Inbreng verslag schriftelijk overleg : Inbreng verslag van een schriftelijk overleg over o.a. de geannoteerde Agenda Formele Energieraad 15 december 2025 (Kamerstuk 21501-33-1168)
2025D49880 INBRENG VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG
De vaste commissie voor Klimaat en Groene Groei heeft een aantal vragen en opmerkingen
aan de Minister van Klimaat en Groene Groei voorgelegd over de geannoteerde agenda
van de informele Energieraad van 15 december 2025 (Kamerstuk 21 501-33, nr. 1168), BNC-fiche Chemie Actieplan (Kamerstuk 22 112, nr. 4160), BNC-fiche Aanbeveling voor het openen van onderhandelingen met het VK over een
sanitaire en fytosanitaire ruimte en koppeling van emissiehandelssystemen (Kamerstuk
22 112, nr. 4169), het verslag van de formele Energieraad van 4 en 5 september 2025 (Kamerstuk 21 501-33, nr. 1150) en het verslag van de formele Energieraad van 20 oktober 2025 (Kamerstuk 21 501-33, nr. 1166).
De fungerend voorzitter van de commissie,
Kröger
Adjunct-griffier van de commissie,
Teske
Inhoudsopgave
I
Vragen en opmerkingen vanuit de fracties
II
Antwoord/Reactie van de Minister
I Vragen en opmerkingen vanuit de fracties
Vragen van de leden van de D66-fractie
De leden van de D66-fractie hebben met interesse kennisgenomen van de geannoteerde
agenda voor de formele Energieraad van 15 december 2025 in Brussel. Deze leden hebben
enkele vragen over de inzet van het kabinet.
Meerjarig Financieel Kader (MFK)
De leden van de D66-fractie constateren dat de Minister aangeeft dat de grote Europese
uitdagingen vragen om herprioritering van middelen en een kritische reflectie op de
besteding van Europese publieke fondsen. Deze leden constateren in de beantwoording
op het schriftelijk overleg in de Transportraad dat het kabinet de optie expliciet
openlaat om voorstellen te doen die de door de Europese Commissie voorgenomen investeringen
van 51,5 miljard euro in infrastructuur verlagen. Deze leden vragen aan de Minister
waarom zij dat openlaat. Zeker met het oog op het grote probleem van netcongestie
en de Nederlandse vraag aan de Europese Commissie om daarbij financieel te ondersteunen.
CEF en European Grids Package
De leden van de D66-fractie constateren dat door inzet van Nederland in de onderhandelingen
een verduidelijking is opgenomen dat projecten binnen het Connecting Europe Facility
(CEF) en het European Grids Package een significante grensoverschrijdende impact moeten
hebben, in lijn met de The Trans-European Networks for Energy-verordening (TEN-E).
Deze leden waarderen dat deze inzet helpt om middelen gericht in te zetten voor projecten
met Europese toegevoegde waarde, zoals interconnecties en hybride offshore-infrastructuur.
De leden van de D66-fractie verzoeken de Minister om in zowel het CEF als het European
Grids Package actief te pleiten voor concrete investeringen in interconnectoren en
hybride interconnectoren, waaronder een gezamenlijk offshore-project op de Noordzee
zoals voorgesteld door de Transmission System Operators (TSO’s), en daarbij te benadrukken
dat dergelijke investeringen de weerbaarheid van heel Europa vergroten. Tevens vragen
deze leden welke (geplande) transport- en energieprojecten in Nederland potentieel
gebruik kunnen maken van het vernieuwde CEF en welke omvang aan Europese middelen
hierbij past; of er projecten met duidelijke Europese waarde zijn die mogelijk niet
tot uitvoering komen zonder Europese cofinanciering; hoe de Minister ervoor kan zorgen
dat de gezamenlijke TSO’s daadwerkelijk concrete projectinvesteringen krijgen in het
nieuwe Meerjarig Financieel Kader (MFK); en wat de Nederlandse inzet is in de verdere
hervorming van de elektriciteitsmarkt en de energie-unie.
REPowerEU en importverbod Russisch gas
De leden van de D66-fractie constateren dat de Raad onderhandelt over een stapsgewijs
verbod op de invoer van gasvormig en vloeibaar aardgas uit, of indirect afkomstig
uit, de Russische Federatie, en dat de Nederlandse inzet erop gericht is de onderhandelingen
spoedig af te ronden. Deze leden spreken hun waardering uit voor de inzet van de Minister
en onderstrepen dat het van groot belang is dat Europa zo snel mogelijk volledig onafhankelijk
wordt van Russisch gas, zowel om geopolitieke redenen als voor de strategische autonomie
van de EU. Deze leden verzoeken de Minister uiteen te zetten welke stappen Nederland
neemt om het onderhandelingsproces te versnellen en welke aanvullende maatregelen
de Minister ondersteunt om de Europese energie-infrastructuur zodanig te versterken
dat afbouw van Russische gasimporten daadwerkelijk tijdig en veilig kan worden gerealiseerd.
Vragen van de leden van de VVD-fractie
De leden van de VVD-fractie hebben kennisgenomen van de stukken die horen bij het
schriftelijk overleg van de Energieraad (formeel) d.d. 15 december 2025 en zij hebben
hierover verder geen vragen en/of opmerkingen.
Vragen van de leden van de GroenLinks-PvdA-fractie
De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie hebben met interesse kennisgenomen van de
geannoteerde agenda voor de Energieraad. Deze leden hebben hierover nog enkele vragen.
Connecting Europe Facility (CEF)
De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie vragen of de Minister net als hen positief
is dat er veel meer geld beschikbaar komt voor het CEF? Zij vragen of de Minister
de mening deelt dat het CEF zich zou moeten blijven focussen op de energietransitie
en interconnecties tussen lidstaten? Deelt de Minister de mening dat met name de energienetten
veel meer financiering nodig hebben, wat ook helpt voor de weerbaarheid van Europa?
Hoe zal de Minister voorkomen dat er nog meer gasprojecten gefinancierd worden met
het CEF?
REPower EU
De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie vragen hoe de Minister de trialoogdeal van
afgelopen nacht over REPowerEU beoordeelt? Welke bijkomende acties dient Nederland
te nemen ten gevolge van deze deal?
Grids Package
De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie vragen hoe de Minister kijkt naar een grensoverschrijdende
kostenverdeling? Vindt zij ook dat dit een bindend kader moet krijgen? Zal de Minister
hierom vragen?
De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie vragen of de Minister zal pleiten voor Europese
eisen rond «made-in-EU» voor elektriciteitsnetten en veiligheidseisen om buitenlandse
mogendheden buiten het «grid» te houden? Zet Nederland daar nu al op in?
De leden van de fractie GroenLinks-PvdA-fractie vragen de Minister hoe flexibiliteit
van vraag en slimme oplossingen voor netten in dit Europees pakket zullen worden meegenomen?
Gaat de Minister er bij de Europese Unie (EU) op aandringen daar iets rond te doen?
De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie vragen de Minister hoe dit pakket ook de elektrificatie
zal stimuleren. Zet Nederland ook in op meer middelen hiervoor, bijvoorbeeld via «Contracts
for difference» (CfD’s) en «Power purchase agreement» (PPA’s) of meer middelen om
de industrie te verduurzamen?
De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie vragen de Minister hoe de bescherming van
waardevolle natuur als belang behouden wordt in de afweging van het versnellen van
vergunningsprocedures? Is de Minister het eens dat snellere procedures niet mogen
leiden tot natuurvernietiging?
Actieplan Chemische Industrie
De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie vragen hoe de Minister kijkt naar de verschillende
dereguleringsomnibussen die de Europese Commissie al gepresenteerd heeft en ook voor
de chemische industrie zou kunnen presenteren? Gaat de Minister pleiten voor het behoud
van maatregelen ter bescherming van het milieu en de gezondheid van burgers?
Terugkoppeling Belém
De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie vragen de Minister hoe ze de Europese partners
zal meekrijgen in een ambitieuze agenda voor de van de top met Colombia? In welke
mate zijn de Europese instellingen en andere lidstaten al betrokken in deze plannen?
In welke mate betekent het organiseren van deze conferentie verdere stappen in het
afbouwen van fossiele subsidies in Europees verband? Hoe zal Nederland een voortrekkersrol
waarmaken?
Vragen van de leden van de CDA-fractie
De leden van de CDA-fractie hebben kennisgenomen van de onderliggende stukken voor
het schriftelijk overleg de Energieraad van 15 december en hebben daarover enkele
vragen voor de Minister.
De leden van de CDA-fractie lezen dat het kabinet het voorstel voor de CEF steunt.
Zij vragen de Minister aan te geven welke lopende of geplande energieprojecten in
Nederland mogelijk in aanmerking kunnen komen voor financiering uit het nieuwe CEF,
en welk totaalbedrag aan Europese middelen door deze projecten potentieel zou kunnen
worden benut. Deze leden merken op dat er volgens de Minister nog wel discussies lopen
over de mogelijkheid om nationale projecten te financieren via een bredere interpretatie
van het begrip «grensoverschrijdend». Zij vragen de Minister wat de Nederlandse opstelling
is in deze discussie en welke nationale projecten in welke lidstaten van een dergelijk
bredere interpretatie gebruik zouden kunnen maken. Kan de Minister daarbij ook aangeven
wat de argumenten voor en tegen een bredere interpretatie van het begrip «grensoverschrijdend»
zijn?
De leden van de CDA-fractie merken op dat het European Grids Package naar verwachting
op 10 december wordt gepubliceerd. Nederland zal onder andere pleiten voor een Europese
aanpak van de hoge nettarieven, Europese ondersteuning bij het aanpakken van netcongestie
en een doeltreffend mechanisme voor eerlijke verdeling van kosten en baten van nieuwe
grensoverschrijdende infrastructuurprojecten. Deze leden vragen de Minister op elk
van deze punten aan te geven op welke wijze een Europese aanpak voor Nederland ondersteunend
kan zijn. Kan de Minister tevens aangeven of zij hier ook concrete voorstellen voor
zal doen en, zo ja, welke dat zijn?
De leden van de CDA-fractie zijn positief over het feit dat vraagcreatie expliciet
onderdeel is van het Europese Chemie Actieplan. Actieve stimulering van de vraag naar
duurzame producten met o.a. overheidsbeleid is een belangrijke randvoorwaarde voor
de Nederlandse industrie om de omslag naar duurzame productie te maken. Deze leden
vragen de Minister of en hoe zij voornemens is om de noodzaak van vraagcreatie als
onderdeel van de Industrial Decarbonisation Accelerator Act ook actief onder de aandacht
brengen bij haar Europese collega-Ministers en welke concrete voorstellen zij op het
gebied van vraagcreatie vanuit de EU verwacht.
De vragen van de leden van de JA21-fractie
De leden van de JA21-fractie hebben kennisgenomen van de geannoteerde agenda voor
de formele Energieraad van 15 december 2025 in Brussel. Zij hebben diverse zorgen
en vragen die zij graag delen en voorleggen aan de Minister.
Gedeeltelijke algemene oriëntatie op het Connecting Europe Facility (CEF)
De leden van de JA21-fractie vragen in hoeverre de Minister waarborgt dat bij de uitwerking
van het CEF Nederland een netto-ontvanger wordt en geen netto-betaler.
Deze leden verzoeken een ondubbelzinnig antwoord van de Minister dat er primair altijd
wordt gedacht aan het Nederlandse belang inzake handel en energievoorzieningen. Hoe
gaat de Minister daarnaast waarborgen dat Europese regelgeving niet gaat bijten met
nationale belangen? Is de Minister van mening dat een verdere integratie van de Europese
energiemarkt eerder ten goede of ten slechte komt aan de Nederlandse energieprijzen?
De leden van de JA21-fractie vragen de Minister hoe Nederland lidstaten die niet voldoen
aan budgettaire afspraken, gaat aanspreken. Er zijn lidstaten met hoge schulden en
grote, oplopende tekorten. Hoe wil de Minister dat de EU gaat herprioriteren en kritisch
moet kijken naar de besteding van Europese publieke middelen?
De leden van de JA21-fractie zijn van mening dat het kabinet in haar fiche op dit
voorstel veel afschuift op Europese afspraken en de Europese energiemarkt om de energiekosten
te verlagen, terwijl Nederland zelf kunstmatig de energieprijzen hoog maakt. Hoe gaat
de Minister waarborgen dat de energieprijzen in Nederland verlaagd worden? Hoe gaat
de Minister ervoor zorgen dat energieprijzen vergelijkbaar, maar het liefst lager
zijn, dan omringende Europese landen, zodat de Nederlandse industrie (en consumenten)
een gelijk speelveld hebben ten opzichte van buurlanden?
REPowerEU-verordening
De leden van de JA21-fractie vinden dat de Minister terecht aangeeft dat de import
van Russisch gas zo snel mogelijk moet stoppen. Tegelijkertijd heeft Nederland afgelopen
jaar veel meer Russisch gas geïmporteerd ten opzichte van het jaar ervoor. Wat is
de inschatting wat de afbouw van Russisch gas doet met de Nederlandse energieprijzen?
Kan de Minister aangeven waar Nederland op Europees niveau staat inzake het afsluiten
van gasleveranties ten opzichte van andere Europese landen? Wat is de positie van
Nederland ten aanzien van het feit dat de Europese Commissie bekijkt of er een tijdelijke
ontheffing voor sommige lidstaten geboden kan worden op de import van Russisch gas
en de import en tijdelijke opslag van olie en petroleumproducten?
Kan de Minister aangeven in hoeverre lidstaten in het recente verleden kenbaar hebben
gemaakt dat zij interesse hebben in gas uit het Groninger gasveld? Vindt de Minister
het acceptabeler dat Nederland tot 2027, en mogelijk andere lidstaten met een ontheffing,
gas importeren uit Rusland, dan Europees gas op een veilige manier (tijdelijk) te
benutten?
European Grids Package
De leden van de JA21-fractie vragen of de Minister kan aangeven of Nederland in relatie
tot het European Grids Package een netto-ontvanger of nettobetaler wordt. Hoe gaat
de Minister waarborgen dat Nederland in geen enkel geval netto-betaler wordt? Hoe
gaat de Minister daarnaast waarborgen dat Europese regelgeving niet gaat bijten met
nationale belangen? Is de Minister bereid, in het kader van het creëren van een gelijk
speelveld, om bij de Energieraad aan te kondigen dat het drastische verlagingen van
energiebelastingen overweegt? Zo nee, waarom niet?
Zij vragen of de Minister kan aangeven of, en zo ja in hoeverre, Europese afspraken
inzake het versterken van het energienet kan botsen met nationale afspraken en belangen?
De leden van de JA21-fractie constateren dat de versnelling inzake kernenergie nog
altijd stroperig verloopt en dat over de opschaling van kernenergie nauwelijks wordt
gesproken. Kan de Minister informeren bij landen, zoals Frankrijk, waarom het in dergelijke
landen wél mogelijk is om uitbouw van kernenergie vlot te trekken?
De leden van de JA21-fractie vragen of de Minister in Europees verband een discussie
wil starten over de bindende klimaatdoelstellingen die onhaalbaar zijn voor Nederland,
zoals het Centraal Planbureau (CPB) onder andere concludeerde.
Vragen van de leden van de BBB-fractie
De leden van de BBB-fractie hebben kennisgenomen van de stukken voor de Energieraad
van 15 december aanstaande. Deze leden staan voor een nuchter, realistisch en uitvoerbaar
energiebeleid. Bij Europese besluitvorming moeten leveringszekerheid, betaalbaarheid
en nationale autonomie centraal staan. Europese samenwerking is belangrijk, maar mag
niet ten koste gaan van de belangen van Nederlandse burgers en bedrijven.
Gasbevoorrading en Gas Security of Supply Regulation
De leden van de BBB-fractie hebben kennisgenomen van het non-paper over de herziening
van de Gas Security of Supply Regulation. Zij onderschrijven het belang van slimme
gasbesparing, paraatheid voor langdurige aanbodschokken en realistische opslagdoelstellingen.
Hoe wordt de rol van marktpartijen versterkt bij het realiseren van gasopslag, en
welke prikkels zijn hiervoor nodig? Hoe kijkt de Minister naar de verhouding tussen
Europese opslagdoelstellingen en nationale situaties en marktontwikkelingen?
Chemie Actieplan
De leden van de BBB-fractie vinden de chemische industrie van groot (strategisch)
belang voor Nederland en Europa. Zij steunen het streven naar verduurzaming en innovatie,
maar waarschuwen voor extra regeldruk en onrealistische verplichtingen die de concurrentiekracht
van de sector ondermijnen. Het Chemie Actieplan moet daadwerkelijk leiden tot minder
bureaucratie, meer innovatie en een gelijk speelveld voor het midden- en kleinbedrijf
(mkb). Zij vragen hoe wordt geborgd dat het actieplan daadwerkelijk leidt tot minder
regeldruk en meer innovatie, in plaats van extra bureaucratie?
Aanbeveling opening onderhandelingen met Verenigd Koninkrijk
De leden van de BBB-fractie hebben kennisgenomen van de aanbeveling voor het openen
van onderhandelingen met het Verenigd Koninkrijk (VK) over een gezamenlijk sanitair
en fytosanitair gebied en koppeling van emissiehandelssystemen. Deze leden onderschrijven
het grote belang van een goede (handels)relatie tussen de EU en het VK. Maar overeenkomst
tussen de EU en het VK mogen niet leiden tot oneerlijke concurrentie of extra regeldruk
voor Nederlandse bedrijven. Kan de Minister toelichten hoe de belangen van de Nederlandse
landbouw, visserij en industrie worden geborgd bij deze onderhandelingen? Welke waarborgen
zijn er dat een eventuele koppeling van emissiehandelssystemen niet leidt tot extra
kosten of administratieve lasten voor het Nederlandse bedrijfsleven?
Energie-infrastructuur
De leden van de BBB-fractie hebben het verslag van de informele Energieraad van 4
en 5 september 2025 gelezen. Zij steunen het belang van investeringen in energie-infrastructuur,
maar vragen aandacht voor de uitvoerbaarheid en betaalbaarheid. Deze leden pleiten
voor een aanpak waarbij innovatie wordt gestimuleerd, maar waarbij de regeldruk beperkt
blijft en de betaalbaarheid voorop staat. Kan de Minister reflecteren op de BBB-inzet
dat digitalisering en AI in de energiesector vooral moeten bijdragen aan efficiëntie
en betaalbaarheid, en niet tot extra kosten of bureaucratie mogen leiden?
RePowerEU en uitfasering Russisch gas
De leden van de BBB-fractie hebben kennisgenomen van het verslag van de Energieraad
(formeel) van 20 oktober 2025. Deze leden onderschrijven het belang van het afbouwen
van het gebruik Russisch gas, zeker gezien de geopolitieke ontwikkelingen van de afgelopen
jaren. Bij de uitfasering hiervan vinden deze leden het belangrijk dat er rekening
gehouden wordt met de leveringszekerheid en betaalbaarheid van energie. De overstap
naar LNG maakt Europa kwetsbaarder voor mondiale prijsschommelingen en geopolitieke
spanningen elders in de wereld. Het is volgens deze leden essentieel dat de energietransitie
niet leidt tot hogere lasten voor huishoudens en het mkb, en dat de industrie concurrerend
kan blijven opereren. Kan de Minister aangeven welke concrete maatregelen Nederland
neemt om leveringszekerheid en betaalbaarheid te waarborgen, nu de afhankelijkheid
van LNG uit de wereldmarkt toeneemt? Hoe wordt de balans bewaakt tussen Europese solidariteit
en nationale belangen, zeker als het gaat om de invulling van nationale diversificatieplannen?
Korte-termijnherziening van het EU-ETS
De leden van de BBB-fractie bepleiten in verband met de Milieu Omnibus een korte-termijnevaluatie
in de EU Emissions Trading System-richtlijn (EU ETS) op te nemen. Reden zijn de economische
omstandigheden waarvoor met name de energie intensieve mkb-maakindustrie zich gesteld
ziet. Daardoor hebben kleinere ETS-deelnemers, dringend behoefte aan zowel vereenvoudiging
van het ETS-systeem als het voorkomen of sterk beperken van een verdere stijging van
lasten. Dat past ook bij de conclusies van de Europese Raad van 23 oktober jl. waarin
het stelt dat bijzondere aandacht moet worden besteed aan energie-intensieve industrieën,
zoals staal en metaal, chemicaliën, cement, glas en keramiek en pulp en papier, zodat
zij veerkrachtig en concurrerend blijven in een mondiale markt en een uitdagende geopolitieke
omgeving».
De leden van de BBB-fractie vragen of de Minister bereid is te bevorderen dat in de
Milieu Omnibus een korte-termijnherziening van het EU-ETS wordt opgenomen, met het
doel een vereenvoudiging voor kleine emitters door de drempel te verhogen (van 25.000
naar 50.000 ton CO2 per jaar). Deze aanpassing, voorzien in artikel 27 van de EU-ETS-richtlijn, zou de
administratieve lasten voor het mkb aanzienlijk verminderen zonder de verduurzamingsdoelstellingen
te beïnvloeden
De leden van de BBB-fractie vragen of de Minister bereid is te bevorderen dat in de
Milieu Omnibus een korte-termijnherziening van het EU-ETS wordt opgenomen met het
doel een EU ETS-crisismechanisme voor tijdelijke hulp aan sectoren die aantoonbaar
door de energiecrisis worden getroffen. Dit mechanisme moet voorzien in tijdelijke
opschorting van de inleveringsverplichting voor EU-emissierechten of in de tijdelijke
opschorting van het kortingspercentage van de vrije toewijzing van emissierechten
voor sectoren die worden blootgesteld aan Carbon Leakage.
Vragen van de leden van de SGP-fractie
De leden van de SGP-fractie hebben met belangstelling kennisgenomen van de geannoteerde
agenda. Zij hebben enkele vragen naar aanleiding van de geannoteerde agenda.
CEF
De leden van de SGP-fractie hebben een vraag over de CEF. Zij zien het belang van
investeringen in grensoverschrijdende energieverbindingen. Zij horen graag welke (geplande)
transport- en energieprojecten in Nederland mogelijk gebruik zouden kunnen maken van
het nieuwe CEF en hoeveel Europese financiële middelen deze projecten samen potentieel
zouden kunnen gebruiken.
REPowerEU-verordening
De leden van de SGP-fractie hebben een vraag in het kader van de REPowerEU-verordening.
CE Delft heeft in een recente analyse gewezen op de mogelijkheid van het creëren van
een strategische kussengasreserve ten behoeve van extra flexibiliteit in een krappe
gasmarkt. Deze leden horen graag hoe de Minister deze optie waardeert.
European Grid Package
De leden van de SGP-fractie waarderen de inzet van Nederland op versnelling van vergunningsprocedures
voor infrastructuurprojecten. Veel infrastructuurprojecten lopen tegen de stikstofproblematiek
aan, terwijl deze projecten juist bijdragen aan de verduurzaming van de energievoorziening
en zo aan reductie van de stikstofuitstoot. Deze leden hebben enkele vragen. In hoeverre
heeft de Minister steun gezocht bij andere lidstaten voor haar inzet voor een «vrijstelling»
voor tijdelijke depositiebijdragen van (duurzame) energieprojecten? Verwacht de Minister
dat de Europese Commissie dit voorstel opneemt in het EU Grid Package? Indien dit
niet het geval is, ziet de Minister dan mogelijkheden om via (een aanvulling op) Europese
richtsnoeren inzake artikel 6 van de Habitatrichtlijn wat meer ruimte te krijgen voor
genoemde tijdelijke depositiebijdragen ten gunste van depositiereductie in het algemeen?
Dit ligt immers helemaal in de geest van de Habitatrichtlijn zelf en ook de Richtlijn
hernieuwbare energie (REDIII).
De leden van de SGP-fractie lezen dat de Minister wil inzetten op een Europese aanpak
van hoge nettarieven. Deze leden horen graag wat de Minister daarbij voor ogen heeft.
Deelt de Minister daarnaast de mening van deze leden dat naast eventuele Europese
inzet ook op korte termijn ingezet moet worden op verlaging van de netkosten voor
met name de eigen industrie?
Vragen van de leden van de PvdD-fractie
De leden van de PvdD-fractie hebben kennisgenomen van het verslag van de formele Energieraad
van 20 oktober 2025 in Luxemburg, waarin overeenstemming is bereikt over een algemene
oriëntatie van de REPowerEU-verordening voor een volledige en permanente uitfasering
van Russische energiebronnen uit de EU, inclusief nationale diversificatieplannen
vóór 1 maart 2026. De Minister heeft aangegeven geen aardgas meer uit Rusland te importeren.
Zij vragen de Minister te reflecteren op welke andere energiegerelateerde grondstoffen
uit Rusland, zoals uranium, verrijkt uranium of andere materiaal voor de nucleaire
sector, nog onderwerp van import kunnen zijn of worden, zeker in het kader van de
oprichting van de Nucleaire Energie Organisatie. Waar is het kabinet voornemens de
grondstoffen voor de Nederlandse kernreactoren vandaan te halen?
De leden van de PvdD-fractie merken op dat recente Intergovernmental science-policy
Platform on Biodiversity and Ecosystem Services- (IPBES) en Intergovernmental Panel
on Climate Change-rapporten (IPCC) duidelijk maken dat klimaatcrisis en biodiversiteitscrisis
samen moeten worden aangepakt. Zij vragen de Minister of zij in de Energieraad wil
pleiten voor een beleidslijn waarbij maatregelen om klimaatverandering tegen te gaan
niet ten koste gaan van biodiversiteit. Daarbij willen wij ook het belang van energiebesparing
en weloverwogen inzet van energie sterk onderstrepen.
De leden van de PvdD-fractie benadrukken tot slot dat deze samenhangende aanpak cruciaal
is om een duurzame en rechtvaardige transitie te realiseren die zowel de klimaatdoelen
als de bescherming van onze leefomgeving veiligstelt.
II Antwoord/Reactie van de Minister
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
S.C. Kröger, voorzitter van de vaste commissie voor Klimaat en Groene Groei -
Mede ondertekenaar
C.M. Teske, adjunct-griffier
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.