosten in de laatste maanden van het jaar verder uit elkaar liepen dan geraamd. Daarnaast hebben er enkele trajecten vertraging opgelopen.
Ontvangsten
Dit betreft de ontvangsten van SSO CN over 2025 uit de verrekening met de andere departementen. Verrekening vindt plaats op basis van toe- of afname van de basisdienstverlening en de specifieke dienstverlening van SSO CN.
5.2 Artikel 7. Nog onverdeeld
A. Budgettaire gevolgen
Tabel 14 Nog onverdeeld (bedragen x € 1.000)
Realisatie
Vastgestelde begroting
Verschil
2021
2022
2023
2024
2025
2025
2025
Art.
Verplichtingen
0
0
0
0
0
639
‒ 639
Uitgaven
0
0
0
0
0
639
‒ 639
7.0
Nog onverdeeld
0
0
0
0
0
639
‒ 639
Nog te verdelen
0
0
0
0
0
639
‒ 639
Onvoorzien
0
0
0
0
0
619
‒ 619
Wisselkoersreserve
0
0
0
0
0
20
‒ 20
Ontvangsten
0
0
0
0
0
0
0
B. Toelichting op de financiële instrumenten
Onvoorzien
Vanuit dit artikel is er onder andere een reallocatie naar artikel 4 gedaan om te voldoen aan de toezegging om het restbedrag van de eerste tranche van de renovatiewerkzaamheden aan de klif op Sint Eustatius beschikbaar te stellen voor de tweede tranche (€ 0,5 mln.).
6. Bedrijfsvoeringsparagraaf Koninkrijksrelaties
Paragraaf 1 - Rapportage voor volgende verplichte onderdelen:
Rechtmatigheid
1a - Rechtmatigheid
Er zijn geen bijzonderheden te melden.
1b - Totstandkoming niet-financiële verantwoordingsinformatie
Er zijn geen bijzonderheden te melden.
1c - Begrotingsbeheer, financieel beheer en materiële bedrijfsvoering
Voor het begrotingsbeheer, het financieel beheer en de materiële bedrijfsvoering wordt u verwezen naar de bedrijfsvoeringsparagraaf in het jaarverslag van begrotingshoofdstuk Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII).
1d - Misbruik en oneigenlijk gebruik
Voor misbruik en oneigenlijk gebruik wordt u verwezen naar de bedrijfsvoeringsparagraaf in het jaarverslag van begrotingshoofdstuk Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII).
1e - Overige aspecten van de bedrijfsvoering
Voor de overige aspecten van de bedrijfsvoering wordt u verwezen naar de bedrijfsvoeringsparagraaf in het jaarverslag van begrotingshoofdstuk Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII).
1f - Fraude- en corruptierisico's
Voor fraude- en corruptierisico's wordt u verwezen naar de bedrijfsvoeringsparagraaf in het jaarverslag van begrotingshoofdstuk Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII).
Paragraaf 2 - Rijksbrede bedrijfsvoeringsonderwerpen
Voor de rijksbrede bedrijfsvoeringsonderwerpen wordt u verwezen naar de bedrijfsvoeringsparagraaf in het jaarverslag van begrotingshoofdstuk Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII).
Paragraaf 3 - Belangrijke ontwikkelingen en verbeteringen in de bedrijfsvoering
Voor de belangrijke ontwikkelingen en verbeteringen in de bedrijfsvoering wordt u verwezen naar de bedrijfsvoeringsparagraaf in het jaarverslag van begrotingshoofdstuk Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII).
B. BELEIDSVERSLAG BES-FONDS
7. Beleidsprioriteiten
Het BES-fonds is een beleidsarm fonds waaruit aan de eilanden van Caribisch Nederland een vrije uitkering wordt verstrekt. Deze uitkering moet de eilanden in staat stellen hun taken uit te voeren.
8. Beleidsartikel BES-fonds
8.1 Artikel 1. BES-fonds
A. Algemene doelstelling
Via het BES-fonds wordt bewerkstelligd dat de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba middelen krijgen toebedeeld om de tussen het Rijk en de eilanden overeengekomen taakverdeling van de eilanden naar behoren uit te voeren.
B. Rol en verantwoordelijkheid
De openbare lichamen mogen zelf bepalen welke taken en activiteiten zij bekostigen uit de algemene middelen van de vrije uitkering. Dit uitgangspunt laat onverlet dat de openbare lichamen bepaalde wettelijke taken en activiteiten dienen uit te voeren waarbij zij voor de bekostiging mede op de algemene middelen zijn aangewezen.
De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is verantwoordelijk voor:
Financieren
De minister is verantwoordelijk voor de bestuurlijke en financiële verhouding met de eilanden en in die hoedanigheid financiert de minister het BES-fonds.
C. Beleidsconclusies
Er zijn in 2025 geen beleidswijzigingen geweest binnen het BES-fonds.
D. Budgettaire gevolgen van beleid
Tabel 15 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 1. BES-fonds (bedragen x € 1.000)
Realisatie
Vastgestelde begroting
Verschil
2021
2022
2023
2024
2025
2025
2025
Verplichtingen
51.710
67.092
87.850
106.704
90.959
88.642
2.317
Uitgaven
51.710
67.092
87.850
103.864
93.799
88.642
5.157
Bijdrage aan medeoverheden
Vrije uitkering
51.710
67.092
87.850
103.864
93.799
88.642
5.157
Ontvangsten
51.710
67.092
87.850
103.864
93.799
88.642
5.157
E. Toelichting op de instrumenten
Uitgaven
Bijdragen aan medeoverheden
Vrije uitkering
De middelen, die de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba uit het BES-fonds ontvangen, zijn vrij besteedbaar. De hoogte van de vrije uitkering wordt vastgesteld in US dollars.
Op de vrije uitkering wordt een aantal bedragen ingehouden. Het betreft aflossingslasten voor eerder afgesloten renteloze leningen die het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap heeft verstrekt ter bekostiging van achterstanden op Sint Eustatius en Bonaire (de lening van Saba is in 2021 afgelost) in de onderwijshuisvesting, de lening van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat voor de weginfrastructuur op Saba en de renteloze lening van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties aan Sint Eustatius ter financiering van de schikking klif Sint Eustatius.
Ontvangsten
Artikel 88, derde lid, van de Wet FinBES regelt dat bij (begrotings-)wet voor ieder uitkeringsjaar middelen van het Rijk worden afgezonderd ten behoeve van het BES-fonds. De uitgaven en de afgezonderde inkomsten over ieder uitkeringsjaar zijn aan elkaar gelijk. Gelet hierop is ten behoeve van de dekking van de uitgaven ten laste van het BES-fonds een post ontvangsten opgenomen.
9. Bedrijfsvoeringsparagraaf BES-fonds
Paragraaf 1. Rapportage voor de volgende verplichte onderdelen:
1a - Rechtmatigheid
Er zijn geen bijzonderheden te melden.
1b - Totstandkoming niet-financiële verantwoordingsinformatie
Er zijn geen bijzonderheden te melden.
1c - Begrotingsbeheer, financieel beheer en de materiële bedrijfsvoering
Voor het begrotingsbeheer, financieel beheer en de materiële bedrijfsvoering wordt u verwezen naar de bedrijfsvoeringsparagraaf in het jaarverslag van begrotingshoofdstuk Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII).
1d - Misbruik en oneigenlijk gebruik
Voor misbruik en oneigenlijk gebruik wordt u verwezen naar de bedrijfsvoeringsparagraaf in het jaarverslag van begrotingshoofdstuk Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII).
1e - Overige aspecten van de bedrijfsvoering
Voor overige aspecten van de bedrijfsvoering wordt u verwezen naar de bedrijfsvoeringsparagraaf in het jaarverslag van begrotingshoofdstuk Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII).
1f - Fraude- en corruptierisico's
Voor fraude- en corruptierisico's wordt u verwezen naar de bedrijfsvoeringsparagraaf in het jaarverslag van begrotingshoofdstuk Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII).
Paragraaf 2. Rijksbrede bedrijfsvoeringsonderwerpen
Voor de rijksbrede bedrijfsvoeringsonderwerpen wordt u verwezen naar de bedrijfsvoeringparagraaf van het jaarverslag in begrotingshoofdstuk Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII).
Paragraaf 3. Belangrijke ontwikkelingen en verbeteringen in de bedrijfsvoering
Voor de belangrijke ontwikkelingen en verbeteringen in de bedrijfsvoering wordt u verwezen naar de bedrijfsvoeringsparagraaf in het jaarverslag van begrotingshoofdstuk Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII).
C. JAARREKENING KONINKRIJKSRELATIES
10. Verantwoordingsstaat Koninkrijksrelaties
Tabel 16 Verantwoordingsstaat 2025 van Koninkrijksrelaties (IV) (bedragen x € 1.000)
Art.
Omschrijving
Vastgestelde begroting (1)
Realisatie (2)
Verschil (3) = (2) - (1)
Verplichtingen
Uitgaven
Ontvangsten
Verplichtingen
Uitgaven
Ontvangsten
Verplichtingen
Uitgaven
Ontvangsten
Totaal
233.839
263.150
205.344
254.104
232.248
201.426
20.265
‒ 30.902
‒ 3.918
Beleidsartikelen
1
Versterken rechtsstaat
70.506
70.506
0
16.916
17.447
0
‒ 53.590
‒ 53.059
0
2
Slavernijverleden
26.999
26.999
0
34.112
6.562
0
7.113
‒ 20.437
0
4
Bevorderen sociaaleconomische structuur
99.952
100.746
0
97.724
76.588
1.289
‒ 2.228
‒ 24.158
1.289
5
Schuldsanering/lopende inschrijving/leningen
0
28.517
205.344
74.460
103.011
198.109
74.460
74.494
‒ 7.235
8
Wederopbouw Bovenwindse Eilanden
722
722
0
13
315
0
‒ 709
‒ 407
0
Niet-beleidsartikelen
6
Apparaat
35.021
35.021
0
30.879
28.325
2.028
‒ 4.142
‒ 6.696
2.028
7
Nog onverdeeld
639
639
0
0
0
0
‒ 639
‒ 639
0
11. Saldibalans Koninkrijksrelaties
Tabel 17 Saldibalans per 31 december 2025 van Koninkrijksrelaties (IV) (bedragen x € 1.000)
Activa
31-12-2025
31-12-2024
Passiva
31-12-2025
31-12-2024
Intra-comptabele posten
Intra-comptabele posten
1)
Uitgaven ten laste van de begroting
232.248
212.198
2)
Ontvangsten ten gunste van de begroting
201.426
165.395
3)
Liquide middelen
275.457
280.080
3)
Liquide middelen
4)
Rekening-courant Rijkshoofdboekhouding
0
0
4a)
Rekening-courant Rijkshoofdboekhouding
300.080
327.098
5)
Rekening-courant RHB Begrotingsreserve
0
0
5a)
Begrotingsreserves
0
0
6)
Vorderingen buiten begrotingsverband
2.155
4.206
7)
Schulden buiten begrotingsverband
8.354
3.991
8)
Kas-transverschillen
0
0
Subtotaal intra-comptabel
509.860
496.484
Subtotaal intra-comptabel
509.860
496.484
Extra-comptabele posten
Extra-comptabele posten
9)
Openstaande rechten
0
0
9a)
Tegenrekening openstaande rechten
0
0
10)
Vorderingen
2.607.885
2.624.756
10a)
Tegenrekening vorderingen
2.607.885
2.624.756
11a)
Tegenrekening schulden
0
0
11)
Schulden
0
0
12)
Voorschotten
772.771
701.185
12a)
Tegenrekening voorschotten
772.771
701.185
13a)
Tegenrekening garantieverplichtingen
0
0
13)
Garantieverplichtingen
0
0
14a)
Tegenrekening andere verplichtingen
200.737
180.928
14)
Andere verplichtingen
200.737
180.928
15)
Deelnemingen
0
0
15a)
Tegenrekening deelnemingen
0
0
Subtotaal extra-comptabel
3.581.393
3.506.869
Subtotaal extra-comptabel
3.581.393
3.506.869
Totaal
4.091.253
4.003.353
Totaal
4.091.253
4.003.353
TOELICHTING OP DE SALDIBALANS per 31 december 2025 HIV
Algemeen:
De maandverantwoordingen van de kasbeherende diensten RCN, CFT en VNACS zijn verwerkt tot en met 31 december 2025.
Alle verrekenbrieven tot en met 31 december 2025 van de kasbeherende diensten Vertegenwoordiging van Nederland in Aruba, Curaçao en Sint-Maarten (VNACS) en de Rijksdienst Caribisch Nederland (RCN) zijn verwerkt.
Ad 1. en 2. Uitgaven en ontvangsten
Bij de begrotingsuitgaven en -ontvangsten zijn de gerealiseerde uitgaven en ontvangsten opgenomen met betrekking tot 2025 waarvoor de Rijksrekening nog niet door de Tweede Kamer is goedgekeurd.
Ad 3. Liquide middelen
De post liquide middelen is opgebouwd uit het saldo bij de banken en de contante gelden aanwezig in de kluis van de kasbeheerders. Het bedrag is als volgt opgebouwd:
Tabel 18 Overzicht liquide middelen (bedragen in €)
Liquide middelen
Saldo
a) Vertegenwoordiging van Nederland in Aruba, Curaçao en Sint Maarten
1.764.114
b) College Financieel Toezicht
784.951
c) Rijksdienst Caribisch Nederland
41.075.327
d) Bank lopende inschrijving
231.831.916
Totaal
275.456.308
Ad a t/m c)
De mutaties van de liquide middelen maandverantwoording VNACS, CFT en RCN tot en met 31 december 2025 zijn in de verslagperiode verwerkt.
Ad d)
Alle bankafschriften van de CBCM-bank zijn verwerkt tot en met 31 december 2025. Het FDC heeft de volledigheidscontrole op de bankafschriften uitgevoerd.
Ad 4a. Rekening-courant Rijkshoofdboekhouding
Op de Rekening‑courant met de Rijkshoofdboekhouding (RHB) is de financiële verhouding met het ministerie van Financiën weergegeven. Opgenomen zijn de bedragen conform Rekening-courant afschriften:
Tabel 19 Overzicht rekening-courant Rijkshoofdboekhouding (bedragen in €)
Rekening-courant
Saldo
a) Rekening-courant FIN/RHB
267.637.432
b) Rekening-courant FIN/RHB Bevoorschotting BES/RCN
32.441.970
Totaal
300.079.402
Ad 6. Vorderingen buiten begrotingsverband
Het bedrag aan vorderingen buiten begrotingsverband is als volgt opgebouwd:
Tabel 20 Overzicht vorderingen buiten begrotingsverband (bedragen in €)
Type vorderingen
Saldo
a) Vorderingen Kasbeheerders Rijksdiensten
1.902.822
b) Intra-comptabele voorschotten
251.825
c) Intra-comptabele debiteuren
0
Totaal
2.154.647
Ad a) Vorderingen kasbeheerders rijksdiensten
De vorderingen van de Vertegenwoordiging van Nederland op Aruba, Curaçao en Sint Maarten (VNACS), College Financieel Toezicht (CFT) en de Rijksdienst Caribisch Nederland (RCN) bestaan uit diverse vorderingen op ministeries en derden.
Ad b) Intra-comptabele voorschotten
Het saldo heeft betrekking op voorschotten salaris, verhuis- en studiekosten verstrekt aan personeel. De posten worden verrekend met het te betalen salaris voor zover dit nog mogelijk is.
Ad 7. Schulden buiten begrotingsverband
Het bedrag aan schulden buiten begrotingsverband is als volgt opgebouwd:
Tabel 21 Overzicht schulden buiten begrotingsverband (bedragen in €)
Schulden
Saldo
a) Schulden Kasbeheerders Rijksdiensten
8.273.498
b) Overige intra-comptabele schulden
80.190
Totaal
8.353.688
Ad a) Schulden kasbeheerders rijksdiensten
De schulden van de Vertegenwoordiging van Nederland op Aruba, Curaçao en St. Maarten en de RCN bestaan voornamelijk uit nog te betalen belastingen, premies en pensioenen.
Ad b) Overige intra-comptabele schulden
Het saldo van de overige intra-comptabele schulden betreft met andere administraties van BZK te verrekenen posten.
Ad 10. Vorderingen
Ad 10a. Tegenrekening vorderingen
Het saldo per 31 december 2025 kan als volgt worden gespecificeerd:
Tabel 22 Overzicht vorderingen per artikel per 31 december 2025 (bedragen in €)
Art.
Omschrijving
Saldo
1
Versterken rechtsstaat
0
4
Bevorderen sociaaleconomische structuur
250.473
5
Schuldsanering/lopende inschrijving/leningen
2.571.306.648
6
Apparaat
1.209.602
8
Noodhulp en wederopbouw Bovenwindse Eilanden
35.117.524
Totaal
2.607.884.247
Tabel 23 Overzicht vorderingen naar ontstaansjaar per 31 december 2025 (bedragen in €)
Ontstaansjaar
Saldo
t/m 2020
1.140.353.205
2021
74.294.013
2022
586.221.874
2023
29.707.411
2024
622.456.629
2025
154.851.115
Totaal excl. toeslagen
2.607.884.247
Tabel 24 Overzicht vorderingen naar de mate van opeisbaarheid per 31 december 2025 (bedragen in €)
Type vordering
Direct opeisbaar
Op termijn opeisbaar
Totaalbedrag
a) Algemeen
1.460.075
0
1.460.075
b) Leningen artikel 5 en Noodhulp artikel 8
0
2.606.424.172
2.606.424.172
Totaal
1.460.075
2.606.424.172
2.607.884.247
Toelichting
Artikel 4: Bevorderen sociaaleconomische structuur
Dit betreft enkele niet-uitgegeven subsidies die nog teruggevorderd moeten worden.
Artikel 5: Schuldsanering/lopende inschrijving/leningen
Tabel 25 Overzicht leningen artikel 5 Schuldsanering/ lopende inschrijving/ leningen per 31 december 2025 (bedragen in €)
b) Maatregel Tussenbalans
in €
‒
c) Water- en Energiebedrijf (akte 263-JZ/1995)
AWG 0,51
0
‒
d) Leningen lopende inschrijving Curaçao
in €
1.027.833.681
e) Leningen lopende inschrijving Sint Maarten
in €
326.145.500
f) Liquiditeitssteun Curaçao
in €
414.271.229
g) Liquiditeitssteun Aruba
in €
397.218.854
h) Liquiditeitssteun St Maarten
in €
153.985.939
i) Rentelastverlichting Aruba
in €
247.073.042
j) Lening ter afwikkeling Girobank
in €
2.592.259
k) Overige vorderingen
in €
846.039
Totaal
2.569.966.543
Ad a) Lening OBNA
De Ontwikkelingsbank van de Nederlandse Antillen (OBNA) heeft in 2001 een aanvullende lening ontvangen ten behoeve van de financiering van een krediettranche inzake de ontwikkelingssamenwerking tussen Nederland en de Nederlandse Antillen. De lening heeft een looptijd van 30 jaar en eindigt op 31 december 2030.
Ad b) Maatregel Tussenbalans
In het kader van de maatregel Tussenbalans zijn gedurende de periode 1991 tot en met 1995 diverse begrotingsleningen verstrekt aan Aruba ter financiering van projecten, waarvan een bepaald rendement verwacht mag worden. De leningen hadden een looptijd van 30 jaar, waarvan de eerste acht jaar aflossingsvrij. In 2025 heeft de laatste aflossing plaatsgevonden.
Ad c) Water- en Energiebedrijf Aruba (akte 263-JZ/1995)
Het betreft een begrotingslening ten behoeve van het Water- en Energiebedrijf NV gevestigd te Aruba. De lening is in 2009 verstrekt voor het aldaar verrichten van een groot aantal investeringen voor de renovatie en uitbreiding van het Water- en Energiebedrijf. De lening had een looptijd tot 30 juni 2026, waarvan de eerste acht jaar aflossingsvrij. In 2025 heeft de laatste aflossing plaatsgevonden.
Ad d) Leningen lopende inschrijving Curaçao
Nederland heeft veertien leningen verstrekt aan Curaçao. In 2025 zijn er twee lopende inschrijvingen aan Curaçao verstrekt. De eerste voor een lening bedrag van XCG 115,7 mln. (€ 59,0 mln.) met een looptijd van 30 jaar tegen 3,6% rente. De tweede betreft een lening via de lopende inschrijving, die afliep in 2025, geherfinancierd middels een lening van XCG 80,0 mln. (€ 40,8 mln.) met een looptijd van 20 jaar en een rentepercentage van 3,62%. De Rijkshoofdboekhouding van het Ministerie van Financiën voert het beheer over deze leningen, de belasting vindt evenwel plaats op het begrotingshoofdstuk Koninkrijksrelaties (IV).
Ad e) Leningen lopende inschrijving Sint Maarten
Nederland heeft vijftien leningen verstrekt aan Sint Maarten. In 2025 zijn er twee lopende inschrijvingen aan Sint Maarten verstrekt. De eerste voor een lening bedrag van XCG 30,3 mln. (€ 14,5 mln.) met een looptijd van 30 jaar tegen 3,532% rente. De tweede betreft een lening via de lopende inschrijving, die afliep in 2025, geherfinancierd middels een lening van XCG 73,5 mln. (€ 37,5 mln.) met een looptijd van 20 jaar en een rentepercentage van 3,62%. De Rijkshoofdboekhouding van het Ministerie van Financiën voert het beheer over deze leningen, de belasting vindt evenwel plaats op het begrotingshoofdstuk Koninkrijksrelaties (IV).
Ad f) Liquiditeitssteun Curaçao
In de periode 2020-2021 zijn door Nederland liquiditeitsleningen verstrekt aan Curaçao vanwege de invloed van de Covid-19 pandemie. Deze liquiditeitsleningen zijn op 10 oktober 2024 geherfinancierd middels een lening van € 431,2 mln. met een looptijd van 20 jaar en een rentepercentage van 2,9%. Curaçao heeft voor 2025 geen extra liquiditeitssteun aangevraagd en ontvangen.
Ad g) Liquiditeitssteun Aruba
In de periode 2020-2022 zijn door Nederland liquiditeitsleningen verstrekt aan Aruba vanwege de invloed van de Covid-19 pandemie. Op 10 oktober 2024 zijn alle door Nederland verstrekte liquiditeitsleningen geherfinancierd middels een lening van € 419,1 mln. met een looptijd van 20 jaar en een rentepercentage van 6,9%.
Ad h) Liquiditeitssteun Sint Maarten
Op 10 oktober 2024 zijn de in de periode 2020-2022 door Nederland verstrekte liquiditeitsleningen aan Sint Maarten vanwege de invloed van de Covid-19 pandemie, geherfinancierd middels een lening van € 154 mln. met een looptijd van 30 jaar en een rentepercentage van 2,9%.
Ad i) Rentelastverlichting Aruba
Nederland heeft de buitenlandse schuldverplichting van Aruba voor 2022 geherfinancierd middels een lening van € 175,4 mln. tegen een rente van 2,64% met een looptijd van zeven jaar. Deze telt samen met de lening verstrekt in 2021 van € 83,8 mln. op tot totaal € 259,2 mln.
Ad j) Lening ter afwikkeling Girobank
Nederland heeft voor de afwikkeling van de Girobank aan Curaçao een lening verstrekt. De lening zou maximaal de hoogte hebben van de waarde van de leningenportefeuille van de Girobank te weten ANG 170 mln. (€ 80,3 mln.). De looptijd van de lening is tot augustus 2037. De rente voor de lening is gebaseerd op de rente die de Nederlandse Staat verschuldigd zou zijn voor een Dutch State Loan met een looptijd van 15 jaar, en bedraagt 0 %. In 2025 is een aflossing van € 15,9 mln. ontvangen na afwikkeling van een deel van de Girobank middelen. De resterende lening bedraagt € 2,6 mln.
Ad k) Overige vorderingen
Per jaareinde heeft Aruba de leningen die via Atradius lopen volledig afgelost. Echter zijn de middelen per jaareinde 2025 nog niet ontvangen van Atradius. Derhalve is er per jaareinde een vordering ontstaan op Atradius voor € 0,8 mln.
Artikel 6: Apparaat
Dit betreft de aan derden gefactureerde bedragen door Rijksdienst Caribisch Nederland (RCN) per jaareinde 2025. De afwikkeling wordt bezien in 2026.
Artikel 8: Wederopbouw Bovenwindse Eilanden
Tabel 26 Overzicht artikel 8 Wederopbouw Bovenwindse Eilanden per 31 december 2025 (bedragen in €)
Gehanteerde koersen
Valuta
Euro
k) Liquiditeitshulp St. Maarten
in €
35.117.524
Totaal
35.117.524
Ad l) Liquiditeitshulp Sint Maarten
In het kader van de wederopbouw heeft de Nederlandse Staat in 2018 twee leningen verstrekt als liquiditeitssteun voor Sint Maarten. De eerste renteloze lening (€ 21,8 mln.) heeft een looptijd van 30 jaar met jaarlijkse aflossingen van vanaf januari 2023. De tweede renteloze lening (€ 15,1 mln.) heeft een looptijd van 30 jaar met jaarlijkse aflossing vanaf januari 2023.
De Rijkshoofdboekhouding van het Ministerie van Financiën voert het beheer over deze leningen. De belasting vindt evenwel plaats op het begrotingshoofdstuk Koninkrijksrelaties (IV).
Tabel 27 Totaaloverzicht leningen per 31 december 2025 (bedragen in €)
Gehanteerde koersen
Valuta
Euro
1) Artikel 5 Schuldsanering/ lopende inschrijving/ leningen
in €
2.569.966.543
2) Artikel 8 Wederopbouw Bovenwindse Eilanden
in €
35.117.524
Totaal
2.605.084.067
Ad 12. Voorschotten
Ad. 12a. Tegenrekening voorschotten
De saldi van de per 31 december 2025 openstaande voorschotten en van de in 2025 afgerekende voorschotten worden hieronder per artikel en per jaar gespecificeerd:
Tabel 28 Overzicht openstaande voorschotten per artikel per 31 december 2025 (bedragen in €)
Art.
Omschrijving artikel
Saldo
1
Versterken rechtsstaat
42.729.212
2
Slavernijverleden
6.374.779
4
Bevorderen sociaaleconomische structuur
199.635.912
5
Schuldsanering/ lopende inschrijving/ leningen
0
6
Apparaat
56.232.746
8
Noodhulp en wederopbouw Bovenwindse Eilanden
467.797.781
Totaal openstaande voorschotten
772.770.430
Tabel 29 Overzicht afgerekende voorschotten naar ontstaansjaar per 31 december 2025 (bedragen in €)
Ontstaansjaar
Stand 01.01.2025
Herwaardering 01.01.2025
Verstrekt 2025
Afgerekend 2025
31.12.2025
t/m 2020
384.989.409
0
384.989.409
2021
130.279.462
238.193
1.526.316
128.991.339
2022
86.229.184
61.056
6.730.081
79.560.159
2023
49.251.890
93.848
4.331.989
45.013.749
2024
50.434.509
50.576
1.685.481
48.799.603
2025
‒ 443.673
85.859.843
0
85.416.170
Totaal
701.184.454
0
85.859.843
14.273.867
772.770.430
Toelichting
Artikel 1 Versterken rechtsstaat
Het gaat hier ondere andere om bijdragen voor versterking van het grenstoezicht aan Curaçao en Aruba. Voor Curaçao betreft dit € 7,3 mln. en voor Aruba ook. De vaststellingen van deze voorschotten vinden plaats in 2026. Daarnaast is er een bijdrage geleverd aan Sint Maarten voor de nieuwbouw detentie (UNOPS) van € 17,1 mln. Ook is er aan Sint Maarten een bijdrage (€ 3,3 mln.) geleverd voor de Rule of Fac Phase 1.
Artikel 2 Slavernijverleden
De voorschotten op artikel 2 hebben te maken met de Actieagenda's met betrekking tot het Slavernijverleden. De (ei)landelijke actieagenda’s zijn afgelopen zomer door de overheden van Aruba, Curaçao, Bonaire, Saba, Sint Eustatius en Sint Maarten aan het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties aangeboden en beschikt in september jl. Het verstrekte voorschot in 2025 bedraagt in totaal € 6,4 mln.
Artikel 4 Bevorderen sociaaleconomische structuur
Dit betreft bijdragen aan de landen in verband met de landspakketten (Curaçao, Aruba en Sint Maarten) en het onderhoud van scholen op Curaçao. Ook is er een voorschot verstrekt van € 30 mln. aan het Openbaar Lichaam van Saba voor de aanleg van de zeehaven.
Artikel 6 Apparaat
De door RCN betaalde pensioenpremies zijn opgenomen als voorschot. Deze bedragen voor 2025 € 56 mln.
Artikel 8 Noodhulp en wederopbouw Bovenwindse Eilanden
De voorschotten op artikel 8 hebben te maken met de wederopbouw bovenwindse eilanden. Het grootste gedeelte betreft voorschotten uit eerste tranche (€ 112 mln.), de tweede tranche (€ 150 mln.), de derde tranche (€ 90 mln.) en de vierde tranche (€ 86 mln.) aan het Trustfonds van de Wereldbank ten behoeve van de wederopbouw van Sint Maarten. Het trustfonds is verlengd tot en met 2028.
Ad 13. Garantieverplichtingen
Ad 13a. Tegenrekening garantieverplichtingen
Er zijn geen garantieverplichtingen.
Ad 14. Andere verplichtingen
Ad 14. Andere verplichtingen
Ad 14a. Tegenrekening andere verplichtingen
Tabel 30 Overzicht opbouw stand van de openstaande verplichtingen BiBV (bedragen in €)
Verplichtingen per 1/1
180.582.582
Aangegane verplichtingen in het verslagjaar
254.104.000
+/+
434.686.582
Tot betaling gekomen in 2025
232.248.000
-/-
Negatieve bijstellingen uit voorgaande jaren
1.702.134
-/-
Totaal
200.736.448
Toelichting
Er hebben geen omvangrijke negatieve bijstellingen op verplichtingen boven de € 25 mln. uit voorgaande boekjaren plaatsgevonden in 2025.
Tabel 31 Overzicht opbouw stand van de openstaande verplichting BUBV (bedragen in €)
Verplichtingen per 1/1
345.038
Correctie beginstand
345.038
-/-
Aangegane verplichtingen in het verslagjaar
0
+/+
0
Tot betaling gekomen in 2025
0
-/-
Negatieve bijstellingen uit voorgaande jaren
0
-/-
Totaal
0
Toelichting
Tabel 32 Overzicht recapitulatie balanspost (bedragen in €)
Verplichtingen binnen begrotingsverband (BiBV)
200.736.448
Verplichtingen buiten begrotingsverband (BuBV)
0
+/+
Totaal:
200.736.448
Ad 15. Deelnemingen
Deze balansregel geeft de deelnemingen in besloten en naamloze vennootschappen en internationale instellingen weer.
Tabel 33 Specificatie deelnemingen (bedragen x € 1.000)
Deelnemingen
Saldo
a) Saba Statia Cable System BV (SSCS)
0
Totaal
0
Het aandelenkapitaal van Saba Statia Cable System BV (SSCS) bedraagt USD 10. Het deelnemingspercentage is 100% en is om niet verkregen. SSCS is statutair gevestigd op Bonaire en is op 17 september 2012 opgericht. De primaire activiteiten van SSCS liggen op het gebied van aanleg, beheer, onderhoud, reparatie en exploitatie van een onderzeese glasvezelkabel die de eilanden Saba, Sint Eustatius, Sint Maarten, Saint Kitts, en Saint-Barthélémy met elkaar verbindt.
C. JAARREKENING BES-FONDS
12. Verantwoordingsstaat BES-fonds
Tabel 34 Verantwoordingsstaat 2025 van het BES-fonds (H) (bedragen x € 1.000)
Art.
Omschrijving
Vastgestelde begroting (1)
Realisatie (2)
Verschil (3) = (2) - (1)
Verplichtingen
Uitgaven
Ontvangsten
Verplichtingen
Uitgaven
Ontvangsten
Verplichtingen
Uitgaven
Ontvangsten
Totaal
88.642
88.642
88.642
90.959
93.799
93.799
2.317
5.157
5.157
1
BES-fonds
88.642
88.642
88.642
90.959
93.799
93.799
2.317
5.157
5.157
13. Saldibalans BES-fonds
Tabel 35 Saldibalans per 31 december 2025 van het BES-fonds (H) (bedragen x € 1.000)
Activa
31-12-2025
31-12-2024
Passiva
31-12-2025
31-12-2024
Intra-comptabele posten
Intra-comptabele posten
1)
Uitgaven ten laste van de begroting
93.799
103.883
2)
Ontvangsten ten gunste van de begroting
93.799
103.883
3)
Liquide middelen
0
0
4)
Rekening-courant Rijkshoofdboekhouding1
0
0
4a)
Rekening-courant Rijkshoofdboekhouding
0
0
5)
Rekening-courant RHB Begrotingsreserve
0
0
5a)
Begrotingsreserves
0
0
6)
Vorderingen buiten begrotingsverband
0
0
7)
Schulden buiten begrotingsverband
0
0
8)
Kas-transverschillen
0
0
Subtotaal intra-comptabel
93.799
103.883
Subtotaal intra-comptabel
93.799
103.883
Extra-comptabele posten
Extra-comptabele posten
9)
Openstaande rechten
0
0
9a)
Tegenrekening openstaande rechten
0
0
10)
Vorderingen
0
0
10a)
Tegenrekening vorderingen
0
0
11a)
Tegenrekening schulden
0
0
11)
Schulden
0
0
12)
Voorschotten
93.799
103.883
12a)
Tegenrekening voorschotten
93.799
103.883
13a)
Tegenrekening garantieverplichtingen
0
0
13)
Garantieverplichtingen
0
0
14a)
Tegenrekening andere verplichtingen
0
2.840
14)
Andere verplichtingen
0
2.840
15)
Deelnemingen
0
0
15a)
Tegenrekening deelnemingen
0
0
Subtotaal extra-comptabel
93.799
106.723
Subtotaal extra-comptabel
93.799
106.723
Totaal
187.598
210.606
Totaal
187.598
210.606
X Noot
1
Rijkshoofdboekhouding
TOELICHTING OP DE SALDIBALANS per 31 december 2025 H64
Ad 1 en 2. Uitgaven en ontvangsten
Bij de begrotingsuitgaven en -ontvangsten zijn de gerealiseerde uitgaven en ontvangsten opgenomen met betrekking tot het jaar 2025 waarvoor de Rijksrekening nog niet door de Tweede Kamer is goedgekeurd.
Ad 4a. Rekening‑courant Rijkshoofdboekhouding
Op de Rekening‑courant met de Rijkshoofdboekhouding (RHB) wordt de financiële verhouding met het ministerie van Financiën weergegeven. Opgenomen zijn de bedragen conform Rekening-courant afschriften.
Tabel 36 Overzicht Rekening-courant Rijkshoofdboekhouding (bedragen in €)
Rekening-courant
Saldo
a) Rekening-courant FIN/RHB
0
Totaal
0
Ad 12. Voorschotten
Ad. 12a. Tegenrekening voorschotten
De saldi van de per 31 december 2025 openstaande voorschotten en van de in 2025 afgerekende voorschotten worden hieronder per jaar gespecificeerd:
Tabel 37 Overzicht openstaande voorschotten per ontstaansjaar per 31 december 2025 (bedragen in €)
Ontstaansjaar
stand 01-01-2025
verstrekt 2025
afgerekend 2025
stand 31-12-2025
2020
0
0
0
0
2021
0
0
0
0
2022
0
0
0
0
2023
0
0
0
0
2024
103.882.484
0
103.882.484
0
2025
0
96.664.364
2.865.818
93.798.546
Totaal
103.882.484
96.664.364
106.748.302
93.798.546
De saldi van der per 31 december 2025 openstaande voorschotten worden hieronder per artikel gespecificeerd:
Tabel 38 Overzicht openstaande voorschotten per 31 december 2025 (bedragen in €)
Art.
Omschrijving artikel
Saldo
1
BES-fonds
93.798.546
Totaal openstaande voorschotten
93.798.546
Ad 14. Andere verplichtingen
Ad 14a. Tegenrekening andere verplichtingen
Tabel 39 Overzicht opbouw stand openstaande verplichtingen BiBV (bedragen in €)
Verplichtingen per 1/1
2.840.000
Aangegane verplichtingen in het verslagjaar
90.959.000
+/+
93.799.000
Tot betaling gekomen in 2025
93.799.000
-/-
Negatieve bijstellingen uit voorgaande jaren
0
-/-
Totaal
0
D. BIJLAGEN
Bijlage 1. Afgerond evaluatie- en overig onderzoek
Tabel 40 Uitkomsten Strategische Evaluatie Agenda thema Een Koninkrijk met wederzijdse betrokkenheid
Subthema Versterken Rechtstaat
Titel Onderzoek
Type onderzoek
Afronding
Status
Begrotingsartikel(en)
Vindplaats onderzoek
Beleidsdoorlichting Versterken Rechtsstaat
Beleidsdoorlichting
2023
Afgerond
1
Kamerstuk 33189, nr. 17
Subthema Bevorderen sociaaleconomische structuur
Titel Onderzoek
Type onderzoek
Afronding
Status
Begrotingsartikel(en)
Vindplaats onderzoek
Periodieke Rapportage Bevorderen sociaaleconomische structuur
Periodieke Rapportage
2025
Afgerond
4
Link naar onderzoek
Bijstand aan Aruba en Curaçao in het kader van de gevolgen van de situatie in Venezuela
Ex durante
2024
Afgerond
4
Link naar onderzoek
Coronasteunpakketten Caribisch Nederland
Ex durante
2024
Afgerond
4
Link naar onderzoek
Noodhulpprogramma's Caribische landen (voedselhulp)
Ex durante
2024
Afgerond
4
Link naar onderzoek
Bestuursakkoord Bonaire 2018-2022
Ex post
2024
Afgerond
4
Link naar onderzoek
Evaluatie Rijkswet financieel toezicht 2021
Ex post
2023
Afgerond
4
Link naar onderzoek
Financieel beheer BES
Ex post
2023
Afgerond
4
Link naar onderzoek
Subthema Schuldsanering/lopende inschrijving/leningen
Titel Onderzoek
Type onderzoek
Afronding
Status
Begrotingsartikel(en)
Vindplaats onderzoek
Beleidsdoorlichting Schuldsanering/lopende inschrijving/leningen
Beleidsdoorlichting
2024
Afgerond
5
Kamerstuk 33189, nr. 20
Toelichting
Deze tabel geeft de voortgang van de Strategische Evaluatie Agenda (SEA) uit de begroting 2024 weer. Een interactieve versie van de SEA is te vinden op www.rijksfinancien.nl
Bijlage 2. Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland
Op verzoek van de motie Hachchi c.s. (Kamerstukken II 2011/12, 33 000, nr. 28) wordt jaarlijks een overzicht van alle rijksuitgaven aan Caribisch Nederland (met uitzondering van de vrije uitkering ofwel het BES-fonds) toegevoegd aan de begroting van Koninkrijksrelaties.
Naar aanleiding van de voorlichting van de Afdeling Advisering van de Raad van State (RvS) en het Interdepartementale Beleidsonderzoek Koninkrijksrelaties (IBO) volgt het kabinet de aanbeveling op om het overzicht Rijksuitgaven aan Caribisch Nederland uit te breiden (Kamerstukken II 2019/20, 35 300, nr. 11). Doel hiervan is om de rol van het Ministerie van BZK te verstevigen en een meer integrale afweging van de Rijksuitgaven aan Caribisch Nederland te bevorderen.
Onderstaand is eerst een totaal overzicht te vinden met alle rijksuitgaven die voor Caribisch Nederland op de (departementale) begrotingen staan.
In de kabinetsreactie is aangekondigd dat naast deze toelichting ook een toelichting gegeven zou worden op de wijze van financiering welke gekoppeld aan de beoogde beleidsdoelen (Kamerstukken II 2019/20, 35 300, nr. 11).
Op verzoek van de motie Bruyning c.s. (Kamerstukken II 2024/25, 36600 IV, nr 19) wordt de realisatie van de interdepartementale rijksuitgaven aan Caribisch Nederland in het onderstaande overzicht op artikelniveau gepresenteerd, om zo de Rijksuitgaven Caribisch Nederland inzichtelijker te maken.
Naast de rijksuitgaven van departementen aan Caribisch Nederland ontvangen de openbare lichamen via het BES-fonds ook een vrije uitkering voor de uitvoering van de eilandelijke taken. Voor een overzicht van het BES-fonds verwijs ik u naar het jaarverslag van het BES-fonds.
Tabel 41 Totaaloverzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland (bedragen x € 1.000)
Begroting
Artikel
Instrument
Realisatie
2021
2022
2023
2024
2025
Totaal Rijksuitgaven
559.923
539.475
546.332
627.377
721.593
IIB
Hoge Colleges van Staat, Kabinetten van de Gouverneurs en de Kiesraad
365
404
447
502
507
Artikel 3 Nationale ombudsman
Institutionele inrichting
365
404
447
502
507
IV
Koninkrijksrelaties
16.548
19.175
19.215
11.828
59.881
Artikel 1 Versterken rechtsstaat
Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken1
Artikel 2 Slavernijverleden
Subsidies (regelingen)
0
0
0
0
187
Bijdrage aan medeoverheden
0
0
0
0
6.375
Artikel 4 Bevorderen sociaaleconomische structuur
Subsidies (regelingen)
3.558
2.090
2.328
3.669
4.054
Opdrachten
786
612
1.476
978
956
Inkomensoverdrachten
2.138
3.135
2.583
1.632
1.706
Bijdrage aan ZBO's/RWT's
0
0
0
32
161
Bijdrage aan medeoverheden
7.549
13.338
11.960
5.479
45.846
Bijdrage aan agentschappen
0
0
868
38
596
Artikel 8 Wederopbouw Sint Maarten
Bijdrage aan medeoverheden
2.517
0
0
0
0
VI
Justitie en Veiligheid
44.885
51.375
62.607
70.259
80.185
Artikel 31 Politie
Bijdrage aan ZBO’s/RWT’s1
Bijdrage aan medeoverheden
24.630
28.919
31.146
33.188
35.971
Artikel 32 Rechtspleging en rechtsbijstand
Opdrachten
165
0
5
807
18.173
Bijdrage aan medeoverheden
0
0
0
13.955
529
Artikel 33 Veiligheid en criminaliteitsbestrijding
Bijdrage aan medeoverheden
6.800
6.553
12.076
715
0
Opdrachten
463
416
383
0
0
Artikel 34 Straffen en beschermen
Subsidies (regelingen)
1.684
1.976
2.140
2.406
2.645
Bijdrage aan agentschappen
10.001
12.022
15.360
17.199
20.726
Bijdrage aan medeoverheden
1.142
1.489
1.497
1.989
2.141
VII
Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
1.300
1.587
2.055
4.849
7.129
Artikel 6 Overheidsdienstverlening en informatiesamenleving
Subsidies (regelingen)
34
17
0
0
0
Opdrachten
0
0
67
805
284
Bijdrage aan ZBO's/RWT's
0
0
0
302
75
Bijdragen aan medeoverheden
0
0
0
0
1.500
Bijdrage aan agentschappen
1.266
1.570
1.988
3.742
5.270
VIII
Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
67.059
85.501
88.184
92.777
90.205
Artikel 1 Primair onderwijs
Subsidies (regelingen)
476
2.709
129
0
35
Bekostiging
23.689
28.918
30.132
32.251
33.266
Opdrachten
440
564
369
753
565
Bijdragen aan medeoverheden
5.572
8.354
15.395
12.945
7.443
Artikel 3 Voortgezet onderwijs
Subsidies (regelingen)
1.323
3.612
818
890
2.013
Bekostiging
21.532
24.775
23.434
25.779
27.513
Artikel 4 Beroepsonderwijs en volwasseneneducatie
Subsidies (regelingen)
775
395
449
449
337
Bekostiging
6.943
9.399
10.405
10.516
11.997
Bijdrage aan medeoverheden
1.223
1.157
1.367
1.420
1.471
Artikel 6 Hoger Beroepsonderwijs
Subsidies (regelingen)
0
0
0
501
585
Artikel 9 Arbeidsmarkt- en personeelsbeleid
Subsidies (regelingen)
0
0
73
97
305
Artikel 11 Studiefinanciering
Inkomensoverdrachten
2.554
2.684
2.058
1.959
0
Artikel 14 Cultuur
Subsidies (regelingen)
26
9
0
0
0
Opdrachten
6
14
0
20
16
Bijdragen aan medeoverheden
0
403
909
2.563
2.159
Artikel 16 Onderzoek en Wetenschapsbeleid
Bekostiging
2.500
2.500
2.500
2.500
2.500
Artikel 25 Emancipatie
Subsidies (regelingen)
0
8
0
134
0
IX
Financiën en Nationale Schuld
18.068
18.323
21.042
20.984
24.542
Artikel 1 Belastingen
Apparaatsuitgaven
14.347
16.432
18.080
18.385
22.023
Artikel 2 Financiële markten
Storting/onttrekking begrotingsreserve
1.000
1.000
0
0
0
Bijdrage aan ZBO's/RWT's
2.721
891
2.962
2.599
2.519
X
Defensie
‒
‒
‒
‒
‒
Artikel 2 Koninklijke Marine
Opdrachten, Personele en Materiële Uitgaven2
Artikel 3 Koninklijke Landmacht
Opdrachten, Personele en Materiële Uitgaven2
Artikel 5 Koninklijke Marechaussee
Opdrachten, Personele en Materiële Uitgaven2
Artikel 8 Defensie Ondersteuningscommando
Opdrachten, Personele en Materiële Uitgaven2
XII
Infrastructuur en Waterstaat
36.489
29.266
18.938
25.862
24.583
Artikel 13 Bodem en Ondergrond
Subsidies (regelingen)
10.144
10.912
11.609
9.295
10.213
Opdrachten
60
0
0
0
0
Bijdrage aan medeoverheden
144
0
0
2.474
0
Artikel 14 Wegen en verkeersveiligheid
Bijdrage aan medeoverheden
11.038
9.820
0
8.313
6.000
Artikel 17 Luchtvaart
Subsidies (regelingen)
425
420
286
1.269
860
Opdrachten
940
287
223
176
469
Leningen
3.774
0
0
0
0
Bijdrage aan agentschappen
5.806
5.058
3.435
465
10
Bijdrage aan medeoverheden
0
0
1.546
512
1.427
Artikel 18 Scheepvaart en havens
Opdrachten
61
0
0
57
100
Bijdrage aan medeoverheden
35
0
0
0
3.000
Artikel 21 Circulaire Economie
Opdrachten
0
0
47
0
0
Bijdrage aan medeoverheden
1.374
350
788
1.655
645
Artikel 22 Omgevingsveiligheid en Milieurisico's
Opdrachten
122
72
55
106
507
Bijdrage aan agentschappen
0
231
252
349
378
Bijdrage aan medeoverheden
501
1.197
0
0
0
Artikel 23 Meteorologie, Seismologie en Aardobservatie
Bijdrage aan medeoverheden
1.064
919
697
1.191
974
Artikel 24 Handhaving en toezicht
Bijdrage aan agentschappen
1.001
0
0
0
0
XIII
Economische Zaken en Klimaat
29.873
5.260
5.172
12.368
6.306
Artikel 1 Goed functionerende economie en markten
Subsidies (regelingen)
2.890
3.629
3.560
10.361
4.772
Bijdrage aan ZBO's/RWT's
651
651
651
651
651
Artikel 2 Bedrijvenbeleid: innovatie en ondernemerschap voor duurzame welvaartsgroei
Subsidies (regelingen)
25.831
422
0
326
17
Opdrachten
501
558
961
1.030
866
XIV
Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
4.065
3.212
2.708
1.087
1.546
Bijdrage aan medeoverheden
4.065
3.212
2.708
1.087
1.546
XV
Sociale Zaken en Werkgelegenheid
68.484
79.195
94.670
130.962
149.733
Artikel 1 Arbeidsmarkt
Subsidies (regelingen)
15.580
25
0
0
0
Artikel 2 Bijstand, Participatiewet en Toeslagenwet
Inkomensoverdrachten
4.347
12.424
7.370
9.815
11.678
Bijdrage aan medeoverheden
0
0
0
2.636
10.874
Artikel 3 Arbeidsongeschiktheid
Inkomensoverdrachten
668
1.083
1.099
1.360
1.722
Artikel 5 Werkloosheid
Inkomensoverdrachten
294
46
1
0
386
Artikel 6 Ziekte en Zwangerschap
Inkomensoverdrachten
4.958
8.129
8.677
9.415
12.198
Artikel 7 Kinderopvang
Subsidies (regelingen)
5.221
7.535
10.992
15.206
20.952
Opdrachten
73
270
753
196
206
Bijdrage aan medeoverheden
2.636
6.897
6.398
11.639
4.297
Artikel 8 Oudedagsvoorziening
Inkomensoverdrachten
22.009
28.148
39.908
54.940
59.635
Artikel 9 Nabestaanden
Inkomensoverdrachten
1.209
1.600
2.078
2.829
3.138
Artikel 10 Tegemoetkoming ouders
Inkomensoverdrachten
4.433
5.597
8.350
14.670
15.407
Artikel 11 Uitvoering
Bekostiging
0
7.441
9.044
8.256
9.240
Artikel 98 Algemeen
Bekostiging
7.056
0
0
0
0
XVI
Volksgezondheid, Welzijn en Sport
236.401
200.708
202.959
222.073
246.483
Artikel 1 Volksgezondheid
Subsidies (regelingen)
0
0
252
252
252
Bijdrage aan agentschappen
0
0
4.482
4.205
3.150
Artikel 4 Zorgbreed beleid
Subsidies (regelingen)
3.182
3.864
4.023
4.733
5.230
Bekostiging
228.364
184.929
184.068
199.853
225.632
Opdrachten
0
0
3.134
3.857
1.192
Bijdrage aan medeoverheden
4.855
11.915
6.750
9.163
11.017
Artikel 6 Sport en bewegen
Subsidies (regelingen)
0
0
0
10
10
Artikel 9 Algemeen
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties
0
0
250
0
0
XXII
Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening
4.0823
10.5823
9.2713
18.7273
18.378
Artikel 1 Woningmarkt
Subsidies (regelingen)
4.058
8.801
9.227
13.523
18.126
Opdrachten
24
51
14
59
152
Bijdrage aan ZBO's/RWT's
0
0
30
334
100
Bijdrage aan medeoverheden
0
0
0
4.811
0
Artikel 2 Energietransitie gebouwde omgeving en bouwkwaliteit
Bijdrage aan medeoverheden
0
1.730
0
0
0
XXIII
Klimaat en Groene Groei
32.3044
34.8874
19.0644
15.0994
12.115
Artikel 4 Een doelmatige energievoorziening en beperking van de klimaatverandering
Subsidies (regelingen)
32.304
34.887
19.064
15.099
12.115
X Noot
1
Het deel dat ten goede komt aan Caribisch Nederland is niet te bepalen.
X Noot
2
De taken die bij het Ministerie van Defensie zijn belegd, zijn Koninkrijkstaken. Het deel dat ten goede komt aan Caribisch Nederland is daarom niet te bepalen.
X Noot
3
De stand van de jaren 2021, 2022, 2023 en 2024 valt formeel niet onder het begrotingshoofdstuk VRO, maar onder het begrotingshoofdstuk BZK en worden hier voor de inzichtelijkheid getoond.
X Noot
4
De stand van de jaren 2021, 2022, 2023 en 2024 valt formeel niet onder het begrotingshoofdstuk KGG, maar onder het begrotingshoofdstuk EZK en worden hier voor de inzichtelijkheid getoond.
Hieronder zijn de Rijksuitgaven aan Caribisch Nederland voor de begrotingen afzonderlijk weergegeven, uitgesplitst per instrument. In het overzicht en de bijbehorende toelichtingen wordt aangegeven of het uitgaven zijn ten behoeve van eilandelijke taken of rijkstaken, of er sprake is van incidentele of structurele bekostiging en wordt een toelichting gegeven op de wijze van financiering welke gekoppeld is aan de beoogde beleidsdoelen.
Begroting overige Hoge Colleges van Staat, Kabinetten van de Gouverneurs en de Kiesraad (IIB)
Tabel 42 Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk overige Hoge Colleges van Staat, Kabinetten van de Gouverneurs en de Kiesraad (IIB) (bedragen x € 1.000)
Artikel/ instrument
Taak1
Bijdrage2
Realisatie
2021
2022
2023
2024
2025
Totaal uitgaven
365
404
447
502
507
Artikel 3 Nationale ombudsman
365
404
447
502
507
Institutionele inrichting
R
S
365
404
447
502
507
X Noot
1
R = Rijk, E = Eilandelijk
X Noot
2
S = Structureel, I = Incidenteel
Toelichting
Artikel 3 Nationale Ombudsman
Institutionele inrichting
De Nationale ombudsman is sinds 2010 bevoegd klachten te behandelen over overheidsinstanties van het Rijk in Caribisch Nederland en sinds 2012 ook over de openbare lichamen Bonaire, Saba en Sint Eustatius. Voor de openbare lichamen is de Nationale ombudsman eerstelijns klachtbehandelaar. Dat betekent dat burgers een klacht over de openbare lichamen ook direct aan de Nationale ombudsman kunnen voorleggen. Het betreft daarmee een structurele rijkstaak.
De Nationale ombudsman streeft ten aanzien van Caribisch Nederland een aantal doelen na. Ten eerste wil de ombudsman zichtbaar zijn voor de burgers in Caribisch Nederland en hen op weg helpen. Ten tweede wil de Nationale ombudsman bijdragen aan goed bestuur op de eilanden door de beginselen van het klachtrecht onder de aandacht te brengen bij de overheid. In 2025 heeft de Nationale ombudsman hier op verschillende manieren aan bijgedragen. Door middel van klachtbehandeling. Om ondanks de grote geografische afstand toch laagdrempelig en dichtbij voor de bewoners op de eilanden te kunnen zijn houdt de Nationale ombudsman een aantal keer per jaar in Caribisch Nederland spreekuren. De Nationale ombudsman doet ook onderzoek uit eigen beweging. In 2025 startte de Nationale ombudsman een onderzoek naar de medische uitzendingen in Caribisch Nederland. Daarnaast deed de Nationale ombudsman in 2025 een oproep aan de Tweede Kamer om de vuilstort bij Lagun op Bonaire (de Landfill) te stoppen.
Verder vroeg de Nationale ombudsman in 2025 specifieke aandacht voor een groep rugpatiënten uit Bonaire die nog altijd op een schadevergoeding wachten, na letsel dat zij meer dan tien jaar geleden hebben opgelopen na operaties in Colombia.
De Nationale ombudsman heeft voor het uitvoeren van haar werkzaamheden, die rijkstaken betreffen, op Caribisch Nederland vanaf 2018 een structureel budget beschikbaar van € 0,4 mln.
Begroting Koninkrijksrelaties (IV)
Tabel 43 Overzicht rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk Koninkrijksrelaties (IV) (bedragen x € 1.000)
Artikel/ instrument
Taak1
Bijdrage2
Realisatie
2021
2022
2023
2024
2025
Totaal uitgaven
16.548
19.175
19.215
11.828
59.881
Artikel 1 Versterken rechtsstaat
0
0
0
0
0
Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken3
E
S
Artikel 2 Slavernijverleden
0
0
0
0
6.562
Subsidies (regelingen)
E
I
0
0
0
0
187
Bijdrage aan medeoverheden
E
I
0
0
0
0
6.375
Artikel 4 Bevorderen sociaaleconomische structuur
14.031
19.175
19.215
11.828
53.319
Subsidies (regelingen)
R
I
3.558
2.090
2.328
3.669
4.054
Opdrachten
E
I
786
612
1.476
978
956
Inkomensoverdrachten
R
S
2.138
3.135
2.583
1.632
1.706
Bijdrage aan ZBO's/RWT's
R
I
0
0
0
32
161
Bijdrage aan medeoverheden
E
I
7.549
13.338
11.960
5.479
45.846
Bijdrage aan agentschappen
E
I
0
0
868
38
596
Artikel 8 Wederopbouw Sint Maarten
2.517
0
0
0
0
Bijdrage aan medeoverheden
E
I
2.517
0
0
0
0
X Noot
1
R = Rijk, E = Eilandelijk
X Noot
2
S = Structureel, I = Incidenteel
X Noot
3
het deel dat ten goede komt aan Caribisch Nederland is niet te bepalen.
Toelichting
Artikel 1 Versterken rechtsstaat
Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken
Recherche is een eilandelijke taak. Op grond van het Protocol inzake gespecialiseerde recherchesamenwerking ondersteunt het Recherche Samenwerkingsteam (RST) in deze taak. Het protocol is voor onbepaalde tijd. Met de Politiewet 2012 is bepaald dat er tussen de politie en het ministerie van Justitie en Veiligheid (JenV) een gesloten systeem voor financiering van de politie bestaat. Jaarlijks worden de budgetten van begrotingshoofdstuk IV Koninkrijksrelaties ten behoeve van het RST overgeheveld naar begrotingshoofdstuk VI JenV.
Het RST is zowel in Bonaire, Sint Eustatius, Saba als in de landen Aruba, Curaçao en Sint Maarten actief. Hierdoor is niet uit te splitsen welk deel ten goede komt aan Bonaire, Sint Eustatius, Saba en welk deel aan de Aruba, Curaçao en Sint Maarten.
Artikel 2 Slavernijverleden
Subsidies(regelingen)
Dit betreft uitgaven om invulling te geven aan de subsidieregeling voor maatschappelijke initiatieven trans-Atlantisch slavernijverleden voor Bonaire, Saba en Sint Eustatius.
Bijdrage aan medeoverheden
Dit betreft uitgaven voor onder andere bewustwording, betrokkenheid en doorwerking van slavernijverleden voor Caribisch Nederland. Ieder (ei)land werkt hiervoor aan een eigen agenda en de lokale overheden zijn hierin essentiële partners.
Artikel 4 Bevorderen sociaaleconomische structuur
Subsidies (regelingen)
In 2025 zijn diverse bijdragen gedaan ten behoeve van Caribisch Nederland waaronder de versterking van de VTH BES-eilanden voor circa € 1,0 mln., een bijdrage voor de afvalstortplaats Bonaire (Selibon) € 1,5 mln., voedselbank Bonaire circa € 0,2 mln. en het Caribische uitwisselingsnetwerk circa € 0,4 mln.
Opdrachten
De opdrachten voor Caribisch Nederland waren in 2025 gericht op het inhuren van beleids- en onderzoeksadvies en faciliteren van de samenwerking en uitwisseling, zo is afgelopen jaar de WolBES FinBES conferentie georganiseerd in Nederland waarbij een afvaardiging aanwezig was vanuit Caribisch Nederland.
Inkomensoverdrachten
Uit deze middelen zijn de pensioenen van gewezen politieke gezagdragers van het land Nederlandse Antillen (bewindspersonen, statenleden en gezaghebbers) afkomstig van Bonaire, Sint Eustatius en Saba gefinancierd. Met het opheffen van het land Nederlandse Antillen in 2010 is bepaald dat deze pensioenen ten laste van Nederland komen (Stcrt. 2010, nr. 14723). Daarmee is dit een structurele rijkstaak.
Bijdrage aan medeoverheden
De middelen voor het versterken van de bestuurs- en uitvoeringskracht van de openbare lichamen zijn in voorgaande jaren grotendeels overgeheveld naar het BES-fonds en als vrij besteedbare middelen aan de openbare lichamen verstrekt. Ook is binnen dit instrument een bijzondere uitkering verstrekt van € 1,9 mln. aan Sint Eustatius voor onderhoud aan historische panden. Daarnaast is in 2025 de tweede tranche van circa € 7,4 mln. beschikbaar gesteld aan het openbaar lichaam van Sint Eustatius voor herstelwerkzaamheden aan de klif. Eerder was in 2024 besloten de werkzaamheden aan de klif op te schorten vanwege achterblijvende voortgang op verschillende natuur- en erosieprojecten op het eiland, in het bijzonder de aanpak van loslopend vee. Omdat er weer voldoende vooruitgang is geboekt zijn in 2025 de werkzaamheden aan het klifproject weer hervat.
In 2025 is uitvoering gegeven aan investeringen die gericht zijn op het versterken van de sociaal-economische structuur van Caribisch Nederland. Voor de verbetering van de maritieme bereikbaarheid en de economische zelfstandigheid van Saba is in 2025 € 30 mln. beschikbaar gesteld voor de aanleg en ontwikkeling van de haven van Saba. Verder is in het licht van de aanhoudende groei van Bonaire geïnvesteerd in de kwaliteit en toekomstbestendigheid van het wegennet. Hiervoor is in de periode 2025–2028 € 16 mln. beschikbaar gesteld, waarvan in 2025 de eerste middelen ter hoogte van € 4 mln. zijn overgemaakt naar Bonaire.
Begroting Justitie en Veiligheid (VI)
Tabel 44 Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk Justitie en Veiligheid (VI) (bedragen x € 1.000)
Artikel/ instrument
Taak1
Bijdrage2
Realisatie
2021
2022
2023
2024
2025
Totaal uitgaven
44.885
51.375
62.607
70.259
80.185
Artikel 31 Politie
24.630
28.919
31.146
33.188
35.971
Bijdrage aan ZBO’s/RWT’s3
R
S
Bijdrage aan medeoverheden
R
S
24.630
28.919
31.146
33.188
35.971
Artikel 32 Rechtspleging en rechtsbijstand
165
0
5
14.762
18.702
Opdrachten
R
S
165
0
5
807
18.173
Bijdrage aan medeoverheden
R
S
0
0
0
13.955
529
Artikel 33 Veiligheid en criminaliteitsbestrijding
7.263
6.969
12.459
715
0
Opdrachten
R
S
463
416
383
0
0
Bijdrage aan medeoverheden
R
S
6.800
6.553
12.076
715
0
Artikel 34 Straffen en beschermen
12.827
15.487
18.997
21.594
25.512
Subsidies (regelingen)
R
S
1.684
1.976
2.140
2.406
2.645
Bijdrage aan agentschappen
R
S
10.001
12.022
15.360
17.199
20.726
Bijdrage aan medeoverheden
R
S
1.142
1.489
1.497
1.989
2.141
X Noot
1
R = Rijk, E = Eilandelijk
X Noot
2
S = Structureel, I = Incidenteel
X Noot
3
Het deel dat ten geode komt aan Caribisch Nederland is niet te bepalen.
Toelichting
Artikel 31 Politie
Bijdrage aan ZBO's/ RWT's
Bijdrage aan de Nationale Politie ten behoeve van de bestrijding ondermijning (TBO) en witwassen en ten behoeve van het Recherche Samenwerkingsteam (RST). Deze bijdrage is structureel, waarbij de middelen voor 2028 en latere jaren nog op de begroting Koninkrijksrelaties staan. Het geld is bestemd voor het Caribisch deel van het Koninkrijk, maar het is niet toe te wijzen hoeveel Caribisch Nederland precies hiervan ontvangt.
Bijdrage aan medeoverheden
De minister van Justitie en Veiligheid is korpsbeheerder van het brandweer- en politiekorps CN. Ter bekostiging van de personele en materiële uitgaven van deze korpsen wordt een bijdrage verstrekt. De jaarlijks vastgestelde begroting vormt de wettelijke grondslag voor de bekostiging van de beide korpsen van CN.
Artikel 32 Rechtspleging en rechtsbijstand
Opdrachten
DIt betreft opdrachten in relatie tot het reizen naar de BES-eilanden.
Bijdrage aan medeoverheden
Nederland draagt op verschillende manieren bij aan het rechtsbestel in CN en de andere landen van het Koninkrijk. Naast een jaarlijkse bijdrage aan het Gemeenschappelijk Hof van Justitie en de Openbaar Ministeries wordt onder andere gestimuleerd dat het aantal rechters en officieren van justitie zowel kwantitatief als kwalitatief op goed niveau blijft. De juridische dienstverlening op de BES-eilanden is geborgd door advocaten, notarissen en gerechtsdeurwaarders. Via de Rijksdienst Caribisch Nederland (RCN) en de Raad voor Rechtsbijstand wordt kosteloze rechtsbijstand verleend aan onvermogenden. Voorts wordt een subsidie beschikbaar gesteld voor een notaris van Sint Maarten ten behoeve van de beschikbaarheid van het notariaat op Saba en Sint Eustatius. Ook is er een Commissie bescherming persoonsgegevens BES die toezicht houdt op de uitvoering van de Wet bescherming persoonsgegevens BES. Tot slot wordt de Raad voor de rechtshandhaving in staat gesteld zijn taak, als vastgelegd in de Rijkswet Raad voor de rechtshandhaving, op een goed niveau uit te kunnen voeren. Daarnaast worden er via FIU Nederland middelen beschikbaar gesteld voor de Uitvoering Wwft BES en het beheren van de informatie-uitwisseling tussen FIU-Nederland (inclusief BES) met de Koninkrijkslanden en vice versa.
NB: de uitgaven die thans op artikel 32 worden verantwoord, waren in voorgaand jaren onder artikel 33 opgenomen.
Artikel 34 Straffen en beschermen
Subsidies (regelingen)
Deze middelen worden ingezet voor de erkende reclasseringsorganisatie Stichting Reclassering Caribisch Nederland (SRCN). De SRCN richt zich op de reclasseringstaak op CN.
Bijdrage aan medeoverheden
De BES voogdijraad heeft civielrechtelijke en strafrechtelijke taken (onderzoeks- en adviestaken en rekestrerende taken en coördinatie bij strafzaken) die zij uitvoert in CN, namelijk op Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Daarnaast vervult de BES voogdrijraad ook de rol van de Centrale Autoriteit in CN.
Bijdrage aan agentschappen
Ten aanzien van CN levert Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI) een bijdrage aan de veiligheid van de samenleving door de tenuitvoerlegging van vrijheidsstraffen en vrijheidsbenemende maatregelen en door de aan hun zorg toevertrouwde personen de kans te bieden een maatschappelijk aanvaardbaar bestaan op te bouwen. Daarnaast heeft de DJI een adviserende functie voor de overige landen binnen het koninkrijk op het gebied van detentie, vreemdelingenbewaring en forensische zorg.
Begroting Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII)
Tabel 45 Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII) (bedragen x € 1.000)
Artikel/ instrument
Taak1
Bijdrage2
Realisatie
2021
2022
2023
2024
2025
Totaal uitgaven
1.300
1.587
2.055
4.849
7.129
Artikel 6 Overheidsdienstverlening en informatiesamenleving
1.300
1.587
2.055
4.849
7.129
Subsidies (regelingen)
E
I
34
17
0
0
0
Opdrachten
E
I
0
0
67
112
0
Opdrachten
R
I
0
0
0
693
284
Bijdrage aan ZBO's/RWT's
E
I
0
0
0
302
75
Bijdrage aan medeoverheden
E
I
0
0
0
0
1.500
Bijdrage aan agentschappen
E
S
1.266
1.298
1.855
279
2.737
Bijdrage aan agentschappen
E
I
0
272
133
3.463
2.533
X Noot
1
R = Rijk, E = Eilandelijk
X Noot
2
S = Structureel, I = Incidenteel
Toelichting
Artikel 6 Overheidsdienstverlening en informatiesamenleving
Opdrachten
De incidentele Rijksuitgaven aan opdrachten waren in 2025 voornamelijk gericht op het opstellen van een datacenter strategie voor Caribisch Nederland en het maken van hoge resolutie luchtfoto’s van de eilanden ter voorbereiding op een geo-datafundament voor de digitale overheid. Dit in 2025 opgevolgd met een kosten-baten analyse. Daarnaast bood het ministerie van BZK vooral ondersteuning aan diverse overheidsorganisaties om zich voor te bereiden op de invoering van DigiD, in de vorm van prechecks.
Bijdrage Medeoverheden
In 2025 zijn in afstemming met het lokaal bestuur in Caribisch Nederland incidentele bijzondere uitkeringen verleend voor de invoering van de digitale overheid
Bijdrage aan agentschappen
Voor de eilanden zijn er in 2025 vooral taken uitgevoerd op het gebied van bevolkingsadministratie en reis- en identiteitsdocumenten.
De structurele bijdrage aan de Rijksdienst voor Identiteitsgegevens (RvIG) betreft ondersteuning van de basisadministraties persoonsgegevens BES, reisdocumenten algemeen en de identiteitskaart BES. Daarnaast heeft RvIG de bijdrage gebruikt om zorg te dragen voor het beheer van de centrale voorziening Persoonsinformatievoorziening Nederlandse Antillen en Aruba (PIVA).
De incidentele bijdragen aan RvIG zijn voor de invoering van het Burgerservicenummer en de voorzieningen digitale overheid . Op 11 november 2025 is de Wet invoering BurgerServiceNummer (BSN) en voorzieningen digitale overheid BES (Staatsblad 2025, 304) gedeeltelijk in werking getreden. Alle inwoners van Bonaire, Sint Eustatius en Saba beschikken nu over een BSN en alle overheidsorganisaties in Caribisch Nederland mogen het BSN gebruiken.
Begroting Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII)
Tabel 46 Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII) (bedragen x € 1.000)
Artikel/ instrument
Taak1
Bijdrage2
Realisatie
2021
2022
2023
2024
2025
Totaal uitgaven
67.059
85.501
88.184
92.777
90.205
Artikel 1 Primair onderwijs
30.177
40.545
46.025
45.949
41.309
Subsidies (regelingen)
R
S
476
2.709
129
0
35
Bekostiging
R
S
23.689
28.918
30.132
32.251
33266
Opdrachten
R
I
440
564
369
753
565
Bijdragen aan medeoverheden
R
S
5.572
8.354
15.395
12.945
7443
Artikel 3 Voortgezet onderwijs
22.855
28.387
24.252
26.669
29.526
Subsidies (regelingen)
R
S
1.323
3.612
818
890
2.013
Bekostiging
R
I
21.532
24.775
23.434
25.779
27.513
Artikel 4 Beroepsonderwijs en volwasseneneducatie
8.941
10.951
12.367
12.385
13.805
Subsidies (regelingen)
R
I
775
395
449
449
337
Bekostiging
R
S
6.943
9.399
10.405
10.516
11.997
Bijdrage aan medeoverheden
E
S
1.223
1.157
1.367
1.420
1.471
Artikel 6 Hoger Beroepsonderwijs
0
0
0
501
585
Subsidies (regelingen)
R
S
0
0
0
286
328
Subsidies (regelingen)
R
I
0
0
0
215
257
Artikel 9 Arbeidsmarkt- en personeelsbeleid
0
0
73
97
305
Subsidies (regelingen)
R
I
0
0
73
97
305
Artikel 11 Studiefinanciering
2.554
2.684
2.058
1.959
0
Inkomensoverdrachten
R
S
2.554
2.684
2.058
1.959
0
Artikel 14 Cultuur
32
426
909
2.583
2.175
Subsidies (regelingen)
R
I
26
9
0
0
0
Opdrachten
R
I
6
14
0
20
16
Bijdragen aan medeoverheden
R
I
0
403
909
2.563
2.159
Artikel 16 Onderzoek en Wetenschapsbeleid
2.500
2.500
2.500
2.500
2.500
Bekostiging
R
S
2.500
2.500
2.500
2.500
2.500
Artikel 25 Emancipatie
0
8
0
134
0
Subsidies (regelingen)
R
S
0
8
0
134
0
X Noot
1
R = Rijk, E = Eilandelijk
X Noot
2
S = Structureel, I = Incidenteel
Toelichting
Artikel 1 Primair onderwijs
Subsidies (regelingen)
Het betreft hier incidentele subsidies ter ondersteuning van het primaire onderwijs in Caribisch Nederland. Het gaat hier om een rijkstaak.
Bekostiging
Het Rijk verstrekt aan de schoolbesturen in Caribisch Nederland lumpsumbekostiging. Dit is een rijkstaak en het betreft structurele middelen voor de schoolbesturen op de eilanden Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Uit dit budget worden ook de Expertisecentra Onderwijszorg (EOZ’s) betaald.
Opdrachten
Het betreft structurele middelen, die incidenteel zijn ingezet voor het verder verbeteren van de kwaliteit van het gehele onderwijs in Caribisch Nederland tot een naar Europees Nederlandse maatstaven aanvaardbaar niveau. Het gaat hier om een rijkstaak.
Bijdrage aan medeoverheden
Het betreft structurele middelen, die incidenteel zijn ingezet voor de verbetering van de onderwijshuisvesting zoals vastgesteld in de convenanten onderwijshuisvesting Saba, Bonaire en Sint Eustatius (Caribisch Nederland). Dit betreft een (meerjarige) incidentele rijkstaak.
Daarnaast bevat dit instrument de structurele middelen voor het verder verbeteren van de kwaliteit van het gehele onderwijs in Caribisch Nederland tot een naar Europees Nederlandse maatstaven aanvaardbaar niveau. Het gaat hier om een rijkstaak.
Artikel 3 Voortgezet Onderwijs
Subsidies (regelingen)
Het betreft hier incidentele subsidies ter ondersteuning van het voortgezet onderwijs in Caribisch Nederland. Het gaat hier om een rijkstaak.
Bekostiging
Het Rijk verstrekt aan de schoolbesturen in Caribisch Nederland lumpsumbekostiging. Dit is een rijkstaak en het betreft structurele middelen voor de schoolbesturen op de eilanden Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 4 Beroepsonderwijs en volwasseneducatie
Subsidies
Het betreft hier incidentele subsidies ter ondersteuning van het middelbaar beroepsonderwijs in Caribisch Nederland. Het gaat hier om een rijkstaak.
Bekostiging
Het Rijk verstrekt aan de schoolbesturen in Caribisch Nederland lumpsumbekostiging. Dit is een rijkstaak en het betreft structurele middelen voor de schoolbesturen op de eilanden Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Bijdrage medeoverheden
Aan de openbare lichamen in Caribisch Nederland wordt jaarlijks een bijzondere uitkering verstrekt voor de uitvoering van de Wet Sociale Kanstrajecten Jongeren BES (SKJ). Voor de samenwerking met Curaçao, Sint Maarten en Aruba worden middelen beschikbaar gesteld, die bestemd zijn voor het stimuleren van studeren in de regio en het bevorderen van voorzieningen in de regio, mede ten behoeve van de inwoners van Caribisch Nederland. Het gaat hier om een structurele eilandelijke taak.
Artikel 6 Hoger Beroepsonderwijs
Subsidies (regelingen)
het betreft hier incidentele en structurele subsidies ter ondersteuning van het hoger beroepsonderwijs in Caribisch Nederland. Het gaat hier om een rijkstaak.
Artikel 9 Arbeidsmarkt- en personeelsbeleid
Subsidies (regelingen)
Het betreft hier incidentele subsidies ter ondersteuning van het lerarenbeleid in Caribisch Nederland. Het gaat hier om een rijkstaak.
Artikel 11 Studiefinanciering
Inkomensoverdrachten
Dit betreft uitgaven aan studiefinanciering voor studenten uit Caribisch Nederland. Dit is een structurele rijkstaak. Vanaf 2023 is het voor het eerst mogelijk om in de uitgaven onderscheid te maken tussen de relevante uitgaven (giften en omzettingen) en de niet-relevante uitgaven (prestatiebeurzen en leningen) aan studiefinanciering. In de tabel zijn voor 2023 alleen de relevante uitgaven opgenomen. Tot en met 2022 zijn alle uitgaven aan de studiefinanciering voor studenten uit Caribisch Nederland als relevante uitgaven geboekt.
Artikel 14 Cultuur
Opdrachten
Het betreft incidentele opdrachten ter ondersteuning van o.a. activiteiten rondom het herdenkingsjaar slavernijverleden.
Bijdragen aan medeoverheden
Het betreft hier grotendeels incidentele uitgaven voor de aanpak van de bibliotheekvoorziening en voor het inzetten van cultuurcoaches op Caribisch Nederland om de toegankelijkheid van cultuur te vergroten.
Artikel 16 Onderzoek en wetenschapsbeleid
Bekostiging
De financiering aan het Caribisch deel van het Koninkrijk loopt via de Nederlandse organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO). De middelen worden gebruikt voor een impuls aan het onderzoek op (en over) het Caribisch deel van het Koninkrijk en het leveren van een bijdrage aan de structurele versterking van het kennisstelsel op het Caribisch deel van het Koninkrijk. Het betreft structurele taken en is een rijkstaak.
Begroting Financiën (IXB)
Tabel 47 Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk Financiën (IXB) (bedragen x € 1.000)
Artikel/ instrument
Taak1
Bijdrage2
Realisatie
2021
2022
2023
2024
2025
Totaal uitgaven
18.068
18.323
21.042
20.984
24.542
Artikel 1 Belastingen
14.347
16.432
18.080
18.385
22.023
Apparaatsuitgaven
R
S
14.347
16.432
18.080
18.385
22.023
Artikel 2 Financiële markten
3.721
1.891
2.962
2.599
2.519
Storting/onttrekking begrotingsreserve
R
S
1.000
1.000
0
0
0
Bijdrage aan ZBO's/RWT's
R
S
2.721
891
2.962
2.599
2.519
X Noot
1
R = Rijk, E = Eilandelijk
X Noot
2
S = Structureel, I = Incidenteel
Toelichting
Artikel 1 Belastingen
Apparaatsuitgaven
Betreft de kosten van uitvoering van fiscale wet- en regelgeving en douanetaken in Caribisch Nederland.
Artikel 2 Financiële markten
Bijdrage aan ZBO's/ RWT's
De verantwoordelijkheid van de minister van Financiën ten aanzien van de toezichttaken is dezelfde voor de BES-eilanden als voor Europees Nederland, omdat de verhouding tussen de minister en de toezichthouders dezelfde is. Het toezicht op de BES-eilanden is net als in Europees Nederland op afstand geplaatst bij De Nederlandsche Bank (DNB) en de Autoriteit Financiële Markten (AFM); de minister van Financiën is systeemverantwoordelijk. Voor het toezicht op de BES-eilanden ontvangt DNB jaarlijks een overheidsbijdrage en voor het gedragstoezicht op de financiële markten op de BES-eilanden ontvangt de AFM jaarlijks een overheidsbijdrage.
Begroting Defensie (X)
Tabel 48 Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk Defensie (X) (bedragen x € 1.000)
Artikel/ instrument
Taak1
Bijdrage2
Realisatie
2021
2022
2023
2024
2025
Totaal uitgaven
0
0
0
0
0
Artikel 2 Koninklijke Marine
0
0
0
0
0
Opdrachten, Personele en Materiële Uitgaven3
R
S
Artikel 3 Koninklijke Landmacht
0
0
0
0
0
Opdrachten, Personele en Materiële Uitgaven3
R
S
Artikel 5 Koninklijke Marechaussee
0
0
0
0
0
Opdrachten, Personele en Materiële Uitgaven3
R
S
Artikel 8 Defensie Ondersteuningscommando
0
0
0
0
0
Opdrachten, Personele en Materiële Uitgaven3
R
S
X Noot
1
R = Rijk, E = Eilandelijk
X Noot
2
S = Structureel, I = Incidenteel
X Noot
3
Het deel dat ten goede komt aan Caribisch Nederland is niet te bepalen.
Toelichting
Het Ministerie van Defensie voert haar taken structureel in het gehele Koninkrijk uit. Het valt derhalve niet te bepalen welk specifiek deel daarvan wordt besteed in Caribisch Nederland.
Begroting Infrastructuur en Waterstaat (XII)
Tabel 49 Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk Infrastructuur en Waterstaat (XII) (bedragen x € 1.000)
Artikel/ instrument
Taak1
Bijdrage2
Realisatie
2021
2022
2023
2024
2025
Totaal uitgaven
36.489
29.266
18.938
25.862
24.583
Artikel 13 Bodem en Ondergrond
10.348
10.912
11.609
11.769
10.213
Subsidies (regelingen)
E
S
10.144
10.912
11.609
9.295
10.213
Opdrachten
R
I
60
0
0
0
0
Bijdrage aan medeoverheden
E
I
144
0
0
2.474
0
Artikel 14 Wegen en verkeersveiligheid
11.038
9.820
0
8.313
6.000
Bijdrage aan medeoverheden
E
I
11.038
9.820
0
8.313
6.000
Artikel 17 Luchtvaart
10.945
5.765
5.490
2.422
2.766
Subsidies (regelingen)
R
I
425
420
286
1.269
860
Opdrachten
R
S
940
287
223
176
469
Leningen
R
I
3.774
0
0
0
0
Bijdrage aan agentschappen
E
I
5.806
5.058
3.435
465
10
Bijdrage aan medeoverheden
R
I
0
0
1.546
512
1.427
Artikel 18 Scheepvaart en havens
96
0
0
57
3.100
Opdrachten
E
S
61
0
0
57
100
Bijdrage aan medeoverheden
E
I
35
0
0
0
3.000
Artikel 21 Circulaire Economie
1.374
350
835
1.655
645
Opdrachten
E
I
0
0
47
0
0
Bijdrage aan medeoverheden
E
I
1.374
350
788
1.655
645
Artikel 22 Omgevingsveiligheid en Milieurisico's
623
1.500
307
455
885
Opdrachten
E
S
122
72
55
106
507
Bijdrage aan agentschappen
R
S
0
231
252
349
378
Bijdrage aan medeoverheden
E
S
501
1.197
0
0
0
Artikel 23 Meteorologie, Seismologie en Aardobservatie
1.064
919
697
1.191
974
Bijdrage aan medeoverheden
R
S
1.064
919
697
1.191
974
Artikel 24 Handhaving en toezicht
1.001
0
0
0
0
Bijdrage aan agentschappen
R
S
1.001
0
0
0
0
X Noot
1
R = Rijk, E = Eilandelijk
X Noot
2
S = Structureel, I = Incidenteel
Toelichting
Artikel 13 Bodem en ondergrond
Subsidies (regelingen)
Betreft structurele subsidies voor het verlagen van de tarieven van drinkwater op Saba, Sint Eustatius en Bonaire, alsmede voor afvalwater (rioolwaterzuivering) op Bonaire. Daarnaast gaat het om incidentele subsidies voor investeringen in de drinkwatervoorzieningen, hetgeen bijdraagt aan de toegankelijkheid van drinkwater.
Artikel 17 Luchtvaart
Subsidies (regelingen)
Er is een subsidie aan DC-ANSP verstrekt ten behoeve van het verlagen van luchtverkeersdienstverleningstarieven. Om een onaanvaardbare stijging in de tarieven voor het gebruik van luchtverkeersdienstverlening op en rond Bonaire International Airport te voorkomen, heeft IenW een deel van de kosten voor het leveren van de dienst door Dutch Caribbean Air Navigation Service Provider (DC-ANSP) gedekt via subsidiering. Zonder deze bijdrage zouden de tarieven dusdanig sterk stijgen dat een mogelijke verstoring van de markt zal optreden, met bijbehorend negatief effect op de lokale gemeenschap.
Opdrachten
Het betreft de financiering van diverse onderzoeken, opleidingen, workshops en de jaarlijks terugkerende kosten voor instandhouding van de luchtvaartpublicaties.
Bijdrage aan medeoverheden
Bijdrage aan Sint Eustatius voor onderhoud Replace the Air Treatment Unit.
Bijdrage aan agentschappen
Bijdrage aan RWS voor de baanverlichting op Bonaire International Airport.
Artikel 21 Duurzaamheid
Bijdrage aan medeoverheden
Dit betreft de bijdrage aan het Openbaar lichaam Bonaire voor het realiseren van een duurzaam afval beheer via onder andere het programma Afval Beheer op Maat.
Artikel 22 Omgevingsveiligheid en milieurisico’s
Opdrachten
Dit betreft middelen ten behoeve van de programma uitgaven die RWS maakt voor de jaaropdracht onder andere om opdrachten uit te zetten voor vertalingen, communicatie en informatievoorziening.
Bijdrage aan agentschappen
Dit betreft de bijdrage aan RWS voor de inzet van capaciteit voor de jaaropdracht. RWS voert werkzaamheden uit voor onder andere vergunningen categorie 4 voor het Inrichtingen- en activiteitenbesluit BES.
Artikel 23 Meteorologie, seismologie en aardobservatie
Bijdrage aan agentschappen
Naast reguliere taken als het weerbericht en een waarschuwing voor gevaarlijk weer worden er ook specifieke taken door het KNMI op Caribisch Nederland uitgevoerd. Het gaat hierbij onder meer om dienstverlening op de luchthaven Flamingo Airport (Bonaire International Airport).
Begroting Economische Zaken (XIII)
Tabel 50 Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk Economische Zaken (XIII) (bedragen x € 1.000)
Artikel/ instrument
Taak1
Bijdrage2
Realisatie
2021
2022
2023
2024
2025
Totaal uitgaven
29.873
5.260
5.172
12.368
6.306
Artikel 1 Goed functionerende economie en markten
3.541
4.280
4.211
11.012
5.423
Subsidies (regelingen)
R
S
2.890
3.629
3.560
10.361
4.772
Bijdrage aan ZBO's/RWT's
R
S
651
651
651
651
651
Artikel 2 Bedrijvenbeleid: innovatie en ondernemerschap voor duurzame welvaartsgroei
26.332
980
961
1.356
883
Subsidies (regelingen)
E
S
25.831
422
0
326
17
Opdrachten
R
S
501
558
961
1.030
866
X Noot
1
R = Rijk, E = Eilandelijk
X Noot
2
S = Structureel, I = Incidenteel
Toelichting
Artikel 1 Goed functionerende economie en markten
Subsidies (regelingen)
De tijdelijke verlaging van de tarieven voor vaste internetaansluitingen in Caribisch Nederland (25 USD per aansluiting per maand voor Bonaire en 35 USD per aansluiting per maand voor St Eustatius en Saba) die voor de jaren 2020 tot en met 2022 aan de orde was, is om de mogelijkheden van digitalisering te kunnen benutten per 2023 structureel. In 2024 t/m 2026 zijn de tarieven verder verlaagd met 15 USD per maand.
Bijdrage aan ZBO's/RWT's
De bijdragen ten behoeve van het statische werkprogramma van CBS voor Caribisch Nederland maken onderdeel uit van de Rijksbijdrage. Er worden statistieken en producten geleverd voor allerlei onderwerpen, zoals bevolking, onderwijs, transport, toerisme, prijzen en nutsvoorzieningen. Dit zijn nominale cijfers, loon- en prijsbijstellingen en taakstellingen op de Rijksbijdrage als geheel zijn hier niet in verwerkt.
Artikel 2 Bedrijvenbeleid: innovatie en ondernemerschap voor duurzame welvaartsgroei
Subsidies (regelingen)
In het kader van beleid gericht op ondernemerschap wordt er jaarlijks een subsidie uitgekeerd ter ondersteuning en professionalisering van de Kamer van Koophandel op Sint Eustatius en Saba. De kern van dit beleid is het stimuleren van het ondernemerschap in Caribisch Nederland.
Opdrachten
Naast het reguliere statistische programma zijn er additionele statistieken en onderzoeken uitgevoerd door CBS, onder meer op het gebied van BBP, werken en lonen, inkomens en toerisme. Daarnaast wordt sinds 2022 opdracht aan CBS gegeven voor het jaarlijks opstellen van een Monitor Brede Welvaart. Tot slot is er aan de KvK Bonaire een opdracht verstrekt voor meerdere jaren in het kader van een op te richten Ondernemershuis op Bonaire.
Begroting Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (XIV)
Tabel 51 Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (XIV) (bedragen x € 1.000)
Artikel/ instrument
Taak1
Bijdrage2
Realisatie
2021
2022
2023
2024
2025
Totaal uitgaven
4.065
3.212
2.708
1.087
1.546
Artikel 22 Natuur en biodiversiteit
4.065
3.212
2.708
1.087
1.546
Bijdrage aan medeoverheden
R
I
4.065
3.212
2.708
1.087
1.546
X Noot
1
R = Rijk, E = Eilandelijk
X Noot
2
S = Structureel, I = Incidenteel
Toelichting
Artikel 22 Natuur, visserij en gebiedsgericht werken
Bijdrage aan medeoverheden
De activiteiten in 2025 stonden in het kader van de eerste fase van het Natuur- en milieubeleidsplan (NMBP). De projecten waren gericht op ondere andere mangroven- en koraalherstel, uitbreiding riolering en waterzuivering en (zee)waterkwaliteit monitoring op Bonaire; koraalherstel, bestrijding invasieve soorten en herstel van het droog tropisch bos op Sint Eustatius; en herbebossing, bestrijding van loslopende geiten en uitbreiding van de hydroponics farm op Saba.
Begroting Sociale Zaken en Werkgelegenheid (XV)
Tabel 52 Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk Sociale Zaken en Werkgelegenheid (XV) (bedragen x € 1.000)
Artikel/ instrument
Taak1
Bijdrage2
Realisatie
2021
2022
2023
2024
2025
Totaal uitgaven
68.484
79.195
94.670
130.962
149.733
Artikel 1 Arbeidsmarkt
15.580
25
0
0
0
Subsidies (regelingen)
R
I
15.580
25
0
0
0
Artikel 2 Bijstand, Participatiewet en Toeslagenwet
4.347
12.424
7.370
12.451
22.552
Inkomensoverdrachten
R
S
4.347
12.424
7.370
9.815
11.678
Bijdrage aan medeoverheden
E
I
0
0
0
2.636
10.874
Artikel 3 Arbeidsongeschiktheid
668
1.083
1.099
1.360
1.722
Inkomensoverdrachten
R
S
668
1.083
1.099
1.360
1.722
Artikel 5 Werkloosheid
294
46
1
0
386
Inkomensoverdrachten
R
S
294
46
1
0
386
Artikel 6 Ziekte en Zwangerschap
4.958
8.129
8.677
9.415
12.198
Inkomensoverdrachten
R
S
4.958
8.129
8.677
9.415
12.198
Artikel 7 Kinderopvang
7.930
14.702
18.143
27.041
25.455
Subsidies (regelingen)
E
S
5.221
7.535
10.992
15.206
20.952
Opdrachten
E
S
73
270
753
196
206
Bijdrage aan medeoverheden
E
I
2.636
6.897
6.398
11.639
4.297
Artikel 8 Oudedagsvoorziening
22.009
28.148
39.908
54.940
59.635
Inkomensoverdrachten
R
S
22.009
28.148
39.908
54.940
59.635
Artikel 9 Nabestaanden
1.209
1.600
2.078
2.829
3.138
Inkomensoverdrachten
R
S
1.209
1.600
2.078
2.829
3.138
Artikel 10 Tegemoetkoming ouders
4.433
5.597
8.350
14.670
15.407
Inkomensoverdrachten
R
S
4.433
5.597
8.350
14.670
15.407
Artikel 11 Uitvoering
0
7.441
9.044
8.256
9.240
Bekostiging
R
S
0
7.441
9.044
8.256
9.240
Artikel 98 Algemeen
7.056
0
0
0
0
Bekostiging
R
S
7.056
0
0
0
0
X Noot
1
R = Rijk, E = Eilandelijk
X Noot
2
S = Structureel, I = Incidenteel
Toelichting
Artikel 2 Bijstand, Participatiewet en Toeslagenwet
Inkomensoverdrachten
Dit betreft een structurele rijkstaak: inkomensregeling Onderstand.
De Rijksoverheid biedt aan inwoners van Caribisch Nederland inkomensondersteuning in de vorm van Onderstand. Het betreft zowel algemene als bijzondere onderstand. Laatstgenoemde component heeft betrekking op uit bijzondere omstandigheden voortvloeiende noodzakelijke kosten die de belanghebbende zelf niet kan voldoen.
Bijdrage aan medeoverheden
Dit betreft een eilandelijke taak: incidentele subsidie voor het uitvoeren van een publieke taak.
Voor bijzondere uitkeringen geldt, in tegenstelling tot de vrije uitkering, dat zij voor een bepaald doel worden gegeven. Indien het geld niet wordt besteed aan het voorgeschreven doel of als een doelstelling niet wordt gerealiseerd dan kan het Rijk het geld terugvorderen.
Artikel 3 Arbeidsongeschiktheid
Inkomensoverdrachten
Dit betreft een structurele rijkstaak: inkomensregeling Ongevallenverzekering.
Werknemers in de private sector van Caribisch Nederland die door een bedrijfsongeval geheel of gedeeltelijk arbeidsongeschikt zijn geraakt, krijgen op basis van de Ongevallenverzekering een uitkering (ongevallengeld). De uitkering is gekoppeld aan het laatstverdiende loon van de werknemer.
Artikel 5 Werkloosheid
Inkomensoverdrachten
Dit betreft een structurele rijkstaak: inkomensregeling, eenmalige uitkering op basis van de Cessantiawet BES.
Werknemers in Caribisch Nederland die werkzaam zijn in de private sector ontvangen bij beëindiging van de dienstbetrekking anders dan door de schuld van de werknemer op grond van de Cessantiawet een eenmalige uitkering, te betalen door de werkgever. Als de werkgever wegens faillissement of surseance van betaling niet in staat is om de uitkering (tijdig) te betalen, neemt SZW deze verplichting over.
Artikel 6 Ziekte en verlofregelingen
Inkomensoverdrachten
Dit betreft een structurele rijkstaak: inkomensregeling Ziekteverzekering.
Werknemers in de private sector van Caribisch Nederland die door ziekte of zwangerschap met loonderving geconfronteerd worden, ontvangen een uitkering (ziekengeld) op grond van de Ziekteverzekering. De uitkering is gerelateerd aan het laatstverdiende loon van de werknemer.
Artikel 7 Kinderopvang
Subsidies (regelingen)
Dit betreft een eilandelijke taak: structurele subsidie voor het bevorderen van de kwaliteit kinderopvang.
Daarnaast is er de Tijdelijke subsidieregeling kinderopvang Caribisch Nederland die vanuit het Rijk aan kinderopvangorganisaties in Caribisch Nederland ter beschikking worden gesteld om financiële toegankelijkheid van de kinderopvang en buitenschoolse opvang te verbeteren en tegelijkertijd de kwaliteit van de opvang te verbeteren. Deze regeling eindigt nadat de nieuwe wet Kinderopvang Caribisch Nederland gefaseerd in werking is getreden.
Opdrachten
Dit betreft een eilandelijke taak: structurele opdrachten ten behoeve van kinderopvang.
Het gaat onder andere om middelen voor onderzoek, centrale uitvoeringskosten en het programmabureau BES(t)4 Kids.
Bijdragen aan medeoverheden
Dit betreft een eilandelijke taak: kinderopvang.
Dit betreft middelen voor de bijzondere uitkering aan de eilanden voor de versterking van kinderopvang en voor- en naschoolse opvang in Caribisch Nederland in het kader van het programma BES(t) 4 kids.
Artikel 8 Oudedagsvoorziening
Inkomensoverdrachten
Dit betreft een structurele rijkstaak: Inkomensregeling algemene oudedagsvoorziening.
Personen die in Caribisch Nederland verzekerde jaren hebben opgebouwd voor de AOV en die de AOV-gerechtigde leeftijd hebben bereikt, ontvangen een aan de verzekerde jaren gerelateerd ouderdomspensioen op grond van de AOV. Tevens kent de AOV een partnertoeslag.
Artikel 9 Nabestaanden
Inkomensoverdrachten
Dit betreft een structurele rijkstaak: Inkomensregeling algemene weduwen en wezenverzekering.
Inwoners van Caribisch Nederland die geconfronteerd zijn met het overlijden van hun partner of ouder(s), hebben op grond van de AWW recht op een uitkering. De hoogte van de uitkering is leeftijdgerelateerd.
Artikel 10 Tegemoetkoming ouders
Inkomensoverdrachten
Dit betreft een structurele rijkstaak: algemene kinderbijslagvoorziening.
De kinderbijslagvoorziening BES biedt ouders of verzorgers die op Bonaire, Sint Eustatius en Saba wonen een tegemoetkoming voor de kosten van opvoeding en verzorging van kinderen die nog geen 18 jaar zijn.
Artikel 11 Uitvoering
Bekostiging
Dit betreft een structurele rijkstaak: kosten voor de unit Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW).
De RCN-unit SZW is een bij de Rijksdienst Caribisch Nederland gepositioneerd onderdeel van het departement dat namens de minister is belast met uitkeringsverstrekking, vergunningverlening en arbeidsinspectie in Caribisch Nederland. Tot de begroting 2022 zijn deze uitgaven opgenomen op artikel 98 Algemeen.
Begroting Volksgezondheid, Welzijn en Sport (XVI)
Tabel 53 Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk Volksgezondheid, Welzijn en Sport (XVI) (bedragen x € 1.000)
Artikel/ instrument
Taak1
Bijdrage2
Realisatie
2021
2022
2023
2024
2025
Totaal uitgaven
236.401
200.708
202.959
222.073
246.483
Artikel 1 Volksgezondheid
0
0
4.734
4.457
3.402
Subsidies (regelingen)
R
S
0
0
252
252
252
Bijdrage aan agentschappen
R
S
0
0
4.482
4.205
3.150
Artikel 4 Zorgbreed beleid
236.401
200.708
197.975
217.606
243.071
Subsidies (regelingen)
R
S
3.182
3.864
4.023
4.733
5.230
Bekostiging
R
S
228.364
184.929
184.068
199.853
225.632
Opdrachten
R
S
0
0
3.134
3.857
1.192
Bijdrage aan medeoverheden
E
S
4.855
11.915
6.750
9.163
11.017
Artikel 6 Sport en bewegen
0
0
0
10
10
Subsidies (regelingen)
R
I
0
0
0
10
10
Artikel 9 Algemeen
0
0
250
0
0
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties
R
I
0
0
250
0
0
X Noot
1
R = Rijk, E = Eilandelijk
X Noot
2
S = Structureel, I = Incidenteel
Toelichting
Artikel 1 Volksgezondheid
Subsidies (regelingen)
Ten behoeve van de JOGG-aanpak in Caribisch Nederland is een subsidiebijdrage van € 0,2 mln. verstrekt.
Bijdragen aan agentschappen
Van de uitvoeringskosten van het RIVM is per saldo € 3,2 mln. gerealiseerd voor onder andere bevolkingsonderzoeken, wetenschappelijke kennisbasis en oncologische registratie in het Caribisch deel van het Koninkrijk.
Artikel 4 Zorgbreed beleid
Subsidies (regelingen)
In totaal is voor € 5,2 mln. aan subsidies verstrekt. Deze middelen zijn vooral ingezet voor de residentiele jeugdzorg in Caribisch Nederland. Daarnaast zijn projectsubsidies verstrekt voor diverse ontwikkelprogramma’s op het gebied van sport.
Bekostiging
Op het instrument bekostiging is in totaal € 225,6 mln. gerealiseerd. Hiervan is € 218,1 mln. ingezet voor zorguitgaven die voortvloeien uit het Besluit Zorgverzekering BES. Een budget van € 5,9 mln. is ingezet voor de begeleiding van jongeren, voor welzijn en sport. Daarnaast is € 0,4 mln. ingezet in het kader van het project digitalisering van de zorg in Caribisch Nederland. Tot slot is € 1,2 mln. ingezet voor de verduurzaming van zorg- en sportinstellingen.
Opdrachten
Aan diverse instellingen is in het kader van het Besluit Zorgverzekering BES in totaal € 0,4 mln. versterkt. Verder is in het kader van het begeleiden van jongeren, welzijn en sport in totaal voor € 0,8 mln. aan opdrachten verstrekt.
Bijdragen aan medeoverheden
Aan de openbaar lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba is in totaal voor € 11,0 mln. aan bijzondere uitkeringen verstrekt. Deze uitkeringen zijn ingezet voor de uitvoering van verschillende eilandelijke taken op het VWS-domein. Op het gebied van sport, maatschappelijk ondersteuning en publieke gezondheid is in totaal € 10,2 mln. gerealiseerd. Verder is er € 0,6 mln. versterkt aan zorg- en sportinstellingen in het kader van verduurzaming. Tot slot is € 0,2 mln. ingezet in het kader van de COVID-19 vaccinatiecampagne.
Begroting Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (XXII)
Tabel 54 Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (XXII) (bedragen x € 1.000
Artikel/ instrument
Taak1
Bijdrage2
Realisatie
20213
20223
20233
20243
2025
Totaal uitgaven
4.082
10.582
9.271
18.727
18.378
Artikel 1 Woningmarkt
4.082
8.852
9.271
18.727
18.378
Subsidies (regelingen)
E
S
2.339
1.151
2.893
5.738
6.755
Subsidies (regelingen)
E
I
1.719
7.650
6.334
7.785
11.371
Opdrachten
E
I
24
51
14
59
152
Bijdrage aan ZBO's/RWT's
E
I
0
0
30
334
100
Bijdrage aan medeoverheden
E
I
0
0
0
4.811
0
Artikel 2 Energietransitie gebouwde omgeving en bouwkwaliteit
0
1.730
0
0
0
Bijdrage aan medeoverheden
E
I
0
1.730
0
0
0
X Noot
1
R = Rijk, E = Eilandelijk
X Noot
2
S = Structureel, I = Incidenteel
X Noot
3
De stand van de jaren 2021, 2022, 2023 en 2024 valt formeel niet onder het begrotingshoofdstuk VRO, maar onder het begrotingshoofdstuk BZK en worden hier voor de inzichtelijkheid getoond.
Toelichting
Artikel 1 Woningmarkt
Subsidies (regelingen)
De structurele uitkeringen hebben betrekking op het verlagen van huurprijzen in de sociale en particuliere sector voor huurders met een laag inkomen. Daarnaast zijn incidentele uitkeringen verstrekt tbv renovatie van sociale huurwoningen op Sint Eustatius en de bouw van sociale huurwoningen op Saba en Sint Eustatius.
Opdrachten
Er zijn opdrachten verstrekt voor het uitvoeren van een evaluatie van de Bijdrage Particuliere Verhuur op Bonaire en een onderzoek naar de huur-inkomenstabel op de drie eilanden.
Bijdrage aan ZBO's/RTW's
Aan het CBS is een bijdrage vertrekt voor het uitvoeren van een nulmeting op Bonaire en voor de woonbehoefte in Caribisch Nederland.
Begroting Klimaat en Groene Groei (XXIII)
Tabel 55 Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk Klimaat en Groene Groei(XXIII) (bedragen x € 1.000)
Artikel/ instrument
Taak1
Bijdrage2
Realisatie
20213
20224
20234
20244
2025
Totaal uitgaven
32.304
34.887
19.064
15.099
12.115
Artikel 31 Een doelmatige energievoorziening en beperking van de klimaatsverandering
32.304
34.887
19.064
15.099
12.115
Subsidies (regelingen)
R
S en I
32.304
34.887
19.064
15.099
12.115
X Noot
1
R = Rijk, E = Eilandelijk
X Noot
2
S = Structureel, I = Incidenteel
X Noot
3
De stand van de jaren 2021, 2022, 2023 en 2024 valt formeel niet onder het begrotingshoofdstuk KGG, maar onder het begrotingshoofdstuk EZK en worden hier voor de inzichtelijkheid getoon.
X Noot
4
De stand van de jaren 2021, 2022, 2023 en 2024 valt formeel niet onder het begrotingshoofdstuk KGG, maar onder het begrotingshoofdstuk EZK en worden hier voor de inzichtelijkheid getoond.
Toelichting
Artikel 31 Een doelmatige energievoorziening en beperking van de klimaatverandering
Subsidies (regelingen)
In 2025 heeft KGG middelen ingezet voor de vaste netkosten en voor de verdere verduurzaming van de energiesystemen. Deze middelen dragen bij aan de beleidsdoelen betaalbaarheid, duurzaamheid en betrouwbaarheid. Het gaat onder meer om een structurele rijksbijdrage aan de netbeheerders op Bonaire, Sint-Eustatius en Saba, zodat de vaste maandelijkse aansluitkosten voor netgebruikers worden verlaagd. Daarnaast hebben de netbeheerders in 2025 extra subsidie ontvangen om de vaste netkosten voor kleine aansluitingen (met name huishoudens) verder te verlagen, naar aanleiding van het rapport Sociaal Minimum Caribisch Nederland. Tot slot zijn in 2025 subsidies verstrekt aan Saba en Sint-Eustatius voor de volgende fase van de zonneweides, waarmee het aandeel duurzame elektriciteitsopwekking verder wordt verhoogd.
Ondertekenaars
P.E. Heerma, minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.