Brief regering : Kabinetsreactie op stijging armoedecijfers en Tijdelijk Noodfonds Energie (TNE)
29 023 Voorzienings- en leveringszekerheid energie
24 515
Preventie en bestrijding van stille armoede en sociale uitsluiting
Nr. 625
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 19 december 2025
Op 17 december heeft het CBS de voorlopige armoedecijfers over het jaar 2024 gepresenteerd.
Deze laten een stijging zien ten opzichte van het jaar ervoor. Hierop heeft de Kamer
mij op 18 december verzocht om in te gaan op maatregelen die genomen worden om te
voorkomen dat mensen (dieper) in de problemen raken. Tevens is gevraagd in te gaan
op de optie om opnieuw te bezien of ondersteuning deze winter alsnog via het Tijdelijk
Noodfonds Energie georganiseerd kan worden.
Reactie CBS Publicatie Leven in armoede
Op 17 december heeft het CBS de publicatie Leven in armoede gepubliceerd met definitieve armoedecijfers voor 2023 en voorlopige armoedecijfers
voor 2024. De armoede in Nederland nam de afgelopen jaren steeds verder af, onder
meer door overheidsmaatregelen. Armoede is in 2023 en 2024 lager uitgevallen dan eerder
voorspeld. Dit is gunstig en komt vooral doordat de gegevens over betaalde woon- en
energielasten niet beschikbaar waren bij de voorlopige cijfers. Die lasten vallen
dus iets lager uit dan waar eerder rekening mee is gehouden. De voorlopige cijfers
over het aantal mensen in armoede in 2024 laat een lichte stijging zien door het wegvallen
van de energietoeslag. Volgens de Macro Economische Verkenning 2026 van het CPB is
de verwachting dat zowel armoede als kinderarmoede daalt naar 2,6% in 2026.
Het kabinet heeft in het Nationaal Programma Armoede en Schulden maatregelen genomen
om de toename van (kinder)armoede te voorkomen en langetermijneffecten van armoede
tegen te gaan. Daarnaast zetten we ons in om problematische schulden aan te pakken.
In de voortgangsbrief van het Nationaal Programma Armoede en Schulden die uw Kamer
in Q1 2026 ontvangt, wordt de voortgang beschreven van de maatregelen die het kabinet
neemt om armoede- en schuldenproblematiek aan te pakken. In deze brief zal het kabinet
ook nadrukkelijk stilstaan bij de ontwikkeling van de armoedecijfers, ook richting
de komende jaren.
Ondersteuning vanuit Tijdelijk Noodfonds Energie
In de Kamerbrief van 7 november jl.1 heb ik met uw Kamer gedeeld dat het niet mogelijk is om deze winter via Stichting
Tijdelijk Noodfonds Energie (TNE) steun te verlenen aan huishoudens. De reden hiervoor
is dat er op dit moment geen bijdrage van private partijen is. Om zonder private bijdrage
een subsidie te verlenen aan TNE kent grote risico’s. Deze zijn in de brief van 30 september
jl. geschetst.2 In het geval van een volledige bijdrage door het Rijk zal de stichting naar alle
waarschijnlijkheid door de rechter worden aangemerkt als een buitenwettelijk bestuursorgaan
en dat leidt daarmee tot een onrechtmatigheid. Het gevolg hiervan is dat uitkeringen
onrechtmatig zijn en dat er geen rechtmatig subsidieplafond bestaat, met een open
einde-regeling tot gevolg. Hierbij kan de rijksoverheid financieel aansprakelijk worden
voor alle aanvragen die worden ingediend. Dit kan oplopen tot extra uitgaven van honderden
miljoenen euro’s.
In de Kamerbrief van 7 november jl.3 heb ik uw Kamer geïnformeerd over het feit dat het ook niet mogelijk is om het publiek
energiefonds deze winter te openen, in samenwerking met TNE. Dit is juridisch en uitvoeringstechnisch
niet haalbaar. Er is onder meer een wetswijziging nodig om ervoor te zorgen dat TNE
het publieke energiefonds in mandaat kan uitvoeren. Dit traject duurt in ieder geval
een jaar en hier zal zeer waarschijnlijk een aanbestedingsprocedure moeten worden
gevolgd.
Recente uitspraak Tijdelijk Noodfonds Energie
In de recente uitspraak van de rechtbank Gelderland4 heeft de rechtbank geoordeeld dat de stichting TNE in 2024 geen (buitenwettelijk)
bestuursorgaan is in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. De rechter heeft geoordeeld
dat er in dit geval geen sprake was »van het eenzijdig opleggen van selectiecriteria»
door het Rijk, waardoor niet aan het inhoudelijke vereiste is voldaan. Ik heb uw Kamer
eerder geïnformeerd over de risico’s bij volledig publiek gefinancierde uitvoering
door TNE. De uitspraak van de rechtbank verandert de eerdere inschatting van de risico’s
niet. Om als bestuursorgaan te worden aangemerkt moet er in de relatie tussen de rechtspersoon
en de overheid iets bijzonders aan de hand zijn, waarbij overheidsbeleid wordt uitgevoerd
door deze rechtspersoon.5 Als het kabinet een subsidie aan het TNE verstrekt die als inkomensondersteuning
voor huishoudens dient, impliceert dit een grote kans op dit oordeel. Dat wordt t.o.v.
het jaar waarover de rechtbank nu heeft geoordeeld nog eens versterkt als het kabinet
nu 100% (i.p.v. 2/3e) zou financieren. Een volledig publiek gefinancierde variant van het TNE acht ik
dan ook niet haalbaar. Daarnaast blijft het risico op staatssteun bestaan als ook
de uitvoeringskosten door middelen vanuit de rijksoverheid worden gefinancierd.
Steun winter 2025
In de Kamerbrief van 7 november jl.6 is uw Kamer geïnformeerd over het feit dat, om huishoudens deze winter toch te ondersteunen,
er is besloten om € 30 miljoen extra beschikbaar te stellen voor het Gemeentefonds
zodat gemeenten lokaal hulp kunnen bieden aan huishoudens in energiearmoede.
Dit kan gaan om voorzieningen die zien op de verduurzaming van de woning en om hulp
bij het aanvragen van landelijke en lokale voorzieningen, bijvoorbeeld via de Voorzieningenwijzer.
Huishoudens kunnen daarnaast ook altijd bij hun gemeente terecht om te bespreken wat
de mogelijkheden zijn voor ondersteuning. Indien door de bewoner gewenst kan bredere
hulp worden geboden. De middelen dienen als impuls voor de bestaande dienstverlening
van gemeenten, en zijn niet bedoeld ter vervanging van de rol die TNE heeft vervuld
bij het bieden van directe inkomensondersteuning.
Tijdens de opening van het vorige publiek-private TNE in 2025, is huishoudens de vraag
gesteld of hun gegevens gedeeld mogen worden met de gemeente. Ongeveer 150.000 huishoudens
hebben deze vraag met «ja» beantwoord. Op dit moment loopt er een pilot met meerdere
gemeenten met het doel om op korte termijn alle gemeenten gebruik te kunnen laten
maken van deze data. Hierdoor kunnen gemeenten binnen hun lokale aanpak gerichter
te werk gaan, en hulpverlenen aan huishoudens die hebben aangegeven graag hulp te
ontvangen. Het kabinet ziet de resultaten van deze pilot en aansluitende datadeling
positief tegemoet.
De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
J.N.J. Nobel
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
J.N.J. Nobel, staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid