Memorie van toelichting : Memorie van toelichting
Tweede Kamer der Staten-Generaal
InhoudsopgaveA. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL B. BEGROTINGSTOELICHTING1 Leeswijzer2 Het beleid2.1 Voorstel van wet2.2 Uitgavenmutaties2.3 Ontvangstenmutaties2.4 Budgettaire gevolgen van beleidBeleidsartikel 1 Defensiebreed MaterieelBeleidsartikel 2 Maritiem MaterieelBeleidsartikel 3 Land MaterieelBeleidsartikel 4 Lucht MaterieelBeleidsartikel 5 Infrastructuur en VastgoedBeleidsartikel 6 ITBeleidsartikel 8 Overige Uitgaven en Ontvangsten
36 850 K Wijziging van de begrotingsstaat van het Defensiematerieelbegrotingsfonds (K) voor het jaar 2025 (wijziging samenhangende met de Najaarsnota)
Nr. 2 MEMORIE VAN TOELICHTING
Vergaderjaar 2025‒2026
A. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL
Artikel 1
De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij de wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2025 wijzigingen aan te brengen in de departementale begrotingsstaat van het van het Defensiematerieelbegrotingsfonds (K).
De in de begrotingsstaten opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht (de zgn. begrotingstoelichting).
DE MINISTER VAN DEFENSIE,R.P. Brekelmans
B. BEGROTINGSTOELICHTING
1 Leeswijzer
De voorliggende tweede suppletoire begroting bevat de voorgestelde wijzigingen ten opzichte van de suppletoire begroting september 2025 van hoofdstuk K van de begroting van het Rijk.
In deze tweede suppletoire begroting van het Defensiematerieelbegrotingsfonds zijn de besluiten van het kabinet uit de Najaarsnota verwerkt. Deze suppletoire wet dient dan ook in samenhang te worden gezien met de Najaarsnota.
In paragraaf 2.1 wordt de cijfermatige aansluiting ten opzichte van de suppletoire begroting september uiteengezet. Vervolgens worden in paragraaf 2.2 en 2.3 de uitgaven- en ontvangstenmutaties toegelicht. Afsluitend is in paragraaf 2.4 per artikel een tabel opgenomen met daarin de budgettaire gevolgen van beleid en de uitgaven- en ontvangstenmutaties. Per artikel worden de mutaties groter dan of gelijk aan onderstaande staffel op het niveau van de financiële instrumenten (en eventueel artikelonderdeel) toegelicht.
Omvang begrotingsartikel (stand ontwerpbegroting) in € miljoen
Beleidsmatige mutaties (ondergrens in € miljoen)
Technische mutaties (ondergrens in € miljoen)
< 50
1
2
=> 50 en < 200
2
4
=> 200 < 1000
5
10
=> 1000
10
20
De toelichtingen op de uitgaven gelden ook voor de verplichtingen. Alleen indien sprake is van een groot verschil van de verplichtingenmutaties ten opzichte van de uitgavenmutaties wordt dit verschil apart toegelicht. Deze verschillen ontstaan bijvoorbeeld doordat verplichtingen zijn aangegaan die niet tot een uitgavenmutatie leiden of door regelingen waarvoor de verplichtingen dit jaar worden aangegaan terwijl de uitgaven pas volgend jaar (of in de jaren daarna) plaatsvinden.
2 Het beleid
2.1 Voorstel van wet
Met het onderhavige wetsvoorstel wordt voorgesteld de uitgavenbegroting 2025 van het Defensiematerieelbegrotingsfonds (K) ten opzichte van de suppletoire begroting september, zoals ingediend op Prinsjesdag, met een bedrag van € 215,1 miljoen te verhogen. Deze verhoging wordt voornamelijk veroorzaakt doordat € 270 miljoen aan Bedrijfssteun wordt teruggeboekt van EZ naar Defensie. Voor de ontvangsten wordt voorgesteld dit met € 47,0 miljoen te verhogen. Dit leidt voor het Defensiematerieelbegrotingsfonds tot een uitgavenbudget van € 10,5 miljard en een ontvangstenbudget van € 212,1 miljoen. In tabel 2.2 staan voor de volledigheid de belangrijkste mutaties ten opzichte van de suppletoire begroting september.
De verplichtingenruimte neemt toe met € 3,8 miljard tot € 22,6 miljard. Deze stijging wordt veroorzaakt door het naar voren halen van verplichtingenruimte voor versnelde contractvastleggingen. Deze verplichtingen werden geraamd voor latere jaren en worden met de tweede suppletoire begroting toegevoegd aan de begroting 2025.
De cijfermatige aansluiting ten opzichte van de suppletoire begroting september 2025 op Prinsjesdag is als volgt:
Uitgaven (in duizend euro)
Stand suppletoire begroting september 2025
€ 10.480.558
Wijzigingen 2e suppletoire begroting 2025
€ 262.129
Stand Defensiematerieelbegrotingsfonds (K) in de najaarsnota 2025
€ 10.742.648
Ontvangsten (in duizend euro)
Stand suppletoire begroting september 2025
€ 165.102
Wijzigingen 2e suppletoire begroting 2025
€ 47.039
Stand Defensiematerieelbegrotingsfonds (K) in de najaarsnota 2025
€ 212.141
2.2 Uitgavenmutaties
Belangrijkste suppletoire uitgavenmutaties 2025 (Tweede suppletoire begroting) (bedragen x € 1.000)
Omschrijving
Artikel
Totaal
Stand ontwerpbegroting 2025
9.775.495
Mutaties 1e suppletoire begroting 2025
841.628
Stand 1e suppletoire begroting 2025
10.617.373
Mutaties suppletoire begroting september
‒ 136565
Stand suppletoire begroting september
10.480.558
Belangrijkste suppletoire mutaties
Technisch
47.000
Aanpassing over-/onderprogrammering
1 t/m 6
2.870.000
Bijstelling programmering Kennis en Innovatie
1
‒ 107.000
Bijstelling programmering Defensie-investeringen
1 t/m 6
‒ 2.763.000
Overig technisch
1 , 2, 3, 4, 5, 6, 8
47.000
Interdepartementale budgetoverhevelingen
215.090
Bedrijfssteun
1
270.000
Overig
1 t/m 6
‒ 54.910
Stand tweede suppletoire begroting 2025
10.742.648
Toelichting overzicht belangrijkste suppletoire uitgavenmutaties
1. Investeringen
In deze tweede suppletoire begroting worden de ramingen van de investeringen aangepast op basis van de verwachte realisatie ultimo 2025. Deze bijstelling hangt samen met de toepassing van overprogrammering binnen het DMF. Defensie voert overprogrammering om tegenvallers in de uitvoering op te kunnen vangen en daarmee de begroting volledig te realiseren ondanks vertragingen in de realisatie bij een aantal individuele projecten De overprogrammering wordt afgebouwd door het budget van de projecten aan te sluiten bij de verwachte realisatiemomenten.
2. Bijstelling programmering Kennis en Innovatie
Het budget voor programmering Kennis en Innovatie wordt als gevolg van herschikkingen en faseringen met € 107,0 miljoen naar beneden bijgesteld.
3. Interdepartementale budgetoverhevelingen
Als gevolg van verschillende afzonderlijke budgetoverhevelingen met andere departementale begrotingen, neemt het begrotingstotaal van het DMF met per saldo € 215,1 miljoen toe. Het budget dat middels de incidentele suppletoire begroting naar het ministerie van Economische Zaken (EZ) is overgeheveld voor bedrijfssteun, wordt terug geboekt van EZ naar Defensie.
4. Over-/onderprogrammering
Defensie voert overprogrammering om tegenvallers in de uitvoering op te kunnen vangen en daarmee de begroting volledig te realiseren ondanks vertragingen in de realisatie bij een aantal individuele projecten. De overprogrammering wordt afgebouwd door het budget van de projecten aan te sluiten bij de verwachte realisatiemomenten. Dit wordt uitgedrukt als een negatieve bijstelling op de investeringen en een positieve bijstelling op de over-/onderprogrammering. Met deze tweede suppletoire begroting wordt de overprogrammering bijgesteld naar nul.
2.3 Ontvangstenmutaties
Belangrijkste suppletoire ontvangstenmutaties 2025 (Tweede suppletoire begroting) (bedragen x € 1.000)
Omschrijving
Artikel
Totaal
Stand ontwerpbegroting 2025
96.583
Mutaties 1e suppletoire begroting 2025
76.126
Stand 1e suppletoire begroting 2025
172.709
Mutaties suppletoire begroting september
‒ 7.607
Stand suppletoire begroting september
165.102
Belangrijkste suppletoire mutaties
47.039
Ontvangsten Defensiebreed materieel
1
30.720
Ontvangsten Maritiem materieel
2
16.319
Stand tweede suppletoire begroting 2025
212.141
Toelichting overzicht belangrijkste suppletoire ontvangstenmutaties
Ontvangsten
Het budget voor de ontvangsten is met € 47,0 miljoen verhoogd. Dit komt door een verhoging van de ontvangsten van € 16,3 miljoen op het artikel Maritiem Materieel en van € 30,7 miljoen op het artikel Defensiebreed Materieel. In de toelichting bij deze artikelen wordt nader ingegaan op deze bijstellingen.
2.4 Budgettaire gevolgen van beleid
Beleidsartikel 1 Defensiebreed Materieel
Artikel 1 Defensiebreed Materieel (bedragen x € 1.000)
Vastgestelde begroting (incl. Suppletoire begrotingen, NvW en amendementen) (1)
Mutaties 2e suppletoire begroting (2)
Stand 2e suppletoire begroting (3) = (1) + (2)
Art.
Verplichtingen
3.281.124
‒ 622.510
2.658.614
Uitgaven
1.514.421
117.596
1.632.017
1.11
Verwerving
1.348.675
‒ 531.302
817.373
Opdrachten
1.348.675
‒ 531.302
817.373
Verwerving: voorbereidingsfase
17.000
253.000
270.000
Verwerving: realisatie
1.331.675
‒ 784.302
547.373
1.12
Instandhouding
683.461
‒ 9.235
674.226
Opdrachten
683.461
‒ 9.235
674.226
Instandhouding Materieel
683.461
‒ 9.235
674.226
1.13
Kennis en Innovatie
317.804
‒ 172.557
145.247
Opdrachten
317.804
‒ 172.557
145.247
Duurzaamheid, klimaat en veiligheid
34.845
‒ 31.845
3.000
Kennisopbouw
73.401
‒ 40.335
33.066
Technologieontwikkeling
61.505
‒ 26.053
35.452
Kennisgebruik
8.787
‒ 2.125
6.662
Kort Cyclische Innovatie
139.266
‒ 72.199
67.067
1.14
Reserve Valutaschommelingen
10.289
‒ 15.118
‒ 4.829
Storting/onttrekking begrotingsreserve
10.289
‒ 15.118
‒ 4.829
Storting/onttrekking begrotingsreserve
10.289
‒ 15.118
‒ 4.829
1.16
Over-/ onderprogrammering
‒ 845.808
845.808
0
Fonds
‒ 845.808
845.808
0
Fonds
‒ 845.808
845.808
0
Ontvangsten
87.590
30.720
118.310
In totaal is voor 2025 100 % juridisch verplicht en 0 % beleidsmatig gereserveerd ten opzichte van het totaal beschikbare budget. Het huidige percentage juridisch verplicht wordt nog nader bezien in samenhang met veranderende leverschema's, en biedt daarmee richting de Slotwet geen zekerheid over de uiteindelijke realisatie op dit artikel.
Artikel 1 Defensiebreed
Toelichting op de verplichtingen
Per saldo zijn de verplichtingen met € 622,5 miljoen naar beneden bijgesteld.
De bijstelling van de verplichtingen wordt voornamelijk veroorzaakt door herfaseringen van de verplichtingen bij afzonderlijke projecten, zoals Vervanging en uitbreiding Short Range Anti-Tank (SRAT) capaciteit (commercieel vertrouwelijk) welke is vertraagd door o.a. scope uitbreiding.
Toelichting op de uitgaven
Per saldo zijn de uitgaven met € 117,6 miljoen naar boven bijgesteld. Deze bijstelling wordt hieronder toegelicht.
Verwerving
De verwervingsfase wordt met € 531,3 miljoen naar beneden bijgesteld als gevolg van een lager budget voor de realisatiefase (€ 784,3 miljoen). De overprogrammering wordt afgebouwd door het budget van de projecten aan te sluiten bij de verwachte realisatiemomenten (€ 758,7 miljoen). Defensie voert overprogrammering om tegenvallers in de uitvoering op te kunnen vangen en daarmee de begroting volledig te realiseren ondanks vertragingen in de realisatie bij een aantal individuele projecten zoals Vervanging Wissellaadsystemen, Trekker-opleggercombinaties en Wielbergingsvoertuigen (commercieel vertrouwelijk) en Defensiebrede Vervanging Operationele Wielvoertuigen (commercieel vertrouwelijk – het programma is op onderdelen vertraagd i.v.m. kwaliteit en een tekort aan onderdelen). Dit geldt tevens voor de Aanvulling Inzetvoorraad Munitie (vertrouwelijk – leverschema vertraagd) en Verwerving Extended All Arms Air Defence (eAAAD) Toolbox (commercieel vertrouwelijk).
Daarnaast is het budget naar beneden bijgesteld vanwege een aantal interdepartementale overhevelingen en overhevelingen tussen de Defensiebegroting of andere artikelen binnen het DMF (€ 25,5 miljoen). Het betreft onder andere een overheveling naar artikel 3 Land materieel ten behoeve van de verwerving van UAS-systemen en ondersteunend materieel.
De hiervoor genoemde aanpassingen in de realisatiefase hebben per saldo geleid tot een lager budget in 2025 voor onder andere het project Defensie Operationeel Kledingsysteem (€ 45,0 miljoen). Een deel van de productie is uitgesteld in afwachting van en in verband met uitkomsten van de verificatietests. Ook voor het commercieel vertrouwelijke project Initiële Counter-Unmanned Aircraft Systems (C-UAS) wordt het budget naar beneden bijgesteld vanwege leveringsproblematiek.
Tegenover deze verlagingen staat een hoger budget in de voorbereidingsfase (€ 253,0 miljoen).
Het budget dat middels de incidentele suppletoire begroting naar het ministerie van Economische Zaken (EZ) is overgeheveld voor bedrijfssteun, wordt terug geboekt van EZ naar Defensie.
Kennis en innovatie
Het Kennis en innovatiebudget is met € 172,6 miljoen neerwaarts bijgesteld. Hiervan wordt € 106,6 miljoen verklaard doordat het budget van een aantal projecten verlaagd is, vanwege het afbouwen van overprogrammering om aan te sluiten bij de verwachte realisatiemomenten. Dit is in meerdere mutaties verwerkt, verdeeld over de vijf instrumenten.
De resterende neerwaartse bijstelling komt, onder andere, door budgetoverhevelingen naar de Defensiebegroting (X) en andere departementen. Zo zijn het kennisopbouw- en het technologieontwikkelingsbudget met, respectievelijk, € 11,3 miljoen en € 23,1 miljoen negatief bijgesteld, door een overheveling naar Artikel 9 van de Defensiebegroting (X) voor de bijdrage aan TNO, NLR en MARIN. Daarnaast is het uitgavenbudget voor kennisopbouw nogmaals verlaagd met € 20 miljoen, vanwege een overheveling naar het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap voor de ontwikkeling van het onderzoeksprogramma Defensie voor het versterken en verbreden van de kennisbasis van Defensie.
Over-/onderprogrammering
Defensie voert overprogrammering om tegenvallers in de uitvoering op te kunnen vangen en daarmee de begroting volledig te realiseren ondanks vertragingen in de realisatie bij een aantal individuele projecten. Met deze tweede suppletoire begroting wordt aangesloten bij de verwachte realisatiemomenten van de projecten op dit artikel. Daardoor is de overprogrammering in het geheel teruggebracht naar nul.
Toelichting op de ontvangsten
De ontvangsten zijn met € 30,7 miljoen naar boven bijgesteld. De meerontvangsten wordt grotendeels verklaard door hogere FMS-ontvangsten (€ 7,6 miljoen) alsmede de ontvangst uit de boete (€ 5,3 miljoen) van een maritiem leverancier. Daarnaast zijn er meerontvangsten vanuit royalties (€ 5,3 miljoen) door de teruggave van ontwikkelingskosten vanwege de verkoop van Boxer-voertuigen aan Australië. Tenslotte heeft de meerontvangst van verkoopopbrengsten door afstoting, een grootte van € 3 miljoen.
Beleidsartikel 2 Maritiem Materieel
Artikel 2 Maritiem Materieel (bedragen x € 1.000)
Vastgestelde begroting (incl. Suppletoire begrotingen, NvW en amendementen) (1)
Mutaties 2e suppletoire begroting (2)
Stand 2e suppletoire begroting (3) = (1) + (2)
Art.
Verplichtingen
2.460.447
1.831.703
4.292.150
Uitgaven
1.493.371
‒ 80.927
1.412.444
2.11
Verwerving
1.545.529
‒ 442.099
1.103.430
Opdrachten
1.545.529
‒ 442.099
1.103.430
Verwerving: voorbereidingsfase
1
‒ 1
0
Verwerving: onderzoeksfase
1.211
‒ 1.211
0
Verwerving: realisatie
1.544.317
‒ 440.887
1.103.430
2.12
Instandhouding
296.442
12.572
309.014
Opdrachten
296.442
12.572
309.014
Instandhouding Materieel
296.442
12.572
309.014
2.16
Over-/ onderprogrammering
‒ 348.600
348.600
0
Fonds
‒ 348.600
348.600
0
Fonds
‒ 348.600
348.600
0
Ontvangsten
22.393
16.319
38.712
In totaal is voor 2025 100 % juridisch verplicht en 0 % beleidsmatig gereserveerd ten opzichte van het totaal beschikbare budget. Het huidige percentage juridisch verplicht wordt nog nader bezien in samenhang met veranderende leverschema's, en biedt daarmee richting de Slotwet geen zekerheid over de uiteindelijke realisatie op dit artikel.
Toelichting op de verplichtingen
Het budget voor de verplichtingen voor Maritiem Materieel is per saldo met € 1.831,7 miljoen naar boven bijgesteld. Het betreft voornamelijk het saldo van herfaseringen van de verplichtingen in de realisatiefase. Voor een aantal projecten is het verplichtingenbudget in 2025 naar boven bijsteld. Het betreft onder andere Verwerving Maritime Strike (commercieel vertrouwelijk) vanwege stijgende prijzen en een aanvullende bestelling. Future Littoral All-Terrain Mobility Patrouillevoertuigen (FLATM-PV) (commercieel vertrouwelijk) is door stijgende prijzen duurder uitgevallen als verwacht. Daarnaast betreft het een herfasering van de verplichtingen voor onder meer uitbesteed onderhoud van Zr. Ms. Karel Doorman en Zr. Ms. Rotterdam.
De bijstelling op de verplichtingen hangt daarnaast samen met de bijstelling op de uitgaven die hieronder wordt toegelicht.
Toelichting op de uitgaven
Per saldo zijn de uitgaven met € 80,9 miljoen naar beneden bijgesteld.
Verwerving
De verwervingsfase wordt met € 442,1 miljoen naar beneden bijgesteld. De overprogrammering wordt afgebouwd door het budget van de projecten aan te sluiten bij de verwachte realisatiemomenten (per saldo € 435,6 miljoen). Defensie voert overprogrammering om tegenvallers in de uitvoering op te kunnen vangen en daarmee de begroting volledig te realiseren ondanks vertragingen in de realisatie bij een aantal individuele projecten zoals Vervanging M-fregatten (commercieel vertrouwelijk) vanwege onduidelijkheid over het te hanteren BTW percentage en scopewijzigingen. Voor ESSM Block 2: verwerving en integratie (commercieel vertrouwelijk) is er sprake van vertraging in de contractering.
Daarnaast is het budget naar beneden bijgesteld als gevolg van een aantal overhevelingen tussen de Defensiebegroting en andere artikelen binnen het DMF (€ 5,3 miljoen).
De hiervoor genoemde aanpassingen in de realisatiefase hebben per saldo geleid tot een lager budget in 2025 voor een groot aantal projecten waaronder Vervanging onderzeeboten (commercieel vertrouwelijk).
Instandhouding
Het budget voor instandhouding is in totaal verhoogd met € 12,6 miljoen. Voor € 22,0 miljoen is dit het gevolg van onderhoudswerkzaamheden die mede vanwege personele ondervulling worden uitbesteed. Verder is het budget verhoogd vanwege incidentele meerontvangsten (€ 9,3 miljoen). Het restant betreft een verhoging van € 1,4 miljoen door diverse kleine mutaties. Daarentegen is er vertraging bij de uitvoering van onderhoudsprojecten voor onder meer onderzeeboten en rebreathers, waardoor € 20,1 miljoen is verschoven van 2025 naar 2026.
Over-/onderprogrammering
Defensie voert overprogrammering om tegenvallers in de uitvoering op te kunnen vangen en daarmee de begroting volledig te realiseren ondanks vertragingen in de realisatie bij een aantal individuele projecten. Met deze tweede suppletoire begroting wordt aangesloten bij de verwachte realisatiemomenten van de projecten op dit artikel. Daardoor is de overprogrammering in het geheel teruggebracht naar nul.
Toelichting op de ontvangsten
Het budget voor ontvangsten is met € 16,3 miljoen verhoogd als gevolg van verhoogde BTW-ontvangsten en overige achterstallige verrekeningen. Daarnaast zijn royalty-gelden ontvangen (€ 7,0 miljoen) die voortvloeien uit het project Vervanging mijnenbestrijdingscapaciteit (MCM).
Beleidsartikel 3 Land Materieel
Artikel 3 Land Materieel (bedragen x € 1.000)
Vastgestelde begroting (incl. Suppletoire begrotingen, NvW en amendementen) (1)
Mutaties 2e suppletoire begroting (2)
Stand 2e suppletoire begroting (3) = (1) + (2)
Art.
Verplichtingen
6.379.232
1.235.528
7.614.760
Uitgaven
2.412.494
161.265
2.573.759
3.11
Verwerving
2.569.869
‒ 391.055
2.178.814
Opdrachten
2.569.869
‒ 391.055
2.178.814
Verwerving: realisatie
2.569.869
‒ 391.055
2.178.814
3.12
Instandhouding
402.677
‒ 7.732
394.945
Opdrachten
402.677
‒ 7.732
394.945
Instandhouding Materieel
402.677
‒ 7.732
394.945
3.16
Over-/ onderprogrammering
‒ 560.052
560.052
0
Fonds
‒ 560.052
560.052
0
Fonds
‒ 560.052
560.052
0
Ontvangsten
2.500
0
2.500
In totaal is voor 2025 100 % juridisch verplicht en 0 % beleidsmatig gereserveerd ten opzichte van het totaal beschikbare budget. Het huidige percentage juridisch verplicht wordt nog nader bezien in samenhang met veranderende leverschema's, en biedt daarmee richting de Slotwet geen zekerheid over de uiteindelijke realisatie op dit artikel.
Toelichting op de verplichtingen
De verplichtingen voor Land Materieel worden per saldo met € 1.235,5 miljoen verhoogd.
Het betreft voornamelijk het saldo van herfaseringen van de verplichtingen in de realisatiefase. Voor een aantal projecten is het verplichtingenbudget in 2025 naar boven bijgesteld. Het betreft onder andere onderdelen binnen het project Aanvulling Inzetvoorraad Munitie die zijn versneld. Voor de instandhouding is het budget met € 100 miljoen verhoogd door het toegenomen realisatievermogen van MatLogCo, dat daardoor hogere verplichtingen aangaat.
De bijstelling op de verplichtingen hangt daarnaast samen met de met de bijstelling op de uitgaven die hieronder wordt toegelicht.
Toelichting op de uitgaven
Per saldo zijn de uitgaven met € 161,3 miljoen naar boven bijgesteld. Deze bijstelling wordt hieronder toegelicht.
Verwerving
De verwerving wordt met € 391,1 miljoen verlaagd in de realisatiefase. De overprogrammering wordt afgebouwd door het budget van de projecten aan te sluiten bij de verwachte realisatiemomenten (per saldo € 384,2 miljoen). Defensie voert overprogrammering om tegenvallers in de uitvoering op te kunnen vangen om daarmee de begroting volledig te realiseren ondanks vertragingen in de realisatie bij een aantal projecten zoals Raketartillerie en Aanvulling Inzetvoorraad Munitie.
Daarnaast is het budget naar beneden bijgesteld als gevolg van een aantal overhevelingen tussen de Defensiebegroting of andere artikelen binnen het DMF (€ 6,9 miljoen), onder andere vanwege een overheveling vanuit artikel 1 Defensiebreed materieel ten behoeve van de verwerving van UAS-systemen en ondersteunend materieel.
De hiervoor genoemde aanpassingen in de realisatiefase hebben per saldo geleid tot een lager budget in 2025 voor onder andere de projecten Vervanging Medium Range Anti-Tank (MRAT) (€ 51,1 miljoen) als gevolg van herschikking. Bij de Verwerving Leopard-2A8 gevechtstanks (commercieel vertrouwelijk) valt het voorschot lager uit dan verwacht. Voor de verlenging levensduur Patriot (commercieel vertrouwelijk) zijn de uitgaven aangepast aan de verwachte realisatie. Tegelijkertijd hebben zich kansen voorgedaan om te versnellen, het betreft onder andere het project Groot Pantserwielvoertuig (GPW, Boxer), productie (commercieel vertrouwelijk) waarvoor de eerste betaling heeft plaatsgevonden.
Instandhouding
Het budget voor de instandhouding is met € 7,7 miljoen verlaagd.
Over-/onderprogrammering
Defensie voert overprogrammering om tegenvallers in de uitvoering op te vangen en daarmee de begroting volledig te realiseren ondanks vertragingen in de realisatie bij een aantal individuele projecten. Met deze tweede suppletoire begroting wordt aangesloten bij de verwachte realisatiemomenten van de projecten op dit artikel. Daardoor is de overprogrammering in het geheel teruggebracht naar nul.
Beleidsartikel 4 Lucht Materieel
Artikel 4 Lucht Materieel (bedragen x € 1.000)
Vastgestelde begroting (incl. Suppletoire begrotingen, NvW en amendementen) (1)
Mutaties 2e suppletoire begroting (2)
Stand 2e suppletoire begroting (3) = (1) + (2)
Art.
Verplichtingen
3.933.807
‒ 412.417
3.521.390
Uitgaven
2.043.801
‒ 104.383
1.939.418
4.11
Verwerving
2.044.353
‒ 686.355
1.357.998
Opdrachten
2.044.353
‒ 686.355
1.357.998
Verwerving: voorbereidingsfase
17.004
‒ 17.004
0
Verwerving: realisatie
2.027.349
‒ 669.351
1.357.998
4.12
Instandhouding
709.420
‒ 128.000
581.420
Opdrachten
709.420
‒ 128.000
581.420
Instandhouding Materieel
709.420
‒ 128.000
581.420
4.16
Over-/ onderprogrammering
‒ 709.972
709.972
0
Fonds
‒ 709.972
709.972
0
Fonds
‒ 709.972
709.972
0
Ontvangsten
12.080
0
12.080
In totaal is voor 2025 100 % juridisch verplicht en 0 % beleidsmatig gereserveerd ten opzichte van het totaal beschikbare budget. Het huidige percentage juridisch verplicht wordt nog nader bezien in samenhang met veranderende leverschema's, en biedt daarmee richting de Slotwet geen zekerheid over de uiteindelijke realisatie op dit artikel.
Toelichting op de verplichtingen
Per saldo worden de verplichtingen voor Lucht Materieel met € 412,4 miljoen naar beneden bijgesteld. Enerzijds hangt deze bijstelling samen met de onder instandhouding en verwerving toegelichte uitgavenmutaties. Anderzijds betreft het een aantal herfaseringen van de verplichtingen bij afzonderlijke projecten. Het betreft onder andere het project Verwerving F-35 (€ 291,2 miljoen) vanwege vertraging in het leveringsschema en aanpassingen ten behoeve aan de infrastructuur. Voor Vervanging Medium Utility Helicopter (Aanschaf H225M Caracal) (commercieel vertrouwelijk) is het leveringsschema concreet geworden.
Tegelijkertijd hebben zich ook kansen voorgedaan om te versnellen, het betreft onder andere het onder uitgaven toegelichte project NH90 (€ 141,5 miljoen) en Programma Doorontwikkeling F-35 (156,7 miljoen).
Toelichting op de uitgaven
Per saldo zijn de uitgaven met € 104,4 miljoen naar beneden bijgesteld. Deze bijstelling wordt hieronder toegelicht.
Verwerving
De verwervingsfase wordt met € 686,4 miljoen naar beneden bijgesteld. De overprogrammering wordt afgebouwd door het budget van de projecten aan te sluiten bij de verwachte realisatiemomenten (per saldo € 710,0 miljoen). Defensie voert overprogrammering om tegenvallers in de uitvoering op te kunnen vangen en daarmee de begroting volledig te realiseren, ondanks vertragingen in de realisatie bij een aantal individuele projecten zoals Uitbreiden en versterken MQ-9 capaciteit (commercieel vertrouwelijk) in verband met het uitlopen van de contractonderhandelingen, Chinook Vervanging & Modernisering (€ 82,0 miljoen) en F-35: Verwerving middellange tot lange afstandsraket (vertrouwelijk). Tegelijkertijd hebben zich ook kansen om te versnellen voorgedaan, het betreft project NH90 (€ 53,4 miljoen) met de aanschaf en eerste betaling van drie extra toestellen.
Daartegenover staat dat het budget naar boven wordt bijgesteld als gevolg van een aantal overhevelingen tussen de Defensiebegroting of andere artikelen binnen het DMF (€ 22,9 miljoen).
Instandhouding
De behoeften voor 2025 zijn gedurende het jaar gegroeid door maatregelen uit de Defensienota's en prijsstijgingen. Het instandhoudingsbudget is harder gegroeid dan het absorptievermogen van de organisatie. Het budget voor Instandhouding Materieel is daarom per saldo met € 128,0 miljoen verlaagd. Deze verlaging komt voort uit de herfasering van diverse Wapensysteembudgetten. Budgetten sluiten nu beter aan op het verbruik van de komende jaren. Tot slot is budget overgeboekt (€10 miljoen) naar COMMIT voor het realiseren van een CLRS behoefte.
Over-/onderprogrammering
Defensie voert overprogrammering om tegenvallers in de uitvoering op te kunnen vangen en daarmee de begroting volledig te realiseren ondanks vertragingen in de realisatie bij een aantal individuele projecten. Met deze tweede suppletoire begroting wordt aangesloten bij de verwachte realisatiemomenten van de projecten op dit artikel. Daardoor is de overprogrammering in het geheel teruggebracht naar nul.
Beleidsartikel 5 Infrastructuur en Vastgoed
Artikel 5 Infrastructuur en Vastgoed (bedragen x € 1.000)
Vastgestelde begroting (incl. Suppletoire begrotingen, NvW en amendementen) (1)
Mutaties 2e suppletoire begroting (2)
Stand 2e suppletoire begroting (3) = (1) + (2)
Art.
Verplichtingen
979.035
629.891
1.608.926
Uitgaven
1.373.217
17.864
1.391.081
5.11
Verwerving
983.417
‒ 259.054
724.363
Opdrachten
983.417
‒ 259.054
724.363
Verwerving: voorbereidingsfase
97.868
‒ 97.868
0
Verwerving: realisatie
885.549
‒ 161.186
724.363
5.12
Instandhouding
638.556
28.162
666.718
Opdrachten
638.556
28.162
666.718
Instandhouding Infrastructuur
638.556
28.162
666.718
5.16
Over-/ onderprogrammering
‒ 248.756
248.756
0
Fonds
‒ 248.756
248.756
0
Fonds
‒ 248.756
248.756
0
Ontvangsten
23.770
0
23.770
In totaal is voor 2025 94% juridisch verplicht en 6 % beleidsmatig gereserveerd ten opzichte van het totaal beschikbare budget. Het huidige percentage juridisch verplicht wordt nog nader bezien in samenhang met veranderende leverschema's, en biedt daarmee richting de Slotwet geen zekerheid over de uiteindelijke realisatie op dit artikel.
Toelichting op de verplichtingen
Het verplichtingenbudget van Infrastructuur en Vastgoed is per saldo met € 629,9 miljoen naar boven bijgesteld. Het betreft een optelsom van opwaartse en neerwaartse bijstellingen bij de instrumenten. De voornaamste verhogingen betreffen de verplichtingenbudgetten voor het instandhouding van vastgoed (€ 380,1 miljoen), de huren van vastgoed (€ 34,3 miljoen) en commandantvoorzieningen, oftewel het realiseren van kleinschalige vastgoedvoorzieningen of aanpassing van de bestaande infrastructuur (€ 18,2 miljoen).
Ook is de verhoging het gevolg van technische mutaties die zijn verwerkt. De overige mutaties zijn technische mutaties en uitgavenmutaties welke gelijk zijn aan de verplichtingenmutaties. Deze mutaties gezamenlijk verklaren de overige € 197,4 miljoen.
Toelichting op de uitgaven
Per saldo zijn de uitgaven met € 17,9 miljoen naar boven bijgesteld. Deze bijstelling wordt verklaard door een verhoging van de budgetten voor instandhouding van het vastgoed en de aanpassing op de over-/ onderprogrammering enerzijds en een verlaging van de budgetten voor verwerving anderzijds. Dit wordt hieronder toegelicht.
Verwerving
In totaal is het budget voor verwerving met € 259,1 miljoen naar beneden bijgesteld.
Het budget voor verwerving in de voorbereidingsfase is met € 97,9 miljoen naar beneden bijgesteld. Dit komt voornamelijk door een aantal projecten die van de voorbereidingsfase naar de realisatiefase zijn overgegaan. De voornaamste projecten hiervan zijn Strategische aankopen gebouwen en gronden (€ 40,0 miljoen) en TNO CBRN testfactiliteit (€ 18,0 miljoen). Ook is een aantal projecten gefaseerd. Het voornaamste project betreft hier de huisvesting Hoog Risico Beveiliging (HRB) Koninklijke Marechaussee Den Haag (€ 71,8 miljoen).
Daartegenover is in de voorbereidingsfase extra budget ontvangen voor de verwerving van grondaankopen (€ 21,9 miljoen). De overige € 10,0 miljoen is een verlaging van het budget en wordt verklaard door meerdere kleinere faseringen of projecten die naar de realisatiefase zijn overgegaan.
Het budget voor de verwerving in de realisatiefase is per saldo met € 161,2 miljoen naar beneden bijgesteld. De realisatie van een aantal projecten is in 2025 gefaseerd (€ 277,0 miljoen) en de bijbehorende budgetten faseren mee. Dit betreft onder andere de projecten Versnellen Verduurzaming Vastgoed (€ 45,0 miljoen), Nieuwbouw voor het squadron NH-90 (€ 23,5 miljoen), verwerving TNO Rijswijk (€ 22,2 miljoen), een bijstelling aan het Defensie Lifecycle Plan (€ 22,7 miljoen), TNO CBRN testfaciliteit (€ 18,0 miljoen), Programma Verbeteren Defensielegering (€ 10,0 miljoen) en Programmakosten Transformatie Vastgoed Defensie (€ 10,0 miljoen). Het verschil van € 125,6 miljoen bestaat uit meerdere kleinere projecten die zijn gefaseerd.
Daarnaast zijn er ook mutaties die geleid hebben tot een verhoging van het budget voor de verwerving in de realisatiefase met in totaal € 115,8 miljoen. Dit zijn onder andere de bovengenoemde projecten strategische aankopen gebouwen en gronden (€ 40,0 miljoen) en TNO CBRN testfactiliteit (€ 18,0 miljoen). Daarnaast is voor het project Logistiek centrum Soesterberg € 25,1 miljoen ontvangen. Het verschil van € 31,9 miljoen wordt verklaard door meerdere kleine projecten die nieuw zijn of uit de voorbereidingsfase zijn gekomen.
Instandhouding
Het budget voor de instandhoudingsuitgaven is met € 28,2 miljoen verhoogd. Dit wordt grotendeels veroorzaakt door een toevoeging van budget aan het project Logistiek centrum Soesterberg (€ 17,4 miljoen). Daarnaast is het budget verhoogd met € 16,5 miljoen door interne herschikkingen, voor beveiligingssystemen en instandhouding algemeen. Een aantal kleinere herschikkingen en faseringen leidt per saldo tot een verlaging van het budget met € 5,7 miljoen.
Over-/onderprogrammering
Defensie voert overprogrammering om tegenvallers in de uitvoering op te kunnen vangen en daarmee de begroting volledig te realiseren ondanks vertragingen in de realisatie bij een aantal individuele projecten. Met deze tweede suppletoire begroting wordt aangesloten bij de verwachte realisatiemomenten van de projecten op dit artikel. Daardoor is de overprogrammering in het geheel teruggebracht naar nul.
Beleidsartikel 6 IT
Artikel 6 IT (bedragen x € 1.000)
Vastgestelde begroting (incl. Suppletoire begrotingen, NvW en amendementen) (1)
Mutaties 2e suppletoire begroting (2)
Stand 2e suppletoire begroting (3) = (1) + (2)
Art.
Verplichtingen
1.773.764
1.174.027
2.947.791
Uitgaven
1.643.254
150.714
1.793.968
6.11
Verwerving
984.025
‒ 145.309
838.716
Opdrachten
984.025
‒ 145.309
838.716
Verwerving: voorbereidingsfase
7.913
‒ 7.913
0
Verwerving: realisatie
976.112
‒ 137.396
838.716
6.12
Instandhouding
727.854
227.398
955.252
Opdrachten
727.854
227.398
955.252
Instandhouding IT
727.854
227.398
955.252
6.16
Over-/ onderprogrammering
‒ 68.625
68.625
0
Fonds
‒ 68.625
68.625
0
Fonds
‒ 68.625
68.625
0
Ontvangsten
16.769
0
16.769
In totaal is voor 2025 100 % juridisch verplicht en 0 % beleidsmatig gereserveerd ten opzichte van het totaal beschikbare budget. Het huidige percentage juridisch verplicht wordt nog nader bezien in samenhang met veranderende leverschema's, en biedt daarmee richting de Slotwet geen zekerheid over de uiteindelijke realisatie op dit artikel.
Toelichting op de verplichtingen
Per saldo worden de verplichtingen voor IT met € 1.174,0 miljoen naar boven bijgesteld.
Deze bijstelling wordt voornamelijk veroorzaakt als gevolg van de (verwachte) opleveringen van een aantal blokken uit het programma GrIT. Deze blokken gaan nu in exploitatie en de bijbehorende exploitatie uitgaven worden verplicht volledige resterende duur van het contract (5 jaar). De bijstelling van de verplichtingen wordt daarnaast veroorzaakt door herfaseringen van de verplichtingen bij afzonderlijke projecten. Het betreft onder andere het project Modernisering Tactische Indoor Simulator (TACTIS) (commercieel vertrouwelijk) waarbij herfasering heeft plaatsgevonden naar actuele inzicht in aan te gane verplichtingen.
Toelichting op de uitgaven
Per saldo zijn de uitgaven met € 150,7 miljoen naar boven bijgesteld. Deze bijstelling wordt hieronder toegelicht.
Verwerving
De verwervingsfase wordt met € 145,3 miljoen naar beneden bijgesteld. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door een lager budget in de realisatiefase (€ 137,4 miljoen).
Enerzijds wordt de overprogrammering afgebouwd door het budget van de projecten aan te sluiten bij de verwachte realisatiemomenten (per saldo € 111,4 miljoen). Defensie voert overprogrammering om tegenvallers in de uitvoering op te kunnen vangen en daarmee de begroting volledig te realiseren, ondanks vertragingen in de realisatie bij een aantal individuele projecten zoals Titaan 5 (€ 10,9 miljoen) vanwege minder inhuur en afhankelijkheid GrIT. Voor CUP EOV (€ 10,8 miljoen) en Lifecycle investeringen (€ 24,3 Miljoen) is er sprake van een herfasering.
Anderzijds wordt het budget naar beneden bijgesteld vanwege een aantal overhevelingen tussen de Defensiebegroting of andere artikelen binnen het DMF (€ 26,0 miljoen).
De hiervoor genoemde aanpassingen in de realisatiefase hebben per saldo geleid tot een lager budget in 2025 voor onder andere de commercieel vertrouwelijke projecten Vervanging ESM-capaciteiten KL EOV-systeem en GrIT.
Instandhouding
Het budget is met € 227,4 miljoen verhoogd. De verhoging wordt veroorzaakt door een budgetoverheveling in verband met de afroep van de relatief kleine (meer)behoeftes bij IT-dienstverlening. Daarnaast is budget overgeheveld vanuit de investeringsprojecten naar instandhouding. Tevens heeft dit te maken met meerdere posten waaronder dubbele beheerlasten als gevolg van vertraging GrIT, verhoogd mobiel dataverbruik en Versnellen transformatie IT.
Over-/onderprogrammering
Defensie voert overprogrammering om tegenvallers in de uitvoering op te kunnen vangen en daarmee de begroting volledig te realiseren ondanks vertragingen in de realisatie bij een aantal individuele projecten. Met deze tweede suppletoire begroting wordt aangesloten bij de verwachte realisatiemomenten van de projecten op dit artikel. Daardoor is de overprogrammering in het geheel teruggebracht naar nul.
Beleidsartikel 8 Overige Uitgaven en Ontvangsten
Artikel 8 Overige Uitgaven en Ontvangsten (bedragen x € 1.000)
Vastgestelde begroting (incl. Suppletoire begrotingen, NvW en amendementen) (1)
Mutaties 2e suppletoire begroting (2)
Stand 2e suppletoire begroting (3) = (1) + (2)
Art.
Verplichtingen
0
0
0
Uitgaven
0
0
0
Ontvangsten
0
0
0
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
R.P. Brekelmans, minister van Defensie
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.