Verslag van een schriftelijk overleg : Verslag van een schriftelijk overleg over G20 2025 (o.a. Kamerstuk 32429-31)
32 429 G-20
Nr. 34
VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG
Vastgesteld 20 november 2025
De vaste commissie voor Buitenlandse Zaken heeft een aantal vragen en opmerkingen
voorgelegd aan de Minister van Buitenlandse Zaken over de brief van 9 december 2024
over de brief Nederlandse inzet G20 2025 (Kamerstuk 32 429, nr. 32), de brief Reactie op verzoek commissie over de geannoteerde agenda voor de G20-top
(Kamerstuk 32 429, nr. 33) en de brief Deelname G20 2025 (Kamerstuk 32 429, nr. 31).
De vragen en opmerkingen zijn op 18 november 2025 aan de Minister van Buitenlandse
Zaken voorgelegd. Bij brief van 20 november 2025 zijn de vragen beantwoord.
De fungerend voorzitter van de commissie, Klaver
Adjunct-griffier van de commissie, Coco Martin
Inhoudsopgave
I
Vragen en opmerkingen vanuit de fracties en reactie van de bewindspersoon
2
Vragen en opmerkingen van de leden van de D66-fractie
2
Vragen en opmerkingen van de leden van de VVD-fractie
6
Vragen en opmerkingen van de leden van de GroenLinks-PvdA-fractie
8
Vragen en opmerkingen van de leden van de BBB-fractie
9
II
Volledige agenda
11
I Vragen en opmerkingen vanuit de fracties en reactie van de bewindspersoon
Vragen en opmerkingen van de leden van de D66-fractie
De leden van de D66-fractie danken de Minister voor de brief van 21 februari 2025
over de Nederlandse inzet bij het Zuid-Afrikaanse G20-voorzitterschap. Deze leden
onderschrijven het belang van de G20 als platform voor mondiale samenwerking, zeker
in een tijd waarin multilaterale samenwerking onder druk staat.
Russische agressie in Oekraïne
De leden van de D66-fractie nemen kennis van het voornemen van het kabinet om, in
lijn met de EU- en G7-afspraken, binnen de G20 blijvend stelling te nemen tegen Russische
uitlatingen die de oorlog in Oekraïne rechtvaardigen.
De leden van de D66-fractie merken daarbij op dat het huidige G20-voorzitterschap
van Zuid-Afrika een neutrale positie inneemt ten aanzien van de Russische agressie
tegen Oekraïne. Gezien het belang dat de leden van de D66-fractie hechten aan de internationale
rechtsorde en de verdediging van soevereiniteit en territoriale integriteit, achten
deze leden het van groot belang dat Nederland zich hier actief over uitspreekt binnen
het G20-proces. Deze leden vragen of de Minister kan toezeggen dat Nederland, waar
passend, tijdens de G20-bijeenkomst expliciet zal stilstaan bij de positie van Zuid-Afrika
ten aanzien van de Russische agressie in Oekraïne, en zal blijven pleiten voor een
veroordeling van deze oorlog. Is het kabinet daarnaast voornemens te pleiten voor
de inzet van de Russische bevroren tegoeden, zo vragen deze leden.
1. Antwoord van het kabinet:
Het kabinet kan toezeggen dat Nederland, waar passend, tijdens de G20 top van regeringsleiders
aandacht zal vragen voor de Russische agressie tegen Oekraïne. Het is niet de verwachting
dat de inzet van Russische bevroren tegoeden in dit forum ter sprake komt, omdat de
discussie plaatsvindt in EU- en G7-verband. Nederland zal, als dat passend is, het
verkennen van aanvullende maatregelen op basis van de bevroren Russische centrale
banktegoeden bepleiten, in lijn met verschillende Kamermoties.1
Soedan
De leden van de D66-fractie merken op dat de Verenigde Arabische Emiraten (VAE) zijn
uitgenodigd om als gast deel te nemen aan alle G20-bijeenkomsten onder het Zuid-Afrikaanse
voorzitterschap. Deze leden constateren dat de VAE in toenemende mate een strategische
en militaire invloed heeft in het aanhoudende conflict in Soedan.
De leden van de D66-fractie zijn diep geschokt door de gruwelijke berichten over het
grootschalige geweld tegen burgers in en rond El Fasher en de verslechterende humanitaire
situatie in Soedan
De leden van de D66-fractie hechten eraan dat Nederland en Europa binnen de G20 aandacht
blijven vragen voor mensenrechten, bescherming van burgers en naleving van het internationaal
humanitair recht, zeker waar invloedrijke staten betrokken zijn bij regionale conflicten.
De leden van de D66-fractie vragen of de Minister kan toezeggen dat Nederland tijdens
G20-bijeenkomsten aandacht zal vragen voor de situatie in Soedan, mede gezien de rol
en invloed van de VAE in dit conflict.
2. Antwoord van het kabinet:
Over de situatie in Soedan is nog discussie gaande tussen de G20 leden. Het is daarom
nog onzeker of een verwijzing naar de situatie in Soedan wordt opgenomen in een uitkomstdocument
bij deze top.
De ruimte voor bilaterale gesprekken tijdens de G20 top is beperkt, maar waar opportuun
zal het kabinet aandacht besteden aan het conflict in Soedan.
Buiten de G20 top, spreekt het kabinet binnen de brede bilaterale relatie met de Verenigde
Arabische Emiraten (VAE) ook over de situatie in Soedan, zowel op politiek als hoog-ambtelijk
niveau. In bilaterale gesprekken worden zorgen uitgesproken over de inname van El
Fasher, het belang van het stoppen van de wapentoevoer naar Soedan en het beëindigen
van het geweld. Inzet van de gesprekken is constructief engagement met de VAE als
een relevante actor die aangeeft bij te willen dragen aan een einde van het conflict.
In samenwerking met de EU-kerngroep voor Soedan heeft het kabinet gewerkt aan ambitieuze
Raadsconclusies die in de Raad Buitenlandse Zaken van 20 oktober werden aangenomen
en waarin de EU oproept tot een staakt-het-vuren, humanitaire toegang, bescherming
van burgers, een geloofwaardige transitie naar civiel bestuur en het tegengaan van
straffeloosheid in Soedan. Tevens heeft het kabinet op 14 november jl. in de Mensenrechtenraad
het belang van waarheidsvinding voor deze gruwelijkheden benadrukt en opgeroepen tot
een einde aan de mensenrechtenschendingen, naleving van het VN wapenembargo, en het
beschikbaar maken van voldoende humanitaire hulp.
China
De leden van de D66-fractie merken op dat ook China aanwezig zal zijn tijdens de G20-bijeenkomsten.
Deze leden wijzen op de recente ontwikkelingen rondom het Nederlandse halfgeleiderbedrijf
Nexperia en de daaruit voortvloeiende zorgen over de Europese technologische afhankelijkheid,
nationale veiligheid en strategische autonomie. Deze leden vragen of de Minister voornemens
is om tijdens de G20-bijeenkomsten of in bilaterale contacten met China de kwestie
Nexperia aan de orde te stellen. Zo ja, met welk doel en in welke context en hoe betrekt
hij de Europese dimensie hierbij?
3. Antwoord van het kabinet:
Nederland voert over de gehele breedte van de bilaterale relatie met China een constructieve
dialoog, waarbij op dit moment ook de aandacht uitgaat naar onderwerpen die verband
houden met internationale waardeketens en economische samenwerking.
Vanzelfsprekend zal in bilaterale contacten met China de kwestie Nexperia ook aan
de orde komen. Het kabinet zal bezien of verdere bilaterale gesprekken hierover en marge van de G20 opportuun zijn.
Voor meer informatie over de stand van zaken rondom Nexperia verwijs ik uw Kamer naar
de Kamerbrief van 19 november 2025.2
De leden van de D66-fractie nemen kennis van de Nederlandse inzet ten aanzien van
de G20 Taskforce Artificial Intelligence, Data Governance and Innovation for Sustainable
Development. Deze leden lezen in de bijgevoegde tabel van de Kamerbrief (Kamerstuk
32 429, nr. 32) dat het kabinet het instellen van deze taskforce verwelkomt, omdat deze «goed aansluit
bij de lijn van het kabinet om kansrijke multilaterale samenwerking op AI en data
te steunen», en dat Nederland wil «waken voor duplicering met andere fora».
De leden van de D66-fractie vragen of het kabinet inzicht heeft in de rol die China
binnen deze taskforce zal spelen, mede gezien de nauwe samenwerking tussen Zuid-Afrika
en China.
4. Antwoord van het kabinet:
In tegenstelling tot G20 werkgroepen zijn taskforces over het algemeen eenmalig per voorzitterschap. In het G20-jaar onder Zuid-Afrikaans
voorzitterschap is het de betreffende taskforce niet gelukt om consensus te bereiken over de tekst in de uitkomstdocumenten en is
het bij voorzitterschapverklaringen gebleven. De inzet van China in deze taskforce
past in het bredere multilaterale beleid van China waarin het zich positioneert als
vertegenwoordiger van het mondiale zuiden en multilaterale coalities bouwt om steun
te mobiliseren voor initiatieven zoals deze taskforce.
De leden van de D66-fractie vragen of de Minister kan toelichten hoe wordt voorkomen
dat de taskforce wordt gebruikt om standaarden te bevorderen die niet in lijn zijn
met Europese waarden zoals privacy, mensenrechten en ethische AI.
5. Antwoord van het kabinet:
De Nederlandse inzet is erop gericht om vooruitgang te boeken op de ontluikende global governance van AI. Daarbij is de inzet in G20-verband, net als in andere fora, altijd in lijn
met de Europese waarden, waaronder privacy, mensenrechten en ethische AI. De verwezenlijking
van die waarden is niet altijd vanzelfsprekend. Wanneer die onder druk komen te staan
zoekt Nederland samenwerking met gelijkgestemde partners.
De G20 neemt enkel bij consensus gezamenlijke uitkomstdocumenten aan. In het G20-jaar
onder Zuid-Afrikaans voorzitterschap is het niet gelukt om consensus te bereiken,
noch in de betreffende taskforce, noch in de digitale economiewerkgroep waar AI ook prominent op de agenda stond.
De uitkomstdocumenten zijn daarom voorzitterschapverklaringen.
Ontwikkelingssamenwerking
De leden van de D66-fractie lezen in de bijgevoegde tabel van de Kamerbrief (Kamerstuk
32 429, nr. 32) dat het thema ontwikkelingsfinancieringen goed aansluit bij de prioriteiten van
dit kabinet. Deze leden vragen de Minister hoe dit standpunt zich verhoudt tot de
forse bezuinigingen op ontwikkelingssamenwerking die het kabinet heeft aangekondigd.
Deze leden vragen de Minister of hij kan toelichten op welke manier het kabinet een
concrete bijdrage kan en wil leveren aan ontwikkelingsfinancieringen binnen de G20.
6. Antwoord van het kabinet:
De financiering van ontwikkeling beslaat een breed scala aan financieringsstromen;
officiële ontwikkelingshulp (ODA) is er hier één van. Hoewel het klopt dat het kabinet
deze kabinetsperiode ODA-bezuinigingen doorvoert, blijft het kabinet zich internationaal
inzetten om de hoeveelheid beschikbare financiering voor ontwikkeling te vergroten
én effectiever uit te geven. Een dergelijke inzet komt ook terug in de Nederlandse
prioriteiten van de G20 Finance Track, zoals grotere en effectievere multilaterale ontwikkelingsbanken. Dit o.a. door balansoptimalisatie,
zodat er geen additionele financiële middelen vanuit donoren zoals Nederland nodig
zijn. Daarnaast richt het kabinet zich op het stimuleren van meer private financiering
t.b.v. ontwikkeling, het verbeteren van lokale financieringsbronnen door efficiëntere
belastinginning en doelmatige besteding van overheidsmiddelen en het bevorderen van
snelle en voorspelbare schuldherstructurering voor arme landen met hoge schulden waarvan
het IMF en de Wereldbank hebben vastgesteld dat het schuldniveau onhoudbaar is, specifiek
door in te zetten op verbeterde transparantie.
Gaza
Tot slot onderstrepen de leden van de D66-fractie de cruciale rol die Egypte, de VS
en de Europese Unie spelen bij de voorbereidingen van de wederopbouw na de recente
verwoestingen. De leden van de D66-fractie hechten eraan dat Nederland in multilaterale
fora blijft pleiten voor onbelemmerde humanitaire hulp, bescherming van burgers en
naleving van het internationaal humanitair recht. Deze leden vragen of de Minister
de rol van de G20 als mogelijk platform ziet om brede steun te mobiliseren voor de
wederopbouw in Gaza.
7. Antwoord van het kabinet:
Wederopbouw in Gaza is niet geagendeerd voor de G20 top. Nederland zal, waar mogelijk
en passend, de situatie in Gaza onder de aandacht brengen in gesprekken tijdens de
top. Voor de wederopbouw van Gaza kijkt Nederland vooral naar de VN en de Wereldbank,
in lijn met de recente VNVR-resolutie en het damage and needs assesment , en de aangekondigde conferentie over wederopbouw georganiseerd door Egypte. Nederland
zal deze conferentie co-hosten.
Vragen en opmerkingen van de leden van de VVD-fractie
De leden van de VVD-fractie hebben met interesse kennisgenomen van de Nederlandse
inzet voor de G20. Hierover hebben zij de volgende vragen en opmerkingen. Kan de Minister
schetsen wat de beleidsprioriteiten zijn voor de Nederlandse inzet tijdens de G20-top
in Johannesburg?
8. Antwoord van het kabinet:
De beleidsprioriteiten zoals opgenomen in de Kamerbrief van 21 februari 2025 zijn
ongewijzigd.3 De onderhandelingen over de uitkomst van deze G20 top zijn momenteel gaande. Uw Kamer
ontvangt na afloop van deze top een schriftelijke terugkoppeling van de uitkomsten.
Verenigde Staten
De leden van de VVD-fractie hebben vernomen dat de Amerikaanse regering niet van plan
is deel te nemen aan de G20-top in Johannesburg. In het licht van de Amerikaanse afwezigheid,
hoe schat de Minister in dat dit de top zal beïnvloeden?
9. Antwoord van het kabinet:
Het is op dit moment nog onduidelijk wat het gevolg zal zijn van de naar verwachting
Amerikaanse afwezigheid bij de G20 top in Zuid-Afrika. De onderhandelingen over de
verklaring zijn momenteel nog gaande. Daar kan ik niet op vooruit lopen.
Is het de verwachting dat China de dominante rol van Amerika zal proberen over te
nemen? Zo ja, hoe is het kabinet van plan zich in Europees verband in te zetten om
een tegengewicht te bieden tegen China tijdens de G20-top?
10. Antwoord van het kabinet:
In de G20 hebben alle leden evenveel inspraak in besluitvorming en worden alle besluiten
per consensus genomen. Dit betekent dat de leden, inclusief China, niet direct een
andere of dominantere positie kunnen innemen in het forum. Dat neemt niet weg dat
China, net zoals andere leden, haar eigen belangen nastreeft in de onderhandelingen
bij de G20 en dat die belangen soms op gespannen voet staan met die van Nederland
en gelijkgezinde partners. In samenwerking met gelijkgezinde landen biedt Nederland
tegenwicht waar nodig, maar werkt het ook samen waar mogelijk om kansen aan te grijpen
om samen te werken op onderwerpen waar belangen samenkomen.
Wereldwijde Handel
De leden van de VVD-fractie kijken met interesse naar de Europese inzet op het gebied
van kritieke grondstoffen. De leveringszekerheid van deze grondstoffen is cruciaal.
Kan de Minister weergeven met welke landen er tijdens de top gesproken kan worden
met betrekking tot handelsdeals over kritieke grondstoffen? Is de Minister het eens
dat Europa in haar grondstoffenstrategie rekening moet houden met diversificatie om
volgende afhankelijkheden te voorkomen?
11. Antwoord van het kabinet:
Het is nog niet bekend met welke landen Nederland tijdens de top kan spreken over
kritieke grondstoffen.
Het kabinet onderschrijft het belang van het vergroten van leveringszekerheid van
kritieke grondstoffen. Het kabinet werkt hieraan via de Nationale Grondstoffenstrategie
(NGS). Eén van de vijf handelingsperspectieven van de NGS is diversificatie. Dit doet
Nederland zoveel mogelijk in EU verband. Zo kunnen EU handelsakkoorden markttoegang
tot kritieke grondstoffen uit derde landen verbeteren.
Ook op het gebied van de leveringszekerheid van energie maken deze leden zich zorgen.
Wat is de Nederlandse inzet op het gebied van energieonafhankelijkheid tijdens de
G20-top?
12. Antwoord van het kabinet:
In aanloop naar de G20 top wordt onderhandeld over een uitkomstdocument. De inzet
daarvoor is op 21 februari 20254 met uw Kamer gedeeld.
Allerlaatst lezen deze leden ook dat Zuid-Afrika in haar voorzitterschap prioriteit
heeft gemaakt van voedselzekerheid. Wat is de Nederlandse inzet tijdens de top om
Nederlandse bedrijven en oplossingen te promoten die kunnen bijdrage aan mondiale
voedselzekerheid?
13. Antwoord van het kabinet:
Zie het antwoord op vraag 12.
Daarnaast kijken de leden van de VVD-fractie met interesse naar de uitkomsten van
de financiële werkgroepen tijdens de top. Hoe is de Minister van plan zich tijdens
de G20-top in te zetten voor de aanpak van onhoudbare schulden? In het kader van onhoudbare
schulden zien deze leden ook grote verschillen tussen Europese landen. Is de Nederlandse
inzet op dit gebied eerst afgestemd met Europese landen of zal Nederland hier haar
eigen koers varen?
14. Antwoord van het kabinet:
Het kabinet deelt de zorg over de toenemende schuldenlast in veel landen. Zo bepleit
Nederland in discussies over macro-economisch beleid het belang van het terugdringen
van hoge schulden. Daarnaast roept Nederland binnen de G20 op tot schuldentransparantie
om onhoudbare schulden te voorkomen. Specifiek voor lage inkomenslanden waarvan het
IMF en de Wereldbank hebben vastgesteld dat het schuldniveau onhoudbaar is, pleit
Nederland voor verbeteringen van het Common Framework, het G20-raamwerk voor schuldherstructureringen. Via betere coördinatie tussen schuldeisers
en efficiëntere en gestroomlijnde processen kan het Common Framework verbeterd worden. Dit helpt om tot effectieve schuldherstructurering te komen.
In de Eurogroep en de Ecofin wordt de EU-inzet voor de financiële G20-bijeenkomsten
gecoördineerd. Ook de EU zet zich in voor de verbetering van de aanpak van onhoudbare
schulden. De Nederlandse inzet sluit aan bij die van de EU.
Daarnaast zien de leden van de VVD-fractie de verschuiving van mondiale handel richting
het globale zuiden. Kan de Minister zich tijdens de G20-top inzetten om bilaterale
samenwerking tussen Nederland en landen in het mondiale zuiden te promoten?
15. Antwoord van het kabinet:
Nederland hecht belang aan de samenwerking met landen in het mondiale zuiden en zal
de G20 top ook aangrijpen om contacten met deze landen te bestendigen. Daartoe kijkt
Nederland naar enkele bilaterale gesprekken en marge van de top. Uw Kamer zal achteraf schriftelijk worden geïnformeerd over welke gesprekken
hebben plaatsgevonden.
Oekraïne
De leden van de VVD-fractie zijn benieuw of de Minister in meer detail kan schetsen
wat de inzet wordt op Oekraïne. Zal Nederland zich in Europees verband inzetten om
een veroordeling van de Russische agressie in Oekraïne op te nemen in een slotverklaring?
16. Antwoord van het kabinet:
Het Kabinet kan toezeggen dat Nederland, waar passend, tijdens de G20 top van regeringsleiders
aandacht zal vragen voor de Russische agressie tegen Oekraïne.
Vragen en opmerkingen van de leden van de GroenLinks-PvdA-fractie
De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie hebben kennisgenomen van de geannoteerde agenda
en de Kamerbrief van 19 september jl.
De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie vragen of het kabinet nog steeds voornemens
is om de Minister-President en de Minister van Financiën naar de G20-top in Zuid-Afrika
af te vaardigen, nu de Amerikanen de top boycotten en de Chinese president Xi Jinping
en de Argentijnse president Milei hebben afgezegd.
17. Antwoord van het kabinet:
Het kabinet is nog steeds voornemens om de Minister-President en de Minister van Financiën
naar de G20-top in Zuid-Afrika af te vaardigen.
De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie vragen of het kabinet verwacht dat er een
slotverklaring zal worden aangenomen en zo ja, of deze dan ook namens de Verenigde
Staten zal worden afgegeven.
18. Antwoord van het kabinet:
De G20 onderhandelingen zijn momenteel nog gaande. Op de uitkomsten hiervan kan ik
niet vooruit lopen. Uw Kamer zal achteraf schriftelijk worden geïnformeerd over de
uitkomsten van de top.
De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie vragen het kabinet wat de afzeggingen zouden
kunnen betekenen voor het belang en de geopolitieke waarde van de G20 voor de komende
jaren.
19. Antwoord van het kabinet:
De G20 is een informeel forum. Ieder voorzitterschap heeft de ruimte om invulling
te geven aan een eigen programma. Dat bepaalt voor een belangrijk deel de dynamiek.
Hoe het onder toekomstige voorzitterschappen zal gaan is niet in te schatten. Het
kabinet hecht waarde aan voortzetting van het forum.
De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie vragen tot slot of het kabinet voornemens
is om tijdens de top in Zuid-Afrika, eventueel in samenwerking met gelijkgezinden
landen, de VAE aan te spreken op hun rol in de oorlog in Soedan.
20. Antwoord van het kabinet:
Zie het antwoord op vraag 2.
Vragen en opmerkingen van de leden van de BBB-fractie
De leden van de BBB-fractie hebben met belangstelling kennisgenomen van de kabinetsinzet
ten aanzien van het Zuid-Afrikaanse G20-voorzitterschap in 2025 en de daaraan verbonden
Nederlandse inzet per werkgroep en taskforce.
De leden van de BBB-fractie lezen dat het kabinet actief inzet op versterking van
lokale voedselproductie in ontwikkelingslanden, onder meer via bodemvruchtbaarheidsbeheer,
zaaizaadontwikkeling en tuinbouw. Deze leden vragen hoe deze inzet zich verhoudt tot
de belangen van de Nederlandse boeren en tuinders. Wordt bij het versterken van lokale
productieketens ook actief ingezet op samenwerking met Nederlandse agrarische bedrijven
en kennisinstellingen, en zo ja, hoe wordt geborgd dat zij hiervan ook daadwerkelijk
profiteren in termen van markttoegang en verdienvermogen?
21. Antwoord van het kabinet:
De Nederlandse landbouwsector is groot geworden door technologische innovaties en
door een hechte samenwerking tussen bedrijfsleven, groen onderwijs en kennisinstellingen
zoals de Wageningen University & Research, en de overheid. Deze ervaring en kennis wordt ook ingezet in onze partnerlanden.
De Nederlandse zaaizaadsector is een goed voorbeeld. De export van betere zaden zorgt
voor inkomsten voor de Nederlandse agrofood sector in Nederland, en draagt bij aan
het verbeteren van lokale productie elders. Nederland snijdt de kennis en expertise
toe op de lokale situatie. Tijdens de G20 top is voedsel een belangrijk onderwerp
voor discussie. Nederland zal daar de staande kabinetsinzet uitdragen, zoals vastgesteld
in de Kamerbrief van 21 februari jl.5
De leden van de BBB-fractie lezen dat Nederland de hervorming van het internationale
belastingstelsel steunt, onder meer via de G20 Finance Track. Deze leden vragen hoe
wordt gewaarborgd dat belastingverdragen en afspraken in G20-verband geen eenzijdige
lastenverzwaringen opleveren voor Nederlandse bedrijven die juist internationaal concurrerend
willen blijven.
22. Antwoord van het kabinet:
Nederland participeert actief in internationale discussies over het verbeteren van
het internationale belastingstelsel, onder meer via de G20 Finance Track. Een belangrijk
uitgangspunt van deze internationale samenwerking is het voorkomen van dubbele belasting
en het realiseren van een gelijk speelveld voor bedrijven, en tegelijkertijd belastingontwijking
en oneerlijke praktijken tegen te gaan.
Bij internationale onderhandelingen let Nederland er expliciet op dat het Nederlandse
belang en het concurrentievermogen van Nederlandse bedrijven zorgvuldig worden meegewogen.
In de voorzittersverklaring van Finance Ministers Central Bank Governors bijeenkomst van afgelopen oktober6 wordt in de context van Pijler 2 bevestigd dat belastingafspraken evenwichtig moeten
zijn en een gelijk speelveld moeten blijven waarborgen. Nederland blijft zich hiervoor
inzetten en trekt daarbij op met andere landen.
Hiernaast zijn ook belastingverdragen van groot belang om dubbele belasting te voorkomen
en fiscale belemmeringen weg te nemen bij het grensoverschrijdend ondernemen en werken.
Nederland zet zich ook in bilaterale internationale onderhandelingen in voor onder
meer het maken van evenwichtige afspraken en het voorkomen van onnodige lastenverzwaring
voor Nederlandse bedrijven.
De leden van de BBB-fractie lezen dat het kabinet inzet op klimaatadaptatie en het
beschikbaar maken van financiering hiervoor, mede via innovatieve financiële instrumenten.
Deze leden vragen hoe wordt geborgd dat deze financieringsstromen daadwerkelijk bijdragen
aan weerbaarheid op lokaal niveau, en niet opgaan in algemeen ontwikkelingsbeleid
zonder meetbaar effect.
23. Antwoord van het kabinet:
Van de Nederlandse publieke klimaatfinanciering gaat 60% naar adaptatie, voornamelijk
in de minst ontwikkelde landen die het meest kwetsbaar zijn voor de gevolgen van klimaatverandering.
Deze middelen gaan naar instrumenten gericht op adaptatie zoals het Dutch Fund for Climate and Development en naar concrete projecten op bijvoorbeeld het gebied van water, voedselzekerheid,
early warning of lokaalgeleide adaptatie-actie in brede zin. Bij het aangaan van nieuwe activiteiten
wordt steeds beoordeeld wat de beoogde klimaatrelevantie is en welke meetbare ontwikkelingsresultaten
worden voorzien.
Tot slot lezen de leden van de BBB-fractie dat het kabinet, conform EU- en G7-afspraken,
Russische rechtvaardigingen voor de oorlog in Oekraïne binnen multilaterale fora niet
onweersproken laat. Deze leden vragen hoe deze lijn concreet vorm krijgt binnen het
G20-overleg, zeker nu Zuid-Afrika zelf pleit voor hervormingen van het internationale
systeem waarbij ook Rusland als volwaardige speler betrokken blijft.
24. Antwoord van het kabinet:
Dit specifieke onderwerp is niet geagendeerd voor de G20 top. Nederland is gast van
de voorzitter en heeft in die hoedanigheid beperkte mogelijkheden om dit specifieke
onderwerp te agenderen. Het kabinet zal, waar passend, de situatie in Oekraïne onder
de aandacht brengen in gesprekken tijdens de top.
Wordt er in dat licht ook vanuit Nederland geagendeerd dat structurele samenwerking
binnen G20 niet los te zien is van de naleving van het internationaal recht?
25. Antwoord van het kabinet:
Het Koninkrijk spant zich samen met gelijkgezinden in om de universele waarden en
principes te beschermen en te bevorderen middels de inzet van de uiteenlopende instrumenten
van het buitenlandbeleid in diverse internationale fora. Nederland is gast van de
voorzitter en heeft in die hoedanigheid beperkte mogelijkheden om dit specifieke onderwerp
te agenderen voor de G20 top. Waar mogelijk zal Nederland tijdens de top uitdragen
dat naleving van het internationaal recht de basis vormt voor internationale samenwerking.
II Volledige agenda
Brief regering d.d. 21-02-2025, Nederlandse inzet G20 2025, (Kamerstuk 32 429, nr. 32)
Brief regering d.d. 19-09-2025, Reactie op verzoek commissie over de geannoteerde
agenda voor de G20-top, (Kamerstuk 32 429, nr. 33)
Brief regering d.d. 09-12-2024, Deelname G20 2025, (Kamerstuk 32 429, nr. 31)
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
J.F. Klaver, voorzitter van de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken -
Mede ondertekenaar
A.B. Coco Martin, adjunct-griffier